This page was last updated : 111010.
File size is: 760 k.
Kwartierstaat Lapikás
Generatie 12
NB Het symbool voor een kwartiernummer leidt naar de vader en/of moeder
Refer to these data as:
L. Lapikás,
Kwartierstaat Lapikás,
version 9.8,
Muiden, 2010.
© Copyright 2011 : L. Lapikás, Muiden, The Netherlands. No part of this publication may be reproduced, stored in a retrieval system, or transmitted, in any form or by any means, electronic, mechanical, photocopying, recording or otherwise without the prior written permission of the publisher. An exemption is made for genealogical publications provided that adequate reference is being made.
You are here: Louk-Home Genealogy Kwartierstaat Lapikás Gen. nr. 12

3040. SYMON TRUMPENEERS, ovl. Sint-Truiden 18-6-1667, heette in 1661 Symon Trimpeneers van Gelmen d'alde[1] en in 1663 'nu woonachtig te Velm'.[2] In 1655 kocht hij met het uitgaan van de brandende kaars een bunder land te Velm[3] en in 1659 blijkt hij gegoed te zijn "op die Catsije" en "op het Culderken tot Gingelom."[4] Hij tr.

3041. ELISABETH MEUTELEERS, transporteerde in 1674 aan haar 'neef' Simon Trimpeneers, te weten "haers opdragersse soens soen, studerende der philosophie binnen die hooghe universiteijt der stadt Loven, in faveur ende subsidie synder voorschreven studie" 208 gulden Luiks geld ad 20 stuivers.[5]

3072. DIRCK WILLEMSZ FENT / VAN DER PIJLEN, geb. vóór ca. 1585, ovl. 9-11-1647, beg. Nieuwkoop NH Kerk (zie zerk), belender in het Zuideinde van Nieuwkoop aan de Achterweg (1607..1629), aan de buitenweg (1615..1646), (1652, 1671: kinderen van Dirck Willems Fent) aan de binnenweg (1615..1638), in het Noordeinde van Nieuwkoop aan de overweg (1625), aan de Achterweg (1615..1630), achter Nieuwkoop binnenweg (1644), woont te Nieuwkoop (1623), landgebruiker te Nieuwkoop (1631-1636), was als Dirk Willems Fent ambachtsbewaarder van Nieuwkoop en Noorden (1633),[12] treedt op als voogd van zijn nichtje Grietje Willems Fent (1634, 1635), doopgetuige (1638), draagt als Dirk Willemz Fent in 1648 (postuum!) ƒ 15,-- bij aan het bouwfonds voor de bouw van een eigen remonstrantse kerk in Nieuwkoop,[13] tr. vóór ca. 1617

3073. MARITGE PIETERS (VAN WIERINGEN), geb. vóór ca. 1600, ovl. 1660-1665, doopget. (1647).

Op 8-12-1615 verkoopt Claes Willemsz te Nieuwkoop aan Dirck Willemsz Fent een perceel veenland in het Zuideinde binnenweg, strekkend van het land van Jacob Ariensz tot de Achterweg, belend ten oosten Gerrit Jacob Pietersz en ten westen Cornelis Pietersz. Koopsom 116 gulden 2 stuivers 10 penningen. [14]
Op 4-2-1616 verkoopt Sijmon Jansz Jonge Snoeck te Zwammerdam aan Dirck Willemsz Fent een perceel veenland in het Zuideinde over de Achterweg, strekkend van het land van Philips Barentsz tot van de koper, belend ten oosten Gerrit Cornelisz en ten westen Lenert Willemsz. Koopsom 200 gulden. [15]
Op 31-12-1618 verkoopt Dirck Willemsz Fent te Nieuwkoop aan Leendert Willemsz een perceel veenland in het Zuideinde over de Achterweg, strekkend van het land van de koper en dat van de verkoper tot het land van Lenert Cornelisz, belend ten oosten Dirck Willemsz Fent en ten westen Leendert Willemsz. Koopsom 62 gulden.[16]
Hoofdgeld van Nieuwkoop anno 1623: "Dirck Willemsz ende Maritgen Pietersdr huijsvre met Jacob, Neeltgen, Trijntgen ende Grietgen heure kinders - 6 hoofden". [17]
Op 15-5-1624 verkoopt Pieter Cornelis Andriesz te Nieuwkoop aan zijn zwager Dirck Willemsz Fent een bruikweerland in het Zuideinde buitenweg, verongeld voor 3 morgen, strekkend uit de Voorwetering tot aan de Masloot, belend ten oosten Dirck Willemsz Fent en Gerrit Gerritsz en ten westen Jan Claesz en Sijmon Jansz. Belast met een jaarlijkse pacht van 8 gulden, de koper toekomend. Koopsom 2.175 gulden. [18]
Op 10-8-1624 verkopen Pleun Bouensz (Barentsz?) en Dirck Willemsz Fent te Nieuwkoop aan Jan Jansz, Jan Heer, een perceel land met schuur in het Zuideinde over de Achterweg, strekkend van het land van Cornelis Anthonisz tot dat van Jan Eliasz, belend ten oosten Gerrit Jacobsz en Gerrit Cornelisz en ten westen Lenert Willemsz. Koopsom 600 gulden. [19]
Op 22-10-1627 ruilen Dirck Willemsz Fent en Jan Willemsz Cats te Nieuwkoop onderling land. Dirck Willemsz Fent krijgt in eigendom een perceel veenland in het Noordeinde over de Achterweg, strekkend van het land van Willem Willemsz Cats tot dat van Ghijsbert Dricxsz van Vliet, belend ten oosten Anthonis Gerritsz en ten westen Jan Willemsz Lous. Jan Willemsz Cats ontvangt een perceel veenland in het Zuideinde binnenweg, strekkend van het land van Jan IJsbrantsz tot de Achterweg, belend ten oosten Gerrit Jacobsz en ten westen Annetgen Lenertsdr. [20]
Op 22-10-1627 verkoopt Dirck Willemsz Fent te Nieuwkoop aan Claes Willemsz Cats een perceel veenland in het Zuideinde over de Achterweg, strekkend van het land van Adriaen Huijgensz tot dat van Cornelis Cornelisz Baillius, belend ten oosten Harmen Cornelisz Heer en Annetgen Lenertsdr en ten westen Cornelis Stoffelen. Koopsom 172 gulden. [21]
Op 30-11-1630 verkopen Dirck Willemsz Fent voor zichzelf en Frans Jaspersz, scheepmaker, getrouwd met Annetgen Willem Fentendr, kinderen van Willem Willemsz Fent, aan Cornelis Cornelisz Baillius een bruikweerland in het Zuideinde van Nieuwkoop, binnenweg, verongeld voor 2 morgen, strekkend van de Vorendijk tot het land van Cornelis Willemsz, belend ten oosten Claes Dircxsz en Willem Cornelisz en ten westen Jan Arien Jansz en Cornelis Stoffelsz. Koopsom 2.100 gulden. [22]
Register of Morgenboek van Nieuwkoop:[23]
1631 - ½ morgen op Dirck Willemsz Fent
1636 - op Ijsbrant Jansz.
Op 24-5-1635 verkoopt Cornelis Gerritsz Coij te Nieuwkoop aan Dirck Willemsz Fent een bruikweerland in het Zuideinde binnenweg, verongeld voor ½ morgen, strekkend van de Vorendijk tot aan de Achterweg, belend ten oosten Jan Jansz van Erckelen, de kinderen van Jacob Jochumsz en Pieter Tomasz en ten westen Pieter Janensz, Willem Jacobsz, Arien Aelbertsz en de weduwe van Philips Jansz. Koopsom 3.700 gulden. [24]
Op 24-5-1635 verkoopt Dirck Willemsz Fent te Nieuwkoop aan Ghijsbert Ariensz een perceel veenland in het Zuideinde binnenweg, strekkend van de weduwe van Jan Heijndricken tot aan mr. Cornelis van Sevenhoven, baljuw en het land van Willem Cornelisz, belend ten oosten Pieter Thomasz en ten westen Dirck Willemsz. Koopsom 700 gulden. [25]
Op 24-5-1635 verkoopt Dirck Willemsz Fent te Nieuwkoop aan mr. Cornelis van Sevenhoven, baljuw en schout, een perceel veenland in het Zuideinde binnenweg, strekkend van het land van Dirck Willemsz tot aan de Achterweg, belend ten oosten Willem Cornelisz en Arien Aelbertsz en ten westen de baljuw zelf en Aris Philipsz. Koopsom 600 gulden. [26]
Op 24-5-1635 verkoopt Dirck Willemsz Fent te Nieuwkoop aan Jacob Gerritsz Vermij een perceel veenland in het Zuideinde binnenweg, strekkend van het land van Cornelis Arimaat tot dat van Jan Isbrantsz, belend ten oosten Jan Gerritsz en ten westen Claes Jan Cluft en Jan Jacob Bouwensz. Koopsom 105 gulden. [27]
Op 5-11-1635 verkoopt Dirck Willemsz Fent aan Andries Pietersz een perceel veenland achter het dorp Nieuwkoop overweg, strekkend van Aris Gerritsz Coij tot het land van de koper, belend ten oosten de kinderen van Teus Gerritsz en ten westen Gerrit Jan de Vries. Koopsom 100 gulden. [28]
Op 5-11-1635 verkoopt Andries Pietersz, bakker te Nieuwkoop, aan Dirck Willemsz Fent een perceel veenland in het Zuideinde binnenweg, strekkend van Willem Cornelisz tot aan de Achterweg, belend ten oosten Jan Fransz en Aechte Dircxsdr en ten westen de weduwe van Egbert Willemsz en Dirck Ariensz Twaelffhoven. Koopsom 40 gulden.
Op dezelfde dag 5-11-1635 verkoopt Dirck Willemsz Fent bovengenoemd perceel aan Jan Jansz, kleermaker. Koopsom 72 gulden. [29]
Op 12-5-1637 verkopen Pieter Andriesz Baillius voor zichzelf en Cors Cornelisz van Dijck (Eijck), getrouwd met Jannetgen Andriesdr, kinderen van de overleden Andries Cornelisz Baillius, aan Jacob Pietersz Duijerniet en Dirck Willemsz Fent een kamp weiland, te verongelden voor 2 morgen, strekkend van het land van Ghijsbert Cornelisz tot het blokkamp van Cornelis Jansz, belend ten oosten Adriaen Matheusz, secretaris en ten westen Cornelis Jansz. Koopsom 1.800 gulden. [30]
Op 11-6-1637 verkoopt Frans Jaspersz, scheepmaker, getrouwd met Annetgen Willem Fentendr, aan zijn zwager Dirck Willemsz Fent een perceel veenland in het Zuideinde van Nieuwkoop binnenweg, strekkend van het land van Dirck Willemsz tot de Achterweg, belend ten oosten Dirck Ariensz Twaelffhoven en ten westen Jacob Pietersz en Adriaen Bouwensz. Koopsom 480 gulden. [31]
Op 11-6-1637 verkoopt Dirck Willemsz Fent te Nieuwkoop aan Heijndrick Jochumsz een huis en erf in het Zuideinde binnenweg, verongeld voor ½ morgen, strekkend van de Vorendijk tot de weduwe van Jacob Jochumsz, belend ten oosten Jan Jansz van Erckel en ten westen de verkoper. Koopsom 975 gulden. Heijndrick Jochumsz draagt meteen dit huis over aan Pieter Ghijsbertsz, alias jonge Piet. Koopsom 1.150 gulden. [32]
Op 6-9-1638 verkoopt Cornelis Willem Jansz te Nieuwkoop aan Dirck Willemsz Fent een perceel veenland in het Zuideinde binnenweg, strekkend van het land van Jan Andriesz tot aan de Achterweg, belend ten oosten de weduwe van Jacob Jochemsz en ten westen Cornelis Jansz. Koopsom 550 gulden. [33]
Op 15-9-1638 verkoopt Dirck Willemsz Fent te Nieuwkoop aan Ghijsbert Cornelisz Crijger een perceel veenland binnenweg, strekkend van de verkoper tot aan de Achterweg, belend ten oosten Dirck Ariensz Twaelffhoven en ten westen Arien Bouwensz. Koopsom 567 gulden. [34]
Op 11-2-1639 verkoopt Dirck Willemsz Fent te Nieuwkoop aan Cors Gerritsz een perceel veenland in het Zuideinde binnenweg, strekkend van het land van Willem Jacob Dircksz tot dat van mr. Cornelis van Sevenhoven, belend ten oosten Claes Cornelisz Coij en ten westen Arien Aelbertsz van Wieringen. Koopsom 375 gulden. [35]
Op 11-2-1639 verkoopt Dirck Willemsz Fent te Nieuwkoop aan Claes Cornelisz Coij een huis en erf met een perceel veenland daarbij gelegen in het Zuideinde van Nieuwkoop binnenweg, verongeld voor 3 hond, strekkend van de Vorendijk tot mr. Cornelis van Sevenhoven, belend ten oosten Pieter Ghijsz jonge Piet, de kinderen van Jacob Jochumsz en Ghijsbert Ariense Wit en ten westen Willem Jacob Dircksz en Cors Gerritsz. Koopsom 1.350 gulden. [36]
Op 1-9-1640 verkopen Roeloff Jacobsz, zwager en Willem Ghijsz, getrouwd met Marritgen Jacobsdr, handelend namens Cornelis Ariensz, oom en voogd van oude Jan Jacobsz en Neeltgen Jacobsdr, allen kinderen van Jacob Ariensz en Marritgen Roelendr, beiden overleden, aan Dirck Willemsz Fent een perceel veenland in Nieuwkoop binnenweg, strekkend van het land van Jan Cornelisz van der Aer en dat van Dirck Claes Fransz tot de Achterweg, belend ten oosten Dirck Cornelisz, smid en ten westen de weduwe van Jan Pietersz van Aarlanderveen. Koopsom 915 gulden. [37]
Op 14-11-1640 verkoopt Dirck Willemsz Fent te Nieuwkoop aan Aert Cornelisz van Vliet en Aris Jansz een perceel veenland in het Zuideinde binnenweg, strekkend van het land van Jan Arisz tot aan de Achterweg, belend ten oosten de weduwe van Jacob Jansz en ten westen Cornelis Jansz. Koopsom 550 gulden. [38]
Op 14-11-1640 verkoopt Dirck Willemsz Fent te Nieuwkoop aan Arien Willem Jan Huijgen een perceel veenland in het Noordeinde binnenweg, strekkend van het land van Jacob Sijmon Bouwensz tot dat van Cornelis Ariensz, buurman, belend ten oosten Cornelis Jacob Jansz en ten westen Arien Ariensz. Koopsom 565 gulden. [39]
Op 14-11-1640 verkoopt Dirck Willemsz Fent te Nieuwkoop aan Adriaen Matheusz, secretaris van Nieuwkoop, een kamp weiland en tuinen in het Zuideinde buitenweg, verongeld voor 1 morgen, strekkend van het land van Ghijsbert Cornelisz Heer tot dat van Jacob Pietersz Duijerniet, belend ten oosten de koper en ten westen Cornelis Jansz. Koopsom 1.075 gulden. [40]
Op 9-5-1646 verkopen Cornelis Maertensz en Jan Ariensz, aan de Meije onder Zegveld voor hen zelf en Jan Maertensz en Jan Cornelisz van Leeuwen als ooms en voogden over Pieter Ariensz, Trijntgen, Claesgen en Neeltgen Adriaensdrs, minderjarige kinderen van Arien Maertensz en Annichgen Cornelisdr, die woonden aan de Meije, aan Dirck Willemsz Fent een kamp hooiland in het Zuideinde van Nieuwkoop buitenweg, verongeld voor 1 morgen, strekkend uit de Masloot tot in de oude Meije, belend ten oosten Geert Lamberden en ten westen Jan Teusz Crijger. Koopsom 1.225 gulden. [41]
Op 15-5-1663 verkopen Cornelis Dircxsz Fent den ouden, Cornelis Dircxsz Fent den jongen, Cornelis Claesz Cats, getrouwd met Neeltge Dircxdr Fent, Dammis Cornelisz van Vlieth, getrouwd met Trijntie Dircxsdr Fent en Cornelis Ariensz van Wieringen, getrouwd met Grietge Dircxsdr Fent, allen als kinderen van de overleden Dirck Willemsz Fent, aan Elbert Jan Corsz aan de Meije een kamp hooiland in het Zuideinde van Nieuwkoop buitenweg, verongeld voor 1½ morgen, strekkend van het land van Arien Cees Hoogeveen tot in de oude Meije, belend ten oosten Pieter Cornelisz van Dobben en ten westen Marcelis Abramsz en genoemde Pieter Cornelisz. [42]
Op 16-9-1663 verkopen Cornelis Dircxsz Fent den ouden en Cornelis Dircxsz Fent den jongen, Cornelis Claes Cats, getrouwd met Trijntge Dircxdr Fent en Cornelis Ariensz van Wieringen, getrouwd met Grietge Dircxsdr Fent, kinderen van de overleden Dirck Willemsz Fent, samen handelend namens Pieter Dircxsz Fent, aan Aelbert Fulpsz van Vlieth een perceel veenland in het Zuideinde van Nieuwkoop binnenweg, strekkend van het land van Cornelis Dircxsz Fent de ouden tot dat van de weduwe van Roel Gijsen Crijger, belend ten oosten de koper en westen de nazaten van Jacob Pietersz Duijrniet. Koopsom 256 gulden 10 stuivers. [43]
Rinse Penningen 1665 : de weduwe van Dirck Willemsz Fent overleden.[44]
Op 23-04-1669 dragen Cornelis Dircksz Fent de jonge, Cornelis Claesz Cats, man en voogd over Neeltgen Dircxsdr, Willem Jacobsz met opdracht van zijn moeder Merritgen Claesdr, weduwe van Jacob Dircksz Fent, Diewertgen Cornelisdr, huisvrouw van Pieter Dircksz Fent, uitlandig persoon, mede handelend namens Cornelis Arijensz van Wieringen, die getrouwd was met Grietgen Dircxsdr, ieder voor 1/7 deel, over aan Cornelis Dircksz Fent de oude, mede-erfgenaam voor 1/7 deel, een huis en erf met 2 morgen weiland in het Zuideinde van Nieuwkoop buitenweg, strekkend uit de Voorwetering tot het land van Cornelis Dircksz Fent de jonge, belend ten oosten de weduwe van Jacob Dircksz Fent en ten westen de weduwe van Cornelis Willemsz Crijger, nog een kamp hooiland aldaar, groot 1 morgen, strekkend van het land van de weduwe van Jacob Dircksz Fent tot het land van Pieter Cornelisz van Dobben, belend ten oosten Jacob Jacobsz van der Bijl en ten westen Cornelis Arijensz van Wieringen. Koopsom 3.350 gulden. [45]

Zerk in de NH Kerk te Nieuwkoop te voorschijn gekomen bij de restauratie van de kerk in 1984 (zie Ref. [46] voor een uitgebreid verslag hiervan). De tekst luidt:
"Hier is begraven Dirck Willemszoon van der Pijlen ende hij is gestorven den 9 november Ao 1647"
Foto: L. Lapikás, 2008
Detailopname van het wapen op deze zerk. Blazoenering: Gedeeld: A. drie gevederde pijlen schuinrechts geplaatst, B. een versmalde balk vergezeld van drie staande leeuwen, getongd en genageld, 1,2 geplaatst.
klik op plaatje(s) om te vergroten

Het wapen op bovenstaande zerk lijkt een alliantiewapen Van Pijlen - van Wieringen te zijn.
Van Pijlen: in rood 3 zwartgepunte pijlen schuinrechts geplaatst, gevederd van goud en zwart. Kleuren gebaseerd op een wapen Pijl in Rietstap.
Van Wieringen: in goud een versmalde rode balk vergezeld van drie klimmende rode leeuwen, zwart getongd en genageld, 1,2 geplaatst. Dit wapen is een variant op het wapen van Dirck Heijricxzoon [47] (zie Kwartierstaat Lapikás nr. 27824 ).

klik op plaatje(s) om te vergroten

3076. ANTHONIS (TONIS) CORNELISZ WARRE, geb. vóór ca. 1565, ovl. 1622/23, woont te Aarlanderveen (1614, 1616), belender in het Zuideinde van Nieuwkoop, aan de binnenweg (1604..1622), (mrt 1623, de erfgenamen van Anthonis Cornelisz Warre over de Achterweg (1604..1614),

Op 26-6-1616 verkoopt Anthonis Cornelisz Warre te Aarlanderveen aan Gerrit Reijersz een perceel veenland in het Zuideinde van Nieuwkoop over de Achterweg, verongeld voor 2 hond, strekkend van het land van Gerrit Reijersz tot dat van Dirck Jacobsz, belend ten oosten Gerrit Cornelisz en ten westen Maerten Jansz en Jan Cornelisz. Koopsom 243 gulden. [62]
Op 27-12-1623 verkopen Jan Pietersz, molenaar als man en voogd van IJechgen Tonisdr, Pieter Jansz, man en voogd van Marritgen Tonisdr, Cornelis Claesz, man en voogd van Leuntgen Tonisdr en Jasper Cornelisz, man en voogd van Aeltgen Tonisdr en Dirck Philipsz, vader en voogd van Adriaen Philipsz, weeskind van Neeltgen Tonisdr, allen als erfgenamen van Tonis Cornelisz Warre, in leven wonend te Aarlanderveen, aan hun zwager Cornelis Tonisz Warre als zoon en mede-erfgenaam van genoemde Anthonis Cornelisz een perceel veenland in het Zuideinde van Nieuwkoop binnenweg, waarvan Cornelis Tonisz zelf al 1/6 deel toekomt, groot ½ morgen, strekkend van het land van Jan Roelen tot dat van Jan Ariensz Jan, belend ten oosten Jan Cornelisz Verburch, brouwer te Delft en ten westen Abram Jacobsz Trom. Koopsom 250 gulden. [63]

3078. JAN NN.

3108. SYMON CRIJNEN (VERMIJ), geb. vóór ca. 1620, belender in het Noordeinde van Nieuwkoop aan de Achterweg (1638..1651), aan de binnenweg (1640..1651), is gebruiker van land met een huis, berg en schuur in het Noordeinde van Nieuwkoop, groot 9½ morgen (1669).

