|
This page was last updated : 111012.
|
File size is: 604 k.
|
Kwartierstaat Lapikás Generatie 10 |
NB Het symbool voor een kwartiernummer leidt naar de vader en/of moeder
|
Refer to these data as:
L. Lapikás, Kwartierstaat Lapikás, version 9.8, Muiden, 2010.
|
|
© Copyright 2011
: L. Lapikás, Muiden, The Netherlands.
No part of this publication may be reproduced, stored in a retrieval system,
or transmitted, in any form or by any means, electronic, mechanical,
photocopying, recording or otherwise without the prior written
permission of the publisher. An exemption is made
for genealogical publications provided that adequate reference is
being made.
|
672. EGIDIUS VASTRE, geb. vóór ca. 1665, tr. Tienen 12-2-1688[1]
673. CATHARINA DEBOES, geb. vóór ca. 1670.
Uit dit huwelijk (o.a.?):
a) Matthias Festré, oor ca. 1705, ovl. vóór 1813, (=kw. nr. 336).
filiatie niet bewezen.
-
b. Simon Festré, geb. vóór ca. 1705, filiatie niet bewezen,
tr. vóór 1730
Marie Hendricx, geb. vóór ca. 1710.
-
1. Marie Catherine Festré, geb. Oplinter (Hooglinter) (B) 16-11-1730, ovl. vóór 1806, huisvrouw,
tr. vóór 1772
Henri De Boes, geb. Hautlinter, cultivateur, woont te Hautlinter (1806).
Uit dit huwelijk (o.a.?):
-
aa. Guillaume De Boes, geb. Hautlinter 25-11-1772, dagloner, woont te Tienen (1806),
tr. Tienen 19-2-1806
Anne Marie Cloots, geb. Grimde 11-4-1775, woont te Grimde (1806),
dr. van Mathieu Cloots, dagloner, en Anne Marguerite Coenen.
-
2. Anne Gertrude Festré, geb. Oplinter 30-9-1732, ovl. Oplinter 17-2-1785, tr. Oplinter (Brabant (B)) 30-11-1758
Egidius Vanderlinden, geb. Oplinter 24-11-1730, ovl. Oplinter 29-9-1781, zn. van Jean Francois Vanderlinden en Marguerite Schidermans.
-
aa. Marie Catherine Vanderlinden, geb. Oplinter 25-3-1759.
-
bb. Anna Maria Vanderlinden, geb. Oplinter 5-9-1761, ovl. Bunsbeek 14-3-1826, tr. Bunsbeek 27-9-1785[4]
Joannes Antonius Vandermeulen, geb. Bunsbeek 23-2-1761. Bunsbeek 5-9-1847, zn. van Joannes Vandermeulen en Elisabeth Huijbrechts.
Hieruit verder nageslacht bekend.
-
cc. Henricus Vanderlinden, geb. Oplinter 9-1-1764, ovl. Oplinter - 29-3-1828, tr.[5]
Maria Elizabeth Gilis, geb. Oplinter 1760, ovl. Oplinter 18-8-1838. Hieruit verder nageslacht bekend.
-
dd. Charles Antoine Vanderlinden, geb. Oplinter 2-1-1767.
-
ee. Pierre Vanderlinden, geb. Oplinter 26-9-1769.
-
ff. Anne Gertrude Vanderlinden, geb. Oplinter 11-11-1772.
-
gg. Servais Vanderlinden, geb. Oplinter 2-12-1775.
-
3. Anne Festré, geb. Oplinter (B) 25-9-1734.
-
4. Mathieu Festré, geb. Oplinter (B) 2-9-1739.
-
5. Egide Festré, geb. Oplinter 2-9-1739.
-
6. Marie Barbe Festré, geb. Oplinter (B) 17-1-1746, verm. identiek met
Barbe Festré, wonende te Neerlinter (1798),
tr. vóór 1771
François Massart, wonende te Neerlinter (1798).
-
aa. Henri Massart, geb. Hooglinter 25-2-1771, landbouwer, woont te Neerlinter (1798),
tr. Tienen 15-2-1798
Marie Susanne Vandenbosch, geb. Majaer 31-5-1776, woont te Meldert (1798),
dr. van Servaes Vandenbosch en Marie Catherine Wellens.
-
bb. Ambroes Massaer, geb. 1774/75, huw. get. (1798).
-
c. Gertrudis (Gertrude) Festré, geb. Tienen 31-5-1706, ovl. Tienen 10-12-1777, woont te Tienen (1797),
tr. Tienen 8-2-1733
Joannus (Jean) Uyttebroe(c)k, geb. ca. 1709, ovl. Tienen 28-10-1772[6]
woont te Tienen (1797).
-
1. (Jean) Louis Uyttebroeck, geb. Grimde (Tienen) 30-4-1734, ovl. 1800-1807, woont te Tienen (1800),
was voor 1807 kweker te Grimde,
tr. vóór 1776
Anne Catharine Dewalheyns, geb. Walmersom 1754/55, ovl. na 1807
woont te Grimde (1807).
Hieruit verder nageslacht bekend.
-
2. Pierre Nicolas Uyttebroeck, geb. Tienen 6-12-1735.
-
3. Marie Anne Uyttebroeck, geb. Tienen 5-11-1738.
-
4. Jean Jacques Uyttebroeck, geb. Tienen 3-11-1740.
-
5. Jean Uyttebroeck, geb. Tienen 10-7-1741, woont te Tienen (1800),
tr. vóór 1773
Anne Catharine Gilis. Hieruit verder nageslacht bekend.
-
6. Gerard Uyttebroe(c)k, geb. Tienen 27-12-1742, schoenmaker (1797, 1804), woont te Tienen (1797, 1804),
tr. 1o Tienen 11-5-1766[8]
Marie Barbe Matthijs, geb. Tienen 2-10-1735, dr. van Joannus Mateys en Anna Elisabeth Willems,
waaruit nageslacht,
tr. 2o Tienen 4-3-1797
Agnes Decock, geb. St. Margareta Hautem 12-5-1763, woont te Tienen (1797),
dr. van Nicolas Decock en Marie Catherine Voeremans.
Hieruit verder nageslacht bekend.
760. J(E)AN TRIMPENEERS[9], ged. Gelinden (B) 20-5-1660, ovl. Gelinden 27-7-1719, tr. 1o Gelinden 24-11-1680
CHRISTINA STEVENS, dr. van Lambrecht Stevens, oudste schepen van Gelinden, en zijn zwager wijlen Georgius Bartheleyns, ook schepen, verkochten in 1687 te Gelinden voor ƒ 700 de winninge "ende eenige meubelen dienende voor die agricultere" tegen een jaarlijkse rente van ƒ 45 in aanwezigheid van Jan Trimpeners nomine uxoris Christina, dochter van genoemde Lambrecht.[10]
tr. 2o 1686-1691
761. MARIA LUSSIS, ovl. na 1721 (1722?), wordt in 1721 vermeld als huurster van de Marsnillerhoeve gelegen langs het oude voetpad dat van Middelheers naar Mechelen-Bovelingen leidde.[11]
Nadat Jan Trimpeneers in 1719 te Gelinden was gestorven, testeerde zijn weduwe Maria Lussis in 1721 op haar ziekbed. Zij maakte haar zoon Peter Trimpeneers tot universele erfgenaam "van de winninge, weijwassen ende pachtlanden soe sij tegenwoordicht instaet is, gelegen onder Gelinden als onder andere jurisdictien, ende oock alle bestialen als andere meubelen."
Peter moet elk jaar aan zijn zus, de begijn Jenne Marie Trimpeneers, "tot haer noodtdruft oft onderhaldt om te leven" ƒ 100,-- geven, alsmede een "vet vercken, getaxeert op vijfentwintocht guldens, met een ton boter van dartocht pondt". Aan zijn zus Anne Margriet Trimpeneers moest Peter ƒ 500,-- eens geven op haar trouwdag en een bed met toebehoren.
Zolang zij onmondig was, zou ze bij Peter in de kost blijven. Aan het kind van zijn zus Marie moest Peter op haar bruiloft "een peerdt met een koije" of ƒ 100,-- eens geven. Haar winning "tot Mersnit aen de linde onder Gelinden" liet ze aan Peter op voorwaarde dat deze de winning weer aan een van diens kinderen zou laten. De testatrice tekende met een kruisje.[12]
Uit zijn eerste huwelijk (Trimpeneers-Stevens):
-
a. Maria Catharina Trimpeneers, ged. Gelinden 8-10-1681. In 1717, ziek ten huize van haar ouders te Klein-Gelmen (B) liggende en zich Anna Catharina noemende, maakte zij haar testament ten gunste van haar zusters. Elisabeth zou haar winning erven, waaruit deze aan Anna Cristin ƒ 40 Brabants per jaar zou moeten betalen.[13]
-
b. Elisabeth Trimpeneers, ged. Gelinden 18-9-1683.
-
c. Anna Christina Trimpeneers, ged. Gelinden 25-11-1686, ovl. Gelinden 16 -8-1720.
Uit zijn tweede huwelijk (Trimpeneers-Lussis):
-
d. Marie Trimpeneers, ged. Gelinden 2-2-1691. In 1721 had zij een kind. Mogelijk was zij de Maria Trimpeneers die op 15 september 1720 te Gelinden was getrouwd met Bartholomeus Smisdom en daar als diens vrouw op 17 juli 1728 overleed.
-
e. Joanna Trimpeneers, ged. Gelinden 24-3-1693.
-
f. Peter Trimpeneers, ged. Gelinden 31-1-1695, (=kw. nr. 380).
-
g. Jennemarie Trimpeneers, ged. Gelinden 17-12-1698, beg. St. Truiden (B) Begijnhofkerk 10-9-1741, werd begijn te Sint-Truiden en woonde aanvankelijk in bij haar tante Elisabeth Trimpeneers.[14] "Heel sieck te bedde liggende, nochtans met haer volle verstandt, soo het ons claerlijck was blijckende", maakte zij in 1741 haar testament. Ze wilde worden begraven in de begijnhofkerk.
Aan haar nicht joffer Anne Marie Trimpeneers, ook begijn, liet zij alle meubele en immeubele goederen. Haar nicht Joanna Maria Trimpeneers, jonge dochter, zou in de erfenis mogen delen als zij ook op het Sint-Agnetenhof besloot in te trekken, "waertoe sij haer sal moeten behulpsaen syn ende begyne maecken"[15], hetgeen deze inderdaad deed.
-
h. Anna Margriet Trimpeneers, ged. Gelinden 15-11-1701, ovl. Gelinden 27-3-1787. Zij was in 1721 ongehuwd en overleed als weduwe van een onbekende man.
-
i. Elisabeth Trimpeneers, ged. Gelinden 27-12-1704.
-
j. Maria Christina Trimpeneers, ged. Gelinden 22-5-1708.
763. MARIE TIEUNIS, ovl. 1744,[16]
-
a. Anna Margriet van den Hove (Vandenhove), geb. Gelinden, ovl. Gelinden 21-4-1771, (=kw. nr. 381).
768. DIRK CORNELISZ VAN PIJLEN, geb. vóór ca. 1650, ovl. na 1723, betaalt als Dirck Cornelisz van Pijlen, veenman te Nieuwkoop, ƒ 1:2 familiegeld (1674),
vermeld te Nieuwkoop en Noorden in de Legger op het gemaal in het
lager kwartier van Rijnland (ca. 1680) met 3 personen in de klasse arbeiders en onvermogenden,[18]
doopget. (1684),
geref. lidmaat te Nieuwkoop 10-4-1689 op belijdenis [19],
koopt op 13-3-1693 te Nieuwkoop van Ari Cornelisz Keijser een perceel
veenland, groot ca. 80 roeden met twee schuren erop, en
een perceel veenland van 180 roeden met een schuur erop
[20],
treedt op als bloedvoogd voor de kinderen van zijn zuster Marritje (1693),
woont nog te Nieuwkoop in 1704,
otr./tr. 2o Wilnis/Nieuwkoop ("pro deo" in de geref. kerk[21]) 8/30-1-1704 (gaarder Nieuwkoop 10-1-1704)
ADRIAANTJE PIETERS KOOT(¥), ovl. na 1723, wed. van Jan Marcelisz Boekhoudt en wonende te Wilnis (1704),
tr. 1o voor 1671 (NB hiaat trouwboek Nieuwkoop 1659-1684)
769. TEUNTJE CORNELIS (VAN) WARRE (WAARD) (¥), geb. vóór ca. 1650, ovl. 1689-1704(¥), geref. lidmaat te Nieuwkoop 10-4-1689 op belijdenis.
| COMMENTAAR(¥)
Arentie Cornelis Warre, beg. Nieuwkoop 10-3-1700 (gaarder pro deo). Zou dit "Teuntje" zijn? Leesfout?
|
| COMMENTAAR(¥)
is er verband met Anna Dirks te Koot, "die een los en geabandoneerd leeven heeft en geleyd" en wier kind om het leven is gebracht" etc. [22]
|
COMMENTAAR(¥)
Claasje Ernst van Warre, j.d. van Oudenwater, geref., tr. Woerden 18-2-1720 Jan Cornelisz van de Poel.[23]
|
Op 11-4-1723 compareren te Achttienhoven
Dirk Cornelisz van Pijlen en Adriaantje Pieters Koot,
vermoedelijk om hun testament te laten opmaken.
Zoek op Ref. [24].
Uit zijn eerste huwelijk (van Pijlen-Warre) geref. gedoopt :
-
a. Cornelis Dirksz van Pijlen, ged. Nieuwkoop 4-10-1671 (get. Susannetje Dircks) [25], j.m. van Nieuwkoop (1707), woont te Nieuwkoop (1711),
otr./tr. 1o Nieuwkoop geref. 14-1/30-1-1707 ("pro deo") [26]
Jorisje Korss (Plemper), ovl. vóór 1711, j.d. van Nieuwkoop (1707).
wellicht dr. van Cors Jansze Plemper, of van Cornelis Gijsbertsz Plemper en Aeltje Fransdr,[27]
otr. 2o Nieuwkoop 20-9-1711 ("pro deo")
Adriaentje Gijsberts Quast, wed. van Klaas Kooy, verm. dr. van Gijsbert Arisz Quast,
woont te Nieuwkoop (1711).
Uit zijn eerste huwelijk (Van Pijlen-Plemper) geref. gedoopt te Nieuwkoop :
-
1. Teunis Van Pijlen, ged. 8-1-1708 (get. Jan Dircksz van Pijlen en Geertje Jans van Stavoren)[28], ovl. jong?
-
2. Teunis Van Pijlen, ged. 30-1-1709 (get. Neeltje Gijberts Vermey).
-
b. Marritje Dirksdr van Pijlen, ged. Nieuwkoop 28-5-1673 (get. Neeltjen Jans Swaneburg en Cornelis Aertsz)[29], ovl. jong?
-
c. Jan Dirksz van Pijlen, ged. Aarlanderveen 1-8-1683 [30], (=kw. nr. 384).
-
d. Marrigje Dirksdr van Pijlen, ged. Nieuwkoop 24-6-1685 (get. Ermtje Heijndr. Nap)[31].
-
e. NN van Pijlen, beg. Nieuwkoop 1-8-1700 (gaarder pro deo, een kind van Dirck van Pijlen).
770. PIETER PIETERSE OUDSHOORN(¥), tr. vóór 1686
771. NN.
COMMENTAAR(¥)
Niet goed is hier Pieter Janse Oudshoorn x Mergje Gerts van Staveren als ouders. Zij is verm. dr. van Gerrit Gerritsz (van Staveren), geb. voor 1623, zn. van Gerrit Cornelisz van Staveren en Stijntge Jans.[32]
Pieter en Mergje compareren 21-3-1696 te Ter Aar, vermoedelijk om hun testament te laten opmaken [33].
Mogelijk verwant aan Willem Jansze Outshoorn, tr. Alphen 9-12-1703 Trijntje Claase van de Akker,[34].
en aan Pieter Jacobsze Oudshoorn x Mensje Sijmonse, Pieter Dirksze Oudshoorn x Aagje Ariens Koppersluijs, Pieter Gerritse Oudshoorn x Maartje Claasse Raaphorst, Pieter Cornelisze Oudshoorn x Jannetje van Leeuwen.
en aan Pieter Claasse Outshoorn, ged. Nieuwkoop 28-2-1731, zn. van Claas Cornelisz Outshoorn en Maritje Andries van Staveren, tr. Nieuwkoop gerecht 5-5-1760 Maritje Cornelisdr van Wieringen, ged. Nieuwkoop 27-11-1735, dr. van Cornelis Hendriks van Wieringen en Maria Ariens Bouman. [35]
[36]
Uit Hendrik Claes Oudshoorn ged Nieuwkoop Rem. 18-8-1697 Trijntje Hendriks Oudshoorn
Verder lijkt er geen verband met een geslacht Oudshoorn te Alkemade.[37]
Vul aan Dirk Dirksz Oudshoorn.[38]
Claas Janse Outshoorn, ged. Oudshoorn 8-3-1676, tr. ald. 14-12-1664
Mijnsje Michiels Outshoorn, ged. Alphen 18-3-1635, ovl. Oudshoorn 1693[39]
|
Uit dit huwelijk (Oudshoorn-NN) Rem. gedoopt te Nieuwkoop (tot 1698):
-
a. Geertje Pieters Oudshoorn, ged. Rem. Nieuwkoop 24-2-1686, ovl./beg. Nieuwkoop 1/6-4-1761 (graf nr. koor 38), gaarder 3-4-1761 ƒ 3,--), tr. vóór 1730
Gerrit Geerlofsz van Vliet, ged. Rem. Nieuwkoop 17-2-1697, woont te Nieuwkoop (1730, 1734),
wordt in 1734 nog genoemd in een akte te Woerden als voogd,
zn. van Geerlof Philpze van Vliet.
Op 28-1-1730 komen voor in een akte in Not. Archief Woerden :[40]
-
1) Geertje Pieters Outshoorn, wonend te Nieuwkoop, in de hoedanigheid van testateur huwelijkspartner.
-
2) Gerrit Geerlofsz van Vliet, wonend te Nieuwkoop, in de hoedanigheid van testateur huwelijkspartner.
-
3) Jan Dirksz van Pijlen, in de hoedanigheid van voogd.
-
4) Cornelis Willemsz van Leijden, in de hoedanigheid van voogd.
ZOEK UIT.
-
b. Marritje Pieters Oudshoorn, ged. Rem. Nieuwkoop 24-2-1686, (=kw. nr. 385).
-
c. Maerten Pieters Oudshoorn, ged. Rem. Nieuwkoop 15-8-1688, (=kw. nr. 390).
mogelijk als tweeling met
-
d. Trijntje Pieters Oudshoorn, ged. Rem. Nieuwkoop 15-8-1688, ovl./beg. Nieuwkoop 31-12-1770/4-1-1771 (als Trijntje Outshoorn).
772. CORNELIS (VERDUYN)(¥).
COMMENTAAR(¥)
Er is mogelijk verband met de volgende :
Dirk Willems Verduijn waaruit Gerrit Dirckse Verduijn ged. Nieuwkoop Rem. 5-7-1682.
Teunis Jansz Verduijn waaruit Barber Teunisse Verduijn ged. Nieuwkoop Rem. 6-6-1683.
Adriaen Verduijn waaruit Engel Adriaensen Verduijn ged. Nieuwkoop Rem. 19-11-1684.
Jan Hendriksz Verduijn waaruit Neeltje Jansz Verduijn ged. Nieuwkoop Rem. 19-9-1688.
Gerrit Klaas Verduyn x Pietertje Klaas van Leeuwen. Zij hertr.
Nieuwkoop 11-5-1732 Pieter Dircks Zoutman.[41]
|
Uit zijn huwelijk (Verduijn-NN) geboren :
-
a. Gerrit Cornelisz Verduijn, geb. vóór 1695?, (=kw. nr. 386).
-
b. Neeltje Cornelis Verduijn, ovl./beg. verm. Nieuwkoop geref. 7/11-10-1755 (als Neeltje Loosejager, begraven op kosten van de Gereformeerde armen), filiatie niet bewezen,
j.d. van Nieuwkoop, otr./tr. Nieuwkoop geref. 7/23-1-1707
T(h)ijs Jansz Lo(o)sejager, ovl./beg. Nieuwkoop geref. 6/10-1-1752, geref. lidmaat op belijdenis te Nieuwkoop 25-12-1704,[42]
j.m. van Nieuwkoop (1707),
diaken van de geref. gemeente te Nieuwkoop (benoemd 22-3-1715, afgetreden 11-3-1719),[43]
verm. zn. van Jan Cornelisz Loosejager.
Hij tr. 2e.? Rijntje Teunis van Wieringen [44].
-
1. Aaltje Thijsse Loosejager, beg. Nieuwkoop geref. 4-12-1749, (graf nr. 95).
776. WILLEM PIETERSE VAN VEEN, beg. Nieuwkoop 17-4-1745 (als Willem van Veen), tr. Nieuwkoop 13-1-1701
777. ANNETJE AMEN VERMEY, ged. Nieuwkoop Rem. 13-11-1672, ovl. Nieuwkoop 1-2-1752,[45]
Op 29-12-1702 krijgt Willem Pieterse van Veen bij de verdeling van zijn vaders erfenis een huis, erf, schuur en veenland in het Noordeinde "in de polder" alsmede honders caroliguldens.[46]
-
a. Gijsje Willems van Veen, ged. Rem. Nieuwkoop 28-5-1702.
-
b. Pieter Willemsz van Veen, ged. Rem. Nieuwkoop 4-11-1703, ovl./beg. Nieuwkoop 13/18-12-1753 (als Pieter van Veen, op kosten van de Gereformeerde armen), "bouwt en veent" te Nieuwkoop, betaalt ƒ 12,-,- Personele Quotisatie voor
1 dienstbode en een huishuur van ƒ 24,-- per jaar (1742).[47]
-
c. Aam Willems van Veen, ged. Rem. Nieuwkoop 30-8-1705, (=kw. nr. 388).
-
d. Neeltje Willems van Veen, ged. Rem. Nieuwkoop 10-7-1707, ovl./beg. Nieuwkoop 12/15-10-1792 (gaarder ƒ 3,--, aangever haar zoon Wilm Pijper), compareert Achttienhoven 22-3-1720 [48].
tr. Nieuwkoop 15-1-1736[49]
Pieter Warboutsz Pijper, ged. Rem. Nieuwkoop 10-11-1709, beg. Nieuwkoop geref. 18-12-1749 (als Pieter Wurbout Pijper), zn. van Warbout Jansz Pijper en Erckje Philips van Vliet.
Uit dit huwelijk (o.a.?):
-
1. Werbout (Warbout) Pieterse Pijper, ged. Rem. Nieuwkoop 5-5-1737, ovl./beg. Nieuwkoop 2/8-5-1809 (gaarder 5-5-1809, oud 70 jaar (sic!)), wonende te Nieuwkoop (1809),
tr. vóór 1775
Marrijtje (Marijke) Zoutman, ged. Rem. Nieuwkoop 23-12-1731, ovl./beg. Nieuwkoop 4/8-9-1807 (gaarder 7-9-1807, oud 73 jaar (sic!)), dr. van Dirk Prs Zoutman.
Uit dit huwelijk (o.a.?):
-
aa. Pieter Pijper, ovl./beg. Nieuwkoop geref. 10/15-9-1775 (de vader is Wurbort Pijper).
-
2. Willem Pieterse Pijper, ged. Rem. Nieuwkoop 21-2-1740, ovl. jong?
-
3. Wil(le)m Pieterse Pijper, ged. Rem. Nieuwkoop 29-10-1741, ovl. verm. Nieuwkoop 8-2-1796 (gaarder 11-2-1796 ƒ 3,--, aangever zijn zwager Gerrit Cornelisz Outshoorn), jongeman wonende te Nieuwkoop (1769).
otr. Zevenhoven geref. 17-2-1769
Marritje van Staveren, geb. Zegveld, jongedochter wonende te Zevenhoven (1769).
-
aa. Pieter Pijper, ovl./beg. Nieuwkoop geref. 15/18-1-1777 (gaarder 16-1-1777, ƒ 3,-- aangever de vader Willem Pietersz Pijper).
-
bb. Pieter Pijper, ovl./beg. Nieuwkoop geref. 10/14-7-1778 (gaarder 13-7-1778, ƒ 3,-- aangever de vader Willem Pijper).
-
cc. Anna Pijper, ovl. Nieuwkoop 2-8-1784 (gaarder 3-8-1784 ƒ 3,--, aangever de vader Wilm Pietersz Pijper).
-
dd. Neeltje Pijper, ovl. Nieuwkoop 18-10-1785 (gaarder 19-10-1785 ƒ 3,--, aangever de vader Wilm Pietersz Pijper).
-
ee. Neeltje Pijper, ovl. Nieuwkoop 22-7-1786 (gaarder 23-7-1786 ƒ 3,--, aangever de vader Wilm Pijper).
-
ff. Grietje Pijper, ovl. Nieuwkoop 6-10-1791 (gaarder 8-10-1791 ƒ 3,--, aangever de vader Wilm Pijper).