Op 10-11-1639 verkoopt Roeloff Cornelisz, getrouwd met Marritgen Crijnendr te Nieuwkoop, aan Sijmon Crijnen Vermij een perceel veenland in het Noordeinde binnenweg, strekkend van het land van Jan de Vogel tot het land van Marritgen Crijnen, belend ten oosten Cornelis Roel Jansz en Marritgen Crijnendr en ten westen Jan Ariensz Vermij, bakker, nog een perceel over de Achterweg, strekkend van daar tot het land van Dirck Meesz, belend ten oosten de weduwe van Aert Willem Jan Louwen en ten westen Michiel Cornelisz. Koopsom 580 gulden. [73]
Op 1-10-1641 verkoopt Dirck Meesz te Nieuwkoop aan Sijmon Crijnen een perceel veenland in het Noordeinde over de Achterweg, strekkend van en tot het land van de koper, belend ten oosten Adriaen Arien Sijmonsz en ten westen Michiel Cornelisz. Koopsom 38 gulden. [74]

NIET GEPLAATSTE FRAGMENTEN VERMEIJ

Jan Aries Vermey, ged. Bodegraven 17-4-1707, beg. Bodegraven 24-12-1753, otr./tr. 1o Zegveld/Hoogblokland 14-2/9-3-1727[75] Grietje Ariens Koy, ged. Hoogblokland 9-4-1702, beg. Bodegraven 28-7-1736, otr./tr. 2o Bodegraven/Nieuwkoop 19-10/3-11-1737[76] Aeltje Aris Bouman, wed. van Wm Jans van Stavoren. Hij ex : Ary Cornelis Vermey, ged. Bodegraven 25-2-1671, otr./tr. Bodegraven/Nieuwkoop 29-7/14-8-1695 [77] [78] Magteltje Doedens van der Bergh, geb. Vinckeveen, ged. Wilnis 24-2-1667, beg. Bodegraven 8-1-1716. Hij ex : Cornelis Claas Vermey (van der My), van Bodegravenmye. tr. Bodegraven 19-11-1656[79] Marrigje Gysberts van Leyden, geb, beg. Zwammerdam 15-5-1688, van Zegveldermye.
Jannetje Ariens Vermey, tr. Bodegraven 19-11-1716 Gerrit Willemsze van der Giezen [80].
Jan Aris Vermey tr. voor 1738 Aaltje Aris Bouman.[81]
Annetje Pieters Vermey tr. (voor 1684) Cornelis Pietersz van Staveren.
Willem Jansz Vermey, overleden, vermeld in Kohier 200e penning Rijnland, Langer en Korteraar, 1625.
Jan Willemsz Vermij te Korteraar ende Geertgen Jansdr sijn huijsvr. vermeld met 2 hoofden in Hoofdgeld Ter Aar 1623. [82]
Willem Jansz Vermij te Korteraar ende Maritgen Jansdr sijn huijsvr. met David, Pieter, Willem, Machtelt, Maritgen ende Aeltgen heurl kinders, vermeld met 8 hoofden in Hoofdgeld Ter Aar 1623. [83]
Jan Claesz Vermij, kaeskoper te Aarlanderveen, is de enige erfgenaam van Claes Vermij uit Leiden. Hij betaalt 100e penning Rijnland, 1698.
Simon Jansz Vermey x Hillegont Reijers, waaruit Cornelis Symonsz Vermey te Oudshoorn, ca. 1650,[84] schepen aldaar, wiens wapen voorkomt op een gebrandschilderd raam van de ambagten van Outshoorn en Gnephoek, anno 1670, in de Ned. Herv. kerk te Oudshoorn.[85]
Cornelis Symensz (Vermey) x Geertje Symons (Schenckevelt). Hieruit Cornelis Vermey, ged. Oudshoorn geref. 31-1-1666 get. Annetje Thomas.[86] Hillegont Vermey 8-9-1669 get. Trijntje Symens.[87]
Gerrit Claes Vermey x Aeltgen Jansdr, waaruit dr. Jannitgen Gerritsdr, die tr. na 1592 Arie Jan Louwen, ambachtsbewaarder te Aarlanderveen.[88]
Jan Gerrits Vermij, armmeester, wiens wapen voorkomt op een gebrandschilderd raam van de ambagten van Outshoorn en Gnephoek, anno 1670, in de Ned. Herv. kerk te Oudshoorn.[89]

3110. HUYBERT DIRCKSZ TWAELFFHOVEN(¥), geb. vóór ca. 1605, ovl. na ca. 1680, belender in het Zuideinde van Nieuwkoop aan de binnenweg (1632..1652), aan de buitenweg (1645), woont te Noorden (1653), baggerman (1673), betaalt als baggerman te Nieuwkoop, ƒ ½ familiegeld (1674), vermeld te Nieuwkoop en Noorden in de Legger op het gemaal in het lager kwartier van Rijnland (ca. 1680) met 4 personen in de klasse van de armen of aalmoezen levende. [90] tr. 2o Nieuwkoop 3-7-1651[91] GERRITGE CORNELIS, wed. van Govert Jans, woont te Noorden (1653), tr. 1o voor 1651[92]

3111. ANNETGE CORNELIS, ovl. vóór 1651.

COMMENTAAR(¥) Hij tr. ook voor 1648 Annetgen Huijbertsdr waaruit kinderen onmondig in 1648.

Op 20-11-1629 verkoopt Geerloff Philipsz te Nieuwkoop aan Huijbert Dircxsz Twaalfhoven een huis en erf in het Zuideinde, binnenweg, strekkend van de Vorendijk tot Pieter Worboutsz, belend ten oosten Joost Pietersz en ten westen Pieter Worboutsz. Belast met 100 gulden, toekomend Crijn Jacobsz, weeskind te Bodegraven. Koopsom 275 gulden. [93]
Op 7-10-1642 delen Huijbert Dircxsz, Arien Dircxsz Twaelffhoven, Joost Pietersz, getrouwd met Gerritgen Dircxdr, Jasper Ghijsz, getrouwd met Lijsbet Dircxsdr en Marritgen Dircxsdr met haar broer Adriaen Dircxsz Twaelffhoven, Harmen Cornelisz Heer als voogd over het kind van de overleden (?) Adriaen Dircxsz Twaelffhoven en Cornelis Pieter Sijmonsz als voogd van Marritgen Pietersdr, weeskind van de overleden Pieter Dircxsz Twaelffhoven, samen kinderen van Dirck Ariensz Twaelffhoven en Neeltgen Cornelisdr, beiden overleden, de nalatenschap. Joost Pietersz ontvangt een voorhuis en erf in het Zuideinde van Nieuwkoop buitenweg, strekkend uit de Voorwetering tot het achterhuis van Marritgen Dircxsdr, belend ten oosten Gerrit Claes Gerritsz en ten westen Steven Cornelisz, nog een perceel veenland binnenweg, verongeld voor 4 hond, strekkend van het deel van Marritgen Dircxdr tot het land van Huijb Dircxsz, belend ten oosten Pieter Stoffel Jacobsz en ten westen Jacob Heijndricxsz. Marritgen Dircxsdr komt toe een achterhuis, berg, schuur en erf aan het Zuideinde buitenweg, strekkend van het genoemde voorhuis van Joost Pietersz tot het weiland van Huijbert Dircxsz, belend ten oosten Gerrit Claes Gerritsz en ten westen Steven Cornelisz, nog een deel van een stuk veenland in het Zuideinde binnenweg, strekkend van het land van Cornelis Willem Jacobsz tot het land van Joost Pietersz, belend ten oosten Pieter Stoffel Jacobsz en ten westen Jacob Heijndricxsz, schipper. Huijbert Dircxsz valt ten deel enkele wei- en hooilanden in het Zuideinde buitenweg, verongeld voor 8 hond, strekkend van de werf van Marritgen Dircxdr tot in de Masloot, belend ten oosten Gerrit Claesz en ten westen Pieter Huijgensz. Hij moet 650 gulden uitkeren aan de weeskinderen van Adriaen Dircxsz en Pieter Dircxsz. Jasper Ghijsbertsz, getrouwd met Lijsbet Dircxdr, ontvangt een kamp hooiland in het Noordeinde buitenweg, verongeld voor 2 morgen, strekkend van het land van Jan Claesz van Leijen tot in de oude Meije, belend ten oosten Cornelis Huijbertsz en ten westen de kinderen van Jacob Jochumsz. Lijsbet Adriaensdr en Marritgen Pietersdr, de genoemde weeskinderen, ontvangen een perceel veenland in het Zuideinde binnenweg, strekkend van het land van de kinderen van Jacob Jochumsz tot dat van Arien Bouwensz, belend ten oosten Lenert Roelen en ten westen Ghijsbert Cornelisz Crijger, nog een perceel veenland in het Zuideinde over de Achterweg, strekkend van daar tot het land van Cornelis Jan Heijndricxsz, genaamd "Vossenland", nog 650 gulden, uit te keren door Huijbert Dircxsz. [94]
Op 21-3-1648 verkoopt Cornelis Dammasz van Griecken te Nieuwkoop aan Huijbert Dircxsz Twaelffhoven een perceel land in het Noordeinde binnenweg, strekkend van de Vorendijk tot de Zevenhovense dijk, belend ten oosten Cornelis Abrahamsz en Cornelis Anthonisz de Jong en ten westen Pieter Egbertsz en de verkoper. Koopsom 1.540 gulden. [95]
Op 6-7-1648 verkoopt Huijbert Dircxsz Twaelffhoven aan Claes Cornelisz Boertgen een perceel veenland in het Noordeinde van Nieuwkoop binnenweg, strekkend van het land van de verkoper tot aan de Achterweg, belend ten oosten Jan Louwen en ten westen Pieter Egbertsz. Koopsom 600 gulden. [96]
Op 15-12-1648 verkopen Cornelis Dircxsz Twaelffhoven en Marten Ghijsbertsz, ooms en voogden van de onmondige kinderen van Huijbert Dircxsz Twaelffhoven en Annetgen Huijbertsdr, aan IJsbrant Jansz van Leeuwen, lakenkoper te Nieuwkoop, een perceel land in het Zuideinde van Nieuwkoop buitenweg, verongeld voor 11 hond, strekkend van de werf van Maritgen Dircxsdr tot de Masloot belend ten oosten Gerrit Claes Gerritsz en ten westen Pieter Huijgen. 15-12-1648. IJsbrant Jansz van Leeuwen, lakenkoper te Nieuwkoop, is 1.800 gulden schuldig aan Cornelis Dircxsz Twaelffhoven en Marten Ghijsbertsz, ooms en voogden van de onmondige kinderen van Huijbert Dircxsz Twaelffhoven en Annetgen Huijbertsdr, wegens koop van bovengenoemd onroerend goed. [97]
Op 21-3-1651 verkoopt Cornelis Dircxsz Twaelffhoven te Nieuwkoop als oom en bloedvoogd van de kinderen van Huijbert Dircxsz Twaelffhoven aan Jan Tomasz van Vliet een huis en erf in het Zuideinde binnenweg, strekkend van de Vorendijk tot aan het huis en erf van Adriaen Dircxsz Twaelffhoven, belend ten oosten Cornelis Pietersz Teijsterman en ten westen Adriaen Dircxsz Twaelffhoven. Koopsom 700 gulden. Geroijeerd d.d. 8-1-1664. [98]
Op 25-5-1651 is Gerricjen Cornelisdr, weduwe van Govert Jansz te Noorden met als voogd Willem Jansz 50 gulden schuldig aan de Armen van Noorden. Gesteld onderpand: een huis en erf te Noorden buitenweg, strekkend uit de Voorwetering tot aan het land van Cornelis Jansz, belend ten oosten Maerten Maertensz Vreken en ten westen de weduwe van Jan Jansz Braets. [99]
Op 4-1-1652 verkoopt Huijbert Dircxsz Twaelfhoven te Nieuwkoop aan Harmen Cornelisz van Griecken een bruikweerland in het Noordeinde binnenweg, verongeld voor 2 morgen 23 roeden, strekkend van de Vorendijk tot het land van Claes Cornelisz Boertge, belend ten oosten Gerrit Pietersz en Kors Claesz en ten westen de nazaten van Pieter Egbertsz. Koopsom 1.100 gulden. [100]
Op 2-4-1653 draagt Huijbert Dircxsz Twaelfhoven te Noorden over aan Luijt Cornelisz Padenburch een huis, erf en schuur op een bruikweerland in het Noordeinde van Nieuwkoop binnenweg, strekkend van de Vorendijk tot het land van Claes Cornelisz Boertge, belend ten oosten Gerrit Pietersz en Cors Claesz en ten westen de nazaten van Pieter Egbertsz. Koopsom 321 gulden 8 stuivers 12 penningen. [101]

3112. SYMON JANSZ TEIJSTERMAN, ovl. 1623-1637. belender in het Zuideinde van Nieuwkoop aan de binnenweg (), aan de achterweg (1606), vermeld in RA Nieuwkoop (1608), woont te Nieuwkoop (1623), tr. vóór ca. 1590[105]

3113. GEERTGEN JANSDR, ovl. vóór 1621.

Op 26-5-1608 verkoopt Symon Jansz Teijsterman voor ƒ 957,-- een perceel weiland met hennepakker aan Gijsbert Jeremiasz Oosterlick. [106]
Op 17-6-1608 verkoopt Symon Jansz Teijsterman voor ƒ 2922,-- een "bruyckweer lants" met huis en erve in het Noordeinde aan Jan Maertensz.[107]
Op 3-6-1621 delen Sijmon Jansz Teijsterman, weduwnaar van Geertgen Jansdr, ter ene en Pieter Sijmonsz Teijsterman, Jan Sijmonsz, Ouwe Cornelis Sijmonsz en Adriaen Sijmonsz voor hen zelf, en Cornelis Jonge Bloem als voogd over Jonge Cornelis Sijmonsz en Maritgen Sijmonsdr, allen als kinderen van Geertgen Jansdr, ter andere zijde de nalatenschap, waarbij geen nadere details worden vermeld. [108]
Hoofdgeld van Nieuwkoop anno 1623: "Sijmon Jansz Teijsterman wedr met Cornelis ende Maritgen sijn kinders - 3 hoofden". [109]
Op 4-6-1637 delen Adriaen Sijmonsz Teijsterman en Cornelis Sijmonsz Teijsterman voor zichzelf, Cornelis Pietersz Teijsterman voor zichzelf en Pieter Dircxsz Twaelffhoven, getrouwd met Annetgen Pietersdr, Jan Cornelisz Staveren, als oom en voogd van de kinderen van de overleden Pieter Sijmonsz Teijsterman, Aris Cornelisz Quast als oom en voogd van de kinderen van de overleden oude Cornelis Sijmonsz Teijsterman, Willem Elbertsz van Sevenhoven als voogd over de kinderen van de overleden Jan Sijmonsz Teijsterman, allen als kinderen van Sijmon Jansz Teijsterman, die woonde te Nieuwkoop, de nalatenschap. Cornelis Sijmonsz Teijsterman valt ten deel een huis en erf in het Zuideinde van Nieuwkoop buitenweg in de Vierschouwerij, verongeld voor ½ morgen, strekkend uit de Voorwetering tot het land van Arien Sijmonsz, belend ten oosten Cornelis Jansz Poel en ten westen Arien Cornelisz. Hij zal 103 gulden ontvangen van de kinderen van Jan Sijmonsz Teijsterman. Adriaen Sijmonsz Teijsterman is aanbedeeld met een kamp weiland in het Zuideinde van Nieuwkoop buitenweg, groot 1 morgen 394 roeden, strekkend van de werf van Cornelis Sijmonsz tot het land van de kinderen van oude Cornelis Sijmonsz, belend ten oosten Cornelis Jansz Poel en ten westen Arien Cornelisz. De kinderen van oude Cornelis Sijmonsz komt toe een kamp land met een henneptuin aldaar gelegen, groot 756 roeden, strekkend van het land van Adriaen Sijmonsz tot aan de blokkamp van de kinderen van Pieter Sijmonsz, belend ten oosten Jacob Jansz Pijper en ten westen Dirck Pietersz Velssen, nog een perceel veenland binnenweg, strekkend van en tot Arien Cornelisz, belend ten oosten Cornelis Harmensz en ten westen Jan Arisz. Ze ontvangen 108 gulden, uitgereikt door de kinderen van Jan Sijmonsz. De kinderen van Pieter Sijmonsz ontvangen een blokkamp land in het Zuideinde buitenweg, groot 805 roeden, strekkend van het land van de kinderen van oude Cornelis Sijmonsz tot aan de Masloot, belend ten oosten Aris Gijsz Quast en ten westen Arien Sijmonsz Teijsterman. Zij ontvangen 297 gulden van de kinderen van Jan Sijmonsz. De kinderen van Jan Sijmonsz Teijsterman ontvangen een kamp hooiland achter het bruikweer van de overleden Sijmon Jansz, groot 1.450 roeden, strekkend van de Masloot tot het land van Willem Cornelisz van Griecken, belend ten oosten deze van Griecken en ten westen de Twaelffmorgen. [110]

3114. CLAES FRANSZ, geb. ca. 1560/65, ovl. na 1623, voor 6-9-1642, schepen (1608) en weesmeester (1614) van Nieuwkoop,[125] [126] tr. vóór 1609[127]

3115. NEELTGEN DIRCSDR WIT, ovl. na 1642.

Wapen Claes Fransz: In blauw een gouden ring voorzien van een gouden (eikel). [128]


COMMENTAAR(¥) Vul aan akten Ref. [129].
Kohier van de Capitale Leninge van het jaar 1600: Nieuwkoop : Claes Fransz op vijftien ponden comt 30 gl.
Hoofdgeld van Nieuwkoop anno 1623: "Claes Fransz ende Neeltgen Dircxdr sijn huijsvrouwe met Louris, Gijsbert, Dirck, Jan, Leuntgen, Maritgen, Aeltgen ende Geertgen heure kinders - 10 hoofden". [130]
Op 6-9-1642 wordt de omvangrijke nalatenschap van Claes Fransz, grotendeels bestaande uit percelen wei- en veenland, verdeeld tussen zijn weduwe, die bijgestaan werd door haar broer Louris Dircxz Wit, en de negen kinderen Frans, Louris, Ghijsbert, Dirck en Jan Claeszonen van Wieringen , Cornelis Symonsz Teijsterman, gehuwd met Leuntgen Claesdr, Jan Gerritsz, gehuwd met Aeltgen Claesdr, Pieter Dircksz Velsen, gehuwd met Geertgen Claesdr, alsmede de minderjarige Maritgen Claesdr.[131]

3128. CORNELIS JACOBSZ (VAN) HOOGEVEEN, geb. vóór ca. 1615, ovl. 1664-1665, belender in het Noordeinde van Nieuwkoop aan de buitenweg (1653..1663), aan de overweg (1653), aan de binnenweg (1660, 1664),(1671: de erfgenamen van Cornelis Jacobsz Hoogeveen), aan de Achterweg (1671: de erfgenamen van Cornelis Jacobsz Hoogeveen), in het Zuideinde van Nieuwkoop aan de binnenweg (1663), achter Nieuwkoop aan de vaarlandscheiding (1669: de erfgenamen van Cornelis Jacobsz Hoogeveen), tr. vóór ca. 1640

3129. ARRIAENTGE AERTSDR, geb. vóór ca. 1620. Zij wonen "in leven" in het Noordeinde van Nieuwkoop.

Op 30-4-1647 verkoopt Heijndrick Jaspersz, timmerman te Nieuwkoop, aan Cornelis Jacobsz van Hoogeveen een huis en erf met een akker land in het Noordeinde buitenweg, verongeld voor ½ morgen, strekkend uit de Voorwetering tot het land van Evert Cornelisz, belend ten oosten Elbert Dietersz en ten westen de koper en de kinderen van Philips Ariensz. Cornelis Jacobsz van Hoogeveen te Nieuwkoop is schuldig aan Heijndrick Jaspersz, timmerman, een bedrag van 800 gulden wegens koop van dit huis. [171]
Op 8-5-1665 verkopen Jan Cornelisz Hoogeveen voor zichzelf en Tonis Corssen van Swanenburch, getrouwd met Lijsbet Cornelisdr Hoogeveen, mede samen handelend namens Gerrit Gielen, getrouwd met Merritge Cornelisdr Hoogeveen en voor Grietge Cornelisdr Hoogeveen, jongedochter, allen als erfgenamen van Cornelis Jacobsz Hoogeveen en Arriaentge Aertsdr, in leven wonend in het Noordeinde van Nieuwkoop, aan Hilletge Jansdr van Leeuwen, weduwe van Jan Andriesz van Wieringen. een kamp weiland in het Noordeinde buitenweg, verongeld voor 2 morgen, strekkend van het land van Elbert Dierten tot de Masloot, belend ten oosten deze Dierten en Johanna de Vogel en ten westen de weduwe van Gijsbert Aertsz Sas. Koopsom 1.760 gulden. [172]
Op 4-10-1665 verkopen Jan Cornelisz Hoogeveen, Teunis Corsz Swanenburch, getrouwd met Lijsbeth Cornelisdr Hoogeveen, Gerrit Michielsz, getrouwd met Marritge Cornelisdr Hoogeveen, mede vervangend verdere erfgenamen, aan Arien Jansz van Wijngerden een perceel veenland met schuur in het Noordeinde van Nieuwkoop binnenweg, strekkend van het land van de koper tot de Achterweg, belend ten oosten Pieter Cornelisz van Wieringen en ten westen Arien Japen Hoogeveen, nog een schuur en schuurstaal achter het erf van de koper. Koopsom 308 gulden. [173]
Op 1-7-1666 delen Jan Cornelisz Hoogeveen, Tonis Corsz van Swanenburch, man en voogd van Lijsbeth Cornelisdr Hoogeveen, Gerd Chielen, getrouwd met Marretij Cornelisdr Hoogeveen en Gijsbert Cornelisz Tuernhout, man en voogd van Grietgen Cornelisdr Hoogeveen, samen kinderen van Cornelis Jacobsz Hoogeveen en Arijaentgen Aertsdr, de nalatenschap. Jan Cornelisz, Tonis Corsz en Gerd Chielen behouden alle roerende en onroerende goederen met de inschulden. Mede ook nemen zij op zich "alle lasten des boedels". Gijsbert Cornelis Tuernhout ontvangt 325 gulden. Ze stellen als garantie aan Tuernhout: het huis en erf in het Noordeinde van Nieuwkoop buitenweg, strekkend uit de Voorwetering tot het land van Elberd Dierten, belend ten oosten Tonis Corsz met een huis en erf en ten westen Hendrick Jacobsz, kleermaker, nog twee percelen veenland aldaar, belend ten oosten de successeurs van Philips Arijen Jan Claesz, ten zuiden Dirck Fransz van Wieringen, ten westen de weduwe van Jan Jansz Poel en ten noorden Tonis Cors. [174]

3132. EGBERT WILLEMSZ FENT, geb. vóór ca. 1600, ovl. na 1674?, belender achter Nieuwkoop dorp over de Achterweg (1619, 1622), in het Zuideinde van Nieuwkoop aan de buitenweg (1625), aan de binnenweg (1626), aan de Achterweg (1628..1632), aan de overweg (1632), (de kinderen van Egbert Willemsz Fent zijn belenders te Nieuwkoop 1666), j.m. van Nieuwkoop (1629), is doopgetuige (1624, 1625, 1627), mogelijk schepen van Nieuwkoop (1673, 1674) als Egbert van Pijlen [176], tr. (niet gevonden Nieuwkoop geref. 1619 (begin trouwboek) -1623);(¥) MARITGEN PIETERSDR, geb. vóór ca. 1605, doopget. (1620).