-
4. NN Pieterse Pijper, beg. Nieuwkoop geref. 24-3-1746 (een kind van Pieter Pijper).
-
5. Errekie Pieterse Pijper, ged. Rem. Nieuwkoop 23-7-1747, beg. Nieuwkoop geref. 19-9-1747 (een kind van Pieter Pijper).
-
e. Krijn Willems van Veen, ged. Rem. Nieuwkoop 25-8-1704.
-
f. Lijdia Willems van Veen, ged. Rem. Nieuwkoop 15-5-1712, ovl./beg. Nieuwkoop 10/14-10-1774, tr. vóór 1740
Kornelis Harmenz Heer.
-
1. Marretje Kornelis Heer, ged. Rem. Nieuwkoop 17-1-1740.
-
g. Cornelis Willems van Veen, ged. Rem. Nieuwkoop 12-8-1714.
-
h. Maritje Willems van Veen, ged. Rem. Nieuwkoop 13-12-1716.
778. JAN CORNELISZ T(E)IJSTERMAN (DE JONGE?), beg. Nieuwkoop geref. 17-3-1747, woont te Nieuwkoop (1710, 1722),
tr. wellicht voor 1710
AALTJE GIJSDR JONKHART, woont te Nieuwkoop (1710, 1722).
Op 15-5-1710 verkoopt
Jan Cornelisz Teijsterman, getrouwd met Aeltje Gijsbertsdr Jonckhart te Nieuwkoop, aan Jan Swaneken een erf gelegen aan de Hei onder Aarlanderveen, belend ten oosten het water van Aarlanderveen en ten noorden Willem Jansz van Pijlen. De koopsom is 50 gulden.
[50]
Op 13-5-1722 compareren
Hendrik Gerritsz Nederstigt, Gerrit Gijsen Nederstigt, Pieter Gijsen Nederstigt, Jan Cornelisz Jonkhart, Annetie Cornelisdr Jonkhart, weduwe van Maarten Ariensz Breetvelt te Aarlanderveen, Gerrit Willemsz Nederstigt, Marrijtie Willemsdr Nederstigt te Korteraar, en Jan Cornelisz Tijsterman, getrouwd met Aaltje Gijsdr Jonkhart te Nieuwkoop, allen als mede-erfgenamen van Cornelis Gerritsz Nederstigt en Neeltje Jansz Hogenboom, in leven echtelieden. Zij machtigen Johannes Kalshoven te Alphen en Cornelis van Leeuwen te Nieuwkoop om de nagelaten goederen te verkopen. De akte is van 12-1-1722.
[51]
-
a. Jan Jansz Teijsterman, ged. Rem. Nieuwkoop 4-12-1695, veenman te Nieuwkoop, betaalt ƒ 6,-- Personele Quotisatie (1742), "geroyeert" (1745),[52]
belender wonend te Nieuwkoop (1762),
tr.
Trijntgen Willems (van Staveren), dr. van Willem Cornelisz (van Staveren) en Maritge Jans.[53]
-
b. Trijntje Janse Tijsterman, ged. Rem. Nieuwkoop 26-1-1698, beg. verm. Nieuwkoop 27-3-1698 (impost pro deo, een kind van Jan Cornelisz Teijsterman).
-
c. Arij Janse Tijsterman, ged. Rem. Nieuwkoop 12-4-1699, beg. verm. Nieuwkoop 3-9-1699 (impost pro deo, een kind van Jan Cornelisz Teijsterman).
-
d. Trijntje Janse Tijsterman, ged. Rem. Nieuwkoop 13-6-1700, (=kw. nr. 389).
-
e. Arij (Aris) Janse T(e)ijsterman, ged. Rem. Nieuwkoop 16-10-1701, ovl./beg. Nieuwkoop 11/16-4-1778 (als Aris Teisterman, graf nr. 89, gaarder 13-4-1778 ƒ 6,--), tr.
NN Cornelisdr Verhoeff, dr. van Cornelis Arisse Verhoeff.
Op 10-6-1773 is
Gerrit Kruijsheer te Nieuwveen schuldig aan Aris Jansz Tijsterman en Theunis van Gesselen, beiden getrouwd met dochters en erfgenamen van Cornelis Arisse Verhoeff, een bedrag van 200 gulden wegens leverantie van oudijzer. Gesteld onderpand is een huis, smederij en erf in de Achterdijkse polder aan de Bruggevaart van Nieuwveen, belend ten oosten de Bruggevaart, ten westen Barbara van der Togt, ten zuiden Simon Kuijper en ten noorden de erven Van Staden. Geroijeerd 4-4-1778.
[54]
Uit dit huwelijk mogelijk(¥) (o.a.?) :
| COMMENTAAR(¥)
NB er bestaat ook een Aris Gerritsz Teijsterman, dus de hieronder genoemde overlijdens van kinderen van Aris Teijsterman kunnen van beide vandes zijn.
|
-
1. NN Teijsterman, beg. Nieuwkoop geref. 9-11-1745 (een kind van Aris Teijsterman).
-
2. NN Teijsterman, beg. Nieuwkoop geref. 4-11-1749 (een kind van Arij Jansz Teijsterman).
-
3. NN Teijsterman, ovl./beg. Nieuwkoop geref. 25-7/28-7-1751 (een kind van Aris Teijsterman).
-
4. Antje Aris Teijsterman, ovl./beg. Nieuwkoop geref. 17/21-10-1754 (gaarder 20-10-1754 ƒ 3,--).
-
5. Cornelis Aris Teijsterman, ovl./beg. Nieuwkoop geref. 24/28-7-1755 (verdronken).
-
6. Cornelis Aris Teijsterman, ovl./beg. Nieuwkoop geref. 21/25-3-1756 (gaarder 24-3-1756 ƒ 3,--).
-
7. NN Teijsterman, ovl./beg. Nieuwkoop geref. 15-4-1758 (een doodgeboren kind van Aris Teijsterman).
-
8. Jan Ariensz Teijsterman, ovl./beg. Nieuwkoop geref. 1/5-12-1758.
-
9. Cornelis Aris Teijsterman, ovl./beg. Nieuwkoop geref. 9/15-10-1759 (gaarder 13-10-1759 ƒ 3,--).
-
10. Pieter Arijsz Teijsterman, ovl./beg. Nieuwkoop geref. 9/14-9-1761.
-
11. Trijntje Aris Teijsterman, ovl./beg. Nieuwkoop geref. 28-4/1-5-1762 (gaarder 31-6-1762 ƒ 3,--).
-
12. Cornelia Aris Teijsterman, ovl./beg. Nieuwkoop geref. 21-6/1-7-1762 (graf nr.67).
-
13. Marrigje Aris Teijsterman, ovl./beg. Nieuwkoop geref. 10/14-9-1765.
-
14. Jan Aris Teijsterman, ovl./beg. Nieuwkoop geref. 13/18-6-1767 (graf nr. 67).
-
15. Merrigje Aris Teijsterman, ovl./beg. Nieuwkoop geref. 28-7/3-8-1767.
-
16. Pieter Aris Teisterman, ovl./beg. Nieuwkoop geref. 11/15-2-1770.
-
f. NN Teijsterman, beg. verm. Nieuwkoop 26-5-1703 (impost pro deo, een kind van Jan Cornelisz Teijsterman).
780. = 770. PIETER PIETERSE OUDSHOORN.
782. PIETER JANSE(N) HOOGEVEEN, ged. Rem. Nieuwkoop 16-5-1662, beg. Nieuwkoop geref. 21-9-1748 (graf. nr. 66),[55]
j.m. van Nieuwkoop (1687),
treedt op als voogd over het kind van zijn schoonzuster Stijntje Willems van Pijlen (1692),
vermeld in een akte te Zevenhuizen (5-1-1707),
[56]
veenman te Nieuwkoop, betaalt ƒ 6,-,- Personele Quotisatie (1742), "geroyeert" (1747),[57],
otr./tr. Nieuwkoop gerecht 22-11/9-12-1687
783. AELTGEN WILLEMS VAN PIJLEN, ged. Rem. Nieuwkoop 15-8-1666 (vader Willem Eckberden, geen moedersnaam genoemd), ovl. 1697-1749,[58]
j.d. van Nieuwkoop (1687).
|
Wapen Van Pijlen: in rood 3 zwartgepunte pijlen schuinrechts geplaatst, gevederd van goud en zwart.
Dit wapen komt voor als deel van een alliantiewapen Van Pijlen - van Wieringen op een zerk in de NH Kerk te Nieuwkoop.[59]
De kleuren zijn gebaseerd op een wapen Pijl in Rietstap.
|
|
De veender.
Gravure uit "Het Menselijk Bedrijf", door Johannes en Caspaares Luyken. Eerste uitgave : Amsterdam, 1694.
klik op plaatje(s) om te vergroten |
Uit dit huwelijk (o.a.?):[60]
-
a. Willem Pieters Hoogeveen, ged. Rem. Nieuwkoop 4-7-1688, beg. Alphen a/d Rijn 7-3-1768[61], koopt 18-5-1724 voor ƒ 100,-- "een camp Hooyland, groot ontrent 1
morgen en 3 hond" te Nieuwkoop, en verkoopt
het weer 4-5-1725 voor ƒ 125,--
[62],
bouwman te Alphen a/d Rijn, die ƒ 6,-- Personele Quotisatie betaalt
(1742, "geroyeert" 1745).[63]
-
1. Cornelis Willems Hoogeveen, ged. Rem. Nieuwkoop 17-5-1716, ovl. jong?
-
2. Cornelis Willems Hoogeveen, ged. Rem. Nieuwkoop 12-12-1717, tr. Alphen a/d Rijn 23-3-1738[64]
Leuntje Ariens in 't Hol, ged. Alphen a/d Rijn 25-7-1717, dr. van Arie Bastiaans in 't Hol en Neeltje Klaasse Rijnsburger.
-
3. Weijntje Willems Hoogeveen, ovl./beg. Nieuwkoop 27-2/3-3-1759, fliatie njiet bewezen.
-
4. Aaltje Willems Hoogeveen, ged. Rem. Nieuwkoop 13-8-1719.
-
5. Grietje Willems Hoogeveen, ged. Rem. Nieuwkoop 20-8-1724.
-
b. Jan Pieterse Hoogeveen, ged. Rem. Nieuwkoop 9-10-1689.
-
c. Marijtje Pieters Hoogeveen, ged. Rem. Nieuwkoop 1-7-1691, (=kw. nr. 391).
-
d. Cornelis Pietersz (van) Hoogeveen, ged. Rem. Nieuwkoop 26-9-1694, ovl./beg. Nieuwkoop 28-2/6-3-1767 (als Cornelis Hoogeveen, graf nr. 66), veenman te Nieuwkoop, betaalt ƒ 6,-,- Personele Quotisatie (1742),
"geroyeert" (1745),[65]
tr. Nieuwkoop 28-1-1720
Marrigje Pieters van Leeuwen, ged. Rem. Nieuwkoop 27-10-1697, ovl./beg. Nieuwkoop geref. 13/17-7-1753 (graf nr. 66, gaarder 15-7-1753 ƒ 3,--), dr. van Pieter Jacobsz van Leeuwen en Grietje Dircks Kooy.
Uit dit huwelijk (o.a.?) :
-
1. Grietje Cornelis Hoogeveen, ged. Nieuwkoop Rem. 16-7-1724, ovl./beg. Nieuwkoop 26-2/3-3-1770, tr. Nieuwkoop gerecht 2-12-1743
Ary Pieterse van Staveren, ged. Nieuwkoop 14-4-1720, zn. van Pieter Cornelisse van Staveren en Marrigje Jansdr. Hoogeveen.
Hieruit nageslacht, (nog) niet verder onderzocht.[66]
-
e. Grietie Pieters Hoogeveen, ged. Rem. Nieuwkoop 14-7-1697, ovl./beg. mogelijk Nieuwkoop 4/8-2-1772 (als Grietje Hoogeveen), j.d. wonend te Nieuwkoop,
die compareert Achttienhoven 17-4-1721 [67], tr. wellicht
Jan Warbouts Pijper.
-
f. Lijsbeth Pieters Hoogeveen, ged. Rem. Nieuwkoop 10-6-1700.
-
g. Claas Pieters Hoogeveen, ged. Rem. Nieuwkoop 7-1-1703, ovl./beg. Nieuwkoop 6/12-12-1777 (graf nr. 98).
-
h. Stijntje Pieters Hoogeveen, ged. Rem. Nieuwkoop 17-5-1705, ovl./beg. Nieuwkoop 4/10-10-1771 (graf nr. 66).
-
i. Hendrikje Pieters Hoogeveen, ged. Rem. Nieuwkoop 29-1-1708.
-
j. Geertje Pieters Hoogeveen, geb. Segvelt, ovl./beg. Nieuwkoop 27-11/3-12-1779 (graf nr. 103), filiatie niet bewezen.
otr. Segvelt 29-1-1740 (met attestatie van Bodegraven)
Dirk Willemsz de Wey, geb. Vianen, j.m.
-
k. Ary Pietersz Hoogeveen, ovl./beg. Nieuwkoop 13/17-12-1757 (als Arij Hoogeveen, op kosten van de diakonie armen van de Remonstrantse kerk)
Op 5-6-1702 verkoopt Aeltie Cornelis Bouman voor ƒ 200 een kamp hooiland aan Ary Pietersz Hoogeveen en koopt voor ƒ 440 hooiland van Gerrit Oudewater.[68]
798. JACOB HUYBERTS (KRANENBURG), geb. vóór ca. 1665, tr. vóór 1687
NN.
-
a. Wijntje Jacobs, ged. Rem. Nieuwkoop 23-2-1687, (=kw. nr. 399).
-
b. Joosje Jacobs, ged. Rem. Nieuwkoop 25-4-1688.
-
c. Marritje Jacobs Kranenburg, ged. Rem. Nieuwkoop 15-10-1690, ovl./beg. verm. Nieuwkoop geref. 27-10/2-11-1766 (op kosten van de Remonstrantse armen).
-
1. Neeltje Kranenburg, ged. Rem. Nieuwkoop 28-7-1720 (geen vader genoemd).
-
2. Jaapje Kranenburg, ged. Rem. Nieuwkoop 27-5-1731 (geen vader genoemd).
-
d. Zijmon Jacobze Kranenburg, ged. Rem. Nieuwkoop 16-12-1691.
-
e. Huijbert (Huibregt) Jacobze Kranenburg, ged. Rem. Nieuwkoop 20-5-1696, ovl./beg. Nieuwkoop geref. 2/6-1-1768 (op kosten van de Gereformeerde armen).
-
f. NN Jacobs, beg. Nieuwkoop 12-9-1702 (gaarder pro deo, een kind van Jacob Huijbertsz).
800. ALBERT GERRITSE, ged. Amsterdam Zuiderk. 14-6-1676 (get. Kasper Alberts, Lijsbetie Corse en Anna Roelofs), beg. Amsterdam Leidsekh. 21-12-1712 (laat 4 kinderen na), ingeboren poorter van Amsterdam 18-3-1705 als kuyper,
woonde Prinsegracht (1705), Leidsegracht (1705, 1712), otr. Amsterdam 20-3-1705 (get. Gerrit Casperse, sijn vader)
801. AALTJE BLOCK, ged. Amsterdam Eilandskerk 1-11-1676 (get. Jan Gerritsz, Elisabeth Isaacx, Feijtje Gerrits), beg. Amsterdam Oude kh. 19-5-1750, woonde Nieuwe Zijds Houttuinen (1697), Brouwerskade (1705) en Leidsegracht
tussen de Prinsegracht en de Baangracht (1750), otr. 1o Amsterdam 26-4-1697 (get. Marten Tromp, sijn vader en Albert Claes, haar voogd, de rato caveerende voor zijn medevoogd Barent Wedding, haar ouders dood)(¥)
JOHANNES MARTENSZ (TROMP), ged. Amsterdam Noorderk. 15-2-1673 (get. (Liensaert?) Harperse en Annetie Pieters), beg. Amsterdam Oude kh. 25-7-1698, seylemacker van de Brouwerskaay (1697, 1698),
poorter van Amsterdam 14-3-1696,
zn. van Marten Herpersz (Tromp), aanspreker (1696)
en eigenaar van een huis
en erve op de Brouwersgracht ofte Tijgracht omtrent de Vissersstraat
(1693) [69] en Stintien Jans.
COMMENTAAR(¥)
zie kw. nr. ⇒ 3207 sub b1.
HERZIE het volgende: Aannemende dat Olphert Claas Molenaar geen voorgangers als voogd heeft
gehad, zou hij als zodanig benoemd moeten zijn na zijn meerderjarigheid (25
jaar), dus na ca. 1684. De voorzichtige conclusie kan dus getrokken worden dat
de ouders van Aaltje Blok overleden moeten zijn tussen 1684 en 1693, wanneer
Olphert Claas Molenaar optreedt als voogd over haar zuster
Marretje Dirks Blok. Of is hij dan voogd, terwijl een van de ouders toch nog leeft?
Van Barent Wedding geen huwelijk te Amsterdam gevonden.
|
|
Poorterbewijs van Albert Gerrits (1676-1712) afgegeven te Amsterdam 18-3-1705.
klik op plaatje(s) om te vergroten |
Op 18-8-1705 testeren te hunnen huize Albert Gerritse mr. kuijper
en Aaltje Blok, echtelieden, wonend aan de westzijde van de Leidsegracht
tussen de Prinsegracht en de Baangracht. Zij benoemen elkaar tot
algeheel erfgenaam, op voorwaarde dat indien testateur overlijdt
zonder kinderen uit het huwelijk, zijn vader een legitieme portie
krijgt. De langstlevende is gehouden de eventuele kinderen op te
voeden en "te laten leren lesen, schrijven en enig eerlijk ambagt,
stijl ofte oefening". Aan kinderen dient bij hun meerderjarigheid
of aan dochters bij hun huwelijk hun deel bewezen te worden. Indien
de langstlevende een ander huwelijk sluit, dient hij de minderjarige
kinderen hun erfenis te bewijzen, zoveel als de langstlevende goeddunkt,
en een of twee voogden te kiezen met uitsluiting van de weeskamer.
Getuigen zijn Jan Jacob van Scherpenzeel en Jacobus Swart, bewoners
dezer stad
[70].
Op 6-6-1709 verkopen Maria Pagendarm, wed. en boedelhoudster van
Erasmus Block (¥),
haar zoon Jan Block, Simon Aertsz van Sprang en Jan Smaddes?
aan Albert Gerrits, mr. kuyper, voor ƒ 2500,-- een huis en erve
op de Leidsegracht aan de zuidzijde tussen de grote en de kleine
dwarssstraat, "daar de driehoek in de gevel staat", tegenwoordig
bewoond door Jean Loussaje, med. doctor, belend oostzijde de wed.
Johannis Calve, westzijde de erfgenamen van Claas Cock,
achterzijde Cornelis Boon en Cornelis Borstelman
[71].
| COMMENTAAR(¥)
Deze Erasmus Block lijkt niet verwant te zijn aan Aaltje Blok. Immers, in 1671 wordt hij poorter van Amsterdam, als geelgieter van Hamburg.
|
Op 30-1-1710 verkopen Albert Gerritsz als gehuwd met Aaltje Block, voor 8/14 part, Luijtje Jans, wed. van Olfert Claesz Molenaar voor 1/14 part, Claas Jansz Lelie voor 1/14 part, Gerrit Jans de Jongh voor 1/14 part, Claas Purmerent als gehuwd met Luijtje Gerrits voor 1/14 part, Grietje Gerrits, wed . van Willem Vosman, voor 1//14 part, en nog de voorn. Claas Purmerent en Claas Jansz Lelie als gesurrogeerde voogden over Annetje Jans, minderjarige dr. van Annetje Jans voor het resteerdende 1/14 part, tesamen erfgenamen van Fijtje Gerrits,
doch ten reguarde van de voorn. onmondige geaprobeert sijnde bij schepenen deser steede
volgens appointemente op requeste van de voorn. voogden verleent d.d. 12-1-1709, sijnde de voorn. wed. geassisteerd met Albert Gerritsz als hare gekooren voogd in dese, Claas Purmerent, Claas Jansz Lelie ende verder Albert Geritsz hare vierendeelen soonen de naast soude gekrijgen, verkopen
aan Hendricktje Willemsz en Cornelia Sijmensz, bejaarde dochters,
een huis en erf genaamd De Leunstoel in de Sint Nicolaasstraat. Er wordt verwezen naar de oude brief van kwijtschelding d.d. 2-5-1642 ten behoeve van Gerrits Gerritsz, makelaer.
[72]
Op 31-3-1719 compareert Aalijd Blok, laatst wed. van Albert Gerritsz,
mr. kuiper, en benoemt met uitsluiting van de weesmeesteren tot
voogden van haar minderjarige kinderen en tot administrateurs van hun
vaderlijke en moederlijke goederen na haar overlijden
Klaas Jansz Lelie (zie kw. nr. ⇒ 3207 sub b2)
wonende aan de zaagmolen De Lelie, en haar goede vriend Jan Jansz de Wit,
wonende aan de zaagmolen De Duyf, en als plaatsvervanger haar goede
vriend Daniel Mooy, wonende aan de zaagmolen De Hoop. Indien
twee van de drie voogden zijn overleden, mag de overblijvende bij
notariele acte een nieuwe voogd kiezen. De voogden of hun plaatsvervangers
kunnen nooit aansprakelijk gesteld worden voor "eenige schaden,
bankroeten ofte andere bedagte ofte onbedagte swarigheden" tijdens
hun voogdijschap. Getuigen zij Jan Willemsz en Dirk van Alteren
[73].
Op 17-9-1750 verkopen
de erven van Albert Gerritsz,
en de erven van Aaltje Blok, wed. van Albert Gerritsz Blok (!),
aan Dirk Blok
2 huizen en deel erf op de Leidsegracht (ZZ), tussen de Lange Leidsedwarsstraat en de Korte Leidsedwarsstraat
[74]
Uit haar eerste huwelijk (Tromp-Block) gedoopt te Amsterdam :
-
a. Marten Tromp, ged. Eilandskerk 9-2-1698 (get. Marten Harpersz Tromp en Stijntje Jans), beg. verm. Amsterdam Karthuizer Kh. 24-8-1704 (Marten Tromp in de Tuijnstraat bij de Baangracht).
Uit haar tweede huwelijk (Gerritse-Block) gedoopt te Amsterdam :
-
a. Gerrit Alberts (Blok), ged. Nieuwe Zijds Kapel 22-12-1706 (get. Gerret Caspers en Lijsbet Cornelis), beg. Amsterdam Karthuizerkh. 2-12-1749, (=kw. nr. 400).
-
b. Dirk Alberts (Blok), ged. Westerk. 15-1-1708 (get. Gerret Kasperse en Jannetje Gerretse), beg. Amsterdam Zuider K. 25-6-1782 (Dirk Blok op de Nieuwezijds Agterburgwal op de hoek van 't Keijserrijk, ƒ 15,-- kerk graft LE N3 (eigenaar G.A. Scheer), poorter van Amsterdam 3-3-1733 als kuiper,
heeft een boekdrukkerij (1773),
woont op de Nieuwezijds Achterburgwal (1775, 1782),
otr. Amsterdam 1-12-1752 (zijn ouders doot, get. Nicolaas Alders, Weeskr. voldaan)
Maria de Ree, ged. Amsterdam Noorderk. 30-7-1713, beg. Amsterdam Zuider K. 1-12-1775 (hv. van Dirk Blok op de Nieuwezijds Agterburgwal op de hoek van 't Keijserrijk, ƒ 15,--, kerkgraf LJ N9 (eigenaar A.G. Scheer), wed. van Johannes Dalemans op de Agterburgwal (1733),
dr. van Isaac de Ree en Maria van Ottinga.
|
Poorterbewijs van Dirk Alberts Blok (1708-..) afgegeven te Amsterdam op 3-3-1733.
|
Verantwoording d.d. 30-4-1786 door de voogden Jan van Rossen en Gerrit Andries Scheer over het kapitaal dat de drie minderjarige kinderen Grietje, Gerrit en Roelof Blok ontvingen uit de nalatenschap van hun oom en tante Dirk Blok en Maria de Ree.[75]
klik op plaatje(s) om te vergroten | |
Op 17-9-1750 verkopen
de erven van Albert Gerritsz,
en de erven van Aaltje Blok, wed. van Albert Gerritsz Blok (!),
aan Dirk Blok
2 huizen en deel erf op de Leidsegracht (ZZ), tussen de Lange Leidsedwarsstraat en de Korte Leidsedwarsstraat
[76]
Op 31-12-1773 testeren Dirk Blok en Maria de Ree, echtelieden
wonend op de Nieuwe Zijds Achterburgwal, en benoemen elkaar tot
enige universele erfgenaam. Voorts verklaren beiden, indien zij de
langstlevende zullen zijn tot erfgenamen voor gelijke helften te
zullen benoemen Aaltje Blok, nagelaten dochter van wijlen
testateurs broer Gerrit Blok en de drie kinderen Grietje, Gerrit
en Roelof Blok van Jan Blok, zoon van testateurs voornoemde
broer. Dit alles met plaatsvervulling bij vooroverlijden. Deze
erfgenamen zullen verplicht zijn uit de boedel uit te keren de
volgende legaten met plaatsvervulling :
-
ƒ 500,-- aan de kinderen
van Matthijs Dalemans, nagelaten broederszoon van testatrices
eerdere echtgenoot wijlen Johannes Dalemans.
-
ƒ 1000,-- aan
Matthijs Schuijlenburg, nagelaten zusterszoon van
Johannes Dalemans voornoemd, en ƒ 500,-- aan de kinderen van
Matthijs Schuijlenburg.
-
ƒ 500,-- aan de kinderen van
Jan Schuijlenburg, broer van Matthijs voornoemd.
-
aan Anthony Coffrier, thans meesterknecht en waarnemer in de
boekdrukkerij van testanten, indien deze dan nog bestaat, en hij
er nog waarnemer is, de "gehele boekdrukkerij, met alle de letters,
parssen, en verdere gereedschappen en ingredienten", de boekenkast
met boeken en het recht om het huis van testanten, zolang hij daar
de boekdrukkerij in blijft drijven, te huren voor ƒ 300,-- per jaar.
-
aan de Diaconiearmen van de Gereformeerde Nederlandse Gemeente
alhier ƒ 8000,-- onder voorwaarde dat de Diaconie wekelijks
tot haar overlijden dient uit te keren ƒ 4,-- aan
Neeltje van der Klijn, dienstmeid der testanten, indien zij dan
nog in dienst is.
Al deze legaten dienen binnen drie maanden na
overlijden van de langstlevende der testanten te worden uitgekeerd.
De langstlevende der testanten wordt verzocht tot redders van de
nalatenschap en voogden van eventuele minderjarige
belanghebbenden te benoemen Jan van Rossen en Gerrit Andries Scheer.
Zij dienen de erfportie van minderjarigen bij de Weeskamer te
administreren. Testanten behouden zich het recht voor van wijziging
bij onderhandse dispositie of notariele akte. Getuigen zijn
Lucas van Diepen en Christiaan Doonas
[77].
Op 15-3-1776 verkoopt Suzanna de Warm, wed. Gerrit Blok, aan
Dirk Blok een ½ huis en erf op Leidsegracht tussen de twee Leidsedwarsstraten.
[78]
Op 10-5-1799 verkopen
Alida Wieben, wed. van Jan Blok,
de erven van Dirk Blok,
de erven van Jan Loosjes
en de erven van Reijnoutje Kouter, wed. van Leendert van der Horst,
aan Jan Eeden,
de houtzaagmolen De Witte Lelie op het Kwakerseiland buiten de Raampoort.
[79]
Op 15-11-1799 verkopen de erven van Dirk Blok en Maria de Ree,
alsmede
Gerrit Andries Scheer namens zijn echtgenote Aaltje Blok,
aan Gerrit van Tijen
een huis en erf, op de Nieuwezijds Achterburgwal (OZ), op de noorderhoek Keizerrijk bezuiden de Paleisstraat (Stilsteeg).
[80]
-
c. Marte Alberts (Blok), ged. Westerk. 26-12-1709 (get. Gerret Kasperse en Jannetje Gerretse), poorter van Amsterdam 23-2-1730 als loodgieter.
-
d. Trijntje Alberts (Blok), ged. Nieuwe Zijds Kapel 8-4-1711 (get. Willem Weijngergang en Jannetje Gerrets).
802. JOHANNES (JAN) DE WARM, ged. Amsterdam Westerk. 21-12-1687 (get. Johannes de Warm en Sara Becqu), beg. Amsterdam Westerkh. 30-1-1758 (klasse ƒ 0-15-0), wever (1709), woonde Lojersstraat (1709) en Prinsegracht (1758),
poorter van Amsterdam 10-6-1710 als fluweelwerker,
als J. de Warm vermeld (1742) met een katoenwinkel
aan de Prinsegracht, huur ƒ 330,--, inkomen ƒ 1000,--,[81]
doopget. (1719..1745),
otr. Amsterdam 6-9-1709 (get. Ambrosius de Warm, sijn vader en Aaltje Adriaans, haer moeder)
803. TRIJNTJE STEVENS (STRUIJS), ged. Amsterdam Noorderk. 6-5-1691 (get. Trijntje Jans en Geesje Barents), beg. Amsterdam Westerkh. 3-12-1756 (klasse ƒ 0-15-0), woonde Vinkestraat (1709), Prinsegracht (1756),
doopget. (1726..1752).
Op 23-2-1724
verkopen de erven van Cornelis Simon Breur aan Abraham Struis,
en Jan de Warm,
een huis en erf in de Boomstraat (ZZ) (Boomstraat) het elfde huis voorbij de dwarsstraat te Amsterdam.
[82]
Op 27-4-1724
verkopen Abraham Struijs en Jan de Warm,
aan Juriaan Nagel,
een huis en erf in de Boomstraat (ZZ) (Boomstraat) het elfde huis voorbij de dwarsstraat te Amsterdam.
[83]
Op 9-5-1724
verkopen Sijmon Aertsz van Sprang en Jan Bakker,
aan Assuerus Groenevelt,
en Jan de Warm,
een huis en erf in de Looiersdwarsstraat tussen Oude Looiersstraat en Looiersgracht te Amsterdam.
[84]
Op 20-10-1724
verkopen de erven van Reijnier Slot en Trijntje Dirks echtgenote van Eric Willekes,
aan Jan de Warm, Hendrik van Dijk,
en Assuerus Groeneveld,
een erf en getimmertein in de Kleine Leidsedwarsstraat (NZ) te Amsterdam.
[85]
Op 20-6-1725
verkoopt Jan de Warm aan Assuerus Groenevelt,
een 1/2 huis en erf in de Eerste Looiersdwarsstraat tussen Looiersgracht en Looiersstraat te Amsterdam.
[86]
Op 11-7-1725
verkopen Jan de Warm, Hendrik van Dijk, en Assuerus Groeneveld aan Willem van Campen,
een erf in de Kleine Leidsedwarsstraat (NZ) te Amsterdam.
[87]
Op 31-3-1734
verkopen de erven van Claas Arendsz de Vries echtgenoot van Grietie Gerbrands de Ridder aan Jan de Warm,
een huis en erf, waar De Gekroonde Hazewindhond uithangt, op de Prinsengracht (WZ) tussen Egelantiersstraat en Tuinstraat te Amsterdam.
[88]
Op 22-4-1766
verkopen de erven van Jan de Warm aan Johannes George Born,
een, huis en erf, waar De Gekroonde Hazewindhond uithangt, op de Prinsengracht (WZ) tussen Tuinstraat en Egelantiersstraat te Amsterdam.
[89]
Uit het huwelijk (de Warm-Stevens) gedoopt te Amsterdam :
-
a. Susanna de Warm, ged. Westerk. 9-7-1710 (get. Ambrosius de Warm en Susanna Claasen), beg. Amsterdam Karthuizer Kh. 27-7-1710 (kind van Johannes de Warm).
-
b. Aaltje de Warm, ged. Westerk. 12-6-1711, beg. Amsterdam Karthuizer Kh. 28-6-1711 (kind van Johannes de Warm), tweeling met
-
c. Susanna de Warm, ged. Westerk. 12-6-1711 (get. Aeltje Adrijaense, Abraham Stevens, Ambrosius de Warm en Susanna Claasen), ovl./beg. Amsterdam Westerk. (eyge grav) 26-11/2-12-1788, (=kw. nr. 401).
-
d. Aeltje (Alida) de Warm, ged. Noorderk. 18-10-1713 (get. Ammeroos de Warm en Aeltje Adriaens), beg. Amsterdam Nieuwe Zijds Kapel 7-1-1792 (wed. van Cornelis van Dalen op de Leijdsestraat bij de Kerkstraat, ƒ 15,--), woont op de Prinsegracht (1738), in de Leidsestraat (1792),
doopget. (1770),
otr. Amsterdam 14-11-1738 (zijn ouders dood, get. zijn broer Michiel van Dalen, haar vader Johannes de Warm)
Cornelis van Dalen, ged. Amsterdam Westerk. 18-9-1712 (get. Cornelis van Daalen en Magdalena Robijs), ovl. 1760-1792, woont op de Leijdsestraat (1738),
doopget. (1760..1770),
poorter van Amsterdam 24-8-1739 als winkelier en zn. van wijlen Dirk van Dalen, winkelier,
vermeld (1742) met een sitsenwinkel in de Leijdsestraat met 1 dienstbode, huur ƒ 380,--, inkomen ƒ 1200,--,[90]
zn. van Dirk van Daalen en Anna Taakens.
Op 7-7-1802
verkopen de erven van Cornelis van Dalen (de oude) echtgenoot van Magdalena Robijs aan Brandje Hendriks echtgenote van Pieter Krekelaar,
een huis en erf in de Leidsestraat tussen Prinsengracht en Kerkstraat te Amsterdam.
[91]
-
1. Anna van Daalen, ged. geref. Amsterdam ZuiderK. 6-9-1739 (get. Jan de Warm en Trijntie Struijs), doopget. (1777).
-
2. Trijntje van Dalen, ged. geref. Amsterdam Westerk 15-12-1741 (get. Jan de Warm en Trijntje Struijs).
-
3. Dirk van Dalen, ged. geref. Amsterdam Amstelk. 6-1-1743 (get. Michiel van Daelen en Trijntje Struijs).
tr. vóór 1770
Johanna Elisabeth Hallerstede, ged. geref. Amsterdam Nieuwezijdskapel 25-8- 1748 (get. Jan Hendrik Hallerstede en Anna Amelia Ebel), dr. van Dirk Hallerstede en Johanna Happenius
-
aa. Alida van Daalen, ged. geref. Amsterdam WesterK. 25-11-1770 (get. Cornelis van Daalen en Alida d' Warm).
-
bb. Dirk van Dalen, ged. geref. Amsterdam Zuiderkerk 19-10-1774
(get. Dirk Hallerstede en Johanna A.M. Happenius huisvrouw van Dirk Hallerstede).
-
cc. Gerrit van Daalen, ged. geref. Amsterdam Oude K. 28-12-1777 (get. Gerrit Wilkens en Anna van Daalen).
-
4. Johannes van Dalen, ged. Amstelk. 21-12-1745 (get. Johannes de Warm en Trijntje Struijs).
-
5. Magdalena van Daalen, ged. geref. Amsterdam Nieuwe K. 9-8-1747 (get. Michiel van Daalen en Treijntie Struijs).
-
6. Michiel van Dalen, ged. Noorderk. 9-7-1749 (get. Michiel van Daelen en Trijntje Struijs), ovl. jong?
-
7. Michiel van Dalen, ged. Westerk 28-8-1750 (get. Michiel van Daelen en Trijntje Struijs), ovl. jong?
-
8. Michiel van Dalen, ged. Oude k. 23-1-1752 (get. Michiel van Daelen en Trijntje Struijs), ovl. jong?
-
9. Susanna van Dalen, ged. Amstelk. 31-3-1755 (get. Susanna de Warm en Michiel van Daelen).
-
10. Michiel van Dalen, ged. Zuiderk. 5-12-1756 (get. Michiel van Daelen en Susanna de Warm).
-
e. Jannetje de Warm, ged. Nieuwe K. 4-9-1715 (get. Ammeroos de Warm en Susanna Claas), beg. Amsterdam Karthuizer Kh. 22-9-1715 (kind van Jan de Warm).
-
f. Jannis de Warm, ged. Noorderk. 2-8-1716 (get. Ammeroos de Warm en Sanneke Claas), ovl. jong?.
-
g. Jannetje de Warm, ged. Noorderk. 13-3-1718 (get. Ammeroos de Warm en Susanna Claas).
-
h. Johannes de Warm, ged. Noorderk. 16-6-1720 (get. Ammeroos de Warm en Susanna Claas), beg. verm. Amsterdam Karthuizer Kh. 23-6-1720 (kind van Jan de Warm).
-
i. Trijntje de Warm, ged. Noorderk. 17-12-1721 (get. Ammeroos de Warm en Susanna Claas).
804. BARENT LINDE(MA)N, geb. Deckmolt 1664/5, beg. Amsterdam St. Anthonieskh. 27-9-1708 (laat 5 kinderen na), wordt onder de naam Barent Tops (sic!) poorter van Amsterdam 3-6-1694 als komenijhouder van Depmolt in Cleefland,
passer(?) (1693), woonde St. Annastraat (1693), Raamgracht bij de moddermolen (1708),
doopget. (1688, 1696),
otr. Amsterdam 24-4-1693 (get. Casper Lindeman, sijn broeder en Anna Elisabeth Duijtjes (sic! elders Deutgenius), haar behuwd zuster)
805. HENDRI(C)KJE TOPS, ged. Elburg 22-11-1665, beg. Amsterdam Karthuizerkh. 21-12-1738 (laat 2 kinderen na), doopget. (1688..1733),
huwelijksget. (1719..1724),
woonde Niezel (1693), "agter 't Kathuijserskerkhof over 't weduwenhofje" (1738).
Uit het huwelijk (Lindeman-Tops) gedoopt te Amsterdam :
-
a. Christina Lindeman(s), ged. Oude K. 24-1-1694 (get. Casper Lindeman en Abigael Tops), beg. Amsterdam Karthuizer Kh. 30-11-1749 (laat 1 kind na), woont Nieuwe Lelystraat (1720), Negelantiersgragt zuidzijde voorbij de
laatste brug (1749),
otr. Amsterdam 20-12-1720 (get. Anna Deutgenius, zijn nigt, en Hendrickie Tops, haar moeder)
Adolf Heeff, geb. Bouthem 1691/92, beg. Amsterdam Karthuizer Kh. 13-4-1738, woont Nieuwe Lelystraat (1720).
-
1. Hendrina Heeff, ged. geref. Amsterdam Nieuwe K. 18-6-1724 (get. Hendrickie Tops en Jan Lindemans).
-
2. Jan Heef, ged. geref. Amsterdam Nieuwe K. 5-8-1725 (get. Jan Lindeman en Grietje Jans), ovl. jong?
-
3. Jan Heeff, ged. geref. Amsterdam Oude K. 16-2-1727 (get. Willem Heeff en Hendrikie Tops).
-
4. Jan Heet, ged. geref. Amsterdam Nieuwe K. 3-10-1728 (get. Fredrik Jongbloed en Hendrickie Lindeman).
-
5. Hendrina Heeff, ged. geref. Amsterdam WesterK. 30-10-1729 (get. Frerick Jongbloet en Hendrickje Tops).
-
b. Geertruijd Lindeman, ged. Nieuwe K. 31-1-1696 (get. Jacobus Tops en Geertie Tops), beg. Amsterdam 2-2-1696 (kinderlijken, kind van Barent Lindeman).
-
c. Geertruij Lindeman, ged. Nieuwe K. 23-4-1697 (get. Jacobus Tops en Geertie Tops), ovl. na 1744 (beg. mogelijk Amsterdam St. Anthonis Kh. 8-3-1753 of 8-10-1774), woont St. Annadwarsstraat (1719), Anjeliersgraft (1732),
Tiggelstraat (1744),
doopget. (1727..1736),
otr. 1o Amsterdam 10-11-1719 (get. Martha Willekes, zijn nigt, en Hendrickie Tops, haar moeder)
Friedrich Adolf Jungblut, geb. Ebbernhuijsen 1693/94, ovl. 1729-1732, woont Bloetstraat (1719).
doopget. (1727..1729),
otr. 2o Amsterdam 28-3-1732 (beiden voldoen de Weeskamer)
Frans van Dolder(en), geb. Amsterdam, beg. Amsterdam Karthuizer Kh. 5-6-1740, wednr. van Aaltje van Nes in de Roosestraat (1732),
poorter van Amsterdam 2-11-1730 als varensman van Amsterdam,
doopget. (1736),
otr. 3o Amsterdam 2-10-1744 (zij heeft goed ingebracht)
Jan Lapla, geb. Amsterdam, beg. Amsterdam Karthuizer Kh. 26-1-1746, wednr. van Eva Vermon in de Roosestraat (1732).
Uit haar eeste huwelijk (Jungblut-Lindeman) :
-
1. Geertruij Jonkbloet, ged. geref. Amsterdam Oude K. 27-3-1722 (get. Willem Eijsseldoorn en Hendrikie Lindeman).
-
2. Frerik Jongbloet, ged. geref. Amsterdam NoorderK. 15-5-1726 (get. Willem Eijsendoorn en Geertruij Top).
-
3. Hendrina Jonckbloet, ged. geref. Amsterdam NoorderK. 21-4-1728 (get. Jan Lindeman en Hendrickje Tops), beg. verm. Amsterdam Karthuizer Kerkhof 24-9-1730 (Kind van Fredrik Jongbloet).
-
d. Margrita Lindeman, ged. Nieuwe K. 15-12-1699 (get. Casper Lindeman en Geertruijd Tops), beg. Amsterdam St. Anthonieskh 30-3-1738 (Margareta Lindeman in de Engelse poort bij de Lombartsteeg, ƒ 2,--), woont St. Annadwarsstraat (1724), Engelse poort (1738),
otr. Amsterdam 12-5-1724 (get. Trijntje Jans, zijn moeder, en Hendrickie Top, haar moeder)
Arent Gijsberts de Haas, ged. geref. Amsterdam Oude K. 8-7-1701 (get. Jan Jacobse en Jannetie Jacobse), ovl. na 1738?
woont Dijkstraat (1724),
poorter van Amsterdam 9-1-1725 als schoenlapper van Amsterdam en zoon
van wijlen Gijsbert Jacobs, schoenlapper, zn. van Gijsbert Jacobse en Trijntie Jans.
-
1. Catrina de Haas, ged. geref. Amsterdam Oude K. 12-1-1725 (get. Sweerus Gijsbertse de Haas en Trijntje Jans).
-
2. Hendrina de Haas, ged. geref. Amsterdam ZuiderK. 17-7-1726 (get. Hendrick Lindeman en Jacoba de Haas).
-
3. Barent de Haas, ged. geref. Amsterdam Nieuwe K. 15-10-1727 (get. Fredrik Jongbloet en Geertruij Lindeman), ovl. jong?
-
4. Barent de Haas, ged. geref. Amsterdam Nieuwe K. 10-8-1729 (get. Fredrik Jongbloet en Geertruij Lindeman).
-
e. Jan Lindeman, ged. Nieuwe K. 24-1-1702 (get. Johanna van Campen en Johan Linden), (=kw. nr. 402).
-
f. Albertus Lindeman, ged. Nieuwe K. 26-2-1704 (get. Dirck Soepenkamp en Abigael Tops), beg. Amsterdam St. Anthonis Kh. 17-9-1719.
-
g. Aeltie Lindeman, ged. Zuiderk. 23-5-1706 (get. Casper Lindeman en Aeltie Ruska), beg. verm. Amsterdam 13-9-1707 (kinderlijken, kind van Barent Lindeman).
806. JAN JACOBS POTSER, ged. Meppel 10-8-1666, ovl. 1711-1726, woont te Meppel (1697),
tr. Meppel 10-2-1697
807. WIJGHERTJEN HENDRIX TISSINCK, ovl. 1711-1732, woont te Oosterboer (1697).
-
a. Jacob Jans Potser, ged. Meppel 13-10-1697, ovl. jong?
-
b. (Mar)grietje Janse Poster, geb. 1697/98, beg. Amsterdam St. Anthoniskh. 30-10-1765, (=kw. nr. 403).
Haar doop te Meppel niet gevonden, doch zij is ongetwijfeld een dochter uit
dit huwelijk want zij treedt als getuige op bij de
doop van kinderen van al haar broers en zuster.
-
c. Jacob(us) Janse Poster, ged. Meppel 20-5-1703, ovl. 1759-1765, beg. verm. Amsterdam Karthuizer Kh. 22-8-1762 (in de Anjeliersstraat, laat 2 kinderen na), wordt poorter van Amsterdam 21-10-1732 als varensman van Meppel,
woont op Kattenburg (1732), in de Anjeliersstraat (1765),
doopget (1726..1771(¥)),
otr. Amsterdam 25-4-1732 (get. Jan Lindeman, zijn zwager, zijn ouders dood, en Isack Pieters, haar broeder, haar ouders dood)
St(e)ijntje Pieters, ged. Ev. Luth. Amsterdam aan huis 22-7-1703 (get. Jan Jacobs en Geesje Sickes), beg. Amsterdam Karthuizer Kh. 2-2-1784 (wed. van Jacob Poster), woont op het Singel (1732),
doopget. (1735..1771),
dr. van Pieter Jurriaanse, kammenmaker, en Annetje Sickes.
| COMMENTAAR(¥)
Is hij werkelijk in 1771 nog doopgetuige? Dan klopt zijn beg. jaar 1762 niet.
|
Uit dit huwelijk gedoopt te Amsterdam (o.a?) :
-
1. Jan Poster, ged. geref. Westerk. 22-2-1733 (get. Jan Lindeman, Grietje Posters), ovl. jong?.
-
2. Jan Poster, ged. Nieuwe K. 22-6-1734 (get. Isaac Hoogeboom, Geesje Reijns), ovl. jong?.
-
3. Annetje Poster, ged. Ev. Luth. K. 31-7-1735 (get. Lambert Belders en Jannetje Poster).
-
4. Jan Poster, ged. geref. Nieuwe K. 6-8-1737 (get. Roelof Poster en Susanna Elisabeth Stade).
poorter van Amsterdam 7-3-1765 als pruikenmaker en zn. van wijlen Jacob Poster, varensman.
-
5. Wijntje Poster, ged. Ev. Luth. 29-5-1740 (get. Claas Meijnen en Grietje Posters).
poorteres van Amsterdam 5-8-1783 als wolnaaister, tr. vóór 1771
Nicolaas Deij.
-
aa. Wijntje Deij, ged. Ev. Luth. Amsterdam 15-3-1771 (get. Jacob Poster en Stijntje Pieters).
-
6. Pieter Poster, ged. geref. Amsterdam NoorderK. 23-1-1743 (get. Isaacq Hoogeboom en Margrita Hogeboom).
-
7. Isaak Poster, ged. Ev. Luth. Amsterdam 17-4-1745 (aan huis, get. Isaak Hogeboom en Geesje Rijns), poorter van Amsterdam 22-1-1783 als kleermaker.
-
d. Hendri(c)k Janse Po(o)ster (Poorter, Potzer), ged. Meppel 29-11-1705, beg. Amsterdam Karthuizer Kh. 6-5-1783, woont op de Haarlemmerdijk (1733) te Amsterdam,
doopget. (1733, 1750), otr. Amsterdam 24-12-1733 (get. Jan Lindeman, zijn ouders dood, en Jan Graafman, haar vader)
Christina (Stijntje) Graafman(s), geb. Rees 1711/12, beg. Amsterdam Karthuizer Kh. 22-5-1775 (hv. van Hendrik Poster), woont in de Negelantierstraat (1733),
doopget. (1750).
Uit dit huwelijk gedoopt te Amsterdam (o.a.) :
-
1. Jan Poster, ged. Oude K. 13-3-1735 (get. Jan Lindeman en Margreta Poster).
-
2. Lourens Poster, ged. geref. Noorderk. 12-12-1736 (get. Lambert Belders en Jannetje Poster), ovl. jong?
-
3. Poulus Posten, ged. geref. Amsterdam WesterK. 7-2-1738 (get. Roeloff Posten en Susanna Elisabet Stade).
-
4. Lourens Poster, ged. geref. Nieuwe K. 4-10-1739 (get. Jan Graafman en Grietje Poster).
-
5. Wijntije Poster, ged. geref. Amsterdam WesterK. 23-12-1742 (get. Jan Poster(¥) en Wijntje Hendricks).
| COMMENTAAR(¥)
Wie is dat?
|
-
6. Roeloff Poster, ged. geref. Amsterdam Nieuwe K. 10-5-1744 (get. Paulus Grafman en Angenita Cramer).
-
7. Abraham Poorter (sic!), ged. geref. Amsterdam NoorderK. 2-7-1747 (get. Poulus Graafmans en Angenes Kool), ovl. jong?
-
8. Geertruij Poster, ged. geref. Amsterdam NoorderK. 6-11-1748 (get. Roelof Poster en Jannetje Poster), ovl. jong?
-
9. Getruij Pooster, ged. geref. Amsterdam WesterK. 3-11-1749 (get. Poulus Graafmans en Anna Graafmans).
-
10. Anna Gesiena Pooster, ged. geref. Amsterdam WesterK. 25-10-1750 (get. Poulus Graafmans en Anna Gesina Graafmans), ovl. jong?
-
11. Anna Gesiena Poster, ged. geref. Amsterdam WesterK. 9-1-1752 (get. IJan Graafman en Anna Gesijnna Graafman), ovl. jong?
-
12. Anna Gezina Poster, ged. geref. Amsterdam Nieuwe K. 20-4-1755 (get. Jan Graafmans en Anna Graafmans).
-
13. Aberham Pooster, ged. geref. Amsterdam WesterK. 2-1-1757 (get. Roelof Pooster en Susanna Eliesebedt Staade).
-
e. Jan(ne)tjen Jans Poster (Potzer), ged. Meppel 3-10-1708, beg. Amsterdam Noorder Kh. 25-2-1801 (wed. van Lambert Belders), doopget. (1728..1759),
tr. vóór 1734
Lambert Belders, beg. Amsterdam Noorder Kh. 31-5-1767, doopget (1735..1759).