COMMENTAAR(¥) Er is nog een huwelijk van een Egbert Willemsz:
Egbert Willemsz, j.m. van Nieuwkoop, tr. Nieuwkoop geref. 25-11-1629 STIJNTGE HEIJNDRIXS, j.d. van Nieuwkoop (1629).
Het is onzeker of het hier een tweede huwelijk van bovenstaande Egbert Willemsz betreft. Andere inschrijvingen in het geref. trouwboek maken wel degelijk onderscheid tussen een j.m. en een wednr.

Op 11-11-1620 verkoopt Stoffel Cornelisz Mul te Nieuwkoop aan Egbert Willemsz Fent een bruikweer met huis en hof in het Zuideinde buitenweg, strekkend uit de Voorwetering tot het land van Jan Dirck Pietersz, belend ten oosten Cornelis Stoffelsz en Jan Hamers en ten westen Willem Pijnt. Onder voorwaarde dat Stoffel Cornelisz en zijn vrouw hun leven lang in het kleine huisje mogen blijven wonen. Koopsom 2.700 gulden. [177]
Op 25-9-1621 verkoopt Cornelis Sijmonsz, man en voogd van Maritgen Claesdr, die eerder getrouwd was met Heijndrick Dircxsz, aan Egbert Willemsz Fent een perceel veenland in het Zuideinde van Nieuwkoop binnenweg, strekkend van het land van de kinderen van Pieter Jansz aan 't bruggetgen tot aan de Achterweg, belend ten oosten Jacob Sijmonsz Tol en ten westen Willem Fent. Koopsom 40 gulden. [178]
Op 28-12-1621 verkoopt Egbert Willemsz Fent aan Johan Theusz, dijkgraaf en Arien Claesz D'Erckel, drossaard, een perceel veenland achter het dorp, overweg, strekkend van het land van de weduwe van Arien Elisz tot aan Johan Theusz, belend ten oosten Dirck Gerritsz Coij en Dirck Jan Aelbertsz en ten westen Johan Theusz. Koopsom 250 gulden.[179]
Hoofdgeld van Nieuwkoop anno 1623: "Egbert Willemsz ende Maritgen Pietersdr sijn huijsvre met Neeltgen Pietersdr haer jongwijf - 3 hoofden". [180]
Op 2-1-1627 verkoopt Dirck Pietersz Velssen te Nieuwkoop aan Egbert Willemsz Fent een perceel veenland in het Zuideinde binnenweg, strekkend van het land van Dirck Meesz tot de Achterweg, belend ten oosten Willem Willemsz Fent en ten westen de weduwe van Lambert Ariensz. Koopsom 450 gulden. [181]
Op 7-2-1629 verkoopt Egbert Willemsz Fent te Nieuwkoop aan Arien Huijgen een perceel veenland in het Zuideinde over de Achterweg, strekkend van het land van Dirck Fent tot dat van Claes Matsen, belend ten oosten de weduwe van Cornelis Jan Heer en ten westen Cornelis Stoffelen. Koopsom 175 gulden. [182]
Kohier van de 2b 200e penning van Rijnland: 1676. Nieuwkoop: de erven van Aryen Bouwensz Capiteyn zijn Pieter Egbertsz Fent van Pylen en Willem Egbertsz Fent van Pylen.

Amsterdam, ca. 1650.
Kaart uit "Toneel der Steden", door Joan Blaeu. Eerste uitgave : Amsterdam, 1652. Scan http://grid.let.rug.nl/~welling/maps/blaeu.html

klik op plaatje(s) om te vergroten

3200. CARSTEN ALBERTS, geb. (Kuythuijsen??) 1611/12, ovl. na 1676 (dan is hij doopgetuige), schoenmakersgesel in de Hout(steeg?) (1643), otr. Amsterdam 2-1-1643 (haar ouders dood)

3201. JANNETJE DIRCX, geb. ... 1610/11, ovl. na 1654, woont in de Hout(steeg?) (1643).

Op 11-4-1650 verkoopt Cornelis Dirxsz Haen aan Carstiaen Albertsz(¥), een huis en erf in de Haantjessteegje (Hanengang) bij de Goudsbloemstraat te Amsterdam. [190]

COMMENTAAR(¥) Het is onzeker of het hier kw. nr. 3200 betreft.

3202. ROELOF NOMES(SEN) (MOOMERKEN) (VAN DER BERG), beg. Amsterdam Heiligewegs- en Leidsche Kh. 14-5-1676 (Roelof Nomes in de Jonge Roelofssteegh, laat 1 kind na), kleinpoorter van Amsterdam 9-5-1659 als schoenlapper van Semensbergen(¥), doopget. (1672), otr. vóór ca. 1648 (niet gevonden te Amsterdam)

3203. LIJS(A)BET CORNELIS (CORSSE) (VAN MARKEN), geb. vóór ca. 1630, ovl. na 1689, beg. verm. Amsterdam St. Anthonis Kh. 18-9-1695 (Lijsbet van Marken in het Oude Manhuijs), doopget. (1671..1676).

COMMENTAAR(¥) waar ligt dat ?

3206. GERRIT GERRITSE (DE JONGE), geb. Amsterdam 1596/97, ovl. na 1671 (dan is hij otr. getuige), voor 1678 (poorterinschrijving schoonzoon), scheepstimmergesel (1631), makelaer (1642), scheepstimmerman (1643, 1645, 1671), schoenlapper (1643), woont op het Bickerseyland (1643), otr. 1o Amsterdam 27-11-1631 (get. sijn vader Gerrit Gerritse de Oude) LUTJE ARENTS, geb. (Edam?(¥)) 1603/04, ovl. 1639-1643 (niet gevonden te Amsterdam), wed. van Pieter Pieters, woont ...., dr. van ...(¥). otr. 2o Amsterdam 11-6-1643 (haar ouders doot?)

3207. AEL(TJE) IJSAACX, geb. ... 1604/05, beg. Amsterdam Noorder Kh. 6-6-1664 (int Oostervack graf N17), huw. get. (1658), doopget. (1663), woont Bickerseylant (1664).

COMMENTAAR(¥) bij haar eerste huwelijk woont haar moeder te Edam.


COMMENTAAR(¥) VUL AAN

Op 2-5-1642 koopt Gerrits Gerritsz, makelaer, een huis en erf in de Sint Nicolaasstraat genaamd De Leunstoel belend door de erve van Anthoni Lubberts van ... .. Jan Dansz huijckemaker ... [209]

De scheepstimmerman.
Gravure uit "Het Menselijk Bedrijf", door Johannes en Caspaares Luyken. Eerste uitgave : Amsterdam, 1694.

klik op plaatje(s) om te vergroten

3208. JOHANNES (JAN) DE WARM (WAAREM), geb. Alkmaar 1631/2, beg. Amsterdam Westerkh. 11-10-1693 (een baar, klasse ƒ 16,--), zijgrofgrainwerker (1655), woonde Baangracht (1655), sijgrijnwerker in de Laurierstraat tussen de Prinsegracht en de eerste dwarsstraat (1693), otr. Amsterdam 6-11-1655 (get. Ambrosius de Warm, sijn broeder en Cornelis Snewater, haer vader)

3209. CATERINA (TRIJNTJE) CORNELIS SNE(U)WATER(S), ged. Amsterdam 19-7-1633 (get. Elena Ruijters), beg. Amsterdam Westerkh. 1-11-1718 (wed. van Frans Fransz van der Riviere in de Loijersstraat naast de hoeksteen, 1 baar), woonde Baangracht (1655), Elandsstraat (1699), Looiersstraat (1718), otr. 2o Amsterdam 3-10-1699 (in margine : "also haer zoon Abrosius de Warm in judicio gecompareert is en heeft bekend van sijn moeder wegens sijn vaders goet voldaen te sijn") FRANS FRANSZ (VAN DER RIVIERE)(¥), ged. Amsterdam Nieuwe K. 27-11-1639 (get. Maritje Tomas), beg. Amsterdam Karthuizer Kh. 26-1-1716 (1 baar, 16 dragers, pro deo). Zie Frans Fransz van der Riviere voor verdere gegevens en zijn eerdere drie huwelijken.

COMMENTAAR(¥) Is hij wellicht verwant aan Jan van de Riviere (vermeld 1579) en diens zoon Pieter van de Riviere (vermeld 1602) met een leen (vrije akker) te Heemskerk [221]?

Frans Fransz van der Riviere
Frans Fransz van der Riviere (van de Revier), ged. Amsterdam Nieuwe K. 27-11-1639 (get. Maritje Tomas), beg. Amsterdam Karthuizer Kh. 26-1-1716 (1 baar, 16 dragers, pro deo), woont in de Conijnestraat (1679, 1699), bij de Lauriergracht (1716), arbeider op de Baangracht (1659), (stads?)arbeider op de Braeck (1662), koorndrager (1699), poorter van Amsterdam 23-9-1659 als arbeider, zn. van Frans Thomasse, poorter en schoenlapper op de Looiersgracht (1633), en Lijntje Pasquiers, otr. 1o Amsterdam 15-3-1659 (get. Lijntje Pasquers, sijn moeder en (Sijbrigh?) Pieters, haar moeder) Metje Jans, geb. Alkmaar 1638/39, beg. Amsterdam Noorder Kerk 12-9-1662 (in de kraam van haar derder kind), woont in de Looiersstraat of Laurierstraat (1659), waaruit 3 kinderen gedoopt te Amsterdam (1660-1662), otr. 2o Amsterdam 13-10-1662 (get. (Sijtje?) Jans, haar moeder) Hendrikje Jans, geb. Nimwegen 1634/35, ovl. 1678/79, beg. Amsterdam Nieuwe Zijds Kapel 27-9-1679 of Karthuizer Kerkhof 19-11-1679, woont in de Laurierdwarsstraat (1662), waaruit 9 kinderen gedoopt te Amsterdam (1664-1678), otr. 3o Amsterdam 21-1-1679 (get. Grietie Thoenes, "haer slaepvrou, haer ouders doot") Jannetje Willems, geb. Aken 1642/43, ovl. 1684-1699, waaruit 3 kinderen gedoopt te Amsterdam (1679-1684), otr. 4o Amsterdam 3-10-1699 Caterina Sne(u)water(s) (Trijntje Cornelis), ged. Amsterdam 19-7-1633 (get. Elena Ruijters), beg. Amsterdam Westerkh. 1-11-1718, (zie kw. nr. 3209 ).

De zijdereder.
Gravure uit "Het Menselijk Bedrijf", door Johannes en Caspaares Luyken. Eerste uitgave : Amsterdam, 1694.

klik op plaatje(s) om te vergroten

3210. (NI)C(O)LAAS (NI)C(O)LAESZ (BECU, BEKU(E), BEKAUD), ged. Leiden Hooglandse K. 8-3-1629 (get. Paulus Bekaud, Pieter de Wilde en Cathalina Verschoten), beg. Amsterdam Leidse Kh. 12-5-1687 (met een diakens lootje, laat 1 kind na), passementwerker in de Loyersstraat (1656), poorter van Amsterdam 12-1-1657 als passementwerker komende van Leiden, turfdrager (1683), woonde in de Lange Leidsedwarsstraat (1687) naast Vredenburgh, otr. Amsterdam 1-7-1656 ("de geboden zijn in de Walekerk gegaen", get. Jeanne Angloes, sijn moeder en Jasper Kaijser, haer vader)

3211. JANNETJE JASPERS (KEIJSER(S)), ged. Amsterdam Nieuwe K. 24-2-1636 (get. Stijntje Pieters), ovl. na 1686, woonde in de Loijersstraat (1656), doopget. (1686).

3212. LEENDERT STEVENS (STRUIJS), geb. Heemstede 1617/8, beg. Amsterdam Noorder Kh. 27-9-1684, varentgesel, wonend in de Herenstraat (1650), op de hoek van der Haerlemmerstraat (1655), in de Langestraat (1684), doopget. (1651), otr. Amsterdam 12-3-1650 (beider ouders dood)

3213. TRIJNTJE JANS, geb. Uithoorn 1623/4, ovl. na 1691 (dan is zij doopgetuige), woonde in de Haerlemmerstraat (1650).

3214. A(D)RIAEN BASTIAENSZ, geb. Het Bilt 1622/3, ovl. (niet gevonden te Amsterdam) 1668-1682, gortmaecker in de Anjeliersstraet (1644), poorter van Amsterdam 20-5-1644 als grutter van Bilt in Friesland, bij de poorterinschrijving (1682) van zijn schoonzoon Steven Leendersz Struijs wordt als zijn beroep opgegeven factoor en is hij reeds overleden, otr. Amsterdam 16-1-1644 (get. Cornelisz Jans, zijn neve, beider ouders dood)

3215. GEESJE BARENTS, geb. ... 1620/1, ovl. na 1691 (dan is zij doopgetuige), woonde in de Lindestraat (1644).

3220. LAMBERT WICHMANSEN TOP(P), geb. vóór ca. 1615, ovl. na 1674 (beg. niet gevonden te Elburg), mondig 1654. belender bij het kerkhof te Elburg (1659, 1661), bij de Goorpoort (1662), woont in de Kerkstraat (1662), tr. vóór 1635

3221. HENDRICKJE BAE(C)KS, ovl. vóór 1656.

In de civiele procesdossiers in het rechterlijk archief van Elburg [222] komt voor onder nr. 33 Griete Peeters contra Lambert Top (1607) en onder nr. 73 Henrick Hartgers c.s. contra Lambert Top c.s. (1632).
Lambert Top is belender bij de Goorpoort te Elburg 1638. [223]
Lambert Wichmansen Top verkoopt aan zijn zwager en zuster Hermen Baeck en Grietje Wichmans echtel. 6 voedergrondsen op de Mheen zoals van zijn ouders aangeerft enz hem ter danke betaald get 4 febr 1654 coram Heeck et Reefsen. [224]
Lambert Top voor hem zelf en zijn onmondige kinderen bij Hendrickje Baecks erwonnen aan de ene zijde en Hermen Baeck en Grietgen Wichmans echtel. aan de andere zijde verloten 2 huizen staande in de Kerkstraat naast Willem Limburch westw en Hermen Jansen oostw welke hun bij versterf van hun olderen aangekomen zijn. Lambert Top zal hebben het huis aan de oostzijde en Hermen Baeck het huis aan de westzijde naast Willem Limburch get 16 jan 1656. [225]
Op 12-12-1656 verkoopt Lambert Top mede als momber zijner Kinderen bij zall. Hendrikje Baeck verwekt aan burgem. Hendrik Bigge en Antonia Reefsen echtel. zijn huis staande in de Nieuwepoort strate waaraan oostw Maes Witte en Momme Wychmans, noordw Willem toe Waters weduwe en westw kopers zelf gehuiset zijn get 12 dec 1656 coram Feith et Hegeman. [226]
Op 26-2-1662 heeft Lambert Top opgenomen ƒ 58,- a 6% rente, van de afgestorven ontvanger der stad zoals alhier bij liquidatie der boekhouding van Joachim Loefsen en Maria Lutteken echtel. is bevonden, onderpand zijn huis in de Kerkstraat waaraan oostw Hermen Jansen westw Herman Baeck gehuiset zijn get 26 febr 1662 coram Bigge et Wolfsen. [227]
Cars Aettien Gesien en Gerrit Lambertsen Top(¥) tesamen kinderen van Lambert Wychmansen Top verkopen aan Gosen Jansen en Peter Kellier? Beniers (een hof) voor de Goorpoort op de grachte naast Willem Velicke oostw zuidw Wolter Willems schoenmaker em westw Jan Jacobsen Backer get 25 april 1667 coram Hegeman et Wolfsen. [228]

COMMENTAAR(¥) Mogelijk Cors Lambertsen Top, Aelt Lambertsen Top, Gesien (Goesentien?) Lambertsen Top en Gerrit Lambertsen Top. Dat zou betekenen dat de andere hieronder genoemde kinderen overleden zijn voor 1667. Top Lambertsz staat er helemaal niet bij!
Op 1-9-1674 bekent Aleida Feith wed. van de scholtus Nucke verkocht te hebben aan Lambert Top 2 Goorgresen voor een somme haar ten danke betaald. actum i sept 1674 [229]

3222. LAMBERT COEPS, parentatie niet bewezen, gildebroeder (1609) van het schoenmakersgilde te Elburg, [243]

3224. JAN (POTSER), geb. vóór ca. 1610, alleen bekend uit het patroniem van zijn (veronderstelde) kinderen:

3226. REIJNT ROELEFS.

3280. LAURIS VAN KEULEN.

3292. CORNELIS CRIJNSZ ZWAGER/SWAGER, ovl. 1660-1669, woonde te Rengerskerke, vermeld als erfgenaam van zijn schoonvader (1660),[266] tr.[267]

3293. NEELTJE JANS HERCKELSE, ovl. vóór 9-3-1660 [268]

3304. BOUDEWIJN VAN DEN ENDE, geb. vóór ca. 1650, (zie Fragment Van den Ende voor een mogelijke verwant), alleen bekend uit de patroniemen van zijn mogelijke zoons:


Fragment Van den Ende
Een mogelijke broer of zoon van Boudewijn van den Ende zou kunnen zijn:
Cornelis van den Ende, geb. vóór ca. 1645.
    Uit hem:
  • a. Cornelis Cornelisse van den Ende, geb. St. Maartensdijk vóór ca. 1670, ovl. Zierikzee 1733 (als Cornelis van den Ende)[279], j.m. geb. te St. Maartensdijk (1692), treedt op als get. in akten te Zierikzee (1694..1730), bierdrager te Zierikzee (1697..1729), otr. Zierikzee geref. (attestattie gegeven 12-9-1692),[280] tr. Poortvliet geref. 24-9-1692 Adriana van Es(sen), j.d. geb. te Poortvliet (1692).
    Cornelis van den Ende en Adriana van Essen worden vermeld in de weeskamer van Zierikzee (1748-1754).[281]
      Uit dit huwelijk:
    • 1. Adriaan van den Ende, geb./ged. Zierikzee 24/28-6-1699 (get. Johannes Commerse, Pieternella Baaks), ovl. Zierikzee 29-4-1762,[282] j.m. van Zierikzee (1727), timmerman (1727..1734), genoemd in akten te Zierikzee (1727..1745), otr./tr. Goes/Zierikzee 11-4/7-5-1727;(¥) Cornelia Soetebier, ged. Goes 17-12-1694 (get. Catharina van Oosten), beg. Zierikzee 13-5-1762,[283] j.d. van Goes (1727).