-
1. Weijntjie Belders, ged. geref. Amsterdam Oude K. 8-1-1734 (get. Jan Lindeman en Grietje Poster), beg. Amsterdam Noorder Kerk en Kerkhof 15-12-1737 (kind van Lambert Belders).
-
2. Aaltje Belders, ged. geref. Amsterdam Nieuwe K. 15-6-1738 (get. Jacob Posters en Steijntje Pieters).
-
3. Jan Belders, ged. geref. Amsterdam NoorderK. 4-9-1740 (get. Hendrik Belders en Trijntje van der Wal).
-
4. Annetje Bellers, ged. geref. Amsterdam NoorderK. 30-4-1747 (get. Hendrik Bellers en Trijntje van der Wal).
-
5. Hilletje Belders, ged. geref. Amsterdam NoorderK. 20-8-1749 (get. Evert Belders en Aaltje Belders).
-
f. Roelof Janse Poster (Potzer)[92], ged. Meppel 18-11-1711, beg. Amsterdam Nieuwezijdskapel 11-4-1788, woont St. Nicolaasstraat (1736) te Amsterdam,
poorter van Amsterdam 17-12-1743 als schoenmaker van Meppel,
doopget. (1737..1786),
otr. Amsterdam 4-5-1736
Susanna Elisabeth Stade(r), ged. Essen geref. 21-11-1713 (get. Wennemar Tasche, Frau Judith Herzogenraidt, Elizabeth Bartling, Witwe Heinsch Kaufmann), beg. Amsterdam Nieuwezijdskapel 28-11-1793 (wed. van Roelof Posters), woont Keizersgracht (1736),
doopget. (1737..1786),
dr. van Christophel Stade(r) en Agnes Cath(a)rina Herminghaus.[93]
Uit dit huwelijk gedoopt te Amsterdam :
-
1. Jan Poster, ged. geref. Amsterdam NoorderK. 20-2-1737 (get. Jan Lindeman en Margrita Poster), ovl. na 1788, poorter van Amsterdam 27-10-1763,
doopget. (1779, 1784),
tr. 1o voor 1761
Johanna Hueni(c)k, ovl. 1767-1769, beg. Amsterdam Heiligewegs- en Leidsche Kerkhof 13-6-1768 (Johanna Hunnink, hv. van Jan Poster), tr. 2o 1768/69
Jacoba van Beulingen, beg. Amsterdam Oude Kerk 28-3-1788 (Jacoba van Beulingen, hv. van Jan Poster), doopget. (1779, 1784).
Uit zijn eerste huwelijk (Poster-Huenick) :
-
aa. Johannes Roelof Poster, ged. geref. Amsterdam Oudezijdskapel 25-1-1761 (get. Roelof Poster en Susanna Elisabeth Staade).
-
bb. Magdalena Poster, ged. geref. Amsterdam WesterK. 2-1-1763 (get. Roelof Poster en Susanna Elisabet Stade).
-
cc. Christoffel Poster, ged. geref. Amsterdam Nieuwe K. 11-1-1767 (get. Christoffel Poster en Christina Molle), beg. verm. Amsterdam 15-3-1767 (kinderlijken, Christoffel
Poster).
Uit zijn tweede huwelijk (Poster-van Beulingen) :
-
dd. Henricus Jacobus Poster, ged. geref. Amsterdam WesterK. 9-7-1769 (get. Swaantje van Beulingen en Jacobus van Beulingen).
-
ee. Anna Hendrika Poster, ged. geref. Amsterdam WesterK. 5-10-1770 (get. Jacobus van Beulingen en Swaantje van Beulingen).
-
ff. Hendrik Jan Poster, ged. geref. Amsterdam WesterK. 1-3-1772 (get. Jacobus van Beulingen en Johanna van Beulingen).
-
gg. Anna Poster, ged. geref. Amsterdam Nieuwe K. 4-9-1774 (get. Roelof Poster en Susanna Elisabeth Stade).
-
2. Angenieta Cat(ha)rina Poster, ged. 3-7-1739, doopget. (1768..1807),
otr. Amsterdam 16-9-1763
Daniel Melchers, geb. ca. 1733, poorter van Amsterdam 25-10-1763 als bakker van Hessencassel en schoonzoon van Roelof Poster, schoenmaker,
doopget. (1768..1807),
zn. van Elizabeth Crouwe.
In 1787 koopt Daniel Melchers een huis en erf in de Slijkstraat noordzijde in het midden.
[94]
-
aa. Daaniel Melgers, ged. geref. Amsterdam WesterK. 2-9-1763 (get. Rollof Poster en Susanna Elisebet Staade), tr. vóór 1789
Cahtriena Hoorenberg.
Uit dit huwelijk (o.a?) :
-
aaa. Daniel Melchers, ged. geref. Amsterdam Nieuwe K. 7-6-1789 (get. Daniel Melchers en Angenita Cahtriena Poster), ovl. Amsterdam 11-2-1870, tr. 1o (Amsterdam?) 4-8-1811[95]
Wilhelmina de Winkel, tr. 2o Amsterdam 30-6-1824[96]
Anna Dorothea Eberegt, ovl. 34-9-1864.
-
bb. Susanna Eliesabet Melggers, ged. geref. Amsterdam Nieuwezijdskapel 12-1-1766 (get. Christjan Melggers en Hijntje Poster), tr.
Jan Davit Eerenvelt.
Uit dit huwelijk (o.a?) :
-
aaa. Andries Eerenvelt, geb./ged. geref. Amsterdam ZuiderK. 27/30-4-1800 (get. Daniel Melchers en Angenita Catrina Poster) (Doopbewijs verstrekt).
-
bbb. Jan David Erenvelt, geb./ged. geref. Amsterdam ZuiderK. 8/11-5-1803 (get. Daniel Melchers en Angenita Catharina Poster).
-
ccc. Christoffel Eerenvelt, geb./ged. geref. Amsterdam ZuiderK. 7/12-2-1806 (get. Daniel Melchers en Angenita Catrina Poster).
-
cc. Christoffel Melchers, ged. geref. Amsterdam Oudezijdskapel 31-1-1768 (get. Christoffel Melchers en Wijntje Poster).
-
dd. Roeloff Melgers, ged. geref. Amsterdam Oude K. 5-12-1773 (get. Roeloff Poster en Susanna Elisabet Stade).
-
ee. Christoffel Melgers, ged. geref. Amsterdam Oude K. 10-12-1775 (get. Christoffel Melgers en Wijntje Poster).
-
ff. Andries Melgers, ged. geref. Amsterdam Oude K. 2-4-1780 (get. Christoffel Poster en Anna Ferrenhout) (doopbewijs verstrekt), ovl. Amsterdam 19-9-1847,[97]
smidsknecht,
tr. Amsterdam 12-10-1804[98]
Catharina van der Kloot (Kloet), geb. Amsterdam 14-3-1779, ovl. Amsterdam 16-1-1850, dr. van Leendert van der Kloet en Aaltje Hoogewoudt.
Uit dit huwelijk (o.a?) :[99]
-
aaa. Daniel Melchers, geb./ged. geref. Amsterdam Nieuwe K. 5/6-10-1805 (get. Daniel Melchers en Angenita Catrina Poster), ovl. Amsterdam 23-8-1876, kastemakersknecht, werkman,
tr. Amsterdam 28-4-1830[100]
Maria Alida Groenou, geb./ged. Amsterdam 8-7-1810, dr. van Jan Groenou, landskommies en pianomaker, en Maria Wit.
Hieruit nageslacht, (nog) niet verder onderzocht.
-
bbb. Cathrina Melchers, geb. Amsterdam ca. 1811, ovl. Amsterdam 7-1-1812.
-
ccc. Cathrina Melchers, geb. Amsterdam 23-3-1813, ovl. Amsterdam 5-5-1863, tr. Amsterdam 9-8-1837[101]
Jan Groenou, geb. Amsterdam 19-12-1815, ovl. Amsterdam 27-8-1866, pianomaker, modelmaker,
zn. van Jan Groenou, landskommies en pianomaker, en Maria Wit.
-
ddd. Andries Melchers, geb. Amsterdam ca. 1815, ovl. Amsterdam 16-11-1831.
-
3. Christoffel Poster, ged. geref. Amsterdam WesterK. 27-4-1742 (get. Christoffel Stade en Maria Catrina Stade), ovl. na 1804, beg. verm. Amsterdam Eilands Kerk 17-3-1810 (Christoffel Poster), poorter van Amsterdam 16-3-1768 als timmerman,
doopget. (1767..1807),
tr. 1o voor 1768
Christina Molle(e), beg. Amsterdam Heiligewegs- en Leidsche Kerkhof 11-10-1776 (Christina Molle, hv. van Christophel Poster), doopget. (1767, 1776),
tr. 2o 1772-1782
Anna Ferrenhout, doopget. (1780..1810).
Op 16-7-1778
verkoopt Evert Hendrik Farnhout aan Cristoffel Poster,
2 huizen en erven naast elkaar, tussen dwarsstraat en Brouwersgracht in de Palmstraat westhoek Wijdegang te Amsterdam.
[102]
Op 14-1-1800
verkoopt Albert Ruijtenbergh echtgenoot van Catharina Falentijn aan Christoffel Poster,
en Jan Hendrik Ferrenhout,
2 huizen onder een dak en erven op het Fransepad (NZ) (Palmgracht) tussen de Brouwersgracht en dwmiddelste brug te Amsterdam.
[103]
Op 14-1-1800
verkoopt Albert Ruijtenbergh, echtgenoot van Catharina Valentijn aan Jan Hendrik Ferrenhout,
en Christoffel Poster,
2 achterhuizen en erven in de Wieldraaiersgang (WZ) bij de Willemsstraat (Goudsbloemgracht) te Amsterdam.
[104]
Op 21-9-1804
verkoopt Gerrardus Ferrenhout aan Christoffel Poster,
een huis en erf in de Goudsbloemgracht (NZ) (Willemsstraat) het vijfde huis van de Palmdwarsstraat te Amsterdam.
[105]
Uit zijn eerste huwelijk (Poster-Mollee) :
-
aa. Roelof Poster, ged. geref. Amsterdam ZuiderK. 16-3-1768 (get. Roelof Poster en Susanna Elisabeth Stade), ovl. jong?
-
bb. Susanna Christina Poster, ged. geref. Amsterdam WesterK. 29-3-1772 (get. Roelof Poster en Susanna Elisabeth Stade).
Uit zijn tweede huwelijk (Poster-Ferrenhout) :
-
cc. Evert Henderick Poster, ged. geref. Amsterdam EilandsK. 3-2-1782 (get. Evert H'k Ferrenhout en Anna Heggelaar), ovl. jong?
-
dd. Jacoba Poster, ged. geref. Amsterdam EilandsK. 30-5-1784 (get. Jan Poster en Jacoba van Beulingen).
-
ee. Roelof Poster, ged. geref. Amsterdam EilandsK. 15-10-1786 (get. Roelof Poster en Susanna Elisabet Stade), tr.
Jansie Horneman.
Uit dit huwelijk (o.a?) :
-
aaa. Anna Christina Poster, geb./ged. geref. Amsterdam NoorderK. 22/30-8-1807 (get. Christoffel Poster en Anna Ferrenhout).
-
bbb. Evert Hendrik Poster, geb./ged. geref. Amsterdam Oudezijdskapel 15/27-5-1810 (get. Jan Horneman en Anna Ferrenhout).
-
ff. Anna Poster, ged. geref. Amsterdam WesterK. 9-10-1791 (get. Jan Poster en Anna Heggelaar).
-
gg. Evert Hendrik Poster, geb./ged. geref. Amsterdam EilandsK. 25/28-6-1795 (get. Anna Heggelaar en Gerardus Ferrenhout).
-
hh. Anna Poster, geb./ged. geref. Amsterdam NoorderK. 29-7/8-8-1798 (get. dezelfden).
-
4. Wijntje Paster (Poster), ged. geref. Amsterdam WesterK. 19-2-1745 (get. Jacobus Stade en Maria Catrina Stade), doopget. (1768..1807),
tr. vóór 1768
Christoffel (Christiaan) Melg(h)ers, doopget. (1768, 1775).
-
aa. Johannis Daniel Melgers, ged. geref. Amsterdam Nieuwe K. 7-8-1768 (get. Daniel Melgers en Angenita Katrina Poster), tr.
Agie van der Kruijs.
Uit dit huwelijk (o.a?) :
-
aaa. Wijntje Melchers, geb./ged. geref. Amsterdam WesterK. 13/17-4-1796 (get. Poulus van der Kruijs en Wijntje Poster).
-
bb. Susanna Elisabet Melgers, ged. geref. Amsterdam Nieuwe K. 21-10-1770 (get. Roelof Poster en Susanna Elisabet Staden).
-
cc. Roelof Melgers, ged. geref. Amsterdam Nieuwe K. 25-5-1774 (get. Roelof Poster en Susanna Elisabet Staade), tr. 1o
Sara Sluijter, tr. 2o
Hilletje Rijsenberg.
Uit zijn eerste huwelijk (Melgers-Sluijter) (o.a?) :
-
aaa. Weijnija Melchers, geb. ged geref. Amsterdam NoorderK. 1/8-3-1807 (get. Weijnija Poster en Roelof Melchers).
Uit zijn tweede huwelijk (Melgers-Rijsenberg) (o.a?) :
-
bbb. Annenietje Melgers, geb./ged. geref. Amsterdam ZuiderK. 24-8/3-9-1809 (get. Daniel Melgers en Annenietje Poster).
-
dd. Christina Henderica Melgers, ged. geref. Amsterdam WesterK. 17-3-1776 (get. Christophel Poster en Christina Mollee).
-
ee. Jan Melchers, ged. geref. Amsterdam WesterK. 13-5-1779 (get. Jan Poster en Jacoba van Beulingen).
-
ff. Geertruij Melghers, ged. geref. Amsterdam WesterK. 4-2-1781 (get. Roeloff Poster (junior) en Geertruij de Roek).
-
5. Maria Catrina Poster, ged. geref. Amsterdam WesterK. 21-6-1750 (get. Hendrick Poster en Stentin Grafman).
-
6. Roelof(f) Poster (Jr), ged. geref. Amsterdam Nieuwe K. 4-10-1752 (get. Jan Holzen en Johanna van Kerpen), doopget (1781),
poorter van Amsterdam 4-4-1776 als schilder, tr. vóór 1776
Geertruij de Roek, doopget (1781).
-
aa. Roelof Poster, ged. geref. Amsterdam AmstelK. 21-4-1776 (get. Roelof Poster en Susanna Elisabet Stade).
-
7. Wilhelmus Jacobus Poster, ged. geref. Amsterdam Nieuwe K. 11-8-1756 (get. Jan Holster en Anna Magdalena Hekkings), poorter van Amsterdam 15-11-1782 als kamerbehanger.
tr. vóór 1782
Johanna Meeijer.
-
aa. Susanna Eelisebet Poster, ged. geref. Amsterdam Oude K. 17-3-1782 (get. Roelof Pooter en Susanna Eelisebet Stade).
808. NN MOUTON (MATON), tr.
809. EMILIA VAN DE WATER, beg. Rotterdam Cool gaarder 31-1-1707 (als huisvrouw van NN Mouton), wonend op de Schie (1707).
Uit dit huwelijk (o.a.?) :
-
a. Johannes Maton (Mouton), geb. vóór ca 1685, ovl. vóór 1740, (=kw. nr. 404).
-
b. Izaak Mat(t)on, geb. Den Haag vóór ca. 1685, ovl. Rotterdam (als echtgenoot van Marija Cooper, laat 3 minderjarige kinderen na, woont Lombertstraet, over Tiele vervoert na Den Bergh in de kerk), beg. Hillegersberg 15-3-1724 (in de kerk, geen kleed, 1 maal geluid, van Rotterdam), woont in de Lombertstraet bij de Lombertsebrugge (1708..1724),
te Rotterdam,
otr./tr. Rotterdam geref. 8/24-1-1708
Maria Copee (Cooper, Koppee, Coepe), geb. Rotterdam, beg. Rotterdam 10-1-1747 (als Maria Koppee, wed. van Isaac Maton, laat 1 minderjarig kind en erfgenaam na en 2 meerderjarige kinderen, woont G. Cingel over l' kerk), wonend in de Lombertstraat (1708), G. Cingel over l' kerk (1747)
te Rotterdam,
doopget. (1725, 1732).
Uit dit huwelijk (o.a.?, in 1724 nog 3 minderjarige in leven) :
-
1. Emelia (Emilia) Isaac Mouton (Moton, Ma(a)ton), ged. Rotterdam geref 30-10-1708 (get. Johannis Maton, Ariaentie Coepe), beg. Rotterdam 4-2-1737 (als huisvrouw van Cornelis van Balkhoven ,laat 3 minderjarige kinderen na), doopget. (1727),
wonend te Lombertstraat (1728) bij de Lomberse brug (1737),
otr./tr. Rotterdam geref. 12/28-9-1728
Cornelis (van) Balkhoven, geb. Arnhem, beg. Rotterdam 3-11-1740 (laat 2 minderjarige kinderen na), wonende in de Lommerstraat (1728..1737). Hij hertr. Rotterdam 29-10-1737 Catharina Kasteleijn.
Uit dit huwelijk (o.a.?, in 1737 nog 3 minderjarige kinderen in leven) :
-
aa. NN van Balkhoove, beg. Rotterdam St. Jans
kerkhof 21-12-1728 (kraamkind van Cornelus van Balkhoove).
-
bb. Angenieta Cornelis van Balchooven, ged. Rotterdam geref. 12-10-1730 (get. Joannis van Balchooven, Joanna Roesenbos), beg. Rotterdam 8-7-1737 (kind van Cornelis Balkhoove, oud 6 jaar).
-
cc. Isak Cornelis van Balkhove, ged. Rotterdam geref 18-9-1732 (get. Maria Coupee).
-
dd. Heinrikus Cornelis van Balkhoven, ged. Rotterdam geref. 15-1-1737 (get. Johanna Roesenbos).
-
ee. NN Balkhoove, beg. Rotterdam 8-6-1737 (kind van Cornelus Balkhoove).
-
2. Philip(pus) Isaak Maton, ged. Rotterdam geref. 11-1-1711 (get. Johannes Maton, Ariaentje van Es en Susanna Copee), beg. Rotterdam 11-10-1770 (laat na 1 meerderjarig kind en 2 minderjarige kinderen), woont te Binnenweg Onder Cool (1740),
Santstraat over 4-Windestraat (1741..1749),
Hoogstraat over 't Dolhuijs (1770),
otr./tr. Rotterdam geref. 22-5/6-6-1740 (gaarder 19-5-1740 ƒ 3,00)
Adriana van Besooijen, geb. 1706/1707, beg. Rotterdam 20-1-1778 (laat 3
meerderjarige kinderen na), gaarder 19-1-1778 (oud 71 jaar, aan
de Binneweg onder Kool en te Rotterdam begraven wordende, 3 mondige kinderen), wonend te Binnenweg Onder Cool (1740).
doopget. (1772).
Uit dit huwelijk (o.a.?) :
-
aa. Maria (Marijtje) Maton, ged. Rotterdam geref. 26-2-1741 (get. Maria Maton), jongedochter van Rotterdam wonend in de Hoogstraat (1761),
otr./tr. Rotterdam geref. 3/19-5-1761
Jan van Gaale, jongeman van Rotterdam (1761), wonend op de Binnenweg (1761..1782).
Hieruit verder nageslacht bekend.
-
bb. Cornelis Maton, ged. Rotterdam geref. 19-1-1744 (get. Cornelia van Besooijen), woont op den Binnenweg onder Cool (1772..1777),
tr.
Anna Peeper.
Uit dit huwelijk (o.a.?) :
-
aaa. Philippus Maton, ged. Rotterdam geref. 16-8-1772 (get. Adriana van Besooijen), beg. Cool (gaarder) 14-12-1776.
-
cc. Isak Maton, ged. Rotterdam geref. 15-1-1747 (get. Anna Cink), beg. Rotterdam 11-5-1747 (kraamkind van Philippus Maton).
-
dd. Ysak Maton, ged. Rotterdam geref. 11-2-1749 (get. Anna Sink).
-
3. Zaggerias Maton, ged. Rotterdam geref. 22-1-1713.
-
4. Jacob Maton, ged. Rotterdam geref. 20-8-1715.
-
5. NN Maten, beg. Rotterdam 26-09-1719 (kind van Isack Maten, oud 5 jaar, in de Lombertstraet naest de groenvrouw), dit is mogelijk Jacob.
810. HENDRIK (VAN) RO(E)SENBOS(CH), ovl. vóór 1707, tr. vóór 1707
811. CORNELIA MATON (MOETON/MOUTON)(¥), woont Botersloot te Rotterdam (1707),
tr. 2o Rotterdam geref. 13-3/5-4-1707 (als weduwe van Hendrik van Rosenbosch, afkomstig van Delff)
JAN KOSTER, j.m., afkomstig van 's Gravenhage, woont Lombertstraat te Rotterdam (1707),
doopget. (1737..1755),
Uit haar eerste huwelijk (van Roesenbos-Maton) mogelijk :
-
a. Johanna Roesenbos(ch), geb. vóór ca. 1695, ovl. na 1754, (=kw. nr. 405).
filiatie niet bewezen.
Uit haar tweede huwelijk (Koster-Maton) mogelijk :
-
a. Johanna de Koster, doopget. (1747).
COMMENTAAR(¥)
Blijkbaar een andere Cornelia Mouton is:
PIETER MATON, tr. vóór 1668
HILGONT PIETERS. Hieruit (o.a.?) :
-
a. Cornelia Pieters Maton, ged. Delft geref. 23-12-1668 (get. Cornelis Thonisse, Meijnsje Aelbrechts en Marij Brasseur), beg. Delft Oude Kerk 27-4-1746 (als Conelia Moton, wed. van Jan Bovaart), doopget. (1726..1736),
otr. Delft 7-7-1691
Joannes (Jan) Bouvaert (Bo(e)vaart, Bovaard), beg. wellicht Delft Oude Kerk 31-8-1729 (als Jan Bovaard) of 17-9-1729 (als Jan Bovaart of 21-8-1732 (als Jan Boovaert).
-
1. Pietertie Bovaard, ged. geref. Delft 31-9-1692 (get. Katarina Mouton, Abigaal Mouton), beg. wellicht Delft Oude Kerk 27-11-1692 (kind van Jan Bovaar).
-
2. Cornelis Boevaart, ged. Delft 4-12-1698 (get. Daniel Motton, Elijsabet van Dijck).
-
3. Eva Bouvart, ged. Delft St. Josephparochie 7-11-1700 (get. Joannes Adam Bartholome en Maria Vermeulen).
-
4. Raghel Boevaert, ged. Delft 12-8-1703 (get. Johannis van der Saag en Rachel van der Broek), beg. wellicht Delft Oude Kerk 13-3-1707 (armkind van Jan Bovaart).
-
5. Catrijna Bovaart, ged. geref. Delft 31-3-1706 (get. Stoffel de Werelt, Abijgael Maton).
-
6. Abijgel Bovaart, ged. geref. Delft 25-8-1709 (get. Johannes van der Saagh, Abijgel Matton, Lijsbet Matton, NB hier heet de moeder Cornelia Bovaart ).
|
820. PIETER KLAASSE VAN KEULEN, geb. vóór ca. 1650, ovl. na 1693, parentatie niet bewezen,
treedt op als getuige in een akte, wonend te Kerkwerve (1671),
wordt als gehuwde man wonend te Elkerzee geref. lidmaat aldaar 1693,
landman (1675, 1683) wonend te Cappelle (1675, 1683),
tr. vóór 1681
821. SIJTJE CORNELIS, ovl. na 1693.
Op 19-10-1675 machtigt
Pieter Claesse van Keulen, landman, wonend te Capelle (Duiveland),
Joan Vijnk, procureur.
Get. Abram Paulusse, Abram Paulusse.
[106]
Op 22-2-1681 wordt een akkoord gesloten tussen
Daniel Dingemansse, te Westenschouwen,
(gehuwd met?/wednr. van?) Crijntje Dingemans,
verwant aan
Rens Cornelisse, overleden, secretaris,
Pieter Claesse van Keulen,
(gehuwd met?) Sijtje Cornelis,
Claes Tonisse Lopse, te Elkerzee,
Pieterje Cornelisse
Maijken Cornelis
Aechken Cornelis, te Nieuwerkerk.
Get. Jacobus Walrant, koopman, Pieter Pieterse van den Berch.
[107]
Op 19-7-1681 machtigt
Pieter Claesse van Ceulen, wonend te Capelle (Duiveland),
Christoffel van Meerderwerff, notaris,
inzake
Rens Cornelisse, overleden, secretaris.
Get. Pieter Jan Oortse, herbergier, Jan Reijnderse Noom, landman.