      COMMENTAAR(¥) In het register Overleden personen Zierikzee komen drie onbenoemde kinderen voor van Adriaen van den Ende , ovl. 1727, 1728 en 1729. Het is onduidelijk om welke kinderen het gaat.
      Cornelia Soetebier en Adriaan van den Ende zijn op huwelijkscontract gehuwd. Op 29-4-1727 compareren voor de notaris Zijwert van der Bilt Adriaen van den Ende en Cornelia Soetebier, voor haar wordt gereserveerd een somma van 200 pond Vls. Indien er geen kinderen in leven zijn, is haar broer Adolf Soetebier haar erfgenaam en na hem haar andere broers en zusters, hen wordt dan nagelaten de somma van 100 pond Vls. tesamen. [284]
      Op 23-5-1728 testeren te Zierikzee: Adriaen van den Ende, timmerman, en Cornelia Soetebier, beiden wonend te Zierikzee. Verder genoemd: Zijwert van der Bilt, notaris, en Adolff Soetebier. Getuigen zijn Cornelis van der Hoeven en Boudewijn de Rijke, beiden wonend te Zierikzee. [285]
      Op 10-4-1730 testeren te Zierikzee: Adriaen van den Ende, timmerman, en Cornelia Soetebier, beiden wonend te Zierikzee. Verder genoemd: Zijwert van der Bilt, notaris, en Adolff Soetebier. Getuigen zijn Jan Swen en Claas Reijngout, beiden wonend te Zierikzee. [286]
      Op 12-6-1734 compareren te Zierikzee: Adriaen van den Ende, timmerman, wonend te Zierikzee, en Adolph Soetebier, wonend te Goes. Akte van procuratie. Verder genoemd: Cornelia Soetebier, Marinis Soetebier. Getuigen zijn Barent van der Jagt en Marinis van der Jagt, beiden wonend te Zierikzee. [287]
      Op 21-6-1734 testeren te Zierikzee: Adriaen van den Ende, timmerman, en Cornelia Soetebier, beiden wonend te Zierikzee. Verder genoemd: Adolph Soetebier, Marinis Soetebier, Johanna Soetebier, Jacobus Buijghanan, Jan Cornelisse Soetebier. Getuigen zijn Adriaen Mulock en Barend van der Jagt, beiden wonend te Zierikzee. [288]
    • 2. Cornelis van den Ende, geb. vóór ca. 1705, ovl. na 1740, j.m. van Zierikzee (1726), zeilmaker wonend te Zierikzee (1727, 1740), otr./tr. Zierikzee geref. 16-5/25-6-1726 (He)Lena Lauwrensdr van den Hoeke, ovl. na 1740.
      Op 10-10-1727 testeren te Zierikzee: Cornelis van den Ende, zeilmaker, en Lena van den Hoeke, beiden wonend te Zierikzee. Getuigen zijn Gijdeon de Vooght en Pieter van Es, beiden wonend te Zierikzee. [289]
      Op 5-5-1740 testeren te Zierikzee: Cornelis van den Ende, zeilmaker, en Lena Laurus van den Hoeke, beiden wonend te Zierikzee. Verder genoemd: Getuigen zijn Charles s' Graauwen en Barend van der Jagt, beiden wonend te Zierikzee. [290]
      Cornelis van den Ende en Helena Lauwrensdr. van den Hoeke worden vermeld in de weeskamer van Zierikzee (1753).[291]
        Uit dit huwelijk verm.:
      • aa. NN van den Ende, ovl. Zierikzee 1730 (kind van Cornelis van d' Ende)[292].
      • bb. Lourens (Laurens) van den Ende, geb. 1734/35, ovl. Zierikzee 4-3-1814 (oud 79 jaar), j.m. van en wonend te Zierikzee (1766), wednr. van en wonend te Zierikzee (1781), treedt veelvuldig op in akten te Zierikzee (1774..1809), vermeld als inwoner van Zierikzee in 1798 (oud 61 jaar, sic!) en 1811 (dan "voilier" oud 76 jaar), hypothecair schuldenaar in Zierikzee (1811), zeilmaker te Zierikzee (1785..1814), tr. 1o Zierikzee geref. 9-2-1766 Helena Bodt, ovl. 1766-1780, j.d. van en wonend te Zierikzee (1766), doopget. te Noordgouwe (1774), tr. 2o Zierikzee geref. 17-7-1781 Johanna Mommaas, ovl. Zierikzee 31-7-1820, j.d. van en wonend te Zierikzee (1781), zeilmaakster (1820), dr. van Martinus Mommaas en Neeltje de Vos. Hieruit verder nageslacht bekend.
      • cc. Maria van den Ende, geb. vóór ca. 1740, j.d. van en wonend te Zierikzee (1766), tr. Zierikzee geref. 9-2-1766 Ewout Bodt, j.m. van en wonend te Zierikzee (1766). Hieruit verder nageslacht bekend.
    • 3. NN van den Ende, ovl. Zierikzee 1706 (kind van Cornelis van den Ende)[293].

3312. JACOB JACOBSZ BLEIJCKER(¥), parentatie niet bewezen genoemd in 1652 als grondeigenaar en gebruiker van land in de polder Klinkerland in Grijsoord/Nieuw Tonge.[294]



COMMENTAAR(¥) Wat is het verband met:
Adriaantje Aelbrechts Bleijker, doopsgezind, ged. geref. belijdenis Elkerzee 22-3-1654 [295].
Arjaantje Willems Bleijckers, tr. 1o na mrt 1667 Jacob Gabriels Schelhouck, geb verm. Spijkenisse (mennoniet), landbouwer te Spijkenisse 1648, won. Oud-Beierland ca. 1635, vermeld ald. 1636, dijkgraaf in de ring van Putten 1657, ovl. Spijkenisse voor 1681, wednr. van Maartgen Borrusdr en Jannetje Gabrielsdr Koijer [296] , tr. 2o Spijkenisse 19-10-1681 [297] Hugo Berents van der Clock, leerlooier en schoenmaker te Geervliet, doopsgezind voorganger aldaar, predikt te Ouddorp (1665, 1684, 1686) [298] ovl. (impost) Geervliet 25-10-1703 [299]

3432. TATICK NN (Claasz?), geb. vóór ca. 1620. Hieruit mogelijk :

3472. PIETER DIRCKSZ ZETHOVEN, geb. vóór ca. 1615, ovl. na 1637, parentatie niet bewezen, tr. vóór 1637

3473. ANNETGEN PIETERS TEIJSTERMAN, geb. vóór ca. 1615, ovl. na 1637, parentatie niet bewezen,

Op 4-6-1637 compareren Arien en Cornelisz Symons Teijsterman voor henzelf, Cornelisz Pieters Teijsterman en Annetgen Pieters Teijsterman, gehuwd met Pieter Dircksz Zethoven, alsmede voogd over de nog onmondige kinderen van Pieter Symonsz Teijsterman , Aris Cornelisz Quast als voogd over de kinderen van Ouwe Cornelis Symonsz Teijsterman en de voogd over de kinderen van Jan Symonsz Teijsterman , allen erfgenamen van Symon Jansz Teijsterman, in zijn leven gewoond hebbend te Nieuwkoop [300].

3476. PIETER ADRIAANSZ (VAN HIJSELENDOORN), geb. vóór ca. 1605, tr. vóór ca. 1630[301]

3477. JANNITGEN JANS VAN GROOS, geb. vóór ca. 1610.

3478. ABRAHAM YSACKSZ VAN WIERINGEN, geb. vóór ca. 1595, ovl. 1667/68, lakenverkoper, kleermaker, schepen van Aarlanderveen (1630..1639), wonende te Aarlanderveen Dorp (1667), tr. vóór 1623[303] [304]

3479. ARRIAANTJE CORNELISDR VAN CLEVESTEIJN(¥), geb. vóór ca. 1605, ovl. 1670- (kort) voor 1699, belendster in het Noordeinde van Aarlanderveen (1668). [305]

COMMENTAAR(¥) Aanvullen akten Ref. P.D. Meijer en A.M.L. van Wieringen.

Hoofdgeld van Aarlanderveen anno 1623: "Abraham IJsaacxz ende Adriaentgen sijn huijsvrouwe met IJsaac heur kint, item een knecht genaemt (niet ingevuld) die bij hem werct - 4 hoofden". [306]
Op 28-7-1630 komt Abraham Isaacxsz van Wieringen, schepen van Aarlanderveen, overeen met Jan Salomonsz van Swanenburch, ambachtsbewaarder van Aarlanderveen, dat deze het erf tussen hun beider huizen in bezit zal krijgen. De koopsom is 27 gulden. [307]
Op 18-5-1631 zijn Grietgen Jacobsdr, huisvrouw van Adriaen Gerritsz, die onder curatele staat van het Hof van Holland, geassisteerd met Gilles Americx, secretaris, mede Gerrit Adriaensz voor zichzelf en opkomend voor zijn twee zusters, schuldig aan Abraham IJsaacxsz van Wieringen, schepen van Aarlanderveen, een losrente van 7 gulden 10 stuivers per jaar, hoofdsom 125 gulden. Gesteld onderpand is een huis en erf met 2½ morgen land in het Noordeinde van Aarlanderveen. [308]
Op 10-5-1667 is Pieter Cornelisz Cleijn, wonende in het Zuideinde van Aarlanderveen, schuldig aan Abraham IJsaacqsz van Wieringen, wonende Aarlanderveen Dorp, een bedrag van 600 gulden a 40 groten Vlaams, wegens geleverde waren. Gesteld onderpand is 3 morgen 1½ hond land in de Zuideinderpolder, strekkende van het land van Gerrit Gerritsz Cleijn tot de Molenwetering, belend ten zuiden Claes Bouwensz Vermij en ten noorden de weduwe en kinderen van Sijmon Willemsz. [309]
Op 4-5-1668 verkoopt Ariaentge Cornelis, weduwe van Abraham Isaacxsz van Wieringen, geassisteerd met haar schoonzoon Jan Esch, aan Cornelis Isaacxsz een huis, erf en schuur in het dorp van Aarlanderveen, strekkende van de dijk tot het erf van Jan Salomonsz van Swanenburch, belend ten noorden Swanenburch voornoemd en ten zuiden de laan van de kinderen van Gerrit Gijsz. De koopsom is 1200 gulden. [310]
Op 29-5-1670 is Pieter Cornelisz Cleijn schuldig aan Arrijaentgen Cornelisdr, weduwe van Abraham IJsaacksz van Wieringen, een bedrag van 500 gulden a 40 groten. Gesteld onderpandis 3 morgen 1½ hond land in het Zuideinde, strekkende van Lambert Pietersz tot de Molenwetering, belend ten zuiden de weduwe en kinderen van Claes Bouwensz en ten noorden de weduwe van Sijmen Willemsz. [311]
Kohier van de 100e penning van Rijnland : 1699. De weduwe van Abraham Isaacksz van Wieringen overleden. Erven Isak Abrahamsz van Wieringen, Jan Arentsz van Es nom(ine) ux(oris), Gangert Jansz 't Hoen, weduwnaar van Sara Abrahams van Wieringen, Geertje Abrahams, weduwe van Dirck Jansz van Griecken, beiden op de Oude Wateringh en de kinderen van Ary Pietersz van Hijselendoorn x Elisabeth Abrahams te Boskoop.
Op huijden den 29e mey 1701 compareerde voor mij: Willen van Heijningen, notaris publijcq bij den hoove van Hollant geadmitteert, tot Reijnsaterwoude residerende, ende voor de nabeschreven getuijgen, Machtelt Abrahams van Wieringen, weduwe ende boedelhoudster wijlen Jan Aertse van Nes wonende onder de jurisdictie van Aerlanderveen, Cornelis Dircksz van Grieken sigth sterk makende ende de rato caverende voor zijn moeder Geertje Abrahams van Wieringen, wonende onder de heerlijckheijt van Alckemade op de Oude Wateringh, Gangert Jansz 't Hoen, mede wonende op de dicte Wateringe voors., als weduwnaer van Sara Abrahams van Wieringen, Leendert Cornelis 't Hoen, wonende tot Wensveen, in huwelijk hebbende Arijaentje Huijberts van Heijn, soo voor hem selve als sigh starck makende ende de rato caverende soo voor Dirck Teinigs Bloet in huwelijck hebbende Sijbrugh Huijberts van Heijn, als voor Catarina Huijberts van Heijn, kinderen van Sara Abrahams van Wieringen, Frans Hendricksz Binnendijck in huwelijck hebbende Jannetje Arijens van Hijselendoorn, wonende onder den ambachte van Leijderdorp, Teunis Arijensz Hijselendoorn, Dirck Ariensz Hijselendoorn ende Dirck Aertsz van Leeuwen, in huwlijk hebbende Anneje Aryens van Hijselendoorn, wonende tot Boscoop, alle kinderen van Lijsbet Abrahams van Wieringen, ende nogh de voorn. Teunis Arijensz Hijselendoorn ende Dirck Aersse Hijselendoorn in qualite als voogden over Pieter Jacobsz Sethoven, jegenwoordigth uytlandigh zijnde, dewelcke een soon is van Grietje Arijens van Hijselendoorn, die een dogters dogter is van Abraham IJsacksz van Wieringen ende Ariaentje Cornelis van Clevesteijn en Claes Gerritsz van der Put, woonende tot Aerlanderveen, als vader ende voogt over zijn minderjarige dogter Grietje Claes van der Put, gewonnen bij Lijsbet Cornelis Loendersloot, dogter van Ariaentje Pieters Hoogeveen, die in huwelijck gehadt heeft IJsack Abrahamsz van Wieringen, alle kinderen, kintskinderen ende kintskintkind(eren) ende sulcx mede-erfgenamen van Abraham IJsaecksz van Wieringen ende Ariaentje Cornelis van Clevesteijn, de welcken verclaerden te approberen soodanige vercooping van partije lant gelegen onder den ambaghte van der Aer, als Cornelis IJsacksz van Wieringen, soon van IJsack Abrahamsz van Wieringen ende sulcx een mede-erfgenaem van de voorn. Abraham IJsacksz van Wieringen ende Ariaentje Cornelis van Clevesteijn door ordre van de comparanten aen Gijs Pieters Gijsz, woonende op de Hoeff, uitterhant heeft vercocht. Verclarende wijders sij comparanten de voorn. Cornelis IJsackse van Wieringen te constitueren ende volmachtigh te maken sulcx sij doen bij desen, specialijck omme alle de verdere goederen, soe roerende als onroerende uijt als vooren de comparanten aengecoomen ende die.. in wesen ende in hunnen wesen soude mogen sijn te mogen vercopen off verbuijren, 't sij uijtterhant ofte int openbaer ende voor alsulcken somme van penningen ende op alsulcke conditien als hij geconstitueerde goet ende raedtsaem vinden sal, ten dien eijnde oock omme te compareren voor de gerechte alwaer de voorsz. vaste goederen, de welcke albereijts sijn vercogt ofte nogh vercogt soude mogen werden, gelegen zijn ende voorts ter plaetse daer sulcx nodigh gevonden sal werden om aende koopers van den selven te doen opdragte de cooppenningen te ontfangen ende daer van te geven behoorlijck quitantie ende voorts nogh omme te ontfangen van alle debiteuren soodanige penningen als te innen ende te ontfangen staen, de quaede, willige in rechten (ist noot) te betrecken ende daer toe een off meer penoonen te mogen substitueren alsmede omme met een ider vanden crediteuren die het hem geconstitueerde sal goet vinden te mogen accorderen ende compromitteren ende vanden ontfangen der voorsz. crediteuren mede te verleenen quitantie ende voorts omme meer te doen soodanige betalinge als den comparanten in qualite voorsz. verschult zijn. Ende dit alles onder approbatie ende ratificatie als regt is, mits doende behoorlijcke rekeninge, bewijs ende reliqua. Consenterende hier van gemaeckt ende gelevert te werden procuratie in forma. Aldus gedaen ende gepasseert ter presentie van Jan vander Maes ende Dirck Reijersz Vermij als getuijgen ten desen versogt die de minute deses, beneffens de comparanten ende mij notario. geschreven zijnde op een zegel van twaelff stuijvers, mede hebbende ondertekent. Tijde ut supra.onderstont 't Welck ick affirmere ende was geteijckent W. van Heijningen nots. publ.[312]
Op huijden den 28e december seventien hondert en een compareerde voor mij Willem van Heijningen, notaris publique bij den hove van Hollant geadmitteert, tot Reijnsaterwoude residerende ende voor de nabeschreven getuygen, Annetje Claes Weselenburgh, weduwe ende boedelhoudster wijlen Jacob Aertsz Sethoven, die te bevoren in huwelijck heeft gehadt Grietje Ariens Hijselendoorn ende welcke Grietje Hijselendoorn een (doghters?)doghter is geweest van Abraham IJsacksz van Wieringen ende Ariaentje Cornelis van Clevesteijn ende naer gelaten heeft twee kinderen als namentlijck Pieter Jacobsz Sethoven, tegenwoordigh uijtlandigh ende Lijsbet Jacobs Sethoven ende van wel de voors. Lijsbet Jacobs den meergemelte Jacob Arisse Sethoven volgens testamentaire dispositie is erfgenaem gebleven ende vervolgens benevens meer anderen mede gerechtigt tot de nalatenschap van Abraham IJsacksz van Wieringen ende Ariaentje Cornelis van Clevesteijn, beijde overleden, voor de voorn. Lijsbet Jacobs Sethoven, de welcke in qualite voors. verclaerde te approberen soodanige vercopinge van een partije lant gelegen onder den ambachte van der Aer als Cornelis Isacksz van Wieringe, soon van Isaack Abrahamsz van Wieringen ende Ariaentje Cornelis door ordere van de voorn. comparante in qualite voornt ende dien volgende voor soo veel haer gedeelte conserneert aen Gijs Pieter Gijsz, wonende op te Hoeff, uijtterhant heeft vercogt. Verclaerde wijders sij comparante den voorn. Cornelis IJsackse van Wieringen te constitueren ende volmachtigtih te maken sulcx sij doet bij dese specialijck omme alle de verdere goederen, soo roerende als onroerende ende waer toe de voorn. comparante uijt hoofden als vooren gerechtigt ende die regte in wegen soude mogen zijn te mogen vercoopen off verhuijren 't sij uijtterhant ofte in het openbaer ende voor al sulcke somme van penningen ende op alsulcke conditien als den geconstitueerde goedt ende raedtsaem vinden sal. Ten dien eijnde oock omme te compareeren voor de gerechte al waer de voors. vaste goederen, dewelcke al bereijts sijn vercogt ende nogh vercogt soude mogen werden gelegen zijn ende voorts ter plaetse daer sulcx sal noodigh bevonden werden om aen de coopers vande selve te doen opdragt, de cooppenningen te ontfangen ende daer van te geven behoorlijcke quitantie ende voorts nogh omme te ontfangen van alle debiteuren soodanige penningen als te inne ende te ontfangen staen, de quaeddwilligen in regten (is 't noodt) te betrecken ende daer toe een off meer persoonen te mogen substitueren. Als mede omme met een ider van de crediteuren die het hem geconstitueerde sal goet vinden te mogen accorderen ende compromitteren ende van dien te ontfanghen der voors. crediteuren mede te verleenen quitantie ende voorts omme mede te doen soodanige betalinge als de compamrante in qualite voors. verschult is, ende dit alles onder approbatie, ratificatie als reght is, mits doende behoorlijde rekeninge. bewijs en de relliqua, consenteerende hier van gemaeckt ende gelevert te werden procuratie in forma. Aldus gedaen ende gepasseert ter presentie van Pieter van Heijningen ende Huijbert Jansz Bouman als getuijgen ten deses versogt die de minute deses, geschreve zijnde op eenen segel van twaelff stuijvers, beneffens de comparante ende mijn notario mede hebben onderteijckent. Tijde ut supra onderstont. 't Welck ick affirmere ende was getekent W. van Heijningen nots. publ.[313]
Op 15-5-1702 verkoopt Cornelis IJsacksz van Wieringen, met volmacht van de mede-erfgenamen,
  • 1 aan Pieter Maertensz Stichter een perceel land in het Zuideinde van Aarlanderveen, verongeld voor 3 morgen 150 roeden, strekkend van het land van Lambert Pietersz van Zijl tot in de Molenwetering, belend ten zuiden Hendrick Roelen Stichter en ten noorden Arij Sijmonsz. De koopsom is 654 gulden. [314]
  • 2 aan Lambert Pietersz van Zijl een huis en erf in het Zuideinde van Aarlanderveen, verongeld voor 12½ roeden, strekkend van de Aarlanderveensedijk tot aan "hem selver", belend ten zuiden Hendrick Roelen Stichter en ten noorden Arij Sijmonsz. De koopsom is 200 gulden. [315]
  • 3 aan Cornelis Pietersz Kleijn een perceel teelland onder Aarlanderveen, verongeld voor 3 hond, strekkend van de weduwe van Claes Cornelisz Kleijn tot Hendrick Jacobsz van der Hoorn, belend ten zuiden en noorden deze Van der Hoorn. De koopsom is 80 gulden. N.B. In deze akte is Jan Aertsz van Nes vermeld als Jan Ariensz van Es. [316]

3504. JAN CORNELISZ WITTEBOL (alias CLEIJN NEES), geb. vóór ca. 1590, ovl. 1653 (dus niet beg. Hazerswoude 12-5-1647 als Jan Cornelisz. belender aan de Binnenweg 1619..1649 (in 1653..1668 de weduwe en/of kinderen van Jan Cornelisz Wittebol), de Bovenweg 1627..1653 (in 1654..1663 de weduwe en/of kinderen van Jan Cornelisz Wittebol), in de lage Moeren onder Hoogeveen (1638), in de Kijfpolder in het Rietveld 1647..1651 (in 1675 de erfgenamen van Jan Cornelisz Wittebol), in de Vrouwe Opdamspolder (1648), te Hazerswoude (1619..1653), woont aan de Achterweg te Hazerswoude (1640, 1644), koopt o.a. een huis en erf met kaatsbaan en schuur gelegen op het Dorp Buitenweg, alwaar "de Hollantsche thuijn" uithangt (1647), treedt op als oom en voogd over Pieter Jansz Vonck en Emmerentia Jansdr Vonck (1649), is borg voor Jan Jansz van Geneuchten (1639), en voor Claes Pietersz van Hijselendoorn (1651), tr. vóór 1613

3505. TRIJNTJE (CRIJNTJE) PIETERS CORDT, beg. geref. Hazerswoude 15-5-1669 ("het lijk van Trijntje Pieters Cordt, huijsfrou van Jan Cornelisz Wittebol"),[340] wonende aan de Achterweg (1654..1665).

Op 29-4-1613 verkoopt Cornelis Cornelisz Wittebol aan zijn zoon Jan Cornelisz Wittebol en Adriaen Pietersz 14½ hond land eensdeels geheel en eensdeels gebroken gelegen buitenweg, belend ten oosten Pouwels Woutersz, ten zuiden de nieuwe vaart, ten westen Sijmon Cornelisz en Florisz Cornelisz en ten noorden dezelfden, voldaan met een schuldbrief. [341]
In vervolg hierop verklaren op 29-4-1613 Jan Cornelisz Wittebol en Adriaen Pietersz, zwagers, schuldig te zijn 425 gulden met hypotheek op het gekochte. Borg Pieter Adriaensz voor respectievelijk zijn zwager en zijn zoon. [342]
Op 2-12-1616 verkoopt Adriaen Cornelisz Schouten aan Jan Cornelisz Wittebol 6 partijen slagturfland of water tezamen 5 kleine morgen en 4 hond, eerst 5 hond, 3½ hond en 6 hond tezamen belend ten noorden Martijn Dircksz en Jan Willem Sijmonsz, ten oosten Jasper Govertsz, ten zuiden de landscheiding en ten westen Cornelis Pieter Corsz, 3½ hond en 8 hond tezamen belend ten noorden de weduwe van Pieter Corsz en Jasper Govertsz, ten oosten Cornelis Sijmonsz en Dirck Sijmonsz, ten zuiden de landscheiding en ten westen Jasper Govertsz en 8 hond belend ten noorden Dirck Pieter Corsz met zijn huiswerf, ten oosten de weduwe van Pieter Corsz, ten zuiden dezelfde en ten westen Cornelis Govertsz, de 5 hond belast met een erfpacht van 10 stuivers 4 penningen per jaar ten behoeve van de heer van Hazerswoude. Voldaan met een schuldbrief.
Vervolg a. 2-12-1616. Volgt schuldbrief van 180 gulden met hypotheek op het gekochte. [343]
Op 11-4-1617 verkoopt Pieter Adriaensz aan zijn zwager Jan Cornelisz Wittebol een huis en erf gelegen binnenweg, belend ten noorden Sijmon Meesz, ten oosten de Westvaartskant, ten zuiden de verkoper en ten westen de kinderen van Aernt Gerritsz. Koopsom 150 gulden. De koper heeft het huis en erf doorverkocht aan Jacob Dircksz Cluijt en is voldaan met een partij slagturfland in Hoogeveen, hetwelk Jacob aldaar zal beschrijven. [344]
Op 11-4-1617 verkoopt Claes Adriaen Hugenz aan Jan Cornelisz Wittebol 1 morgen weiland zoals de verkoper op 9-3-1616 met opdrachtbrief van Aelwijn Pietersz verkregen had, belend en belast volgens de brief. Voldaan met een custing van 240 gulden.
Vervolg a. 11-4-1617. Jan Cornelisz Wittebol als principaal schuldenaar en Pieter Adriaensz, zijn borg, indempneren de voorsz. verkoop voor 240 gulden als Claes Adriaen Hugenz pro resto nog schuldig was vanwege de voorsz. koop van Aelwijn Pietersz volgens de oude brief, welke Jan zal betalen. [345]
Op 12-4-1621 verkoopt Jan Cornelisz Wittebol aan Crijn Pietersz 3½ hond en 8 hond slagturfland gelegen bovenweg, tezamen belend ten oosten Cornelis Sijmonsz, en Dirck Sijmonsz, ten westen de koper, ten zuiden de landscheiding en ten noorden de weduwe van Pieter Corsz en de koper. Voldaan met een obligatie van 165 gulden. [346]
Op 9-3-1620 verkoopt Sijmon Claesz aan Jan Cornelisz Wittebol 10 hond 75 roe slagturfland of water gelegen binnenweg, belend ten noorden Floris Dirck Florisz, ten oosten Floris Reijersz, ten zuiden de Achterweg en ten westen Jan Hugenz. Laatste waarbrieven van 8-5-1569 en 17-4-1594. Koopsom 99 gulden.
Vervolg a. 9-3-1620. Doorverkoop aan Claes Adriaensz, molenaar, voor 100 gulden. [347]
Op 9-3-1620 verkoopt Jan Cornelisz Wittebol aan Claes Adriaen Hugenz 13 hond slagturfland of water gelegen bovenweg, belend ten noorden Jacob Dirck Florisz, ten oosten Adriaen Cornelis Pieter Corsz en Willem Adriaensz Boer, ten zuiden de landscheiding en ten westen Adriaen Jacob Woutersz. Jongste waarbrief van 2-12-1616. Voldaan met een schuldbrief.
Vervolg a. 9-3-1620. Bovengenoemde schuldbrief van 240 gulden met hypotheek op het gekochte. [348]
Op 22-11-1620 verkoopt Jan Cornelisz Wittebol aan Jacob Doesz een schuldbrief ten laste van zijn zwager Bastiaen Cornelisz op 12-3-1620 te Hazerswoude verleden pro resto 250 gulden, met waarborg zijn huis en erf gelegen Binnenweg, belend ten oosten Claes Adriaen Hugenz en Joost Dircksz, ten westen de weduwe van Dirck Aemsz, ten noorden Aelwijn Pietersz en ten zuiden de Achterweg. Slot van de akte onleesbaar. [349]
Hoofdgeld Rijnland 1622 en Hoofdgeld Hazerswoude 1623:
Op den Achterwech te Hazerswoude : Jan Cornelisz Wittebol ende Trijntgen Pietersdr met Cornelis, Annetgen, Ariaentgen ende Barber heure kinderen, 6 hoofden.
Op 3-5-1624 verkoopt Joost Dircksz Vercade aan Jan Cornelisz Wittebol 15 hond weiland gelegen ten westen van de Westvaert Binnenweg, belend ten oosten de Westvaart, ten westen Willem Jan Hugenz, ten zuiden Pieter Leendertsz Scheepmaker en ten noorden Jan Cornelisz Soontgen. Voldaan met een schuldbrief bij assignatie ten behoeve van Pieter Adriaensz van Diependorst, groot 1.900 gulden.
Vervolg a. 3-5-1624. Bovengenoemde schuldbrief met hypotheek op het gekochte alsmede op zijn huis en erf aan de Achterweg, belend ten oosten Claes Adriaen Hugenz, ten westen Pieter Ponsz, ten zuiden de Achterweg en ten noorden de erfgenamen van Aelwijn Pietersz. [350]
Op 2-4-1628 verkoopt Cornelis Cornelisz Wittebol aan Jan Cornelisz Wittebol \derde van 7 hond slagturfland of water gelegen Binnenweg, belend ten oosten Geleijn Adriaensz, ten westen en noorden Louris Jansz Smetser en ten zuiden de Achterweg. Koopsom 60 gulden. [351]
Op 2-4-1628 verkoopt Thijs Cornelisz aan Jan Cornelisz Wittebol 4 hond turfland gelegen Bovenweg, belend ten oosten en noorden Maurits de Viri, baljuw, ten westen Vranck Jacobsz en ten zuiden Maritje Vranckendr. Koopsom 8 gulden. [352]
Akte met schepenen van Hoogeveen. Op 5-4-1638 verkopen Cornelis Anthonisz Ruijter en Pieter Gerritsz Heemstee, wonende te Katwijk, aan Jan Cornelisz Wittebol 2 morgen slagturfland of water gelegen in de Lagemoeren onder Hoogeveen, belend ten oosten Adriaen Jansz Mous, ten zuiden Jan Pietersz van IJperen en Jan Jansz Mous, ten westen de weduwe van Joost van Sonnevelt en ten noorden de voornoemde Jan van IJperen, 2 hond 75 roeden oude akkeren slagturfland of water gelegen Bovenweg, belend ten oosten Cornelis Adriaensz van Tol, ten zuiden de landscheiding en ten westen en noorden Claes Maertensz Snouckaert. Voldaan met een schuldbrief van 230 gulden. [353]
Op 20-5-1638 verkopen Govert Cornelisz als testamentaire voogd over de twee onmondige kinderen van Willem Dircksz Val bij Grietje Cornelisdr, Cornelis Adriaensz anders genaamd Cornelis Cornelisz, gehuwd met Lijsbeth Dircksdr en Eeuwout Cornelisz Craen als gehuwd gehad hebbende Geertje Dircksdr, waarvan hij boedelhouder is, kinderen en kindskinderen en mede-erfgenamen in de voornoemde kwaliteit, te weten Pieter Bonifaesz, Aert Cornelisz Craen, Cornelis Dircksz, ouwe Maritje en jonge Maritje, Dirck Wouter Dircksz, Claes Dircksz en Cornelis Adriaensz van zaliger Dirck Cornelisz Val en Trijntje Woutersdr elk voor 1/10 deel van vaderszijde in de ene helft en elk voor 1/9 deel van moederszijde in de andere helft en de voornoemde Grietje Cornelisdr en Eeuwout Cornelisz Craen, elk voor 1/9 deel van moederszijde in de andere helft en de voornoemde Grietje Cornelisdr en Eeuwout Cornelisz Craen elk voor (onleesbaar), de twee kinderen van Willem (onleesbaar) voor 1/9 deel van hun voornoemde grootmoeder, aan Jan Cornelisz Wittebol 16 hond land gelegen in het Rietveld, belend ten oosten de weduwe van Claes Claesz de Jonge en Aert Cornelisz Craen, ten westen en noorden de weduwe van Govert Cornelisz Val en ten zuiden de Nieuwe vaart. Voldaan met een schuldbrief van 545 gulden. [354]
Op 5-4-1639 verkoopt Jan Cornelisz Wittebol aan Mouring Sijmonsz van Hoochbrugge twee percelen veenland of water gelegen Bovenweg, tezamen groot 8 hond, elk van 4 hond, volgende de jongste waarbrieven van 11-9-1622 en 2-4-1628, tezamen belend ten oosten Adriaen Willemsz Cas en Dirck Jansz Soontgen, ten westen Vranck Jacobsz, ten zuiden Adriaen Willemsz Cas en IJsbrant Claesz Boscooper en ten noorden Dirck Jansz Soontgen en de weduwe van Wouter Cornelisz Speelman. Voldaan met een obligatie van 174 gulden. [355]
Op 16-7-1640 verkoopt Jan Cornelisz Wittebol aan Adriaen Cornelisz van Cranenburgh 5 hond veenland of water gelegen Bovenweg, belend ten oosten en zuiden Jan Cornelis Tonisz, ten westen Jan Claesz Vercade en de koper en ten noorden Cornelis Bastiaensz. Voldaan met een obligatie van 160 gulden. [356]
Op 16-7-1640 verkoopt Jan Cornelisz Wittebol aan Job Jacobsz van der Vis 6 hond 50 roeden slagturfland of water gelegen Buitenweg, belend ten oosten Eeuwout Ponsz, ten westen Gerrit Cornelisz Buijtewech, ten zuiden Jacob Cornelisz Comen en ten noorden de kinderen van Gerrit Jacobsz. Voldaan met een schuldbrief boven een schuit gerekend op 30 gulden en boven een rozenobel als speldegeld met 440 gulden.
Vervolg a. 16-7-1640. Volgt schuldbrief met hypotheek op het gekochte. [357]
Op 17-7-1640 verkoopt Jan Cornelisz Wittebol, wonende aan de Achterwech 650 Roeden lands voor 448 Carolus guldens, en in een stuk van 23-9-1640 is hij principaal bij verkoop van grond te Haserswoude.[358]
Op 24-9-1640 verkoopt Adriaen Stalpaert, wonende te Leiden, aan Jan Cornelisz Wittebol een perceel slagturfland of water zijnde het oostwaartse deel gelegen van de Wildert, belend ten oosten Cornelis Corsz, ten zuiden Cornelis Sijmonsz, ten westen het westwaartse gedeelte van de Wildert en ten noorden Jan Maertensz Snouckert. Voldaan met een schuldbrief van 1.025 gulden.
Vervolg a. 24-9-1640. Volgt schuldbrief met hypotheek op het gekochte. Borg Cornelis Cornelis Claesz. [359]
Op 24-9-1640 verkoopt Maurice de Viri, baljuw van Hazerswoude, aan Jan Cornelisz Wittebol, wonende aan de Achterweg, een huis en erf eertijds toebehoord hebbende aan Claes Gerritsz anders genaamd Claes Marri Thoenen, gelegen op het Dorp Binnenweg, belend ten oosten en zuiden Dirck Ponsz, ten westen Adriaen Huijgenz de Vries en ten noorden de Voorweg, waarvan de opstaande penningen uit de kooppenningen zullen worden voldaan. Voldaan met een schuldbrief van 182 gulden.
Vervolg a. 24-9-1640. Volgt schuldbrief met hypotheek op het gekochte. Borg Gerrit Cornelisz Buijtewech. [360]
Op 3-6-1641 verkoopt Cornelis Leendertsz Does aan Jan Cornelisz Wittebol een werf groot 1 hond, belend ten oosten Cornelis Cornelisz Somer en Cornelis Claesz Boscoper, ten westen Crijn Cornelis Dircksz, ten zuiden de Nieuwe vaart en ten noorden de verkoper. Voldaan met een schuldbrief van 160 gulden.
Vervolg a. 3-6-1641. Volgt schuldbrief met hypotheek op het gekochte. [361]
Op 8-9-1642 verkoopt Sijmon Cornelisz Langendam aan Jan Cornelisz Wittebol en Adriaen Cornelisz 7½ hond slagturfland of water gelegen Bovenweg, belend ten oosten Claes Jacobsz Ket, ten westen en zuiden Thijs Cornelisz en ten noorden de Achterweg. Voldaan boven twee rozenobel met een schuldbrief van 875 gulden.
Vervolg a. 8-9-1642. Volgt schuldbrief met hypotheek op het gekochte. [362]
Op 26-1-1643 (1653?) verkopen Jan Cornelisz Wittebol en Adriaen Cornelisz, molenaar, aan Adriaen Leendert Pieter Corsz een derde gedeelte van 7½ hond slagturfland of water gelegen Bovenweg, belend ten oosten Claes Jacobsz Keth, ten westen de verkopers, ten zuiden Thijs Cornelisz en ten noorden de Achterweg. Voldaan met een schuldbrief van 725 gulden.
Vervolg a. 26-1-1643. Bovengenoemde schuldbrief met hypotheek op het gekochte. Afgelost 17-5-1655. [363]
Op 13-6-1644 verkoopt Jan Cornelisz Wittebol, wonende aan de Achterweg, aan Adriaen Hendricksz, biersteker, een werf gelegen Buitenweg, groot 1 hond, belend ten oosten Cornelis Claesz Boscooper, ten westen Crijn Cornelis Dircksz, ten zuiden de Nieuwe vaart en ten noorden de koper. Voldaan met een schuldbrief van 210 gulden.
Vervolg a. 13-6-1644. Bovengenoemde schuldbrief met hypotheek op het gekochte. [364]
Op 14-10-1647 verkoopt Jan Cornelisz Wittebol aan Jacob Jansz Keuijer drie partijen slagturfland of water gelegen Bovenweg, groot 5, 3½ en 6 hond, tezamen belend ten oosten de koper, ten westen Adriaen Aenen, ten zuiden de landscheiding en ten noorden Maerten Dircksz Buijren, de 5 hond belast met een jaarlijkse erfpacht van 10 stuivers 4 penningen ten behoeve van de ambachtsheer van Hazerswoude. Voldaan met een schuldbrief boven de belasting van 400 gulden.
Vervolg a. 14-10-1647. Bovengenoemde schuldbrief met hypotheek op het gekochte. [365]
Op 14-10-1647 verkopen Cornelis Jansz Vonck, Joseph Jansz Vonck en Cornelis Jansz Goedhart, gehuwd met Judick Jansz, Mouringh Sijmonsz Hooch als voogd over Pieter en Emerensje Jansdr Vonck, minderjarige kinderen van Jan Gillisz Vonck en Neeltje Cornelisdr, beiden te Hazerswoude overleden, aan Jan Cornelisz Wittebol een huis en erf met kaatsbaan en schuur gelegen op het Dorp Buitenweg, alwaar "de Hollantsche thuijn" uithangt, belend ten oosten de laan van Ulrick Christiaensz, ten westen Jacob Dircksz Vercade, ten zuiden de Heerweg en ten noorden de sloot, belast met 12 gulden 10 stuivers per jaar ten behoeve van de erfgenamen van Aper Fransz, brouwer in de "Dubbele hellebaert" te Delft. Voldaan met een schuldbrief boven de belasting van 1.480 gulden.
Vervolg a. 14-10-1647. Bovengenoemde schuldbrief met hypotheek op het gekochte. [366]
Op 4-11-1647 verkoopt Jacob Lambrechtsz van Hoochbrugge, wonende te Hoogeveen, aan Jan Cornelisz Wittebol de helft van 5 morgen 3 hond 50 roeden slagturfland of water, belend ten oosten en zuiden de weduwe van Dirck Jansz, ten westen Adriaen Jansz Moes en ten noorden Willem Cornelisz Hogeveen. Voldaan met een schuldbrief van 1.050 gulden.
Vervolg a. 4-11-1647. Bovengenoemde schuldbrief met hypotheek op het gekochte. Borg Adriaen Cornelisz Molenaer. [367]
Op 27-4-1648 verkoopt Jan Cornelisz Wittebol aan Willem Maertensz Snouckaert een staal met turfschuur gelegen Binnenweg, groot 1 hond, strekkende uit ten noorden van het land van Cornelis Hendricksz Crooswijck zuidwaarts tot buiten de esseboom op het staal staande, belend ten zuiden de verkoper, ten westen Pieter Ponsz van Sluijs en ten oosten Dirck jonge Roos. Voldaan met een obligatie van 252 gulden. [368]
Op 18-6-1648 verkoopt Cornelis Claesz van Leeuwen aan Jan Cornelisz Wittebol 2 morgen 4 hond 66 roe hooiland gelegen in Vrouw Opdamspolder in het Rietveld, belend ten oosten Inge Pietersz, ten westen Boon Michielsz, ten zuiden Jan Cornelisz Neleman en ten noorden de Kerkvaart, belast met 733 gulden 6 stuivers 10 penningen schuldpenningen ten behoeve van Jan Cornelisz Neleman. Voldaan boven de belasting met 72 gulden 4 stuivers 8 penningen. [369]
Op 8-2-1649 bekende Jan Cornelisz Wittebol bij ruiling van 3 morgen 25 roeden slagturfland of water gelegen Bovenweg welke hem op heden opgedragen zijn, te hebben opgedragen aan Sijmon Cornelisz Langendam 9 hond weiland gelegen Binnenweg, belend ten oosten Pieter Thonisz van Blommendael, ten westen Willem Cornelisz Boscoper, ten zuiden de Achterweg en ten noorden Dirck Jacobsz Vas en ontvangt nog een obligatie van 340 gulden.
Vervolg a. 8-2-1649. Taxatie van bovengenoemde 9 hond op 1.050 gulden.
Vervolg b. 8-2-1649. De overdracht aan Jan Cornelisz Wittebol van de voornoemde 3 morgen 25 roeden land, belend ten oosten Hendrick Adriaensz Pruijt en de kinderen van oude Neel Joostenz, ten westen Maerten Dircksz Buijren, ten zuiden Jacob Jansz Keuijer en ten noorden Jan Claesz Vercade.
Vervolg c. 8-2-1649. Taxatie van bovengenoemde 3 morgen 25 roeden op 800 gulden. [370]
Op 10-5-1649 verkoopt Oude Cornelis Cornelisz Somer, wonende te Leiden, aan Jan Cornelisz Wittebol twee partijen slagturfland of water gelegen Bovenweg, groot 16 hond 75 roeden, belend ten oosten Cornelis Jaspersz en Willem Dirck Florisz, ten zuiden Adriaen Hendricksz biersteker, ten westen de weduwe van Jan Cornelisz en ten noorden de Achterweg. Voldaan met een schuldbrief bij assignatie ten behoeve van Gerrit van Beest, raad en tresaurier van Gouda, van 1.000 gulden. Cornelis Somer heeft contant ontvangen 799 gulden 18 stuivers 6 penningen. [371]
Op 5-7-1649 verkopen Grietje Maertensdr, weduwe van Cornelis Cornelisz Wittebol, Jan Cornelisz Wittebol, Jacob Jacobsz Rijsdam, gehuwd met Maritje Cornelis Wittebol, Willem Gerritsz Schout, gehuwd met Joosje Cornelisdr Wittebol, Cornelis Jansz Vonck, Joseph Jansz Vonck, Jan Cornelisz Wittebol en Jacob Jacobsz Rijsdam als ooms en voogden over Pieter Jansz Vonck en Emmerentia Jansdr Vonck, geprocureerd bij Neeltje Cornelisdr Wittebol, Cornelis Jansz Goethart, weduwnaar van Judith Jansdr voor zichzelf en als vader en voogd van Maritje Cornelisdr bij Judith Jansdr, Mouring Sijmonsz Hoochbrugge, gehuwd met Lijsbeth Cornelisdr Wittebol, Maerten Cornelisz Wittebol en jonge Jan Cornelisz Wittebol, allen kinderen en kleinkinderen van Cornelis Cornelisz Wittebol, aan Jan Claesz Soontgen een huis en erf met schuur en berg in het Westeinde, belend ten oosten Aris Gerritsz Keijser, ten westen Cornelis Pietersz, scheepmaker, ten zuiden de Voorweg en ten noorden de Nieuwe vaart, belast met 100 gulden ten behoeve van de Heilige Geest armen, 100 gulden ten behoeve van Pieter Fransz, klompmaker en 100 gulden ten behoeve van Leendert Leendertsz Smetser. Voldaan met een schuldbrief van 1.645 gulden.
Vervolg 5-7-1649. Bovengenoemde schuldbrief met hypotheek op het gekochte. Borg Cornelis Pietersz, scheepmaker. [372]
Op 5-7-1649 verkopen dezelfden aan Leendert Cornelisz Craen 2½ hond slagturfland of water gelegen Buitenweg, belend ten oosten en ten zuiden Gerrit Cornelisz Buijtewech, ten westen Jan Claesz Soontgen, Pieter Corsz en Adriaen Hendricksz en ten noorden Jacob Cornelisz Comen. Voldaan met een schuldbrief van 190 gulden.
Vervolg a. 5-7-1649. Bovengenoemde schuldbrief met hypotheek op het gekochte. Borg Cornelis Leendertsz van Tol. [373]
Op 7-12-1649 verkoopt Jan Cornelisz Wittebol aan Cornelis Stalpaert als testamentaire voogd van de moederlijke goederen ...... 14 hond land, belend ten oosten Huijch Jansz Speijert en Jan Reijersz, ten westen de commies Martini, ten zuiden de Kerkvaart en ten noorden Niclaes Isaacsz van Gerwen. Koopsom 1.000 gulden. [374]
Op 23-5-1650 verkopen Pieter Cornelis Claesz en Floris Cornelis Claesz voor zich zelf en als ooms en voogden over de nagelaten kinderen van Maritje Cornelisdr bij Engebrecht Hendricksz en de nagelaten kinderen van Jan Cornelis Claesz bij Lijsbeth Willemsdr Cas en nog over de nagelaten kinderen van Cornelis Cornelisz bij Lijsbeth Danielsdr, Johannes Danielsz, gehuwd met de weduwe van Jan Cornelis Claesz en Adriaen Elbertsz, gehuwd met de weduwe van Cornelis Cornelisz, allen kinderen en kleinkinderen van Cornelis Claesz en Annetje Cornelisdr, aan Jan Cornelisz Wittebol een huis en erf met twee schuren en schuitenhuis alsmede 8 hond slagturfland of water gelegen Buitenweg, belend ten oosten Adriaen Pietersz clompenmakers weduwe en Jacob de Haen, ten westen Adriaen Jansz van Achteren, ten zuiden de Voorweg en ten noorden de Nieuwe vaart. Voldaan met een schuldbrief van 1.000 gulden.
Vervolg a. 23-5-1650. Bovengenoemde schuldbrief met hypotheek op het gekochte. Borg Gerrit Cornelisz Buijtewech. [375]
Op 23-5-1650 verkoopt Cornelis Bastiaensz aan Jan Cornelisz Wittebol de helft van 11 hond weiland gelegen Binnenweg, belend ten oosten Maerten Dircksz Keijser en de ambachtsvrouwe van Hazerswoude, ten westen Cornelis Dircksz Keijser, ten zuiden Pieter Claes Jansz met de wederhelft en ten noorden Sijmon Cornelisz Langendam. Koopsom 860 gulden 6 stuivers 12 penningen.
Vervolg a. 23-5-1650. Jan Cornelisz Wittebol is schuldig aan de Heilige Geestarmen van Hazerswoude 608 gulden met hypotheek op het gekochte. Borgen Adriaen Cornelisz Molenaer en Dirck Jansz Wittebol. [376]
Op 17-8-1650 verkoopt "Dezelfde" (ZOEK OP vorige acte) aan Jan Cornelisz Wittebol een huis en erf met boomgaard, barg en schuur alsmede 11 hond land gelegen Bovenweg, belend ten oosten en ten westen Teunis Cornelisz van Aenen, ten zuiden Adriaen Pietersz Koij en ten noorden de Achterweg. Voldaan met een schuldbrief van 420 gulden bij assignatie ten behoeve van de voorseids van Beest en Verboom.
Vervolg a. 17-8-1650. Bovengenoemde schuldbrief met hypotheek op het gekochte. Borgen Dirck Jansz Wittebol en Dirck Cornelisz Langendam. [377]
Op 29-8-1650 verkopen Aagje Evertsdr, weduwe van Sijmon Adriaensz van Swanenburgh, overleden te Hazerswoude in het Oosteinde, voor de helft en Abraham Adriaensz van Swanenburgh als bij testament aangewezen tot redding van de boedel, voor de andere helft, aan Jan Cornelisz Wittebol en Pieter Leendertsz van Tol 7½ hond weiland gelegen in het Oosteinde van Hazerswoude Binnenweg, belend ten oosten Pleun Gerritsz van der Plas en ten westen Pieter Roijert, strekkende van de Voorweg tot de Achterweg, belast met twee hoofdsommen tezamen 500 gulden, waarvan 200 gulden ten behoeve van Maerten Cornelisz Rossum en 300 gulden ten behoeve van de Heilige Geest van Hazerswoude. Voldaan boven de belasting met een schuldbrief van 525 gulden.
Vervolg a. 29-8-1650. Bovengenoemde schuldbrief met hypotheek op het gekochte. [378]
Op 24-3-1651 verkopen Cornelis Dircksz en Willem Cornelisz Hogeveen met procuratie van Jan Cornelisz Engebrechtsz, hun schoonzoon en zwager, tegenwoordig wonende in Island in het land van Overijsel, aan Jan Cornelisz Wittebol een huis en erf met berg met een stuk slagturfland of water gelegen Binnenweg in het Oosteinde, belend ten oosten Adriaen Willemsz Craen en Baefje Comen Neelen, ten westen en zuiden Jan Cornelisz van Tol en ten noorden de Voorweg. Voldaan met een schuldbrief.
Vervolg a. 24-3-1651. Bovengenoemde schuldbrief van 980 gulden met hypotheek op het gekochte. Borg Sacharias Reijersz. [379]
Op 24-3-1651 verkopen Cornelis Dircksz en Willem Cornelisz Hogeveen met procuratie van Jan Cornelisz Engebrechtsz, hun schoonzoon en zwager, tegenwoordig wonende in Island in het land van Overijsel, aan Jan Cornelisz Wittebol een huis en erf met schuur gelegen Buitenweg in het Westeinde, belend ten oosten Pieter Claesz Tack, ten westen Jacob Crijnenz, ten zuiden de Voorweg en ten noorden Cornelis Dircksz Loot. Voldaan met een schuldbrief van 671 gulden.
Vervolg a. 24-3-1651. Bovengenoemde schuldbrief met hypotheek op het gekochte. Borgen Dirck Jansz Wittebol en Adriaen Cornelisz Molenaer. [380]
Op 13-2-1651 verkoopt Jan Cornelisz Wittebol aan Jan Leendertsz Vermeulen een huis en erf met slagturfland of water gelegen Binnenweg, groot 6 hond, belend ten oosten Adriaen Willemsz Craen en Baefje Comen Neelen, ten zuiden en westen Jan Cornelisz van Tol en ten noorden de Voorweg. In margine 21-1-1654 koper insolvent.
Vervolg a. ongedateerd. Volgt schuldbrief van 1.370 gulden met hypotheek op het gekochte. Beide akten zijn niet ondertekend. [381]
Op 21-4-1651 verkoopt Jacob Bastiaensz, koopman, aan Jan Cornelisz Wittebol een partij veenland, dobben en plassen in Hazerswoude en in Hogeveen met een schuur, strekkende uit ten noorden van Gijsbert Cornelisz land zuidwaarts over de Hazerwoudse landscheiding tot aan de landen van Hendrick Reijersz en Floris Reijersz, broers, belend ten oosten in Hazerswoude de verkoper en in Hogeveen Hendrick en Floris Reijersz en ten westen in Hazerswoude Cornelis Elbertsz Jonck en in Hogeveen Hendrick en Floris Reijersz. Voldaan met een schuldbrief bij assignatie ten behoeve van Pieter Kievit te Gouda, groot 2.200 gulden.
Vervolg a. 21-4-1651. Bovengenoemde schuldbrief met hypotheek op het gekochte. Afgelost 10-3-1664. [382]
Op 8-5-1651 verkoopt Jan Cornelisz Wittebol, wonende aan de Achterweg, aan Cornelis Jacobsz Doenen te Koudekerck 2 morgen 4 hond 66 roeden hooiland in Vrouw Opdamspolder in het Rietveld, belend ten oosten de weduwe van Claes Claesz, ten zuiden Jan Cornelisz, ten westen Pieter Thonisz Bloemendael en ten noorden de Kerckvaart. Voldaan met een schuldbrief.
Vervolg a. 8-5-1651. Bovengenoemde schuldbrief van 1.350 gulden met hypotheek op het gekochte. Afgelost 20-10-1652. [383]
Op 3-5-1654 verkoopt Gerritje Michielsdr, weduwe van Cornelis Jansz Vonck, bode te Hazerswoude voor 1/5 erfgename van haar schoonouders Johannes Gillisz Vonck en Neeltje Cornelisdr, aan Jan Fransz van Leeuwen, notaris te Hazerswoude, 1/5 deel van een schuldbrief door Jan Cornelisz Wittebol wegens koop van een huis en erf gelegen op het Dorp waar de "Hollantsche Tuijn" uithangt gepasseerd en onder Joseph Johannesz mede-erfgenaam van Johannes Gillisz en Neeltje Cornelisdr berustende, groot boven de penningen van de lasten 200 gulden hoofdsom 1.400 gulden voor 80 gulden als voor 2 jaar huur van de voornoemde Van Leeuwen en 160 gulden over andere gerede penningen genoten. [384]
Op 12-10-1654 verkoopt Crijntje Pietersdr, weduwe en testamentaire boedelhoudster van Jan Cornelisz Wittebol, wonende aan de Achterweg met haar hulp Mouring Sijmonsz van Hoochbrugge aan Cornelis Jacobsz Verbaen te Koudekerk 16 hond land in het Rietveld, belend ten oosten de weduwe van Claes Claesz de Jonge en Aert Cornelisz Craen en ten westen en noorden de kinderen van Jan Pietersz Keth. Voldaan met een schuldbrief van 800 gulden.
Vervolg a. 12-10-1654. Bovengenoemde schuldbrief met hypotheek op het gekochte. Afgelost 22-11-1684. [385]
Op 31-5-1655 verkoopt Trijntje Pietersdr, weduwe van Jan Cornelisz Wittebol, wonende aan de Achterweg, aan de broers Cornelis Maertensz Keijser en Dirck Maertensz Keijser de helft van 11 hond land gelegen Binnenweg, belend ten oosten Dirck Maertensz Keijser, Cornelis Stevensz Dobbe en de ambachtsheer van Hazerswoude, ten westen Cornelis Dircksz Keijser, ten zuiden Pieter Claesz Hans met de wederhelft en ten noorden Jan Dircksz Keijser, belast met 608 gulden 13 stuivers ten behoeve van de Heilige Geest van Hazerswoude. Koopsom 47 gulden 6 stuivers 10 penningen boven de belasting. [386]
Op 27-8-1655 verkoopt Pieter Andriesz Keijser aan Trijntje Pietersdr, weduwe en ex testamento boedelhoudster van Jan Cornelisz Wittebol een schuur met schuurstaal gelegen Bovenweg, groot 25 roeden, belend ten oosten en noorden Pieter Claesz Boscoper, ten westen Adriaen Leendertsz Cranenburch en ten zuiden Adriaen Cornelisz, molenaar. Koopsom 292 gulden.
Vervolg a. 28-8-1655. Doorverkoop aan Pieter Claesz Boscoper voor 249 gulden. [387]
Op 7-3-1656 verkoopt Trijntje Pietersdr, weduwe van Jan Cornelisz Wittebol aan Maerten Lammertsz, wonende in het Westeinde, een huis en erf alsmede 8 hond slagturfland of water gelegen in het Westeinde Buitenweg, belend ten oosten Jacob de Haes en de weduwe van Willem Speelman, ten zuiden de Voorweg, ten westen Adriaen Jansz van Achteren en ten noorden de Bentvaart. Voldaan met een schuldbrief van 700 gulden.
Vervolg a. 7-3-1656. Bovengenoemde schuldbrief met hypotheek op het gekochte. Borg is Joris Claesz Oosterling. [388]
Op 2-12-1658 verkoopt Trijntje Pietersdr, weduwe van Jan Cornelisz Wittebol met haar zoon Bastiaen Jansz Wittebol aan Willem Adriaensz van der Tange 50 roeden erf gelegen aan de Achterweg, belend ten oosten en zuiden de verkoopster, ten westen Crijn Commersz en ten noorden de Achterweg. Koopsom 100 gulden. [389]
Op 22-9-1659 verkopen Maerten Cornelisz Wittebol en Jan Cornelisz Wittebol, Mouring Sijmonsz Hoochbrugge, gehuwd met Lijsbeth Cornelisdr Wittebol, elk voor zichzelf en de voornoemde Hoochbrugge vervangende Maertje Cornelisdr Wittebol, Willem Gerritsz Outshoorn, gehuwd met Joosje Cornelisdr Wittebol, Trijntje Pietersdr, weduwe van Jan Cornelisz Wittebol, Joseph Johannesz, timmerman voor zichzelf en vervangende zijn absente broer en zusters, kinderen van Neeltje Cornelisdr Wittebol, allen kinderen, kleinkinderen en erfgenamen van Cornelis Cornelisz Wittebol en Grietje Maertensdr, aan Dirck Jansz Verburch een partij slagturfland of water gelegen Binnenweg, belend ten oosten Cornelis Florisz, ten zuiden Cornelis Jansz Backer, ten westen Willem Cornelisz Hoogeveen, Teunis Jansz van Kempen en Leendert Cornelisz Craen en ten noorden Adriaen Cornelisz Hoochbrugge. Koopsom 80 gulden. [390]
Op 19-5-1662 verkoopt Trijntje Pietersdr, weduwe van Jan Cornelisz Wittebol met haar zwager Adriaen Cornelisz Molenaer, aan Willem Maertensz Snoeckaert een huis en erf met boomgaard gelegen Bovenweg, groot 2 hond, belend ten oosten Adriaen Leendertsz Craen, ten westen de weduwe van Thijs Corsz, ten zuiden de verkoopster en ten noorden de Achterweg. Voldaan met een schuldbrief van 478 gulden.
Vervolg a. 19-5-1662. Bovengenoemde schuldbrief met hypotheek op het gekochte. Afgelost 15-7-1663. [391]
Op 9-2-1663 verkopen Aeltje Cornelisdr, weduwe van Pieter Leendertsz van Tol met haar voogd Adriaen Cornelisz Craen voor de helft en Adriaen Leendertsz van Tol, Cornelis Leendertsz van Tol, Cornelis Jansz Kuijer, gehuwd met Maritje Leendertsdr van Tol, Leendert Leendertsz van Tol, Cornelis Leendertsz van Tol, Joost Jorisz van Dipten, gehuwd met Trijntje Leendertsdr van Tol, Claertje Leendertsdr van Tol en Neeltje Leendertsdr van Tol, nagelaten kinderen van oude Leendert Leendertsz van Tol, elk voor zichzelf en vervangende Leendert Jansz van Tol, zoon van Jan Leendertsz van Tol, allen erfgenamen van voornoemde Pieter Leendertsz van Tol, voor de andere helft, aan Trijntje Pietersdr, weduwe van Jan Cornelisz Wittebol en haar kinderen de helft van 7½ hond geheel land liggende in de Bovenwegse polder ofte Watergang, belend ten oosten Pleun Gerritsz van der Plas, ten zuiden de Achterweg, ten westen Pieter Roijaert en ten noorden de Voorweg, belast met de helft van 600 gulden wegens de voorgaande koop nog te betalen. Koopsom 212 gulden 10 stuivers boven de belasting. [392]
Op 19-11-1663 verkoopt Trijntje Pietersdr, weduwe van Jan Cornelisz Wittebol met haar zoon Bastiaen Jansz Wittebol als voogd, aan Crijn Jansz van Heijningen een huis en erf gelegen Bovenweg, groot 11 hond, belend ten oosten Adriaen Hendricksz Geur en Cornelis Elbertsz, ten westen Gerrit Buijtewech, ten zuiden Adriaen Hendricksz Geur en ten noorden de Achterweg. Voldaan met een schuldbrief van 420 gulden.
Vervolg a. 19-11-1663. Bovengenoemde schuldbrief met hypotheek op het gekochte. Borgen zijn Dirck Commersz van Heijningen en Claes Jansz van Heijningen. [393]
Op 2-6-1664 verkoopt Trijntje Pietersdr, weduwe van Jan Cornelisz Wittebol met haar zwager Adriaen Cornelisz Molenaer, aan de kinderen van Leendert Adriaensz Slick en Aeltje Pietersdr Craen een hoekje slagturfland of water gelegen Bovenweg, groot 2 hond 75 roeden, belend ten oosten Claes Amen, ten zuiden de Hazerwoudse landscheiding en ten westen en noorden Claes Maertensz Snoeckaert. Koopsom 100 gulden. [394]
Op 25-2-1665 verkoopt Trijntje Pietersdr, weduwe van Jan Cornelisz Wittebol, wonende aan de Achterweg met haar zoon Dirck Jansz Wittebol, aan Joseph Johannesz, timmerman, een huis en erf gelegen Buitenweg, belend ten oosten Pieter Claesz Tack, ten zuiden de Voorweg, ten westen Jacob Crijnenz en ten noorden de weduwe van Cornelis Dircksz Loot, waarvan de belasting uit de kooppenningen zal worden afgelost. Voldaan met een schuldbrief van 925 gulden.
Vervolg a. 25-2-1665. Bovengenoemde schuldbrief met hypotheek op het gekochte. [395]
Op 25-11-1666 verkoopt Trijntje Pietersdr, weduwe van Jan Cornelisz Wittebol met haar zoon Bastiaen Jansz Wittebol, aan Hendrick Ariensz Geur 5 morgen 2 hond slagturfland of water gelegen Bovenweg, belend ten oosten de weduwe van Gerrit Buijtewech en Jacob Jacobsz van der Does, ten zuiden de landscheiding, ten westen Dirck Claesz Hijselendoorn, Frans Ariensz Geur, Cornelis Ariensz Roskam en de verkoopster en ten noorden de verkoopster. Voldaan met een schuldbrief van 400 gulden.
Vervolg a. 25-11-1666. Bovengenoemde schuldbrief met hypotheek op het gekochte. [396]
Op 12-3-1669 verkoopt Trijntje Pietersdr, weduwe van Jan Cornelisz Wittebol met haar zoon Dirck Jansz Wittebol, aan Claes Jansz van der Willick een huis en erf gelegen Binnenweg bij het Dorp, belend ten oosten en zuiden Arie Leendertsz Slootweg, ten westen Cornelis Ariensz Craen en ten noorden de Heerweg. Koopsom 514 gulden, waarvan 278 gulden 10 stuivers contant en 235 gulden 10 stuivers met een obligatie. [397]
Op 12-3-1669 verkoopt Trijntje Pietersdr, weduwe van Jan Cornelisz Wittebol met haar zoon Dirck Jansz Wittebol, aan Dirck Claesz Hijselendoorn en Leendert Jansz van Leeuwen een huis, herberg, boomgaard en schuur met een kaatsbaan, genaamd de Hollandsche Tuin, gelegen op het Dorp, belend ten oosten Uldrick Christiaensz, ten westen Pieter Jansz Vonck, ten zuiden de Heerweg en ten noorden een sloot. Voldaan met een schuldbrief van 1.300 gulden.
Vervolg a. 12-3-1669. Bovengenoemde schuldbrief met hypotheek op het gekochte. [398]
Op 30-12-1669 verkopen Dirck Jansz Wittebol, Bastiaen Jansz Wittebol, Arie Cornelisz Molenaer, gehuwd met Ariaentje Jansdr Wittebol, Barent Jansz Ophoven, gehuwd met Annetje Jansdr Wittebol, Huijch Thijsz als man en voogd van Appolonia Jansdr Wittebol, ieder voor zichzelf en tezamen vervangende Cornelis Jansz Wittebol, Trijntje Jansdr Wittebol en Willem Dircksz Decker, gehuwd met Barbara Jansdr Wittebol, nagelaten kinderen van Trijntje Pietersdr, weduwe van Jan Cornelisz Wittebol, aan de erfgenamen van Pieter Bonefaesz van Outshoorn, overleden te Hazerswoude, een schuldbrief d.d. 12-10-1654 ten laste van Cornelis Jacobsz Verbaen, groot 800 gulden pro resto 600 gulden. De koopsom is 719 gulden 5 stuivers, inclusief de achterstallige rente van 4 jaar en 5 maanden. [399]