[108]
Op 26-1-1683 machtigen
Pieter Claesse van Keulen en Sijtje Cornelis, wonend te Capelle (Duiveland), NN.
Verder genoemd Claes Thonis Lobse, te Elkerzee,
Weduwe van Daniel Ockerse,
Adriaen van der Hove.
Get. Joos Pauwelse, smid, Aert Soetemanse, gareelmaker.
[109]
Pro memorij akte d.d. 28-1-1683.
Personen:
Pieter Claase van Ceulen, comparant, landman te Capelle (Duiveland),
Jacob Corstiaense de Maat, comparant, landman te Nieuwerkerk,
Daniel Ockerse, overleden, raadsheer.
Get. Pieter Jan Oorse, Joannis Oorse, beiden te Zierikzee.
Het betreft: overname van de pacht van een boerderij van de weduwe van Daniel Ockerse vlakbij Capelle door De Maat.
[110]
Akte van insinuatie d.d. 3-11-1685
Personen:
Crijntje Dijngemans, insinuant,
Cornelis de Witte, Heer,
Reijnier Cornelisse, overleden,
Pieter van Keulen,
Claes Tonisse Putocq,
Cristoffel van Melde.
Get. Bastiaen Blom, Claes Bulaert de Jonge.
[111]
-
a. Cornelis Pieters van Keulen (Ceulen), ged. Elkerzee 15-10-1684, ovl. 2-4-1736, (=kw. nr. 410).
-
b. Maatje van Keulen, doopget. (1706).
822. PIETER BOUDEWIJNS, geb. vóór ca. 1685, ovl. na 1736, tr. vóór ca. 1710[112]
823. ELISABETH JANS SWAGER, ovl. Kerkwerve feb. 1736.
Op 9-8-1736 wordt te Kerkwerve boedelinventaris opgemaakt van Elisabeth Janse Swager, overleden te Kerkwerve in feb. 1736. Haar wednr. is Pieter Boudewijnse. Tot voogd wordt benoemd Jochem Janse Swager. Het batig saldo bedraagt £ 87.17.8.
De minderjarige kinderen zijn:
De meerderjarige kinderen zijn:
3. Krina Pieters, gehuwd met Jacob Kister; 4. Neeltje Pieters, gehuwd met Cornelis Jacobsz. Gertse.
5. Janna Pieters, gehuwd met Job Peute; 6. Geertruijt Pieters, gehuwd met Cornelis Kister.
De meerderjarige kinderen deden afstand van hun erfportie.
[113]
[114]
Uit dit huwelijk (in 1736 in leven):[115]
-
a. Krina (Crijna) Pieterse Boudewijnse, doopget. te Kerwerve (1734, 1739),
otr. Zierikzee geref. 1734 (attestatie gegeven 18-4-1734)
Jacob Stoffelsz Kister (Kisser), verm. wednr. van Pieternella Meertens (huw. 1714),
verm. zn. van Stoffel Leendertsz Kister en Lizabeth Jacobs.[116]
-
b. Neeltje Pieters Boudewijnsen, geb. vóór ca. 1710, ovl. na 1747, tr. 1730
Cornelis Jacobsz Gertse, ovl. na 1747, vermeld in een akte (1727).
-
1. Krina Cornelisdr, geb./ged. Kerkwerve 12/13-7-1732 (get. Jannetje Jacobse Gertse).
-
2. Elijsabeth Cornelisdr, geb./ged. Kerkwerve 17/24-1-1734 (get. Krijna Pieters Boudewijnsen).
-
3. Leendert Cornelisz, geb./ged. Kerkwerve 7/14-8-1735 (get. Elijsabeth Jacobse Gertse), ovl. jong?
-
4. Geertruid Cornelisdr, geb./ged. Kerkwerve 9/11-11-1736 (get. Jannetje Jacobs Gertse).
-
5. Jan Cornelisz, geb./ged. Kerkwerve 18/19-4-1739 (get. Neeltje Stoffelse Kisser).
-
6. Jacomijntje Cornelisdr, geb./ged. Kerkwerve 15/21-0-1741 (get. Elijsabeth Jacobs Gertse).
-
7. Leendert Cornelisz, geb./ged. Kerkwerve 14/17-2-1743 (get. Grietje Cornelisse).
-
8. Pieternella Cornelisdr, geb./ged. Kerkwerve 14/29-1-1747.
-
c. Janna Pieters Boudewijns, geb. vóór ca. 1715, tr. (Kerkwerve?) 30-3-1733
Job Kornelisse Peute, vermeld in akten (1737, 1739),
verm. wednr. van Pieternella Dirxsen Velde(n).
Op 23-10-1739 wordt een verklaring afgelegd door
Job Cornelisse Peute. Verder genoemd:
Willem Cornelisse Peute,
Willem Breekpot, comparant.
Get. Jacobus van der Vliet.
[117]
Uit dit huwelijk (o.a.?):
-
1. Tannetje Peute, geb./ged. Kerkwerve 3/6-12-1733 (get. Jacomijntje Speelman).
-
2. (E)lijsabeth Jobse Peute, geb./ged. Kerkwerve 24/17-4-1735 (get. Geertje Pieters), ovl. na 1774, doopget. (1774),
tr. 1o voor 1757
Pieter Janse Krijgsman, ovl. 1760-1766, tr. 2o voor 1766
Cornelis Janse de Bruine. Hieruit verder nageslacht bekend.
-
d. Geertruijt Pieters Boudewijns, (=kw. nr. 411).
-
e. Pieternella Pieters, geb. 1721/22.
-
f. Boudewijn Pieterse, geb. 1725/26.
826. BOUDEWIJN AARTSE VAN DEN ENDE, geb. vóór ca. 1695, ovl. Zierikzee 1740[118], treedt op als get. in akten (1723, 1732), dan wonend te Zierikzee,
wednr. van Zierikzee (1728, 1731),
otr. 2o Zierikzee geref. 12-8-1728
TONA TONIS DEN BOER, ovl. Zierikzee 1730[119], wed. van Zierikzee (1728),
otr. 3o Zierikzee geref. 21-12-1730
WILLEMIJNTJE (WILLEMINA) KOOLE, ovl. Zierikzee 1733[120], wed. van Zierikzee (1731),
otr. 1o voor 1720
827. NEELTIE REIJNIERS, ovl. Zierikzee 1727 (als vrouw van Boudewijn van d' Ende)[121].
Op 13-2-1720 testeert te Zierikzee: Neeltie Reijniers, wonend te Zierikzee. verder genoemd :
Boudewijn Aartse van den Ende (haar echtgenoot?),
Maria Bastiaens, (haar moeder?). Getuigen zijn
Jacob Boer en Leendert Beijer beiden wonend te Zierikzee.
[122]
Willemyntje Koole wordt vermeld in de weeskamer van Zierikzee (1753).[123]
Uit zijn eerste huwelijk (Van den Ende-Reijniers):
-
a. Bastiana Boudewijns van den Ende, geb. vóór ca. 1720, (=kw. nr. 413).
filiatie niet bewezen.
-
b. NN van den Ende, ovl. Zierikzee 1727 (dochter van Boudewijn van d' Ende)[124].
-
c. NN van den Ende, ovl. Zierikzee 1728 (kind van Boudewijn van den Ende)[125].
828. FRANS JACOBSE (DE(N)) BL(E)IJ(C)KER, geb. vóór ca. 1670, ovl. Zierikzee 11-11-1730 [126]
[127]
, getuigt in akten te Zierikzee (1714..1725),[128]
tr. 2o ..esse (Renesse? Spijkenisse?) 2-9-1703 [129]
ANNETJE ISAAKS DE BLIJKER, tr. 3o 1708-1712
JANNETJE JAKOBS DEN BLIJKER, ovl. Zierikzee 18-6-1728 [130], tr. 4o Zierikzee 20-6-1728 [131]
JANNETJE CORNELISSE DE BLONDE, ovl. Zierikzee 12-1-1744 [132], huw. get. (1737),
vermoedelijk dr. van Cornelis de Blonde, slager te Noordgouwe, en Cornelia Pieters,[133]
[134]
tr. 1o ..esse (Renesse?) 8-9-1691
829. KATELINA KAM(¥), ovl. Zierikzee 1702 [135].
| COMMENTAAR(¥)
Wat is het verband met Cornelis de Kam, geb. ca. 1630, uit wie
Willem Cornelissen de Kam, geb. ca. 1656,
tr. 1o ca. 1680
Catelijntje Aernoudts, tr 2) ca. 1690 Louwertie Louwers,
otr/tr 3) Koudekerke 12/27-3-1712 Leijntie Cornelis Machielsen.
[136]
|
Uit zijn eerste huwelijk (de Blijker-Kam)[137]:
-
a. Jannetje Frans de(n) Bl(e)ijker, geb. Zierikzee 27-10-1693, ovl. Zierikzee 3-7-1759, doopsgez. lidmaat te Zierikzee 1712.
tr. 15-5-1718[138]
Krijn Simonsz Looij, huw. get. (1737).
Op 25-8-1725 testeren Krijn Sijmonse Looij en Jannetie Frans den Bleijker, beiden wonend te Zierikzee.
[139]
Uit dit huwelijk (Looij-de Blijker) geboren te Zierikzee [140] :
-
1. Simon Looy, geb. 16-2-1719, ovl. 20-5-1719.
-
2. Katalina Looy, geb. 10-7-1722, ovl. 30-7-1722.
-
3. Grietje Looy, geb. 7-1-1726, ovl. 8-4-??.
-
4. Katalina Looy, geb. 9-2-1726.
-
5. Grietje Looy, geb. 6-12-1727, ovl. 9-12-1727.
-
6. Simon Looy, geb. 30-11-1732, ovl. 24-6-1733.
-
7. Simon Looy, geb. 14-2-1734.
-
8. Francina Looy, geb. 14-2-1734, ovl. 21-4-1734.
-
b. Jacob de Blijker, geb. Zierikzee 3-6-1696, ovl. Zierikzee 10-2-1777, (=kw. nr. 414).
-
c. Neeltje de Blijker, geb. Zierikzee 6-12-1698, ovl. Zierikzee 4-4-1730 (1731?), tr. Zierikzee 8-5-1729
Arent (Adriaan) Goeree, ovl. Zierikzee 1734[141].
Vermeldingen in de Weeskamer van Zierikzee[142] : Adriaan Goeree, (1735), inv. nr. 210/29. Zoek op!
-
1. NN Goeree, geb. 1729-1731, ovl. Zierikzee 1733 (kind van Adriaan Goeree)[143].
Uit zijn tweede huwelijk (de Blijker-de Blijker)[144]:
| COMMENTAAR(¥)
In het register Overleden personen Zierikzee komen twee onbenoemde kinderen voor
van Frans den Bleijker, ovl. 1709 en ovl. 1711.
Het is onduidelijk om welke kinderen het gaat.
|
-
d. Antje de Blijker, geb. Zierikzee 15-5-1704, ovl. Zierikzee 1720 (als Anna France Bleijker)[145].
-
e. Isaak de Blijker, geb. Zierikzee 12-3-1708.
Uit zijn derde huwelijk (de Blijker-den Blijker)[146]:
-
f. Maria de Blijker, geb. Zierikzee 3-8-1712, ovl. Zierikzee 10-7-1720.
-
g. Jan Fransz de Blijker, geb. Zierikzee 19-6-1715, ovl. Zierikzee 1744, doopsgez. lidmaat te Zierikzee 18-4-1736,
tr. Zierikzee 5-5-1737[147]
Jannetje Jans Verduijn, ovl. 1744,[148]
-
1. Frans de Blijker, geb. Zierikzee 26-10-1737, ovl. Zierikzee 23-12-1737 (kind van Jan Franse Bleijker)[150]
[151]
.
-
2. Adriaantje de Blijker, geb. Zierikzee 9-10-1739 (kind van Jan Blonker !)[152]
[153]
.
-
3. Jan de Blijker, geb. Zierikzee 1-2-17??.
848. JAN JACOB STUYR (STEUR, STUUR)(¥), geb. vóór ca. 1670, beg. Laren impost 2-2-1736, vermeld als Jan Jacobz Stuur als erfgooier te Laren (1708),[154]
betaalt als Jan Stuer ƒ 1,2,-- verponding voor een huis te Laren getaxeerd op ƒ 13,--,--, (1733),[155]
tr. (als Jan Jacobsz)
849. GEERTJE JANS.
| COMMENTAAR(¥)
zoek op vermeldingen van Jan Jacob Stuur in ORA Laren, inv. nr. 3253, f15,134 en 3254, f203, 204, 214.
voorts wed. van Gijsbert Jacobs Stuur, in ORA Laren, inv. nr. 3250, f55
|
Jan Steur wordt te Laren vermeld in de Lijst van gemeente gerechtigden (1708), en in een lijst van Eigendom van bomen (ca. 1740).
[156]
Ongedateerde acte te Laren (tussen 1740 en 1744) :
"Weegens boomen die voor de huijse Voor den een, en den
anderen Sijn Staande Namelijk
Nog het huijs daar Jan Donker van ouds in gewoont heeft.
Nu de Erfgenamen Van Jan Steur Staan de boomen Voor 't gemeen"
[157]
Uit dit huwelijk gedoopt RK te Blaricum:
-
a. Jacob Jans, ged. 4-7-1691 (get. Jannitje Jacobs), beg. Laren RK 9-11-1714 (als Jacob Jans Steur of is dit de grootvader?).
-
b. Joannes Jans, ged. 17-5-1706 (get. Grietjen Jans).
-
c. een kind van Jan Stuyr, beg. Laren RK 4-2-1703.
-
d. Gijsbertus Janse Steur, (=kw. nr. 424).
filiatie niet bewezen.
-
e. Wil(le)m Janse Steur (Stuer), filiatie niet bewezen.
tr. 1o Laren 5-5-1725 (impost)
Cornelia Jacobs, tr. 2o Laren impost/RK 6/7-5-1740
Alegundis (aaltje) Cornelis.
Uit dit huwelijk gedoopt RK te Laren (kinderen van hem worden beg. te Laren 1729-1742 ZOEK OP):
-
1. Gijsberta Willems Steur, ged. Laren RK 26-3-1741.
-
2. Grietje Willems Steur, geb. vóór ca 1727, beg. mogelijk Laren impost 3-3-1803, filiatie niet bewezen.
tr. 1o Laren 4-5-1747 (impost)
Tijmen Jansze Willaart (Wilthert), tr. 2o Laren impost/RK 15/15-8-1761
Teunis Gerritszen (Caarsgaren).
De kinderen van Tijmen Jansz worden te Laren vermeld in de Lijst van gemeente gerechtigden (1708).
[158]
Uit dit huwelijk kinderen RK gedoopt te Laren 1747-1757.
-
3. Lubbertje Willems Steur, geb. vóór ca 1737, beg. Laren impost 25-11-1799, tr. Laren impost/RK 5/6-5-1753
Lubbert Crijnen (Rosendaal).
Uit dit huwelijk een kind RK gedoopt te Laren 1757.
-
4. Geertje (Gerritje) Willems Steur, geb. vóór ca 1760, beg. Laren impost 3-5-1809, filiatie niet bewezen.
otr. 1o Laren 28-1-1779 (impost)
Harmen Barisz (Barendsz) Cuyper(s), ovl. Laren 29-9-1787 (impost), otr. 2o Laren 18-4-1790 (impost, pro deo)
Mijns Jansz Huyseman.
-
5. C(or)nelis Willems Steur, geb. vóór ca. 1745, ovl. na 1784, filiatie niet bewezen.
otr. Laren impost/RK 11/11-5-1765
Geertje Pieters.
Uit dit huwelijk gedoopt :
-
aa. Aeltje Cornelis Steur, ged. Laren RK 26-1-1768.
-
bb. Cornelia Cornelis Steur, ged. Laren RK 7-9-1770.
-
cc. Aeltje Cornelis Steur, ged. Laren RK 28-5-1772.
-
dd. Gerrit Cornelis Steur, ged. Laren RK 15-10-1773.
-
ee. Jannitie Cornelis Steur, ged. Laren RK 9-10-1775.
-
ff. Willem Cornelisz Steur , ged. Laren RK 5-6-1778.
-
gg. Cnelia Cornelis Steur, ged. Laren RK 16-2-1780.
-
hh. kind van Cornelis Willems Steur, beg. Blaricum 27-7-1781 (impost, pro deo).
-
ii. Wil(le)m Cornelisz Steur, ged. RK Blaricum 3-3-1784 (get. Maritje), beg. Blaricum 25-3-1784 (impost, pro deo).
-
6. Jacob Willems Steur(¥), ged. vóór ca. 1745, beg. Laren impost 18-7-1799, filiatie niet bewezen.
tr. Laren impost/RK 10/10-5-1758
Beudtje Gerrits (Andriesen).
| COMMENTAAR(¥)
zoek op Laren ORA inv. nr. 3247, f54
|
Uit dit huwelijk (Steur-Andriesen) RK gedoopt te Laren :
-
aa. Willem(ijn)tje Jacobs Steur, ged. Laren RK 5-11-1765, ovl. na 1807, otr. Laren 15-4-1798 (impost ƒ 6,--,--)
Gerrit Otten Smit, is voogd in 1811.
Uit dit huwelijk kinderen gedoopt te Laren 1799-1807 waaronder :
-
aaa. Gijbertje Smit, geb. Laren 1799/1800, tr. Laren 16-1-1822
Klaas van der Dussen, geb. Laren 1793/94, zn. van Pieter van der Dussen en Grietje Bon.
-
bb. Bettje Smit, geb. Laren 1801/02, tr. Laren 10-5-1826
Willem de Haar, geb. Hilversum 1800/01, zn. van Doris de Haar en Annetje Vonkenburg.
-
bb. Jan Jacobs Steur, ged. Laren RK 29-12-1766, ovl. na 1793, otr. Laren 19-4-1789 (impost ƒ 6,--,--)
Gijsbertje Cornelis Bakker (de Jonge).
Uit dit huwelijk (Steur-Bakker) RK gedoopt te Laren :
-
aaa. Cnelis Janse Steur, ged. Laren RK 23-7-1790 (of 28-7-1790), (get. Botie Bakker).
-
bbb. Jabik Janse Steur, ged. Laren RK 22-7-1792.
-
ccc. Jabik Janse Steur, ged. Laren RK 2-12-1793.
-
cc. Gijsbertje Jacobs Steur, ged. Laren RK 2-11-1770.
-
7. Jan Willems Stuur(¥), filiatie niet bewezen.
| COMMENTAAR(¥)
zoek op Laren ORA inv. nr. 3252, ƒ 189,190
|
-
f. Gerrit Jansz Steur, filiatie niet bewezen,
belender te Laren (1-10-1742)(¥)
| COMMENTAAR(¥)
zoek op ORA Laren, inv. nr. 3241, f60[159]
|
852. GEURT JANSZ DE WIT, komt in 1717 tweemaal voor als voogd in processen te Laren,
[160].
Laren Brandkeur 1696:[161]
"1696 den 2 april is bij die vanden gerechten namentlijk lubbers tuenisen
Buuermeester Rutger Martesen/Willem Guertsen ende Willem Cornelis swanicken
Sijne scheepenen neeuens de Vier Raden Vant dorp Laeren geresolveert en vast
Gesteelt dat alle de in Woonders vant selve Dorp Laer binnen den tijdt van viertien
daegen na dato deses sullen moeten Versien van sodanigen brandt gereetschap als bij
Jders Naem staet Uijt gedruijckt namentlijck leeren ende staaken
de leeren moeten lang sijn 8 sporten en de stocken inde haaken moeten
lang sijn 15 voet."
...
Geurt Jansen de Wit
Uit hem mogelijk (parentatie niet bewezen) :
-
a. Jan Geurtsen de Wit, geb. vóór ca. 1695, beg. RK Laren 9-8-1748, (=kw. nr. 426).
854. PIETER ANXEN(¥), ovl. vóór 1708, tr.
855. NN, ovl. na 1708, komt voor als d'Wed: Pieter Anxen op de lijst van erfgooiers te Laren (1708).
[162]
| COMMENTAAR(¥)
Is zijn broer mogelijk :
Claas Assen (of Anxe) (de Groot), vermeld op de erfgooierslijst te Blaricum (1708), bezit het recht tot scharen, maar gebruikt het niet (1706), tr. Blaricum 11-2-1686 Lijsbeth Everts Sas.
[163]
|
Uit dit huwelijk mogelijk (parentatie niet bewezen) .
-
a. Anxien P(i)eters, geb. vóór ca. 1695, beg. RK Laren 31-12-1762, (=kw. nr. 427).
856. HENDRIK (VEEN?).
-
a. Pieter Hendriks (Veen), geb. ca. 1695, ovl. vóór 1751, (=kw. nr. 428).
858. TATICK (T(H)AD(D)EUS) CLAASZ (DICK), beg. Weesp 29-9-1683 als Thaddeus Claasz (impost) [164], wednr. van Weesp (1678),
genoemd in het Register van de Collaterale Successie
[165]
te Weesp 28-3-1684 tesamen met Annetie Taticksdr, landschepen van
Weespercarspel (1668..1680)
telkens afwisselend met Marten Claesz, die mogelijk zijn broer is
[166],
genoemd in de geref. lidmatenlijst van Weesp in 1650 (¥)
en 1672,
tr. 1o voor 1672
TRIJNTIE CORNEELIS, beg. Weesp 21-12-1673 (impost), als huisvrouw van Tadeus Claasz,
otr. 2o Weesp (gerecht) 21-6-1678 (get. voor haar Annetie Dirks, hij als Tadeus Claasz Dick, wednr. van Weesp)(¥)
FRANSIJNTIEN BARENTS, geb. Amsterdam ca. 1642 (¥), beg. Weesp 26-2-1679 (impost) als huisvrouw van Thaddeus Claasz.
| COMMENTAAR(¥)
of betreft het hier een naamgenoot?
|
| COMMENTAAR(¥)
In Boegem, klapper T Weesp staat 21-5-1678 check!
een mogelijke otr. te Amsterdam niet gevonden, blijkbaar woonde zij daar nog
maar kort.
|
| COMMENTAAR(¥)
mogelijk:
Fransina Barents, ged. Ev. Luth. Amsterdam 9-10-1639,
dr. van Barent Jansz.
|
Uit zijn eerste huwelijk (Claasz-Corneelis) geboren (o.a.?, dopen 1671-1675 bekeken ) :
-
a. Claasie Taticks, geb. vóór ca. 1660, beg. Weesp 12-1-1713 (impost), otr./tr. Weesp 6/21-11-1683
Pieter Pieterse (Moras), beg. Weesp 28-10-1728.
Uit dit huwelijk (o.a.?):
-
1. Mietje Pieterse (Moras), beg. Weesp 24-8-1734.
-
b. Pieter (Taticks), ged. geref. Weesp 21-9-1672.
-
1. Tatick Pieterse, geb. vóór ca. 1690, tr. Weesp 13-7-1713
Pieternelletje Kornelis van der Haak, verm. dr. van Cornelis Cornelis van der Haeck en Geertje Abrams van Stroom (huw. 16784).
-
c. Annetie Taticksdr, geb. vóór 1684, genoemd in het register van de collaterale Successie te Weesp 28-3-1684
[167].
-
d. L(e)ijsbet Taticks, geb. vóór ca. 1660, beg. Weesp 8-7-1713 (impost);(¥)
tr. Weesp 17-6-1680
Ghijsbert Cornelisz, beg. Weesp 10-12-1711.
| COMMENTAAR(¥)
Wie is Lijsbet Taticks, beg. Weesp 5-4-1753.
|
Uit dit huwelijk een kind beg. Weesp 2-9-1713.
Uit zijn tweede huwelijk (Claasz-Barents) geboren :
-
a. Maria (Marij) Taticke (ook Tatike Marretje Top), ged. geref. Weesp 29-1-1679, ovl. na 1746, doopget. 1737 (zie kw. nr. ⇒ 428 ), huw. get. (1740, 1746),
tr. vóór ca. 1715
Cornelis Cornelis Scheepmaker, ovl. vóór 1740.
Uit dit huwelijke (o.a.?, volgorde onbekend):[168]
-
1. Cornelis Cornelisze Schepemaker, beg. verm. Weesp 4-11-1755, tr. Ouder-Amstel RK 12-12-1734[169]
Digna Huijbers.
-
aa. Huijbert Scheepmaker, ged. RK Ouder-Amstel 24-9-1735 (get. Frederik Huijbers).
-
bb. Crelis Scheepmaker, ged. RK Ouder-Amstel 10-2-1737( get. Martie Crelis Scheepmaker).
-
cc. Huijbert Scheepmaker, ged. RK Ouder-Amstel 26-4-1738 (get. Frederik Huijbers).
-
dd. Grietie Scheepmaker, ged. RK Ouder-Amstel 25-5-1739 (get. Grietie Cornelis Scheepmaker).
-
ee. Cornelia Scheepmaker, ged. RK Ouder-Amstel 14-6-1740 (get. Neeltje Cornelis Scheepmaker), beg. Ouder-Amstel 7-5-1794, tr. 1o Ouder-Amstel RK 24-7-1763[171]
Pieter Claasz van Dijk, otr./tr. 2o Ouder-Amstel 1/15-11-1770[172]
Cornelis Aardsen (Arisz) de Lange, beg. Ouderkerk a/d Amstel 1-2-1810.
j.m., wonende onder Ouder-Amstel.