3508. THIJS CORSE HOUWELING, geb. ca. 1590, beg. Hazerswoude 6-11-1652[501], vermeld in de transportregisters van Hazerswoude (1640-1647), woont te Hazerswoude (1640-1647), tr. vóór ca. 1615[502]

3509. MARIJTGEN JANS VAN GENEUCHTEN, geb. ca. 1600, beg. Hazerswoude na 19-7-1677 (als Maertje Jans, wed. van Tijs Corssen).

Vul aan akten 1611
Hoofdgeld Rijnland 1622 en Hoofdgeld Hazerswoude 1623:
Op den Achterwech te Hazerswoude : Tijs Corssoon ende Maritgen Jansdr met Cornelis, Maritgen, Geertgen, Jan ende Cors heure kinderen, 7 hoofden.
Op 22-6-1676 verkopen Jan Thijsz Houweling en Cors Thijsz Houweling, Arie Dircksz Loot, gehuwd met Maritje Thijsdr Houweling en Leendert Leendertsz van Tol als man en voogd van Geertje Thijsdr Houweling, allen kinderen en erfgenamen van Thijs Corsz Houweling, voor zichzelf en vervangende hun moeder Maritje Jansdr, aan Dirck Egbertsz Langenbenth 7 hond 10 roeden heelland in de Binnenwegse polder, strekkende uit ten zuiden van de Achterwegse wetering af noordwaarts tot de afpaling tussen het verkochte en de partij gekocht door Dirck Jansz Wittebol, belend ten oosten de weduwe van Jan Cornelisz van Rijn en ten westen Arent Jansz Berckel. Voldaan met een schuldbrief van 1.100 gulden.
Vervolg a. 22-6-1676. Bovengenoemde schuldbrief met hypotheek op het gekochte. Borgen zijn Arie Hendricksz Pruijt en Jacob Hendricksz Pruijt. [503]
Op 26-6-1676 verkopen dezelfden aan Dirck Jansz Wittebol 3 hond 65 roeden heelland in de Binnenwegse polder, strekkende uit ten zuiden van de afpaling tussen dit perceel en de partij gekocht door Dirck Egbertsz Langenbenth af noordwaarts tot Jan Joppenz, belend ten oosten de weduwe van Abraham Geleijnsz Roos en ten westen Arent Jansz Berckel. Voldaan met een schuldbrief van 550 gulden boven 3 ducatons als speldegeld.
Vervolg a. 22-6-1676. Bovengenoemde schuldbrief met hypotheek op het gekochte. Borgen zijn Bastiaen Jansz Wittebol en Cornelis Ariensz Molenaer. [504]

3510. GOVERT PIETERS VAN HIJZELENDOORN (ook BROER?), geb. ca. 1590, beg. Hazerswoude 12-11-1656[505] of 13-11-1656[506] , j.g. wonend te Hazerswoude (1621), vermeld in de transportregisters van Hazerswoude, wonend in de Bent (1645-1650), tr. Leiden schepenen 22-5-1621 (als Govert Pietersz)[507] [508]

3511. DIEWERTGEN DIRCXDR, geb. ca. 1600, beg. Hazerswoude 30-4-1667, j.d. wonend te Hazerswoude (1621).

Hoofdgeld Rijnland 1622 en Hoofdgeld Hazerswoude 1623:
Govert Pietersz ende Dieuwer Ariensdr, 2 hoofden.