-
2. Grietie (Margaretha) Cornelis Schepemaker(s), doopget. (1739),
tr. Ouder-Amstel RK 13-11-1743[173]
Gijsbert Everse Schoute(n).
Uit dit huwelijk (o.a.?):
-
aa. Johanna (Jannetje) Gijsberts Schouten, geb. Abcoude St. Pieter, ged. RK Abcoude 28-7-1748 (get. Lijsbeth Cornelis Scheepmaker), meerderjarige j.d. wonend te Abcoude St. Pieter (1773),
otr./tr. Abcoude Proosdij gerecht/ Abcoude St. Pieter 9/25-4-1773
Anthonij van Waijen, geb. Abcoude St. Pieter, meerderjarige j.m. wonend te Abcoude St. Pieter (1773).
-
bb. Maria Gijsberts Schouten, ged. RK Abcoude 8-4-1750 (get. Neeltje Cornelis Scheepmakers).
-
cc. Everardus Gijsberts Schouten, ged. RK Abcoude 9-1-1754 (get. Baefje Jacobs van Velsen).
-
dd. Antje Gijsbertse Schouten, geb. vóór ca. 1750, ovl. 1767-1790, j.d. wonend te Abcoude St. Pieter (1767).
otr./tr. Abcoude Proosdij/Aasdom St. Pieter 17-4/3-5-1767 (get. zijn moeder Gijsbertje van Dijk, wed. van Cors Huibertsz Bos en haar vader Gijsbert Schouten, aanget. Abcoude St. Pieter)
Wilhelmus (Willem) Cosse (Bos), geb. Abcoude Bercks gerecht, ged. RK Abcoude-Proosdij 14-4-1736 (get. Christina Huijbers Bosch), beg. Abcoude Proosdij (impost) 15-10-1794, zn. van Kors (Cos(mas)) Huibertse Bos(ch) en Gijsbertje Willems van Dijk (zie kw. nr. ⇒ 431 ).
-
3. Marritie Crelis Schepemaker, doopget. (1737),
tr. Ouder-Amstel RK 27-9-1733[174]
Claas Martense Blomswaart.
-
4. Neeltie Cornelisse Scheepmaeker, doopget. (1740, 1750),
otr./tr. 1o Ouder-Amstel RK 25-6/10-7-1740 (get. haar moeder Marretje Tadik, wed. van Cornelis Schepemaeker),[175]
Pieter Gijsen van der Laan, otr./tr. 2o Ouder-Amstel RK 24-8/10-9-1747[176]
Pieter Gerritsz Koot.
-
5. Lijsbet Cornelis Scheepmaker, geb. de Rijke Waveren (gerecht Botshol), woont te Abcoude Proosdij (1746),
doopget. (1748),
otr. 1o Abcoude Proosdij gerecht 7-4-1746 (get. haar moeder Tatike Marretje Top),
tr. 1o Ouder-Amstel RK 23-4-1746[177]
Cornelis Aarsse (Aartsz) Buijs, geb. Loenersloot, ovl. 1746-1753, wednr. van Hilletje Pieters,
woont te Abcoude Proosdij (1746),
tr. 2o Ouder-Amstel RK 9/26-8-1753[178]
Gerbrand Jansen.
-
6. Johanna Cornelis (Scheepmaker), ged. Abcoude RK 29-8-1724 (get. Claesje Taticke) ("zij horen in de Bullewijck, maar de pastoor is absent").
-
7. Tadik Cornelisse Schepemaker, ged. RK Ouder-Amstel 25-12-1726, wonende in de Waver onder Ouderkerk (1726),
otr./tr. Ouder-Amstel RK 9/26-8-1726[179]
Jannetie Jans, wonende in de Waver onder Ouderkerk (1726),
dr. van Jan Gerrebranse.
-
aa. Cornelis Scheepmaker, ged. RK Ouder-Amstel 14-11-1754 (get. Grietie Cornelis Scheepmaker).
-
bb. Maria (Marietje) Tadiks Scheepmaker, ged. RK Ouder-Amstel 23-10-1760, en RK Nes a/d Amstel 25-10-1760 (get. Gerbrand Jansen en Marietje Gerbrandse), ovl. Abcoude-Proosdij 16-10-1826 (als Marritje Scheepmaker, huisvrouw van Klaas Setvast), otr./tr. Ouder-Amstel 29-3/22-4-1798[181]
Nicolaas (Klaas) Sitvast (Sipvast), geb. ca. 1775, ovl. Abcoude-Proosdij 6-1-1840, winkelier,
zn. van Gerrit Zitvast en Dievertje Zoethof.
-
8. Elbert Scheepmaker, ged. RK Ouder-Amstel 16-10-1731.
-
b. kind, beg. Weesp 20-2-1679 (kind van Tatick Claasz, impost).
-
c. kind, beg. Weesp 5-10-1693 (kind van Tatick Claasz, impost).
-
d. Claasje Taticks (Top), geb. ca. 1687-1705, (=kw. nr. 429).
-
e. Bruin Taticks(en) de Bruin, geb. vóór ca. 1685, beg. Weesp 16-12-1732 (impost), wijkmeester te Weesperkarspel 18-7-1715 [182],
geref. lidmaat te Weesp op belijdenis 10-1-1710,
tr. Weesp 7-4-1707
Marritie Gerrits de Ronde, geb. vóór ca. 1685, beg. Weesp 31-7-1738.
Uit dit huwelijk (volgorde onbekend):
-
1. Kaatje (de Bruin), beg. Weesp 22-5-1737 (impost) als dr. van Bruin Taticks de Bruin.
-
2. Klaas Bruijne de Bruijn, beg. Weesp 31-12-1783, otr./tr. 1o Weesp 31-3/15-4-1736
Neeltje Dirks de Boer, geb. ca. 1707-1715, beg. Weesp 31-3-1753, verm. dr. van Dirck Franse (de Boer) en Neeltje Dirks (de Raat) (huw. 1707),
tr. 2o Weesp 17-11/2-12-1753
Jannetje Huiberts Dorland, beg. Weesp 23-6-1787.
Uit zijn eerste huwelijk:
-
aa. Aaltje Klaase de Bruijn, beg. Weesp 4-2-1817, otr./tr. Weesp 6-4/21-4/23-4/1765
Hendrik (Dirksz) Kea, beg. Weesp 22-12-1787.
-
3. Ary Bruijne de Bruijn, beg. (Weesp niet gevonden), otr./tr. 1o Weesp 24-4/16-5-1751
Magteltie Janse Buijs, beg. (Weesp niet gevonden), otr./tr. 2o Weesp 24-5-1766
Marretje (Stevens) (de) Reus, beg. (Weesp niet gevonden), wordt in 1792 door haar moeder Marretje Dirks Stroo aangewezen als een van de acht (half)broers en (half)zusters uit haar huwelijken met 1. Steven Hendriksz de Reus en 2. Hendrik Jansen van der Laen, die van haar erven,[183]
dr. van Steven Hendriksz de Reus en Marretje Dirks Stroo.[184]
-
4. Dirk Bruijne(n) de Bruijn, beg. Weesp 17-7-1762, otr./tr. 1o Weesp 12-4/4-5-1732
Geijs(bert(je Gerrits Scheepemaaker, geb. verm. 's-Graveland, ged. Oud-Loosdrecht 6-8-1705[185], beg. Weesp 15-4-1752, dr. van Gerrit Willems Scheepmaker en Gijsbertje Pieters Bakker,
otr./tr. 2o Weesp 22-9/23-9/8-10-1752
(H)anna Claas (de Groot), beg. wellicht Weesp 22-10-1791 (als hv van NN van der Berg).
-
5. Grietje Bruijne de Bruijn, beg. Weesp 19-11-1789, otr./tr. 1o Weesp 14-4/15-4/30-4-1752
Gijsbert Meijersz, beg. Weesp 29-7-1752, otr./tr. 2o Weesp 15-6/16-6/1-7-1753
Jan (Rutsz) van Dijk, beg. Weesp 5-2-1761, otr./tr. 3o Weesp 5/20-9-1761
Gerrit (Harmensz) van der Heijden, beg. Weesp 10-10-1782.
-
6. Jan Bruijne de Bruijn, beg. wellicht Weesp 8-4 of 25-8-1808, otr./tr. Weesp 22/23-12-1752/7-1-1753
Jannitje Dirks Stroo(ij), beg. Weesp 4-3-1773 (als Strooij, h.v. van Jan Bruijnen), doopget. (1756, 1760) bij kinderen van haar zuster Marretje Dirks Stroo, in 1760 samen met Jan Janse de Bruin (= Jan Bruijne de Bruijn?)
dr. van Dirk Claesz Stroo en Marretje Lammerts.[186]
-
7. Marritje Bruijne (de Bruijn of van Horre), beg. Weesp 6-2-1749, otr./tr. 1o Weesp 26-4/25-5-1732
Jan Broeckmeijer, beg. (Weesp niet gevonden), otr./tr. 2o Weesp 8-1/9-1/24-1-1745
Sijmon Janse (van Hoorn), beg. (Weesp niet gevonden).
-
f. Willem Taticks, geb. vóór ca. 1680, puur hypothetisch,
-
1. Tatick Willems (Coopmanschap), geb. ca. 1700, beg. Weesp 29-3-1757, otr./tr. 1o Weesp 28-3/23-4-1720
Trijntje Reijers (Bout), ovl. 1720-1724, beg. (niet gevonden te Weesp), dr van Jan Cornelisz Bout en Emmetje Jacobs,
otr./tr. 2o Weesp 27-4/14-5-1724
Dirckie Hendricks Schep, beg. (niet gevonden te Weesp).
Uit deze huwelijken vermoedelijk :
-
aa. Neeltje Taticksz Coopmanschap, geb. vóór ca 1735, beg. Weesp 21-1-1758 (als hv. van Hendrik Pieters Veen), otr./tr. Weesp 16-4/8-5-1757
Hendrik Pietersz Veen, geb. vóór ca. 1735, ovl. na 1758 (beg. Weesp niet gevonden), (zie kw. nr. ⇒ 428 sub c).
-
bb. Hendrik Tatiksz Coopmanschap, geb. vóór ca 1735, beg. Weesp 31-12-1763, otr./tr. Weesp 15/30-4-1758
Gerretje (Jacobs) Moolen, geb. vóór ca 1735, beg. (niet gevonden te Weesp), verm. dr. van Jacob Gerritse Molen en Aaltje Gerrits (Sloothaak) (huw 1729).
-
cc. Willem Taticksz Koopmanschap, geb. vóór ca. 1720, beg. verm. Weesp 7-4-1801, otr./tr. Weesp 17/25-10-1744 en 1-11-1744
Maria Jans (van der Burg), geb. vóór ca. 1720, beg. verm Weesp 8-2-1746.
Uit dit huwelijk mogelijk :
-
aaa. Marretje Willems, beg. Weesp 1-6-1751 (impost) als dr. van Willem Taticksz.
-
dd. Marretje Tatickse Coopmanschap, beg. (niet gevonden te Weesp), otr./tr. Weesp 14-3/5-4-1761
Jacobus (Adolfsz) ter Steegen.
-
2. Geertruij(d) Willems Coopmanschap, beg. (niet gevonden te Weesp), otr./tr. Weesp 19-12-1720/5-1-1721
Jan Jansz (van) Oosterwijk.
-
3. Cornelis Willems Coopmanschap, geb. vóór ca. 1696, beg. Weesp 17-9-1768, otr./tr. 1o Weesp 3/27-12-1716
Aaltie Claas, otr./tr. 2o Weesp 23-12-1730/14-1-1731
Lijsbeth Dirksz (van Heusden), beg. Weesp 5-9-1781 (als wed. Koopmanschap).
-
4. Marretje Willems Coopmanschap, beg. (niet gevonden te Weesp), otr./tr. Weesp 23-1/8-2-1700
Frans Everse Kickvors.
-
5. Trijntje Willems Coopmanschap, beg. (niet gevonden te Weesp), otr./tr. Weesp 6/7-11-1720
Claes Jacobsen (Hel(li)ng), beg. Weesp 15-10-1743.
-
6. Wijntje Willems Coopmanschap, otr. Weesp 9-1-1721
Jacob Sijmense (de Boer), beg. (niet gevonden te Weesp).
-
g. Gijsbertje Taticks (Drost), geb. vóór ca. 1704, ovl. na 1734, filiatie niet bewezen,
otr./tr. 1o Weesp 22/23-11-1724
Dirck Aersen (uit den Bos), ovl. 1724-1734, otr./tr. 2o Weesp 29-5/13-6-1734
Gerrit Sijmensen (van Proosdij).
860. HUIBERT JANSEN (BOS), geb. vóór ca. 1665, bakker? (1698),
tr. vóór 1690
861. AELTJE JANS.
|
De bakker.
Gravure uit "Het Menselijk Bedrijf", door Johannes en Caspaares Luyken. Eerste uitgave : Amsterdam, 1694.
klik op plaatje(s) om te vergroten |
Uit dit huwelijk (o.a.? RK doopboek Abcoude begint 1689):
-
a. Christina (Stijntje) Huijberts (Bos), ged. RK Abcoude Proosdij 18-11-1690 (get. Baafje Jans), doopget. (1736..1744),
wordt aangeslagen voor het Zeedijksgeld (1748) [187].
-
b. Willempje Huijberts (Bos), ged. RK Abcoude Proosdij 2-10-1692 (get. Opje Jans).
-
c. Feijtje Huijberts (Bos), ged. RK Abcoude Proosdij 20-3-1694 (get. Maria Cornelissen).
-
d. Cosmas Huijberts (Bos), ged. RK Abcoude Proosdij 18-7-1695 (get. Opje Jans), ovl. jong?
-
e. Johanna Huijberts (Bos), ged. RK Abcoude Proosdij 10-1-1697 (get. Fijtje Cornelissen).
-
f. Baafje Huijberts (Bos), ged. RK Abcoude Proosdij 22-8-1698 (get. Maritje Cornelis IJsbranden, hier heet de vader Huijbert Jansen de bakker!), doopget. (1733).
-
g. Cosmas Huijberts (Bos), ged. RK Abcoude Proosdij 14-7-1701 (get. Marten Jansen, in wiens naam als doophefster optrad Fijtje Cornelis), (=kw. nr. 430).
-
h. Willem Huijberts (Bos), ged. RK Abcoude Proosdij 28-3-1704 (get. Claes Gijssen, in wiens naam als doophefster optrad Marijtje Cornelissen).
-
i. Claes Huijberts (Bos), ged. RK Abcoude Proosdij 11-1-1706 (get. Maritje Cornelis).
-
j. Maritje Huijberts (Bos), ged. RK Abcoude Proosdij 10-7-1707 (get. Metje Claes).
-
k. Jan Huijberts (Bosch), doopget. (1734, 1738).
tr. wellicht
Jannetje Jacobs, of
tr. wellicht
Catrina (Coenraads?) Delvaux.
862. WILLEM (VAN DIJK?) (¥), tr. vóór ca. 1700 NN. (Barentje Claes?).
| COMMENTAAR(¥)
Is Willem van Dijk, commissaris van de brandspuit (1758-1775), en
gildemeester van het Timmermans-, Metselaars- en Glazenmakersgilde te Weesp
[188] verwant?
|
Uit zijn huwelijk geboren (o.a.?) :
-
a. Gijsbertje Willems van Dijk, (=kw. nr. 431).
-
b. Beertje Willems van Dijk, filiatie niet bewezen,
doopget. (1738).
868. JACOB AERTSEN SETHOVEN, geb. vóór ca. 1660, ovl. 1696-1701, vermeld te Langer Aar en Korter Aar in de Legger op het gemaal in het lager kwartier van Rijnland (ca. 1680)
met 3 ½ personen in de klasse van de armen of aalmoezen levende,
[189]
gerechtsbode en deurwaarder van de Gemeene
Landsmiddelen van Ter Aar (1685),[190]
tr. 2o voor 1685
CORNELIA CORNELIS DE HOUFT, ovl. vóór 1685, tr. 3o Ter Aar geref. 1685 (als haar wednr.),[191]
ANNA (ANNETJE) KLAASSE WESELENBURG, ged. Langeraar 1-2-1654, ovl. na 1702, dr. van Claas Jacobs Wezelenburg, bouwman en veenman te Langeraar, diaken en ouderling te Ter Aar, ambachtsbewaarder van Langeraar en Korteraar,[192]
en Hillegont Huygen de Heer,[193]
tr. 1o
869. GRIETJE ARIENS VAN HIJSELENDOORN.
Kohier van de 100e penning van Rijnland : 1702.
Claes Jacobsz Weselenburg te Korteraar overleden. Erven: Huyg Claesz Weselenburg, Jacob Claesz Weselenburg, Jacob Jansz Capiteyn en Annetje Claes Weselenburg, weduwe van Jacob Aertsz Sethoven.
Uit zijn eerste huwelijk (Sethoven-Hijselendoorn):[194]
-
a. Pieter Jacobs Sethoven, (=kw. nr. 434).
-
b. Lijsbet Jacobs Sethoven.
Uit zijn derde huwelijk (Sethoven-Weselenburg) :
-
c. Aart Jacobse Sethoven, ged. Alphen 22-7-1696, beg. Kouderkerk 7-5-1772, j.m. van Langeraar, wonend te Koudekerk (1725),
tr. Kouderkerk 11-11-1725 en Ter Aar geref. 1725[195]
Neeltje Willems Ooostenrijck, ged. Hazerswoude 18-4-1700, beg. Kouderkerk 14-10-1779, j.d. van Hazerswoude (1725),
doopget. (1729),
dr. van Willem Jans Oostenrijck en Barbera Cornelis Langendam.
Op 28-3-1721 verkopen
Pieter Klaasz Kleijwegh voor zichzelf en handelend namens Jelis Klaasz Kleijwegh als voogden over Klaas en Saartje Joris Kleijwegh, en Aart Sethoven als vader en voogd over Neeltje Aartsdr Sethoven, aan Arij Engelsz Mulder een huis en erf aan de Lage Zijde onder Aarlanderveen, belend ten oosten de kinderen van Klaas Arij Stevensz, ten westen juffrouw van der Dussen, ten zuiden het Jaagpad en ten noorden de Lage Rijndijk. Belast met een pacht toekomende de weduwe van Johannes Kool. De koopsom is 130 gulden.
[196]
Uit dit huwelijk geboren (o.a.?) :
-
1. Antje Aarts Sethoven, ged. Koudekerk 20-10-1726, tr. Alkemade 9-3-1755
Symon Willemsz van Leeuwen, ged. Alphen 11-12-1695, wednr. van Geertje Outshoorn en Geertje Dircksdr Vos,
woonde te Nieuwe Wetering,
vermeld als ambachtsbewaarder en schepen van Alkemade 1737/49,
zn. van Willem Symons van Leeuwen en Maartje Ariens Verweij.
[197]
[198]
Uit dit huwelijk 7 kinderen, waaronder:[199]
-
aa. Jacob Sijmonse van Leeuwen, ged. Alkemade 21-5-1757, ovl. Leiderdorp 10-5-1847, bouwman, eigenaar van de Engelendaale te Leiderdorp,
staande op de plaats van het vroegere klooster van die naam,
tr. Alphen 1-5-1785[200]
Dingena den Benschopper, geb. Lakerveld, ged. Lexmond 23-3-1760, ovl. Leiderdorp 14-8-1843, dr. van Arie den Benschopper en Maayke Burggraaff.
-
bb. Willem Sijmonse van Leeuwen, woonde in bij zijn broer Jacob.
-
cc. Barber (Barbara) Symonsdr van Leeuwen, geb. 1766, tr.[201]
Gerrit Gerritsz van Claveren, te Leiderdorp, in 1798 behorende tot het college van Rechters van Rijn1and.
-
2. Neeltje Aartsdr Sethoven, filiatie niet bewezen.
-
d. Hilligje Jacobs Sethoven, ged. Ter Aar 23-7-1690, ovl. aangegeven Ter Aar 28-5-1745, tr. Ter Aar 30-11-1709[202]
Pieter Maertensz van Leeuwen, geb. onder Aarlanderveen, ovl. Ter Aar 21-10-1757 (gaarder ƒ 3,--, aangever zijn zoon Maarten van Leeuwen). Hij hertr. 2o Ter Aar (otr. 26 april) 1750 Catharina Hoove, geb. te Korbach (Waldeck, D). [203]
Uit dit huwelijk nageslacht (zie kw. nr. ⇒ 1756 ).
-
e. Neeltje Jacobs Sethoven, j.d. van Langeraar (1715),
doopget. (1712, 1735),
otr. 1o Rijnsaterwoude 4-1-1715
Kornelis Klaasz Lolle, ovl. 1715-1720, wednr van Neeltje Pieterse Kuijs,
otr./tr. 2o Rijnsaterwoude 5/21-1-1720
Claas Willemse Lelivelt, j.m. van Rijnsaterwoude (1720).
-
f. Grietje Jacobs Sethoven, filiatie niet bewezen,
doopget. (1716).
-
g. Claas Jacobs Sethoven, j.m. van Langeraar (1727),
tr. Koudekerk 14-9-1727 en Ter Aar geref. 1727
Hendrickje Dirks Outshoorn, wed. van Baan Jansz, wonend te Koudekerk (1727).
872. PIETER JANS VAN STRATEN, geb. vóór ca. 1660, parentatie niet bewezen,
doopget. (1713, 1714, 1719),
tr.
873. NN (mogelijk Aeltje Dircks van Dam).
Uit dit huwelijk mogelijk :
-
a. Klaas Pieters van Straten, geb. vóór ca. 1700, ovl. vóór 1764, wonend onder Reeuwijk (1721),
otr./tr. Alfen aan de Rijn gaarder pro deo 5/16-1-1721 (met attestatie naar Reeuwijk 2-2-1721)
Dirckje Dircx Droog, ovl. na 1764, j.d. wonend te Alfen (1721).
Uit dit huwelijk gedoopt te Alfen aan de Rijn :
-
1. Marijtje Klaas van Straten, ged. 23-7-1724 (get. Marijtje Pieterse van Straten).
-
2. Neeltje Klaas van Straten, ged. 5-1-1727 (get. Marijtje Pieterse van Straten).
-
3. Pieter Klaasz van Straten, ged. 24-7-1729 (get. Neeltje (Aaije?) Ambagtsheer).
-
4. Johannes Klaasz van Straten, ged. 10-1-1734 (get. Frederijntje Frederiks Vertros (Vertest?)).
-
b. Marrigje Pieterse van Straten, geb. Zoeterwoude vóór ca. 1700, wonend te Reeuwijk (1721).
doopget. (1724, 1727) als Marijtje (?),
otr. Alfen aan de Rijn gaarder pro deo 20-12-1720/5-1-1721
Arij Dirkse Droog, geb. Waddinxveen, ovl. na 1764, j.m. wonend te Alfen (1721).
Op 5-4-1764 transporteert Arij Dirksz Droog namens de erven van Cornelis Dirkse Droog en Jannigje Meesen van 't Riet
aan Jacob de Wit een
boerderij met 10 m 550 r land in de Zuidzijderpolder te Bodegraven,
belendingen de Rijn (n), de Zuidzijderkade (z), de heer Mansveld (o), Willem de Wit (w).
De koopsom is ƒ 1950,--.
[204]
Op 26-4-1764 compareren
Arij Dirksz Droog, voor zich zelf en met procuratie van Cornelia Droog, weduwe van Nanne Alblas, en Dirkje Droog, weduwe van Claas van Straaten, procuratie voor Jan van der Snoek, notaris te Boskoop, d.d. 28-3-1764, Dirk Pieterse Droog, Jan Meese van 't Ried, handelend voor de armmeesters van de Gereformeerde kerk te Boskoop, als represanten van Neeltje Pieters Droog, Jacob Droog, Cornelis Hennebos, getrouwd met Maria Droog, Jan Meese van 't Ried en Arij Dirkse Droog als voogden over de minderjarige kinderen van Jacob Droog en Geertruij Jansdr Zanders, Jan Meese van 't Riedt, Dirk Cornelisse van 't Ried, Arij Cornelisse van 't Ried, Willem van der Giessen, getrouwd met Anigje Cornelisse van 't Ried, Harmanus Broekhuijsen, getrouwd met Jannigje van 't Ried, Gerrit Aartse Boer, getrouwd met Aagje van 't Ried, Jan Meese van 't Riet en Arij Dirkse Droog als voogden over de minderjarige kinderen van Cornelis van 't Riedt en Zijtje Cobusse Vos, nog als voogden over de minderjarige kinderen van Jan Vermeulen en Meijntje van 't Riedt, allen als erfgenamen van Cornelis Dirkse Droog en Jannigje Meese van 't Riedt, in leven echtelieden, overleden onder Bodegraven. Zij verkochten bij veiling op 14-2-1764 aan Jacob de Wit, wonend te Bodegraven, 325 roeden land in de Bodegraverkampen, strekkend van de Vromanswetering tot de Bodegraafsedijk, belend ten oosten Jan Pietersz Mansveldt en ten westen Jan Pieterse van Vliet, en nog 6 morgen 1 hond land in het Broekveld, strekkend van de Vromanswetering tot Pieter Dirksz Landsgeloof, belend ten oosten Jan de Keijser en ten westen Jan Pietersz van Vliet. De koopsom is 400 gulden.
[205]
-
c. Ludovina Pieters van Straten, geb. vóór ca. 1700, j.d. van Langeraar (1723),
otr. Ter Aar schepenen 13-4-1723
Willem Cornelis van Deugd.
-
d. Jan Pieterse van Straten, (=kw. nr. 436).
876. JAN CORNELISZ WITTEBOL, geb. vóór ca. 1645, ovl. na 1700, woont te Benthuizen (1671),
vermeld in de transportregisters van Hazerswoude (1659-1690),
huw. get. (1700),
tr. Hazerswoude 17-1-1666[206]
877. JANNETJE CORNELIS HOUWELING, geb. vóór ca. 1645, ovl. na 1714, woont te Benthuizen (1671),
doopget. (1711, 1714).
Op 26- 2-1671 compareren Jan Corneliss Wittebol en Jannitgen Cornelis Houwelingh, echtgenoten, en wonende te Benthuizen.
[207]
Uit dit huwelijk (o.a.?, hiaat Rem. doopboek Hazerswoude 1669-1673) :
-
a. Maritje Jans Wittebol, ged. Rem. Hazerswoude 21-11-1666 (get. de vader, Jacob Cornelisz Wittebol en Annetje Cornelisse Wittebol), beg. Hazerswoude geref. 29-1-1690 ("'t Lijk van Marijtje Jansdochter Wittebol")[208].
-
b. Aaltje Jans Wittebol, geb. ca. 1669, ovl. na 1709, j.d. van Haserswoude (1692),
doopget. (1692),
otr./tr. Hazerswoude geref. 4/18-5-1692[209]
Anthonis Cornelisz van der Linde, ovl. na 1709, j.m. van Haserswoude (1692).
-
1. Marijtje Anthonis van der Linde, ged. Rem. Hazerswoude 28-1-1693 (get. de vader, en Trijntje Jans Wittebol), ovl. jong?
-
2. Leendert Anthonis van der Linde, ged. Rem. Hazerswoude 31-3-1698 (get. de vader, sijn suster Lijsbeth Cornelis van der Linden).
-
3. Cornelis Anthonis van der Linde, ged. Oudshoorn-Gnephoek 19-6-1695, ovl. jong?
-
4. Cornelis Anthonis van der Linde, ged. Oudshoorn-Gnephoek 9-9-1696.
-
5. Marijtje Anthonis van der Linde, ged. Oudshoorn-Gnephoek 28-3-1700.
-
6. Adriaentje Anthonis van der Linde, ged. Oudshoorn-Gnephoek 15-5-1701.
-
7. Jannetje Anthonis van der Linde, ged. Oudshoorn-Gnephoek 5-11-1702.
-
8. Aeltje Anthonis van der Linde, ged. Oudshoorn-Gnephoek 21-3-1704.
-
9. Arij Anthonis van der Linde, ged. Oudshoorn-Gnephoek 29-3-1705, ovl. jong?
tweeling met
-
10. Jan Anthonis van der Linde, ged. Oudshoorn-Gnephoek 29-3-1705.
-
11. Arij Anthonis van der Linde, ged. Oudshoorn-Gnephoek 9-5-1706.
-
12. Antje Anthonis van der Linde, ged. Oudshoorn-Gnephoek 24-7-1707, ovl. jong?
-
13. Antje Anthonis van der Linde, ged. Oudshoorn-Gnephoek 4-11-1708, ovl. jong?
-
14. Antje Anthonis van der Linde, ged. Oudshoorn-Gnephoek 17-11-1709.
-
c. Trijntje Jans Wittebol, geb. ca. 1671, doopget. (1693)(¥),
j.d. van Haserswoude (1695),
otr./tr. Hazerswoude geref. 11-9/2-10-1695[211]
Willem Pieters Visch, j.m. van Haserswoude (1695).
| COMMENTAAR(¥)
Als zij in 1693 nog doopgetuige en in 1696 trouwt is dan is zij dus blijkbaar niet Trijntje Jans Wittebol, beg Hazerswoude geref. 5-2-1690 ("'t Lijk van Trijntje Jans Wittebol).[212]
|
Uit dit huwelijk (o.a.?):
-
1. Claes Vis, ged. Rem. Hazerswoude 15-7-1696 (get. de vader (die hier heet Willem Claesz Vis!, Pieter Leenartsz Haekend'oever met sijn huisvrouw Aechje Aelberts), ovl. jong?
-
2. Claes Vis, ged. Rem. Hazerswoude 3-11-1697 (get. de vader, Pieter Leenardss Haekend'oever met sijn huisvrouw Aechje Aelberts).
-
3. Maertje Vis, ged. Rem. Hazerswoude 3-11-1697 (get. de vader, Pieter Pieter Leenardsz Haek ind' Oever met sijn huisvrouw Aechje Aelberts).
-
d. Jan Jansz Wittebol, geb. ca. 1672, beg. Ter Aar 9-11-1750[213], (=kw. nr. 438).
-
e. Magteld Jansse Wittebol, ged. verm. Rem. Hazerswoude 16-9-1674 ("een dochtertje", get. vader en moeder), ovl. na 1723, doopget. (1709),
j.d. van Haserswoude, wonend te Oudshoorn (1698), woont te Oudshoorn (1723), otr./tr. 1o Hazerswoude geref. 29-6/20-7-1698
Pieter Pieters Hijselendoorn, ovl. 1715-1723, j.m. van Haserswoude, wonend te Oudshoorn (1698),
otr./tr. 2o Koudekerk 26-8/12-9-1723 (als zijn weduwe)[214]
Aart Hendriks de Rijk, geb. Koudekerk, j.m. van Koudekerk (1723).
Uit haar eerste huwelijk (Hijselendoorn-Wittebol):[215]
-
1. Pieter Pieters Hijselendoorn, ged. Rem. Hazerswoude 8-3-1699 (get. de vader, sijn suster Anna Pieters Hijselendoorn).
-
2. Marijtje Pieters Hijselendoorn, ged. Oudshoorn 6-2-1701 (get. Marijtje Franse van Suijlen).
-
3. Jan Pieters Hijselendoorn, ged. Oudshoorn 30-8-1705 (get. Jannetje Corn. Wittebol), ovl. jong?
-
4. Jan Pieters Hijselendoorn, ged. Oudshoorn 3-10-1706.
-
5. Antje Pieters Hijselendoorn, ged. Alphen a.d. Rijn (ingeschreven in Oudshoorn) 27-10-1709 (get. Steijntje Franse van Suijlen), ovl. jong?
-
6. Jannetje Pieters Hijselendoorn, ged. Oudshoorn 14-l2-1710 (get. Trijntje Jans Wittebol).
-
7. Aaltje Pieters Hijselendoorn, ged. Oudshoorn l5-11-1711 (get. Anna Pieters en Jannetje Corn. Houweling), tweeling met
-
8. Annetje Pieters Hijselendoorn, ged. Oudshoorn l5-11-1711 (get. Anna Pieters en Jannetje Corn. Houweling).
-
9. Sijmon Pieters Hijselendoorn, ged. Oudshoorn 21-4-1714 (get. Jannetje Corn. Houweling).
-
10. Cornelis Pieters Hijselendoorn, ged. Oudshoorn 14-7-1715 (get. Jaapje Dirks Blonk).
-
f. Cornelis Jans Wittebol, geb. ca. 1676, ged Rem. Hazerswoude 27-10-1680 ("oud omtrent 4 jaren", get. Cornelis Jansz Wittebol), tr.
Ariaantje Pieterse de Vos, doopget. (1705..1733).
Zij
tr. 2?) 1705-1711
Pieter Fransz van Suijlen, doopget. (1701, 1711),
wednr. van Geertje Willems Vermeer,
(zie kw. nr. ⇒ 878 sub c. voor kinderen uit dit echtpaar).
Merkwaardig is dat Pieter Fransz van Suijlen in 1729 een kind laat dopen uit zijn huwelijk met Marrigje Dirkse Schenaert, terwijl Ariaantje Pieterse de Vos nog in 1733 als doopgetuige optreedt.
Cornelis Janszoon Wittebol x Ariaantje Pieterse de Vos komen voor in een pacht, huur en koopcontract van 1690 en 1692
te Hazerswoude en trokken als verveners (turflandeigenaars) van Hazerswoude naar Esseljckerwode, later naar rhijnsaterwoude, en weer later naar
Oudshoorn.[216]
-
g. kind, geb./beg. Hazerswoude 1-12-1680 ("Kindeken van Jan Cornelisz Wittebol")[217].
Dat Aaltje, Trijntje en Machteld zusters waren blijkt uit het optreden als
getuige van hun moeder Jannetje Houweling bij de doop van kinderen van
Machteld (1705, 1711 en 1714) en van Aaltje (1704). Trijntje was getuige
bij de doop van kinderen van Aaltje (1702 en 1705) en van Machteld (1710).[218]
878. FRANS (MAERTENS?) (VAN ZUIJLEN), geb. vóór ca. 1660.
Uit hem verm. geboren (o.a.?) :
-
a. Marrigje Frans van Zuijlen, geb. vóór 1680, (=kw. nr. 439).
-
b. Maerten Fransz van Zuijlen, geb. Langeraar, beg. Aarlanderveen 8-6-1759 (gaarder pro deo, aangever zijn zoon Jan Jansz van der Hoorn (sic!)), otr./tr. Rijnsaterwoude/Ter Aar 10-8-1708/..1708 ("zijn te Langeraar getrout)
Marritge Dirks Schenaart(¥), geb. Rijnsaterwoude, ovl. na 1727.
| COMMENTAAR(¥)
Wellicht verwant aan Gerrit Dircks Schenaert en Neeltje Jans Schenaert te Rijsaterwoude ca. 1700.[219]
|
-
1. Frans Maertens van Zuijlen, ged. geref. Ter Aar 31-8-1712 (get. de vader en Marigje Fransze van Zuijlen).
-
2. Frans Maertens van Zuijlen, ged. geref. Ter Aar 29-10-1713 (get. de vader en Marigje Fransze van Zuijlen, doophefster). Hieruit nageslacht, (nog) niet verder onderzocht.
-
3. Geertjen Maertens van Zuijlen, ged. geref. Ter Aar 15-3-1719 (get. de vader en Stijntje Fransze van Zuijlen, doophefster).
-
4. Dorothea Maertens van Zuijlen, ged. geref. Ter Aar 9-7-1724 (get. de vader en Adriana Pieterse de Vos). Hieruit nageslacht, (nog) niet verder onderzocht.
-
5. Jannetje Maertens van Zuijlen, ged. geref. Ter Aar 5-10-1727 (get. Annetje Cornelisse Spruijtenborgh).
-
6. Cornelia Maartens van Zuijlen, ovl. Woubrugge 9-3-1731 (gaarder pro deo, aangever de vader Maarten Fransse van Zuijlen).
-
c. Pieter Fransz van Suijlen, doopget. (1701, 1711),
tr. 1o Ter Aar 1695
Geertje Willems Vermeer, ovl. 1695-1705, tr. 2o voor 1705
Ariaentje Pieters de Vos, ovl. 1724-1729?, doopget. (1705, 1706, 1724),
tr. 3o ? voor 1729
Marrigje Dirkse Schenaert (Scheenhoven?). Is zij de wed. van Maerten Fransz van Zuijlen hierboven?
Uit zijn tweede huwelijk (van Suijlen-de Vos) geref. gedoopt te Ter Aar :
-
1. Pieter Pieters van Suijlen, ged. 15-2-1705 (get. de vader en Joannes Lobel en Jannetje de Vos.
-
2. Johannes Pieters van Suijlen, ged. 8-9-1706 (get. de vader en Marrigje Fransz van Zuijlen).
-
3. Neeltje Pieters van Suijlen, ged. 8-7-1709 (get. de vader en Marrigje Fransz van Zuijlen).
-
4. Neeltje Pieters van Suijlen, ged. 13-11-1709 (get. de vader en Annigje Willems van Zuijlen).
-
5. Pieter Pieters van Suijlen, ged. 1-3-1711 (get. de vader en Hendrick Pieters de Vos en Jannetje Pieters de Vos).
-
6. Gijsjen Pieters van Suijlen, ged. 5-6-1712 (get. de vader en Hendrick Pieters de Vos en Jannetje Pieters de Vos), ovl. jong?
-
7. Frans Pieters van Suijlen, ged. 22-10-1713 (get. de vader en Marrigje Fransz van Zuijlen).
-
8. Jan Pieters van Suijlen, ged. 3-11-1715 (get. de vader en Stijntje Pieters de Vos).
-
9. Frans Pieters van Suijlen, ged. 25-4-1716 (get. de vader).
-
10. Gijsjen Pieters van Suijlen, ged. 3-4-1718 (get. de vader en Jannetje Pieters de Vos, ten doop gehouden door Claas Kapteijn), ovl. Ter Aar 11-6-1737 (gaarder pro deo, aangever Ariaantje Pieters van Suijlen).
Uit zijn derde huwelijk (van Suijlen-Schenaert) geref. gedoopt te Ter Aar :
-
1. Cornelia Pieters van Suijlen, ged. 23-10-1729 (get. de vader en Geurd Cornelissen Rutten).
klopt dat wel?
-
d. St(e)ijntjen Frans van Suijlen, geb. vóór ca 1690, ovl. na 1724, doopget. (1701, 1719),
tr. Ter Aar 1706
Cornelis Jacobse Wittebol, ovl. na 1724, doopget. (1705).
zn. van Jacob Cornelisz Wittebol en Maertje Corn. Diependorst (zie kw. nr. ⇒ 1752 sub b).
Uit dit huwelijk (Wittebol-van Suijlen) 12 kinderen geref. gedoopt te Ter Aar (zie kw. nr. ⇒ 1752 sub b 2),
-
e. Ariaantje Franse (van Zuijlen), doopget. (1706).
880. SIMON WILLEMS (SCHANSHEER?)(¥), ged. geref. Rijsoord 27-2-1628, genoemd in een akte d.d. 15-2-1687 als erfgenaam,
tr.[220]
[221]
voor 1651.
881. JANNETJE CORNELIS.
COMMENTAAR(¥)
Verdere gegevens Schansheer te Ridderkerk (ook veel Schansman aangetroffen!, dit lijkt dezelfde familie te zijn :
Willempje Schansheer, v.v. Gerrit Verhoeve, zij geref. lidmate te Hendrik Ido Ambacht, 1792.[222]
|
vul aan Kron. 9(2000)117
Uit dit huwelijk geref. gedoopt te Rijsoord :[223]
-
a. Cornelis Symonsz Schansheer, ged. 17-8-1651 (get. Ariaentje Cornelis), ovl. Ridderkerk 25-12-1724,[224]
huw. get. (1722),
tr. 1o
Lijsbeth Jansz, ovl. Ridderkerk 20-1-1700,[225]
otr./tr. 2o Rijsoord 12-2/6-3-1701 (pro deo),[226]
Lijsbet Symonsz Pasman, geb. verm. Rijsoord,[227]
j.d. van Rijsoort. Zij compareren(¥) te Ridderkerk 15 en 22-12-1712.
| COMMENTAAR(¥)
ZOEK OP RA Ridderkerk 4844
|
Uit zijn eerste huwelijk (Schansheer-Jans) geboren (o.a.?) :
-
1. Cornelis Cornelis Schansheer, geb. vóór ca. 1700, tr. vóór 1719
Maartje Rokusz Molenaar.
Uit dit huwelijk kinderen gedoopt 1719-1735, waaronder wellicht :
-
aa. Rokus Cornelisz (Schansheer?), otr. Ridderkerk/Heerjansdam? 25-10-1743
Jannetje Lodewijks van Die, waaruit kinderen.
Op 24-8-1755 wordt te
Oud Beierland acte van indemniteit verleend aan Lena Schansheer, 9 jaar,
dr. van Rokus Cornelisz (Schansheer?) (dan dus overleden?), komend
van Charlois naar Oud Beierland (1776) [228].
-
2. Pieter Cornelis Schansheer, moet, na de grote brand te Ridderkerk (1731),
als bewoner van een huis aan de Waaldijk voor de Polder van Oud Reijerwaart zorg dragen voor
de aanwezigheid van 1 lantaarn en 1 brandemmer,
[229]
tr. 1o
Jannetje Willemsdr Visser, ovl. vóór 1726, otr. 2o Ridderkerk 19-4-1726
Aaltje Cornelis de Jong, j.d. van Sevenbergen.
Uit dit huwelijk mogelijk :
-
aa. Aaltje Pietersdr Schansheer, ovl. 1808, tr.
Bastiaan van Gelder(¥), als echtelieden geref. lidmaten te Hendrik Ido Ambacht, met attestatie van Rijsoort 21-12-1797.[230]
Bastiaen van Gelder, onvermogend, weerbare man te Hendrik Ido Ambacht bij en op den Oostendam (1747).[231]
| COMMENTAAR(¥)
Is hij dezelfde als Bastiaan de Gelder,
moet, na de grote brand te Ridderkerk (1731),
als bewoner van een huis aan de Meulendijk zorg dragen voor
de aanwezigheid van 1 lantaarn, 1 emmer e 1 haak.
[232]
|
-
bb. Willem Pieterse Schansheer, geb. vóór ca. 1715, filiatie niet bewezen,
woont te Ridderkerk (1738),
tr. Rijsoord 22-4-1740
Pleuntje Smouter, ged. 3-2-1715, dr. van Klaas (Kleis) Geene Smouter en Joosie Neuteboom (No(o)te(n)boom) (zie kw. nr. ⇒ 887 sub l).
-
cc. Pieter Pieterse Schansheer, geb. 1687-1731, filiatie niet bewezen,
vermeld als "onvermogende, en heeft een snaphaen" in de Lijste van de weerbaere mannen van 16 tot 60 jaeren oud, gevonden in de Heerlijckheijt Ridderkerk (1747).[233]
Op 20-2-1738 leggen
Cornelis Ariense Leenheer te Strevelshoek en Willem Pieterse Schansheer te Ridderkerk op verzoek van Pieter Huijgen van de Ree, mede wonende te Ridderkerk, een verklaring af. Cornelis verklaart dat hij op 2 februari 1738 is geweest bij mij notaris, alwaar ook aanwezig was Grietie Ariense de Zeeu, huisvrouw van Jan Kool, die eerder getrouwd was met Frans Florisz Pleijsier, en haar heeft horen zeggen dat zij van Pieter Huijgen geen geld hoefde te verwachten. Willem verklaart dat hij op zondag 2 februari 1738 op straat bij de herberg in Rijsoord Grietie ook heeft horen zeggen dat zij geen geld te verwachten had van Pieter Huijgen.
[234]
-
3. Annetie Cornelis Schansheer, geb. verm. Rijsoord,[235]
otr./tr. Rijsoord 12/28-3-1701[236]
Arij Joppen Pasman, ovl. Ridderkerk 23-4-1721, wednr. van Ariaentje Sijmons Pasman.
-
4. IJda Cornelis Schansheer, filiatie niet bewezen, genoemd Sandelingenambacht 1721[237].
-
5. Jannigje Cornelis Schansheer, filiatie niet bewezen,
genoemd Hendrik Ido Ambacht 1714.[238]
-
6. Lijsbeth Cornelisse Schansheer, geb. vóór ca. 1685, filiatie niet bewezen,
tr. vóór ca. 1705
Sijbrant Janse van der Jagt.
Op 10-1-1733 testeert
Sijbrant Janse van der Jagt (ziek op bed), weduwnaar van
Lijsbeth Cornelisse Schansheer, wonende te West Barendrecht, en benoemt zijn kinderen Cornelia, Cornelis en Celia Sijbrants van der Jagt tot zijn erfgenamen. Na zijn overlijden dienen zij 25 gulden uit te keren aan:
- zijn zoon Willem Sijbrantse van der Jagt,
- de kinderen van zijn overleden dochter Stijntie Sijbrantse van der Jagt (verwekt door Cornelis Pietersz Soeteman).
Over de eventuele na te laten minderjarige kinderen benoemt hij als voogd zijn zonen Cornelis en Willem Sijbrantse van der Jagt.
[239]
-
aa. Willem Sijbrantse van der Jagt, ovl. na 1733.
-
bb. Stijntie Sijbrantse van der Jagt, geb. vóór ca. 1705, ovl. vóór 1733, tr. vóór 1733
Cornelis Pietersz Soeteman. Hieruit kinderen.
-
cc. Cornelia Sijbrantse van der Jagt, ovl. na 1733.
-
dd. Cornelis Sijbrantse van der Jagt, ovl. na 1733.
-
ee. Celia Sijbrantse van der Jagt, ovl. na 1733.
-
b. Zijtge Symons (Schansheer), ged. 10-9-1656.
-
c. Lijsbeth Symons Schansheer, ged. 18-5-1659, ovl. na 1731, j.d. van Rijsoort (1699),
moet, na de grote brand te Ridderkerk (1731),
als wed. van Jan C. de Groot en bewoner van een huis aan de Pruimendijk zorg dragen voor
de aanwezigheid van 1 lantaarn en 1 brandemmer,
[240]
otr./tr. Rijsoord 2/24-5-1699 (pro deo),[241]
Jan Cornelisz de Grote (Groot), ovl. Ridderkerk 28-9-1724,[242]
wednr. van Engeltie (Ingetie) Ariens (Nuchteren). Zij compareren te Ridderkerk 23-1-1713 (¥).
| COMMENTAAR(¥)
ZOEK OP RA Ridderkerk 4844
|
-
d. Willem Symonsz Schansheer, ged. 1-1-1662, ovl. Carnisse 25-2-1735[243], moet, na de grote brand te Ridderkerk (1731),
als bewoner van een huis aan de Waaldijk voor de Polder van Oud Reijerwaart zorg dragen voor
de aanwezigheid van 1 lantaarn en 1 brandemmer,
[244]
tr. 1o Rijsoord 28-10-1685[245]
Neeltje Leenders, geb. Ridderkerk vóór ca. 1665, ovl. 1686-1688, tr. 2o Rijsoord 25-12-1688[246]
Pleuntje Ewouds van Prooijen, ged. Rijsoord 2-12-1663, ovl. vóór 1695, tr. 3o Rijsoord 6-11-1695
Pleuntie Meeuwis Jongeruiter, geb. Barendrecht vóór ca. 1675, dr. van Meeuwis Jansz Jongeruiter en Claesie Hendrickse.
Uit zijn eerste huwelijk (Schansheer-Leenders) :[247]
-
1. Ewout Willemsz Schansheer, geb. 1686.
-
2. Maria Willemsdr Schansheer, geb. 1686.
Uit zijn tweede huwelijk (Schansheer-van Prooijen) :[248]
-
3. Simon Willemsz Schansheer, geb. 1689.
Uit zijn derde huwelijk (Schansheer-Jongeruiter) :
-
4. Pleuntje Willemsdr Schansheer, geb. 1695.
-
5. Klaasje Willemsdr Schansheer, geb. 1698.
-
6. Jannetje Willemsdr Schansheer, geb. 1700.
-
7. Meeuwis Willemsz Schansheer, geb. 1702.
-
8. Geertje Willems Schansheer, geb. 1706, tr. Barendrecht 26-5-1726[249]
Gerrit Ariense Veldhoen, geb. Dubbeldam ca. 1700, zn. van Arie Pietersz Velthoen en ,Neeltien Ariens Rietveld.
Uit dit huwelijk 7 kinderen, waaronder :[250]
-
aa. Jannichje Gerrits Veldhoen, ged. Rijsoort 26-10-1738, tr. 1o
Ary Corstiaans van der Pat, tr. 2o Rijsoort 16-5-1779
Jan Pietersz Penning, ged. Rijsoord 7-6-1716, wednr. van Marijtje Barentdr van den Heuvel, en van
Ariaantje Ariens van Hal,
zn. van Pieter Willemsz Penningh en Jannetje Evertsdr van den Bergh.
Uit haar tweede huwelijk (Penning-Veldhoen) :[251]
-
aaa. Geertje Jansdr Penning, ged. Rijsoort 11-6-1780, tr.
Cornelis Kuiper.
-
9. Pietertje Willemsdr Schansheer, geb. 1708, tr. Ridderkerk voor 1733
Sier Sierensen de Jong(h), geb. 1687-ca.1710, vermeld als "onvermogende" in de Lijste van de weerbaere mannen van 16 tot 60 jaeren oud, gevonden in de Heerlijckheijt Ridderkerk (1747).[252]
-
10. Cornelis Willemsz Schansheer, geb. 1710, j.m., kerkelijk onder Rijsoort, huw. get. (1734),
woont bij de Rijsoordse brug te Ridderkerk (1735),
otr./tr. Ridderkerk 24-4/16-5-1734
Maritje Wouters van Brakel, j.d. van Hendrik Ido Ambacht.