COMMENTAAR(¥) Zou Dieuwer Ariensdr identiek zijn met Dieuwertgen Dircxdr? De vader van Dieuwertgen Dircxdr heet Dirck Ariens Janse, dus dat is mogelijk.

3520. CORNELIS (SCHANSMAN), alleen bekend uit het patroniem van zijn vermoedelijke zoons.

3522. DIRCK PIETERS VAN DER GOUDE, geb. vóór ca. 1560, ovl. 1607-1649, tr. 2o Ridderkerk 25-11-1607[513] FYCKEN ARYENS, wed. van NN, tr. 1o vóór ca. 1585[514]

3523. NEELTJE CORNELISDR, geb. vóór ca. 1565, ovl. vóór 1607, tr. 1o vóór ca. 1585[515] EGBERT NN, ovl. vóór ca. 1585.

Op 15-11-1649 compareren Cornelis Dirks van der Goude, Willem Cornelisse Schansman als man van Sytgen Dirksdr, Jan Henricxz als man van Pietertje Dircksdr, kinderen en erfgenamen van 's vaders zijde, voor de helft, ende Henrick Egberts voor sijn selven mitsgaders hem sterck maeckende voor Govert Bastiaens ende voor Jacob Willems Moockhoek als man van Jorisje Cornelisdr(¥) ende noch als oom ende bloetvoocht, hier mede present, neffens Jan Aryens Punct, mede oom ende bloetvoocht van de nagelaten weeskinderen van sa. Lenert Aryens Punct en Lyntgen Egbertsdr sa., ende noch transport hebbende (soo hij seyde) van Bastiaen Cornelisse, all tesamen mede kinderen ende erfgenamen van 's moeders syde elc voor een gerecht sesde part, in de wederhelft van de nagelaten boedel van sa. Dirck Pieters van der Goude ende Neeltje Cornelisdr sa. hare vader ende moeder, schoonvader ende schoonmoeder respectieve. Zij verkoopen ende transporteeren aan Cornelis Henricxs als man van Grietje Gornelisdr(¥), eertijds weduwe van Gijsbert Daniels die mede een dochter is van de voors. Neeltje Cornelisdr sa. ende oversulcks mede-erfgenaam in de wederhelft voor een gelijck sesde part, een huysinghe, erve ende boomgaert aan den buytenkant van den droosgewaerd onder dese jurisdictie. [516]

COMMENTAAR(¥) Het is onduidelijk hoe Jorisje Cornelisdr en Grietje Gornelisdr verwant zijn aan Neeltje Cornelisdr. Het lijkt onwaarschijnlijk dat zij haar zusters zijn, doch als zij haar dochters zijn zou Neeltje Cornelisdr met een Cornelis NN getrouwd moeten zijn geweest, hetgeen nergens in de akte blijkt. Of zouden Jorisje en Grietje wel dochters zijn die het patroniem Cornelisse van hun moeder hebben overgenomen?

3536. LEENDERT ARIENS GELDER, ovl. vóór 1667, woont aan de Molendijk onder Ridderkerk, tr.

3537. NEELTIE WILLEMS, ovl. vóór 1667.

Een Leendert Gelder wordt beg. (rekeningen kerkmrs) Geref. Kerk Charlois 15-2-1664.[527]
Op 16-4-1667 compareren de eerzame Pleun Leenderts Gelder, Willem Leenderts Gelder en Arij Leenderts Gelder, allen kinderen en erfgenamen van Leendert Gelder ende Neeltie Willems haar comparanten vader en moeder beiden zaliger in haar leven gewoond hebbende aan de Molendijk onder Ridderkerk. Zij verdelen in vriendschap de boedel. Pleun Leenderts Gelder valt ten deel een boomgaard gelegen boven veertien voeten van de voors. dijk waar aan belent is ten oosten Berber Teunis, en nog de helft van zeven ackeren griend staande op zelve twaalf roeden medegelegen aldaar waarvan de wederhelft is toekomede Pleun Willems. De voorn. Willem Leenderts Gelder is ten dele gevallen een huis en boomgaard waar van de diverse tuijnen bij de voorn. Pleun Leenderts en Willem Leenderts tot laatste is nemende den dijck, mitsgaders 't uitpad ieder voor zijn werf ende griend en boomgaard gelijk daaraan van ouds is geweest, als mede schouw daarop te verwachten en te voldoen. De voorn. Arij Leenderts Gelder is ten dele gevallen een som van 130 car. gld, en is gelijk betaald uit handen van voorn Pleun Gelder, zijn broer, en beloven elkaar over en weer het volle effect ervan te zullen laten genieten. Pleun Leenderts Gelder en Arij Leenderts Gelder, ondertekenen met een handmerk, Willem Leenderts Gelder met een kruisje.[528]

3540. JACOB LAMBRECHTSZ SNOEK, geb. (Gorinchem ?) ca. 1597 (oud 53 jaar in 1650), ovl. 1664-1669,[529] (voor 13-11-1669 te Sleeuwijk ten huize van Corn A. Snoeck [530] ), heemraad, schepen van Sleeuwijk (1650),[531] tr. 2o voor 21-2-1649[532] [533] MAIJKEN HERMENSDR VERSCHOOR, ovl. 1649-1660, dr. van Herman Melissen Verschoor en Pietertje Joppen,[534] tr. 3o (huw. voorw. Gorinchem 12-4-1660) [535] ,[536] MAYKE JOOSTENDR SNOEK, geb. Emmikhoven, tr. 1o voor 1630[537] [538] [539]

3541. LEITGHEN NN.

3542. MELIS ADRIAENSEN VERSCHOOR, geb. (Sleeuwijk?) ca. 1600, ovl. 1636-1639, tr.[540]

3543. MAIJKEN JANS, geb. (Sleeuwijk?).

3550. GERRIT (VAN WASSENBERGH).

3580. JAN (DE LANGE)(¥).

COMMENTAAR(¥) Hij is mogelijk identiek met
- Jan Abrahamsz x Leentje Corssen die 1649 een zn. Arien laten dopen waarbij getuigen zijn Dirk Abrahamsen en Machtelt Cornelis.
- Jan Dircxe de Lange, vermeld te Leimuiden in de Legger op het gemaal in het lager kwartier van Rijnland (ca. 1680) met 3 personen in de klasse arbeiders en onvermogenden. [541]

3616. BREUNIS CRAEYENKAMP, geb. Barneveld ca. 1606, landbouwer aldaar. tr. Barneveld 1628

3617. HENDRIJNA WILLEMSDR., j.d. van Barneveld.

3642. EVERT (NN).

3646. REIJER WILLEMSZ, ged. Scherpenzeel 28-3-1612, tr. Leusden 7-7-1634[544]

3647. HENDRIKJE CORNELIS, geb. Leusden vóór ca. 1615.

Op 31-12-1692 verkopen Dirck Henrickse Bonecamp en zijn vrouw Claertje Reijers, Beernt Lasserij en zijn vrouw Mechteld Reijers, Ceel Jansen en Jannitgen Reijers, insgelijks echtelieden, alle wonende binnen deze stad, mitsgaders Jannitgen Willems, weduwe van Willem Reijersse te Amsterdam, aan Claes Claessen Mierus, voerman, zijn vrouw en hun erfgenamen, een camp land, daar van een morgen aan Cornelis van Liender verkocht is, genaamd de Geercamp soo groot en klein dezelfde gelegen is tegenover de behuizing genaamd het "Swarte Berghje", belend aan de oostzijde de Lieve Vrouwe Capelle, aan de zuidzijde het voorzeide morgen land, aan de westzijde het bos van Hooft, aan de noordzijde de heuvel van Vlooswijck's erfgenamen. [545]

7296. AERT OLOFSEN, huurt een huis achter aan de Coornmerct (voor 1644), tr. vóór 1644

7297. ANNA CLAES.

Op 13-5-1644 verkopen Thijman Reijersen Calveen en Petertgen Henricx echtelieden., aan Peter Petersz Both, wieldraaier en Maijken Lasson zijn huisvrouw en hun erven, 'n huis achter aan de Coornmerct, bestaande in voorhuis, keuken en kamer, laatst door Aert Oloffssen in huur gebruikt, strekkende voor van de straat waar 'n huis staat tot' de Krommestraat daarachter. belend aan de ene zijde: Gijsbert Gijsbertsz van Lilaer, tinnegieter, aan de andere zijde: Jan Abrahamsz Cool. Op last van 1 gld en 10 st. t.b.v. St Joriskerk en 2 gld, en 18 st, jaarlijks aan zekere Vicarije. Nog ƒ 500,-- hoofdsom, t.b.v. Maritgen Gijsberts, weduwe van Aert Verhell. Overeenkomst over bewoning en betimmering van de woning. [550]
Op 9-6-1646 verkopen Peel Henricsz Koest (Roest?) voor hem en zijn erfgenamen., aan Aert Oloffsz en Anna Claes zijn huisvrouw en hun erven., een huis en hofstede in de Crommestraet, belend aan de ene zijde: een gemene steeg, aan de andere zijde: de kinderen van Herman Woutersz Buijs. [551]

3648. OLOF (OLEPHIER)AERTSZ (COCK?/VAN CEULEN?), ovl. 1660-1675. Aaltje Reijers, wed. van Oloff Aardsen in de Krommestraat te Amersfoort, betaalt ƒ 12,10,-- Familiegeld (1675).[552]

Op 7-2-1667 testeren: Oloff Aertsz van Ceulen (tekent: O. Aertsz, schoolmeester, borgers en inwoonders van Amersfoort) Echtgenoot Aeltgen Reijers van Rootselaer (tekent: Aeltgen Reijers) Akten Testament: 7-2-1667 (ouden stijl) Notaris R. van Ingen AT008 a002 folio 136 V. Open brieven van Octroij (Hove van Utrecht) d.d. 12-10-1666. Over en weer bemaken zij elkaar de levenslange lijftocht van al hun na te laten goederen, inclusief juwelen, met een volkomen bewind en administratie. Zij secluderen de Weeskamer. Aeltgen Reijers van Rootselaer legateert uit haar na te laten goederen aan haar broeder Brandt Reyersz. van Rootselaer of bij vooroverlijden, diens dochter Barbara Brandtsdr 100 Caroli gulden. Onverminderd de lijftocht bemaken de testateuren al hun na te laten goederen, inclusief de lijfsklederen van Oloff Aertsz. (maar niet die van zijn vrouw en haar kleinodien en juwelen van goud en zilver) aan de nagelaten onmundige zoontjes van haar broeder Christiaen Reijersz. van Rootselaer zaliger (in zijn leven boeckvercoper) en Mechtelt Aerts van Ceulen, diens nagelaten weduwe (zijn zuster), in gelijke portien: - Arnoldus Christiaensz. van Rootselaer; - Reijnier Christiaensz. van Rootselaer. - Wilhelmus Christiaensz. van Rootselaer. Bij hun overlijden te vererven op elkaar wanneer zij geen nalatende geboorte hebben. Mocht Oloff Aertsz. van Ceulen overlijden voor zijn moeder Anna Claes, weduwe van zijn vader Aert Oloffs. van Ceulen, dan zal bij expiratie van de lijftocht van zijn vrouw aan deze goederen, de levenslange lijftocht daarvan toekomen aan zijn moeder. Verder is het een voorwaarde dat mocht een van hun neefjes trouwen met een dochter van Aernt Jacobsz. Buijs (bombasijdeverwer, tegenwoordig wonend in de Slijckstraet), deze neef dadelijk onterfd zal worden en zal diens portie vervallen op zijn broeders of hun resp. geboorte, die niet getrouwd zijn met een dochter van voornoemde Aernt Jacobss. Buijs. Zij stellen tot mombers en administrateurs over hun neefjes: - Johan van Groeningen (apotecair); - en Peter Fredericks. Noroth (glaseschrijver, borgers en inwoonders van Amersfoort). Onder het geven van een jaarlijkse afrekening voor de Weesmeesteren of de Weeskamer, met behoorlijk salaris, zonder bewind of opzicht op de kinderen of hun goederen. Akte ten huyse van de comparanten, staande in de Crommestraat. Getuigen: Steven Alberts. Thonis Aelten Versteech tekent: Antony Aelten, backer) en Elbert Jans. (tekent: Elbert Jans van Hoevelaeck, backer), allen borgers en inwoonders van Amersfoort. [553]
Op 7-2-1667 testeren: Aeltgen Reijers van Rootselaer (tekent: Aeltgen Reijers, borgerse en inwoonster van Amersfoort) huysvr. van: Oloff Aerts van Ceulen, schoolmeester te Amersfoort. Zij legateert aan Dirckgen Jacobs, mundige nagelaten dochter van Jacob Dircxs Neus zaliger en Marritgen Jansdr, diens nagelaten weduwe (wonende bij de Camppoort binnen Amersfoort), al haar klederen en haar kleinodien en juwelen van goud en zilver tot haar lijve behorende. Behoudens dat haar man, indien hij dat begeert, daaraan zijn lijftocht heeft, volgens hun gezamenlijk testament op heden voor mij notario. Zij legateert nog aan dezelfde Dirckgen Jacobsdr een bed met hoofdpeluw, zijnde het beste naast het beste. In dit legaat consenteert haar man, die mede compareert. Akte ten huyse van de comparanten, staande in de Crommestraet. Getuigen: Steven Albertsz Versteech (tekent: Steven Versteech), Thonis Aelten (tekent: Antonij Aelten, backer) en Elbert Jansse (tekent: Elbert Jans van Hoevelaack, backer), allen borgers en inwoonders van Amersfoort. In margine is genoteerd dat dit codicil d.d. 22-4-1674 herroepen is door een ander codicil voor Notaris Reijnier van Ingen. [554]


COMMENTAAR(¥) Aert Oloffzn not. get. (1616..1640), boeckbijnder (1632, 1637) Aert Olofszn. van Ceulen (1644-1646), olof aertszn not. get 1647 1648 Mr. Oloff Aertsz. van Ceulen (tekent: O. Aertz.. Duijts schoolmeester) not.get. (1667), Henrick Oleviers Cock not. get. 1688


COMMENTAAR(¥) Aert Oloffsz (boekvercoper) en zijn huysvrouw (of hun kinderen) 25 gulden en zes van de "hembden" van de comparante. Semmendochter, Arisgen Wouter legateert [555] Willemtgen Jorriaensdr. (weduwe, boedelharster en lijftochterse, borgerse en inwoonster van Amersfoort) Echtgenoot (wed. van:) Jan Marsile Tahier (bombasijdewercker op de Breedestraet binnen Amersfoort) Zij legateert aan: - Oloff Aertsz. van Culen (schoolmeester) en zijn vrouw Aeltgen Reijers van Rootselaer samen de beste eiken kast, die staat in het voorhuys en 250 Carolus gulden. Testament: 25-02-1667 (oude stijl) Notaris R. van Ingen AT008 a002 folio 150 V


COMMENTAAR(¥) Is Aert Oloffsz, beg. Amersfoort St. Joriskh. 15-10-1646, mogelijk zijn vader, en
Aert Olofsz, ovl Amersfoort (reg. beg. Pietersgasthuis) 8-3-1586, mogelijk zijn overgrootvader?
Op 1-4-1653 verklaren Frans Lamphertsz, burger, glazenmaker en Teuntje Gerrits, zijn vrouw, schuldig te zijn aan Olephier Aertsz van Ceulen een hoofdsom van 300 gulden, met een losrente van 18 gulden per jaar. Zij stellen als onderpand een huis bestaande uit twee woningen aan de Hof, belend aan de ene zijde de weduwe van Claes van Geijn, aan de andere zijde Gosen Reijersz. In de marge: Oloff Aertzen verklaart van Frans Lampfen van Schaacke, glazenmaker, de schuldsom ontvangen te hebben, waarvan akte d.d. 24-7-1660. [556]

3658. NN (WULPHERT?) (VAN DIJCK), tr.

3659. WOUTERTJEN CORNELIS, ovl. na 1666.

3662. HENRICK BOSSEN (BOSCH)(¥), ovl. na 1660 burger van Amersfoort, tr. vóór ca. 1655

3663. MECHTELTGEN HENRICX, geb. vóór ca. 1635, ovl. na 1660, burger van Amersfoort.

COMMENTAAR(¥) In 1653 en 1657 is sprake van de onmondige kinderen van Henrick Bosch zaliger. Een andere Henrick dus?

Op 29-3-1660 verkopen Henrick Bossch en zijn vrouw Mechteltgen Henricx, borgers, Willem Henricksen, de broeder van Mechtelgen Henricx, en de kinderen van Gerritgen Henricx, allen erfgenamen van Henrick Meijnsen en zijn vrouw Evertgen Brants, aan Maes Cornelisen als enige erfgenamen van Cornelis Maesen en zijn vrouw Claesgen Martens, een huis, hof en hofstede, gelegen op Bloemendal met het hofken daarachter met planken afgevreet (omheind) belend aan de ene zijde: Henrick Meijnsen, maar nu Gerritgen Cornelis, cremster, aan de andere zijde: de weduwe van Rijck Heijmansen. [562]

3664. JACOB (BOTTER)(¥), alleen bekend uit het patroniem van zijn zoon.

COMMENTAAR(¥) Vooralsnog lijkt onderstaande Jan Jacobs Botter niet de zoon van jonkheer Jacob Botter (de Oude), krijgt octrooi om te testeren 15-8-1646 voor Nots. C. van Ingen,[565] wordt burger van Amersfoort op 17-6-1650, x Margareta Verhorst, betaalt als wed. van Jacob Botter, in de Muurhuizen te Amersfoort, ƒ 25,--,-- Familiegeld (1675).[566] Hun enige universele erfgenaam wordt genoemd Jacob Botter (de Jonge). [567]

3668. JOHANNES FEDDER, geb. vóór ca. 1605, ovl. na 1654, genoemd in het testament van zijn zoon Philips (1654).

3680. JACOB EVERTSEN, geb. vóór ca. 1615, ovl. na 1659, is hij Jacob Evertsse, geref. lidmaat te Amersfoort op belijdenis 24-12-1641, wonend in de wijk Camp, backer,[568] huw. get (1659), betaalt nihil familiegeld wonend in de Groten Haag (1675),[569] tr. NN. Er zijn twee huwelijken geref. Amersfoort die in de betreffende periode in aanmerking komen : Jacob Evertsz, van Amersfoort, wonend te Deventer x 27-6-1621 Jannitgen Mets, van en wonend te Deventer, en Jacob Evertsen, j.m van Barneveld x 4/21-9-1624 Anna Jans, j.d. van Amersfoort.

3684. JAN PAUWELSEN, geb. vóór ca. 1620, beg. Amersfoort St. Joriskh. 5-5-1674, huw. get (1662). In 1668 komen in een akte te Amersfoort voor Jan Pauwelsen en zijn vrouw Sijtgen Peters, wonenden binnen deze stad.[570]

Er worden in deze tijd drie personen van deze naam geref. lidmaat te Amersfoort :
Jan Pauwelsz, 30-6-1627, op de Weverssingel, met attestatie van Ijsselstein, cammer, obiit (1630?),
Jan Pauelssen, 27-6-1640, met attestatie van Rhenen, verwijst naar Stijntje Jans, 31-3-1632, op belijdenis, op de Nieuwemarckt, wed. van Jan Pauwelss (later bijgeschreven).
Jan Pauwels, 2-10-1664, op de Kortegraft, en zijn h.v. Helena Charles.
Voorts is er de inschrijving van
Jan Pouwelsz, afkomstig van en geboren in ter Gouw, burger van Amersfoort op 22-8-1625.

3688. GOOSSEN JANSEN VAN BEMMEL, geb. Wijk bij Duurstede 4-8-1604, ovl. Amersfoort 18-4-1660, j.m. van Wijck bij Duerstadt (1627), als Goossen Jansz, afkomstig van Bemmel burger van Amersfoort op 29-1-1627, als Gosen Jansen van Bemmel, koeckebacker, geref. lidmaat op belijdenis te Amersfoort 19-7-1628, huw. get. (1654, 1658), weesmeester en raad te Amersfoort,[577] otr./tr. Amersfoort geref. 20-1/4-2-1627 volgens Ref. [578] 2-3-1627, tr. Wijk bij Duurstede geref. 24-1-1627 (met attestatie naar Amersfoort)

3689. ANNITGEN GERRITS (VAN GOOR), geb. Amersfoort, ged? 25-12-1608, ovl. na 1654, als Annetgen Gerrits, h.v. van Gosen van Bemmel, geref. lidmaat op belijdenis te Amersfoort dec. 1630, huw. get. (1653, 1654).

3690. HENDRICK NN, alleen bekend uit het patroniem van zijn dochters.

3692. JACOB PEELEN BEEKMAN, geb. vóór ca. 1615, ovl. 1673-1675, j.m. van Amersfoort (1638), wordt als Jacob Peelen, wonend in de Slijckstraet, geref. lidmaat te Amersfoort op belijdenis 5-7-1645, huw. get. (1658), belender in de Slijckstraat (1660, 1664), buiten de Slijckpoort (1666), smid (1641..1673), treedt op als getuige in akte (1673), otr. Amersfoort geref. 13-1-1638 (hij als Jacob Peelen, geast. met zijn oom Jan Peelen, zij als Fuijsie Jans, geast. met haar moeder Grietgen Willems, met attestatie naar Woudenberg)

3693. FUIJSJE (FEUSJE, VOUSGE, VEUSGEN) JANS (SUIJDWIND), ovl. 1679/80, wordt als Feusge Jans, huisvrouw van Jacob Pelen wonend in de Slijcstraet, geref. lidmaat te Amersfoort op belijdenis 6-7-1650. betaalt, als wed. van Jacob Peelen wonend in de Slijkstraat te Amersfoort, ƒ 12,10,00 Familiegeld (1675),[622] is als weduwe van Jacob Peelen Beeckman belendster in de Slijkstraat (1678), in 1694 de erfgenamen van Jacob Peelen, smith.

Op 14-4-1641 verkopen Wouter Thonisz en zijn vrouw Trijntgen Jansdochter van Goor, erfgenamen van Theunis Henricxz Smit en 't recht bij erfloting hebbende gekocht van Jacob Rutgersz Buijs, aan Jacob Pelen Smit en zijn vrouw Haesgen Jans (sic!), 1) een huis met een uitgang, strekkende achter op 't buurgen (?) aan de wal in de Arnhemsestraat (Slijkstraat), belend aan de ene zijde: Looch? Woutersz, brouwer, aan de andere zijde: Jacob Rutgersz Buijs, 2) een hof tegenover 't voorzijde buurtje achter het genoemde huis, gekocht van Jacob Rutgersz Buijs belend aan de ene zijde: Abraham Aertsz met Willem Hermansz, aan de andere zijde: met de hof van voornoemde Abraham Davidts. Op last van 200 gulden t.b.v. Sint Joosten Broederschap, idem een last toekomende 't convent van Sint Barbara. [623]
Op 19-10-1648 leent Jan Cornelis Timmerman aan Jacob Pelen Smith, zijn vrouw en hun erven, en transporteert 1) 'n huis met vierkante muren in de Slijckstraat, namelijk het voorhuis, de keuken en kamer, belend aan de ene zijde: Jacob Pelen aan de andere zijde westzijde Jan Cornelisz en Jan Dole, 2) de helft van de hof over de gemene steeg naar de Stadswal tot aan de grond van Lambert Gerritsz en Marritgen Morren zijn vrouw, belend aan de andere zijde: een gemene steeg. Beide dienen als onderpand van de lening. Belast met 18 stuivers per jaar aan. St. Agatha Convent. Voldaan, [624]
Op 31-10-1650 transporteren de executeurs van het testament van zaliger Grietgen Jans, in leven weduwe van Thonis Claesz IJserman aan Jacob Pelen, smid, voor de ene helft en Rutger Henricxsz, timmerman, hun vrouwen en erfgenamen, 'n perceel goeds, bestaande in drie woningen, naast elkaar, met schuur en berg, hof en hofstede aan de Singel: tussen de Varkensmarkt en het Weeshuis, van de Singel tot aan de grond of steeg van Wulphert Stevensz en de Koestraat, belend aan de ene zijde: Wulphert Stevens met zijn grond, aan de andere zijde: Henrick Goortsz, voor 390 gulden. Voldaan, [625]
Op 26-2-1652 verkoopt Jonker Anthonis van Wijnbergen voor hemzelf en voor Beatris Barta Ram zijn vrouw (procuratie te Utrecht voor Notaris Nicolaes de Cruijff), en transporteert aan Jacob Pelen Smith en Teusgen Jans zijn vrouw en hun erven, 'n perceel land van 8 morgen in de Woesteijgen belend aan de ene zijde: de weduwe van Jan Gerritsz Hooft, aan de andere zijde: Dr. Theodorus Schuth. [626]
Op 29-6-1652 verkopen Jacob Pelen, smid en Teusgen Jans, zijn vrouw voor een helft en Evertgen Gerrits, weduwe van Rutger Henricxz, timmerman voor de andere helft, en transporteren aan Peter Willemsz Menheer en Adriaentgen Dircx zijn vrouw en hun erven, een huis en bergschuur aan de Koestraat belend aan de ene zijde: de comparanten, aan de andere zijde: Wulpher Stevensz. [627]
Op 9-3-1658 verkopen Jacob Dirckz Keerom, weduwnaar van Rutgen Loogen. Thobias Gerritzen en Lijsberth Jacobs zijn vrouw. Jacob Janzen en Jannitgen Jacobs zijn vrouw, Jacob Dirckz, mede voor zijn onmondige kinderen, Samen kinderen en schoonzoons van Rutgen Loogen, aan Jacob Pelen(¥) en zijn vrouw, een halve vierdel land aan de Hogeweg, waarvan de andere helft aan Peter Reyeren van Haverloo behoort belend aan de ene zijde: Reyer van Butselaer, aan de andere zijde: St. Peters Gasthuis, Belast met 1000 gulden aan verschillende personen en de helft van 3 gulden aan zekere Vicarie. Jaarlijks. Voldaan [628]

COMMENTAAR(¥) Is dit onze Jacob?
Op 18-4-1661 verkopen Lambert Evertsz en zijn vrouw Marritgen Tobias aan Jacob Peelen, smith, een hof met de bepoting en beplanting, gelegen in de Buijrsteech, strekkende voor van deselve steech af tot aan de huijsinge van Evert Helmichsz en Franck Jansz belend aan de ene zijde Theunis Jansz, smith, aan de andere zijde den acceptant. [629]
Op 18-4-1661 verkopen Lambert Evertsz, cramer, en zijn vrouw Marritgen Tobias, alsmede Jacob Peelen en zijn vrouw Feusie Jans, borgers aan Teunis Jansz, grofsmid, een schuerberch met de grond en twee hoven, nu geapproprieert tot enen hoff, gelegen in een steeg, ingaande aan de Slijckstraet en uitkomende in den Koeijsteech belend aan de ene zijde Theunis Jansz, smith, aan de andere zijde Jacob Peelen. [630]
Op 13-6-1662 verkoopt Henrick Rutgerz, deurwaarder als gemachtigde van Rijckgen Barents voor haarzelf als weduwe ende boedelharster van zal. Peter Gisbertz van Apeldoorn, smith, aan Jacob Pelen, smith, een huis, hof ende hofstede, staande in de Utrechtschestraet belend aan de ene zijde: Jan Aertz, sadelmaker, aan de andere zijde: Jan Ernst, timmerman. 250 gld. Proc. voor notaris Marten van Kempen op 12-6-1662. [631]
Op 25-2-1665 leent de gemachtigde van Margareta Peters, weduwe en boedeharster van Jan Peelen van Jacob Peelen, smit, 610 gulden met als onderpand a. huis, hof en hofstede aan de Kampstraat, b elend 1. Claes Henrickzen van Gemen, schepen, 2. Wouter Jacobsz, smit, b. huis, schuur, schuurberf, hof en hofstede achter de kamp, strekkende tot aan het erf van Henrick Cornelisz de Prins toe, belend 1. de weduwe van Wulphert Evertrsz, 2. Dirck van Roomen. Opm: 610 gulden, het geld zowel door Jacob Peele verstrekt en voorgeschoten voor de comparante en haar man zaliger voor het geld verstrekt aan Melis Henriks in de Gort voor de verpander van Rhijn alsmede aan Jacob Peelen zeker te stellen van de borgtocht die hij voor comparante en haar man zaliger t.b.v. Jannitgen Henricx, jongedochter heeft gegeven, verder ter zake van andere geleende penningen door Jacob Peelen aan Margaretha Peters of haar man zaliger voorgeschoten. In margine: "Compareerde Seger Wouters ten Bosch, gehuwd met Jannitje Peelen die verklaart van Wouter Rijksz van de Berg als koper van het in deze akte gemelde huis ontvangen te hebben het restant van deze plecht van 250 gulden. Hij stemt daarom toe in de cassatie 3-4-1719. [632]
Op 25-5-1669 verkopen Mor en Dirck Lambertsen, gebroeders en geassisteerd door Teunis Morren en Evert Evertz hun oom, aan Jacob Pelen Beeckman en zijn vrouw Feusje Jans, huis en erf gelegen in de Arnhemsestraat (Slijkstraat) in de Buersteegh belend aan de ene zijde: Jacob Pelen Beeckman, aan de andere zijde: Jacob Pelen Beeckman,. [633]
Op 13-5-1670 verkopen Jacob Pelen Beeckman en zijn vrouw Loeisie (!) Jans aan Vincentio van Deuren, bedienaer des Goddelicken Woordt binnen deze stadt, acht morgen land in de Woesteijgen, belend noordzijde Samuel Thiens, zuidzijde de koper, oostzijde Diderick Schut, medecine doctor, westzijde de kinderen van Jan Gerritsen Hooft. [634]
Op 4-11-1673 (ouden stijl) machtigen Jacob Peelen Beeckman, smith, en zijn echtgenote Feusgen Jans, borgers van Amersfoort, hun zoon Peel Jacobs Beeckman om uit hun naam voor het gerecht van Amsterdam of voor de "Commissarisen van d'hijlicx saken" de geboden en huwelijks proclamatien op te houden van Echbert Verbrugh en hun dochter Grietgen Jacobs, omdat zij niet in het huwelijk van hun dochter willen consenteren voor ende aleer behoorlijke huwelijksvoorwaarden ten overstaan van de comparanten zijn opgericht. Getuigen: Steven Versteech en Dirck Breecker (borgers deser stad). [635]
Daaronder: Machtiging van dezelfde comparanten aan hun zoon Peel Jacobs Beeckman, om uit hun naam te eisen en ontvangen door middelen van vrintschap. (N.B. in de kantlijn staat: "Den 13e november 1673 sijn de Fransen vertrocken".) [636]
Op 12-12-1679 testeert Veusgen Jans, sieck te bedde liggende, wed. van Jacob Peelen Beeckman, smith te Amersfoort. Zij prelegateert aan haar jongste zoon, Jan Peelen Beeckman, een bed met toebehoren plus 100 car. gulden plus uit de gemeene boedel een mantel, een pack clederen. Getuige, o.a. Wouter Henricks, bakker. [637]
Op 30-3-1680 verdelen Peel Jacobs Beeckman, tevens als mede-momber van Anthon Jacobs van Ghenen, soon van wijlen Jannitgen Jacobs Beeckman. Jan Jacobs Beeckman, minderjarig, geassisteerd door Peel Jacobs Beeckmen. Egbert ter Brugh, als man en voogd van Grietge Jacobs Beeckman. Ghijsbert Rijks Schouten, als man en voogd van Fijtge Jacobs Beeckman, de erfenis. Zij zijn tesamen kinderen en erfgenamen van Jacob Peelen Beeckman en Vousge Jans. Er is wat onenigheid over de verdeling en thans komen ze tot een accoord dat: - Peel Jacobs Beeckman zal ontvangen 130 gulden plus de zilveren beecker; - de dochters hoeven niets inbrengen van het zilverwerk dat ze reeds hebben ontvangen. - Jan Jacobs Beeckman zal voor 't costgeld, het gelacht (= gelag) van deze avond betalen. Akte ten huyze van Frans Veen (of Veer). Getuigen: Frans Veen (of Veer), Aert en Anthoni Jacobs Buys. [638]
Op 4-8-1676 machtigen Peel Jacobs Beeckman, als mede-erfgenaam van Jan Peelen Gootschalck en als gemachtigde namens de vordere erfgenamen, Thiman Wulpherts (tekent met Thijmen) als 't rechthebbende van de kinderen van Zeger ....(niet ingevuld), mede-erfgenamen van Grietgen Peters, in leven huijsvrouw van Jan Peelen, en als gemachtigde van de vordere erfgenamen, Anthoni van Beeftingh, Procureur voor het Gerecht van Amersfoort. Getuigen: Gerrit Wouters en Anthoni van der Houve. [639]
Op 13-2-1738 scheiden Peel Jacobsz Beekman, Grietjen Beekman en Jan Jacobs Beekman de boedel van Jacob Peelen Beekman en zijn echtgenote Fuijsje Suijdwind, "jaren geleden" overleden te Amersfoort. Het betreft een huis, hof en hofstede in de Slijkstraat. [640]

3694. DIRCK WILLEMS VAN OUDEWATER, geb. vóór ca. 1625, ovl. 1669-1675, van en wonend te Amersfoort (1650), busmeester van de St. Lucas Broederschap te Amersfoort (1662), tr. Amersfoort/Nijkerk geref. 15-6/4-7-1650

3695. DELIJAENTGE BARENTS, geb. vóór ca. 1640, ovl. na 1675, van en wonend te Amersfoort (1650), betaalt, als wed. van Dirk van Oudewater wonend in de Utrechtsestraat te Amersfoort, ƒ 6,5,00 Familiegeld (1675).

Op 23-10-1658 lenen Neeltgen Elis, laatst weduwe van Beernt Joachimzen en Dirck van Oudewater, haar schoonzoon, man van Deliana Beernts haar enige nagelaten dochter, van Gijsbertgen Nagels, weduwe van Cornelis Cornelizen en haar erven een hoofdsom van 100 gulden, met een Losrente van 6 Carolus gulden per jaar, met met als onderpand huis, hof en hofstede aan de Korte Gracht, belend aan de ene zijde Gerard van Bornbergen, brouwer, aan de andere zijde Aert Rijcksen van Rhijns, weduwer. In margine: Peter Camp en Frans Boelhouwer namens zijn vrouw, mede-erfgenamen van Jan Camp den Oudsten, verklaren bij legaat van Gisbertgen Nagels het recht op voorstaande plechte bekomen te hebben, mede handelend voor voornoemde Jan Kamp. Verklaren de schuldsom van Lourens Charles ontvangen te hebben. Akte 23-3-1669. [656]
Op 23-7-1663 verkopen Dirck van Oudewater en zijn vrouw Johanna (sic!) Beernts voor de ene helft en Driel v. O. als gemachtigde van Neelgen van Arnhem, weduwe van Beernt Joachims voor de andere helft, aan Sr. Lourens Clarles, koopman tot Amsterdam, een huis, hof en hofstede aan de Kortegracht. Opm. Op dit huis is een last gevestigd van 400 gulden t.b.v. Gisbertgen Nagels en 200 gulden t.b.v. Sr. Johan Block tot Amsterdam, idem 112 gulden twee stuivers toekomende de regeerders dezer stad ter zake van 't maken van de wef en een jaarlijkse uitgang van 1 gulden 10 stuivers op zekere vicarie gefundeerd op het St. Stevens ende Laurens altaar in de Joriskerk. [657]

3704. JAN AERTSZ VAN COUWENHOVEN(¥), ovl. na 1690, vermeld 1660 (zie EK 25, p 522, als verwant van Peternelle Claes, j.d. wonend te Amersfoort), tr. vóór ca. 1655 (niet gevonden op achternaam en patroniem)

3705. ANNETJE (ADE) JANS, ovl. na 1687, huw. get. (1687).

COMMENTAAR(¥) Jan Aertsz, zadelmaker, is borg (1652),[658]
Jan Aertsz, sadelmaeker, wiens huis in de Utrechtsestraat executoriaal wordt verkocht, (1676),[659]

3706. WILLEM THEUNISZ, ovl. vóór 1687, tr. vóór ca. 1665;(¥)

3707. CUIJNDERTJE MEIJNSZ, ovl. na 1687, doopget. (1687).

COMMENTAAR(¥) zie EK 25/522

3708. EVERT PIETERSZ (VER)KERCKHOFF, ovl. 1689-1697, tr. vóór ca. 1650 (huwelijk niet gevonden)

3709. TRIJNTJE LUCAS, ovl. na 1699.

COMMENTAAR(¥) In de onderstaande akten komt een aantal personen met de naam Kerkhoven voor. Het is onduidelijk of het hier de kinderen van Evert Pieters (Ver)kerckhoff betreft.

Op 6-1-1732 vindt te Amersfoort de boedelscheiding plaats van Anna Maria Kerkhoven, overleden, echtgenote van Willem Ducaat (Dukaet), bombazijdewerker. Het betreft vaste goederen en koopmanschappen. Erfgenamen zijn (voor ¼ deel:) haar broer Peter Kerkhoven, (voor ¼ deel:) Catharina Kerkhoven, gehuwd met Aert van Eldert, (voor ¼ deel:) de kinderen van haar overleden broer Hendrik Kerkhoven, met name: Evert Kerkhoven, Jacomina Kerkhoven, gehuwd met Gerrit Koopman, Lucretia Kerkhoven, gehuwd met Jan Lambertsen van Daal, (voor ¼ deel:) de kinderen van haar overleden broer Johannes Kerkhoven, met name: Johannes Kerkhoven, meerderjarig, te Leusden. Evertje Kerkhoven, gehuwd met Wouter Queij in Amersfoort, en verdere kinderen. [661]

3710. PAULUS (VAN RODERSTEIJN), alleen bekend uit het patroniem van zijn dochters.

3770. ANDRIES VAN DER VEEN, ovl. vóór 1678, tr. vóór ca. 1635

3771. JUDITH FREDERICX, ovl. na 1678, woont te Amersfoort (1678).

3786. DIRK JASPERSEN (BURCHART), j.m. van Amersfoort, als Dirck Jasperss geref. lidmaat te Amersfoort 27-9-1634 [664] als echtgenoot Grietgen Carels, otr./tr. Amersfoort geref. 18-5/6-6-1633 (get. Henric Jaspersen namens zijn moeder, en Neeltje Choudron namens haar ouders)

3787. GRIETGEN CARELS (CHOUDRONS), ged. Amersfoort 1-4-1596, j.d. van Amersfoort (1633), als Grietjen Charles Choudrons geref. lidmaat te Amersfoort op belijdenis 25-4-1625 wonend in de Krommestraat (in margine "doot").


Amersfoort, ca. 1650.
Kaart uit "Toneel der Steden", door Joan Blaeu. Eerste uitgave : Amsterdam, 1652. Scan http://grid.let.rug.nl/~welling/maps/blaeu.html

klik op plaatje(s) om te vergroten

3792. CORNELIS VAN LIJN, ovl. vóór 1687, alleen genoemd als erflater in onderstaande akte, tr. vóór ca. 1590

3793. NN.

Op 24-7-1687 compareren:
  • Trijntge Pauwels, weduwe van Aert van Lijn, voor haarzelf en haar 2 kinderen,
  • Jan Anthonis van Lijn,
  • Reynier van Lijn.
    Zij compareren tevens voor:
  • Joost Henricks Schol en
  • Anna Henricks Schol, gehuwd met Edmond Obreijn, (kinderen van Lijsbeth van Lijn).
    Verder compareren:
  • Johannes van Kempen, (zoon van Aeltje Jans van Lijn),
  • Peter Gou, (voor hemzelf en voor zijn zieke zuster Atris Gou, kinderen van Jan Gou, en Petertje Jans van Lijn),
  • Samuel Lievens, (voor hemzelf en voor zijn uitlandige broer Johannes Lievens, en zijn zuster Grietge Lievens, kinderen van wijlen Lieven Samuels),
  • Metgen Coopse, weduwe van Cornelis Samuels, (voor haarzelf en als momber voor haar 2 onmondige zoontjes),
  • Samuel Cornelis,
  • Gerrit Henricks, als man en voogd van Geertruyd Cornelis, (voorkinderen van Cornelis Samuels),
  • Rijck Dirckszn, weduwnaar van Jannetje Thonis, (als vader en voogd van 3 onmondige kinderen: Dirck, Teuntje en Neeltje Rijcks),
  • Evert Cornelis, als man en voogd van Marry Rijcks, (dochter van Jannetje Thonis en Rijck Dircks),
  • Levy Craen (voor de kinderen van Aert Samuels).
De comparanten machtigen Reynier van Lijn, Jan Gou (of Goud) en Levy Craen om te compareren voor de heren Diakonie van Amsterdam in verband met de erfenis van Neeltje Gerrits, overleden te Amsterdam, om gezamenlijk 1/5 part te ontvangen van de erfenis. De bovengenoemde nrs. 1 - 5 zijn kinderen en nakomelingen van Thonis Cornelis en Merritgen Ghijsberts van Rijn is weduwe en boedelhoudster van Jan Jans van Lijn. Voor haarzelf en voor haar man's voorzoon en als moeder en momberse van de onmondige kinderen van haar en Jan Jans van Lijn. Lieven Samuel, Cornelis Samuels en Aert Samuels zijn voorkinderen van Neeltje Cornelis. Zij allen zijn de erfgenamen van: Jan Cornelis van Lijn, Anthony (Thonis) Cornelis van Lijn en Neeltje Cornelis van Lijn (kinderen van wijlen Cornelis van Lijn). Zij erfden ieder 1/3 deel van 1/5 deel van Neeltje Gerrits. (zie ook recordnrs.: 9953, 9954 en 9955.) [665]

3796. JACOB CLAESSEN (VAN) GROENENBERCH, coster, genoemd als geref. lidmaat te Amersfoort in de lijst van 1621, otr./tr. 2o Amersfoort geref. 19-11/8-12-1631 (als wednr. van Aeltgen Dirckx) ANNITGEN HENRICKX BLONDE, geb. vóór ca. 1590, van en wonende te Amersfoort (1608, 1631), wed. van Thomas Daffij, engelsman, soldaat onder kolonel Veer (huw. 1627), eerder wed. van Helmich Petersen (huw. 1608), die in de geref. lidmatenlijst van 1621 voorkomt als Helmich, de kleermaker, en zijn h.v. Anneke, binnenmoeder van het weeshuijs, waarbij later bijgeschreven is "nu h.v. van Jacob Claessen", tr. 1o Amersfoort geref. 1591 (als Jacop Claessen)

3797. AELTGEN DIRICK POUELSDR, ovl. vóór 1620-1631, wordt als Aeltge Dircks geref. lidmaat te Amersfoort op belijdenis 8-7-1620 in de Cromstraat (is zij dat wel?).

3798. WOUTER (VAN BURGHSTEIJN), alleen bekend uit het patroniem van zijn kind(eren).