Op 16-5-1735 bekent
Cornelis Willemse Schansheer, wonende bij de Rijsoordse brug te Ridderkerk, aan Willem Cornelisz de Zeeuw, wonende aan de Pruimendijk, 195 gulden schuldig te zijn inzake de kooppenningen voor een huis met schuur.
[253]
Uit dit huwelijk kinderen gedoopt.
-
11. Willem Willemsz Schansheer, geb. 1714, j.m. van Ridderkerk, kerkelijk onder Rijsoord,
otr./tr. Ridderkerk 24-4/16-5-1734 (get. voor hem zijn broeder Cornelis Willems Schansheer uit naam van zijn vader Willem Schansheer, zij met een "briefje van toestemming" van haar vader Aart Vermeulen )
Ariaantje Aarts Vermeulen, j.d. van Zandelingenambagt.
Ridderkerk, september/october 1779: gedoopt Maria Schansheer,
dr. van Willem Schansheer en Aagje Lagendijk (in margine :
"egtelieden, beijde ledematen, 't kind door de vader geheft,
deze lieden zijn in Meij te Rijsoort getrouwt, de vader bij deze gelegenheit
aan huis van den Predikant behandelt voor ontijdige bijslaap)".
[254]
Uit dit huwelijk kinderen gedoopt (1734-...) onder wie:
-
aa. Willemtje Willemsdr Schansheer, ged. Rijsoord 7-1-1742, ovl. Sandelingen-Ambacht 23-1-1823, tr.. ca. 1765,[255]
Gerrit Pietersz Verhoeven, ged. Ridderkerk 10-7-1735, ovl. Sandelingen-Ambacht 1-6-1808, zn. van Pieter Willemsz Verhoeven en Annetje Pietersdr Huijser.
Hieruit verder nageslacht bekend.
-
e. Dirk Symonsz Schansheer, ged. 29-3-1665 (get. Mayke Abrahams), (=kw. nr. 440).
882. ELDERT GERRITS, parentatie niet bewezen.
883. MARYTIEN JANS, parentatie niet bewezen.
-
a. Jan Elderts, ged. Barendrecht 7-3-1688 (als "kint van Heerjansdam" ten doop gepresenteerd, get. Bastiaantje Elderts).
-
b. Bastiaantje Elderts (van Straten), (=kw. nr. 441).
filiatie niet bewezen.
884. JAN PLEUNEN (DE) GELDER (alias GELDERSZ)(¥), ged. Rijsoord 6-4-1642, ovl. 1686-1688,[257]
[258]
j.m. van Ridderkerk (1671),
bakker (1675) op de Oostendam (1680), woont te Hendrik Ido Ambacht op de Oostendam (1674..1680),
otr./tr. 1o Hendrik-Ido-Ambacht/Ridderkerk(attestatie gegeven) 18-10/7-11-1671[259]
ARIAENTJE CORNELIS BOOGAERTS, j.d. van Hendrik-Ido-Ambacht (1671),
tr. 2o 1671-1680
ARIAANTJE LEENDERTS BLOCK IJsselmonde, ovl. 1682-1689, dr. van Leendert Huigen Block, armmeester en mr. timmerman te IJsselmonde, en Neeltje Cornelis Clootwijk,[260]
tr. 2o Dordrecht (huw. voorw. 1-11-1680)[261]
885. LIJSJE (LIJGJE, CLEISJE, LEIJTGEN) MICHIELS SNOUCK (HOEK ![262])(¥), ged. Sleeuwijk 21-10-1665, ovl. Hendrik-Ido-Ambacht 1692-1710, doopget. (1689),[263]
mogelijk identiek met Lijsebet Michielse, die in 1689 wordt vermeld in de lijst van geref. lidmaten te Hendrik-Ido-Ambacht wonend op de Kerkwegh aldaar en op 9-10-1690 is vertrokken naar Rotterdam,
tr. 2o Hendrik Ido Ambacht 8-1-1690[264]
WIL(LE)M AERTS (DE KONING), ovl. Ridderkerk 18-9-1738,[265]
moet, na de grote brand te Ridderkerk (1731),
als bewoner van een huis aan de Meulendijk zorg dragen voor
de aanwezigheid van 1 lantaarn, 1 brandemmer, en 1 leer van 12 sporten,
[266]
verm. zn. van Aert Cornelis Koning.[267]
|
Wapen Snoek (Gorinchem): Effen groen met een hermelijnen schildhoofd en in een gouden vrijkwartier een groengeknopte en -gepunte rode roos. Helmteken: een verticaal geplaatste snoek van natuurlijke kleur, met de kop naar beneden, tussen een gouden vlucht. Dekkleden: zilver en groen. Schildhouders: twee gouden griffioenen met de staart tussen de achterpoten doorgaande. De oudste gebruiker van dit wapen is Jan Snoeck Jacobsz, raad (1558) en schepen (1564) van Gorinchem. [268]
|
COMMENTAAR(¥)
Is er verband met
Cornelis Hermans (de Gelder) te Dubbeldam 1631.[269]
een geslacht Gelder te Charlois [270].
Neeltje Pieters de Gelder te Ridderkerk ca. 1700.[271]
Jan de Gelder, ged. Heerjansdam 3-4-1672 (get. Jan Dircksen van Driel, Maeijke Melsen en Trijntje Jans) als zn. van Wilm Ariensen de Gelder en Teuntje Jans van Driel.[272]
Jan Staese van Gelder, beg. Poortugaal 3-1-1676 (in de kerk), timmerman,
tr. Poortugaal 5-4-1637, als j.m. van Rhoon, met Leijgje Bastiaens Spruijt j.d., geb. 1611,
ovl. 31-7-1655, beg. Poortugaal 3-8-1655 (in de kerk, oud 44 jaar, 7 mnd)
dr. van Bastiaen Pietersz Spruijt en Neeltje Jansdr Koman.[273]
Pieter Pleune Gelder, woont bij de Ridderkerkse korenmolen (1677).[274]
Er lijkt geen verband te bestaan met een geslacht Gelder te Charlois ca. 1600-1700.[275]
|
vul aan OV 55(2000)308
COMMENTAAR(¥)
Is er verband met
Grietie Pleune Snoek otr.IJsselmonde 28-4-1709 met Cornelis Hendricksse van Mullum, ged. Charlois
15-10-1684, ovl. aangegeven IJsselmonde 28-4-1723 (Corn Heijnd. van Mulm, aangeefster
Grietie Pleune Snoek), zn. van Hendrik Hendricks van Mullem en Lijsbeth Stoffels de Groot.[276]
|
Op 27-2-1671 verkoopt Grietje Pietersdr, wed. van wijlen Pleun Leenderts Gelder wonend onder Ridderkerk, aan haar zoon Jan Pleunen Gelder "een hoog aertschuijt met zeijl ende verder aancleven van dien zoo de zelve rijld en zeijlt" voor de som van 40 car. gld alle 't welke voors. is en contant heeft betaald. [277]
Op 4-6-1674 verkoopt
Leendert Reijersz van der Sint, wonende aan de Korenmolen te Ridderkerk, aan Jan Pleunen Gelder, wonende aan de Oostendam 12 roeden land, gesitueerd recht achter Jan Pleune. Belend ten Oosten Cornelis Herbertsz de jonge, ten Westen een tuin of boomgaard van Geertie Pieters tijdens haar leven bewoond en nu toebehorende aan de voornoemde comparant, behalve de gang of slop die tussen beide huizen ligt, dit is voor wederzijds gebruik.
[278]
Op 4-2-1675 verklaren
Jan Pleune Gelder, bakker op de Oostendam en Ariaentie Leendert Block, zijn huisvrouw, op verzoek van Claes Jansz van de Linde, dat hij voor 30 december 1674 altijd bij hen brood heeft gehaald.
[279]
Op 4-2-1675 verklaren
Bastiaen Jansz van Gelder en Dirck Cornelisz Bogaert, metselaar wonende op de Oostendam, Ariaentie Leenderts Blocq, vrouw van Jan Pleune Gelder, backer en Maaijken Leenders, huisvrouw van Gerrit Hendricxsz van der Hoep, waard wonende op de Oostendam, op verzoek van Claes Jansz van de Linde dat op 30 december 1674 de drost van Zuid Holland met zijn paard op de Oostendam is geweest op zoek naar Claes Jansz, met de bedoeling hem te arresteren.
Hij heeft zich echter op de bovenkamer verstopt, zodat hij onverrichterzake weer moest vertrekken.
[280]
Op 11-3-1675 verklaren
Jan Pleunen Gelder, bakker en Jan Bastiaensz, meester metselaar, beiden wonende op de Oostendam op verzoek van Claes Jansz van de Linde, kramer, dat Claes bij de voornoemde Jan Pleunen jaren achter elkaar brood heeft gehaald en soms deed zijn zoontje dit (die verleden zomer is verongelukt). Zij leggen een verklaring af inzake het gebeurde op 30 december 1674.
[281]
Op 25-2-1677 maken Ariaantje Leenderts Block en Jan Pleunen Gelder huwelijkse voorwaarden te Dordrecht.[282]
Op 24-5-1677 benoemt
Jan Pleune Gelder wonende te Hendrik Ido Ambacht op de Oostendam zijn dochter Ariaentie Jans tot zijn erfgenaam. Mocht zij voor overlijden dan komen zijn broers en zus, met name Pieter Pleune Gelder, Cornelis Pleune Gelder en Maeijcken Pleune Gelder in aanmerking. Tot voogd en boedelbeheerder stelt hij aan zijn broer Pieter Pleune Gelder.
[283]
Op 1-11-1680 maken Jan Pleunen Gelder, laatst wednr. van Ariaentgen Leenderts Block, toekomemde bruidegom wonend onder Hendrik-Ido-Ambacht, en Leijtgen Michiels, j.d. mede wonende aldaar, toekomende bruid, geasst. met mij notaris en gekoren voogd, huwelijkse voorwaarden. Zij trouwen buiten gemeenschap van goederen, en brengen ieder roerende en onroerende goederen in tot onderstant van hun huwelijk.
[284]
Op 28-5-1689 huurt Leygie Michielsdr Snoeck, wed. van Jan Pleune Gelder voor twee jaar 1 morgen boomgaard genaamd "Danckeren Bogaert" aan de Pruymendijck in Oud Reywerwaard van Barber Claesdr.[285]
Op 5-4-1710 kavelen de erfgenamen de boedel van Leijgje Michielsdr Snoek, overleden te Hendrik-Ido-Ambacht. Antonie Joppen Verschoor bekent ontvangen te hebben uit handen van Pleun Jans de Gelder een som van 30 gld. in voldoening van een som van 86 gld. van gehuurd vlasland door zijn stiefvader Willem de Conick gehuurt te hebben van mijn schoonvader Pieter Ariens Huigen bekenne met deze som van 30 gld. ten volle voldaan te zijn bij akkoord door Willem de Coninck en mijn ondergeschreven gemaakt in data 20-4-1710 als schoonzoon van Ariaentje Ariens Snoeck wed. van Pieter Huigen. Ondertekend door Antonie Joppen Veschoor.
[286]
Uit haar eerste huwelijk (de Gelder-Snouck) geboren (o.a.?) :
-
a. Machiel Jansz de Gelder, (=kw. nr. 442).
-
b. Pleun Jansz de (van) Gelder, ged. Hendrik Ido Ambacht 5-4-1682, tr. Hendrik Ido Ambacht 11-12-1707[287]
Lijntje Claesdr van Lantsmeer, geb. vóór ca. 1690, geref. lidmaat te Hendrik-Ido-Ambacht op belijdenis 23-4-1707,
mogelijk dr. van Claes Pauelse van Landtsmeer.
vul aan OE 10(2002)213
-
c. Ariaentie Jans, ovl. na 1677, door haar vader als enige erfgenaam benoemd in 1677.
Uit haar tweede huwelijk (de Koning-Snouck) geboren (o.a.?) :
-
a. Jan Wilmz (de) Koning (Coningh), ged. Hendrik Ido Ambacht 6-5-1690, ovl. na 1747, vermeld als "onvermogende" in de Lijste van de weerbaere mannen van 16 tot 60 jaeren oud, gevonden in de Heerlijckheijt Ridderkerk (1747),[288]
tr. Hendrik Ido Ambacht 15-9-1713
Marijtje Jooste Spelton, beg. Ridderkerk 7-4-1744.
-
b. Hendrik de Koning, ged. Hendrik Ido Ambacht 24-2-1692, moet, na de grote brand te Ridderkerk (1731),
als bewoner van een huis aan de Meulendijk zorg dragen voor
de aanwezigheid van 1 lantaarn en 1 brandemmer,
[289]
woont Hendrik Ido Ambacht "aan de dijk", pachter van landerijen in
het Volgerland van de Linde te Hendrik Ido Ambacht (1734),
met zijn vrouw vermeld als geref. lidmaat te Hendrik Ido Ambacht (1725, 1732, 1740),[290]
tr. vóór 1725
Aagje Claase (van) Landsmeer, geref. lidmaat te Hendrik-Ido-Ambacht op belijdenis 5-4-1708,
dr. van Nicolaus Paulusz van Landsmeer, griendbezitter te Rijsoord,
en Machteldje Hendriks Swartouw.
886. CORNELIS GERRITSE NEUTEBOOM(¥), j.m. van Barendrecht, woont te Barendrecht (1672),
otr./tr. Barendrecht 29(20?)-10-1672 / Heerjansdam,[291]
[292]
887. ANNICHIEN HENDRIX, ged. Puttershoek 4-9-1650,[293]
j.d. van Puttershoek, woont te Barendrecht (1672), is doopget. (1682).
COMMENTAAR(¥)
Is er verband met Bastiaantje en Maria Maartens Neuteboom, doopget. te Maasdam na 1680.[294]
Bastiaen Adriaensz Noteboom betaalt 5 pond hoofdgeld te Charlois (1623) [295]
Maerten Jacobsz Neuteboom te Maasdam 1640-1719.[296]
|
Uit dit huwelijk gedoopt[297]
,[298]
te Barendrecht :
-
a. Gerrit Cornelisz, ged. 4-6-1673 (get. Annitje Bastiaens), ovl. jong?
-
b. Arckje? Cornelisdr, ged. 20-5-1674 (get. Pietertje Heyndricx).
-
c. Geryt Cornelisz, ged. 15-11-1676 (get. Annetje Barents, Aert Aerts, Jan Aerts, Leendert Bastiaens, Lysbeth Bastiaens), tr. 1o Barendrecht 3-5-1705[299]
Cornelia Cornelis, tr. 2o Barendrecht 28-11-1717[300]
Grietje Jans Hordijck, j.d. van West-IJsselmonde.
VUL AAN Kron. 7(1998)40
-
d. Leentje Neuteboom, ged. 18-12-1678 (get. Maeyke Jans).
-
e. Lijsbeth Neuteboom, ged. 7-9-1681 (get. Gerrit Bastiaens en Maeyke Jans), (=kw. nr. 443).
-
f. Heijndrik Neuteboom, ged. 5-12-1683 (get. Neeltje Isackse en Ariaentjen Aelberts), tweeling met
-
g. Ary Neuteboom, ged. 5-12-1683 (get. Neeltje Isackse en Ariaentjen Aelberts), ovl. jong?
-
h. Ary Neuteboom, ged. 10-3-1686 (get. Gerrit Heijndrickse en Annetie Barents).
-
i. Nelletje Neuteboom, ged. 8-8-1688 (get. Gerrit Heijndrickse en Annetie Barents en Lijsbeth Heijndr. van Oosten), tweeling met
-
j. Ary Neuteboom, ged. 8-8-1688 (get. Gerrit Heijndrickse en Annetie Barents en Lijsbeth Heijndr. van Oosten).
-
k. Barent Neuteboom, ged. 11-9-1689 (get. Annetie Barents). Barent Cornelisz Noteboom, van Carnisse, compareert te Hendrik Ido Ambacht
1-1-1722 met Neeltje Vasse Lagendijk.(¥)
-
l. Joosie Neuteboom (No(o)te(n)boom), ged. 30-3-1692 (get. Aeltie Bastiaene), doopget. (1711).
tr. Rijsoord 13-4-1714
Klaas (Kleis) Geene Smouter, ged. Rijsoord 28-11-1683, huw. get. (1708),
moet, na de grote brand te Ridderkerk (1731),
als bewoner van een huis aan de Waaldijk voor de Polder van Oud Reijerwaart zorg dragen voor
de aanwezigheid van 1 lantaarn, 1 haak en 1 brandemmer,
[301]
zn. van Geen Jacobsz Smouter en Pleuntje Joosten.
Op 16-5-1740 wordt
rekening, bewijs en reliqua gedaan door Leendert Leendertsz van Driel, Arij Dammisse van 't Zelfde en Gerrit Bastiaanse Smouter, als gewezen voogden over Geen Willemse den Hoet, overleden te Sandelingen Ambacht, over de boedel en goederen door hem geërfd van zijn moeder Bastiaantie Geene Smouter, weduwe van Willem den Hoet, gewoond en overleden te Ridderkerk. Een en ander ten behoeve van Lijntie Geene Smouter, Pieter Huijgen van de Ree getrouwd met Cornelia Geene Smouter en Kleijs Geene Smouter, allen erfgenamen van Geen Willemse den Hoet volgens testament van 16 maart 1740 verleden bij notaris Cornelis Reynen.
Er zijn ontvangsten van:
- Jan Ariense Ruyter,
- Jacob Droogendijk,
- Arij Dammisz van 't Zelfde,
- Soetie Penning.
Uitgaven zijn er aan:
- Pieter van Gilst,
- de schoolmeester van Hendrik Ido Ambacht in verband met het begraven van Geen Willemse,
- notaris Cornelis Reynen,
- Mattheus de Haan,
- Cornelis Schansheer,
- Poulus den Ruijter,
- schout van der Hoep,
- Jacob Droogendijk,
- Leendert Leendertse van Driel
- Arie Dammisse van 't Zelfde
- Geerit Smouter.
[302]
Uit dit huwelijk gedoopt te Rijsoord :[303]
-
1. Pleuntje Kleisse Smouter, ged. 2-3-1714, ovl. jong?
-
2. Pleuntje Smouter, ged. 3-2-1715, tr. Rijsoord 22-4-1740
Willem Pieterse Schansheer, mogelijk zn. van Pieter Cornelis Schansheer en Jannetje Willemsdr Visser (zie kw. nr. ⇒ 881 sub a/2).
-
3. Geen Smouter, ged. 15-10(11?)-1719, ovl. jong?
-
4. Geen Smouter, ged. 22-11-1722, ovl. na 1747, vermeld als "onvermogende, en heeft een snaphaen" in de Lijste van de weerbaere mannen van 16 tot 60 jaeren oud, gevonden in de Heerlijckheijt Ridderkerk (1747),[304]
-
5. Cornelia Smouter, ged. 28-10-1727.
-
6. Bastiaan Smouter, ged. 5-3-1730, ovl. jong?
-
7. Bastiaan Smouter, ged. 1-6-1732.
-
8. Annigje Smouter, geb. ca. 1743.
-
m. Cornelia Corn. Noteboom, filiatie niet bewezen,
doopget (1699, 1700).
894. CORNELIS JANSZ KLOOSTER, ovl. 1706-1746, j.m. van Vriesekoop,
otr. Leimuiden 4-11-1696 (pro deo, met attestatie naar Rijnsaterwoude)
en
otr./tr. Rijnsaterwoude 20-10/4-11-1696
895. NEELTJE ABRAHAMSE DE LANGE, ovl. Oudshoorn, beg. Leimuiden geref. 28-11-1746 (graf 50, weduwe van Cornelis Klooster), j.d. te Rijnsaterwoude.
-
a. Martje Cornelis Klooster (Clooster), ged. Rijnsaterwoude geref. 16-6-1697 (get. Martje Hendriks), ovl. 1732-1737, j.d. van Oude Wetering,
tr. Oude Wetering geref. 1-8-1722[305]
Crijn (Krijn) Corsse van Wieringen, j.m. van Oude Wetering,
woont op de Slootermolen in roelofsarendsveen (1738),
verm. zn. van Cors Matheusz van Wieringen en Maritgen Crijnen.
Hij hertr. Lijsbeth Arijse Cousijn.[306]
Op 30-9-1737 wordt een regeling getroffen voor de weeskinderen van Krijn Korsse van Wieringen, wednr. van Maritgen Kornelis Klooster, met name Kors (10 jaar) en Maritgen (4 jaar).[307]
-
1. Kors (Cors) Crijnen van Wieringen, ged. 1726/27, woont op de Poelwijckermolen onder Esselijkerwoude (1749-1769,
otr./tr. 1o Alkemade 28-3/14-4-1749[309]
Joanna (Jannetje) Pieters Heemskerk, ged. RK Rijpwetering 27-6-1724, ovl. (aangifte) Esselijkerwoude 9-2-1744, dr. van Pieter Arisse Heemskerk en Geertie Jansse,
tr. 2o Woubrugge (gerecht) 20-5-1776[310]
Jannetje Roele van Dam, geb. Rijnsaterwoude, wed. van Hendrik Huijberts van der Vlugt.
Hieruit nageslacht, (nog) niet verder onderzocht.
-
2. Maartje (Marritgen) van Wieringen, ged. geref. Esselijkerwoude 12-10-1732 (get. Antje Cornelis Clooster, ovl. na nov. 1765.
-
b. Ingetje Cornelis Klooster, ged. Rijnsaterwoude geref. 13-7-1698 (get. Magtelt Abrahams).
-
c. Jan Cornelis Klooster, ged. Leimuiden geref. 10-1-1700 (vader Cornelis Klooster, moeder Neeltje Abrahams, get. Magtelt Abrahams).
-
d. Antje Cornelis Klooster, ged. Leimuiden geref. (vader Cornelis Klooster, moeder Neeltje Abrahams, get. Neeltje Claas), (=kw. nr. 447).
-
e. Marijtje Cornelis Klooster, ged. Leimuiden geref. 29-10-1702 (vader Cornelis Klooster, moeder Neeltje Abrahams, get. Magtelt Abrahams).
-
f. Jan Cornelis Klooster, ged. Leimuiden geref. 24-5-1705 (vader Cornelis Jans Klooster, moeder Magtelt Jans (sic!), get. Maertjen Heijdricks).
-
g. Marijtje Cornelis Klooster, ged. Leimuiden geref. 14-11-1706 (vader Cornelis Jans Klooster, moeder Neeltje Abrahams, get. Magteld Abrahams).
900. CORNELIS BREES (BRIE), geb. Eemnes, beg. verm. Amersfoort Lieve Vrouwe Kapel 8-3-1742 (als Cornelis Brees, laat kinderen na), vermels in de lisjt van 1688 als geref. ldimaat te Amersfoort wonend nabij de Kapel,
wordt als Cornelis Brees, afkomstig van en geboren te Emmenes, burger van Amersfoort op 27-3-1702,
tr. vóór 1700
901. TRIJNTJE PIETERS, ovl. na 1707.
-
a. Pieter Cornelis Brees, ged. geref. Amersfoort 10-11-1700, (=kw. nr. 450).
-
b. Wilhelmus Brees, ged. geref. Amersfoort 1-10-1702.
-
c. Marcelis Brees, ged. geref. Amersfoort 16-10-1707, j.m. van Amersfoort (1739),
otr./tr. Amersfoort geref. 27-2/15-3-1739
Maria (van) Veenendaal, ged. Amersfoort geref. 22-3-1715, beg. Amersfoort St. Joriskh. (impost) 21-8-1788, j.d. van Amersfoort (1739),
dr. van Jan Veenendaal en Maria Sas.
Uit dit huwelijk (Brees-van Veenendaal) geref. gedoopt te Amersfoort :
-
1. Trijntje Brees, ged. 19-8-1740, ovl. jong?
-
2. Trijntje Brees, ged. 1-12-1741, beg. mogelijk Amersfoort Lieve Vrouwenkh. (impost) 12-6-1804 (oud 74 jaar sic!).
-
3. Jan Marcelissen de Bree, geb. (doop geref. te Amersfoort niet gevonden), beg. Amersfoort St. Joriskh. (impost) 2-1-1793 (als Jan de Bree), otr./tr. vermoedelijk Amersfoort geref. 3/19-11-1758 (als Jan Jagers sic! van Amersfoort)
(He)le(e)na van Baaren (Baarn), ged. Amersfoort geref. 12-11-1737, ovl. Amersfoort 8-5-1822 (oud 86 jaar), van Amersfoort (1758),
dr. van Andries Jansz van Baaren en Jannitje Caspers van der Heijden.
Uit dit huwelijk 9 kinderen geref. gedoopt te Amersfoort (1764-1777).
904. GERRIT WILLEMSZ (VAN) CRAJEKAMP, ged. Amersfoort 24-1-1661, ovl. na 1714, schepen van het gerecht Hoogland (9-1-1695 tot 1714)
[311],
otr./tr. Amersfoort/Barneveld geref. 29-1/19-2-1693 als j.m. van Amersfoort, met betoon op Barneveld 17-2-1693
905. AALTJE(N) HENDRICKS BERGHUI(J)S, geb. vóór ca. 1675, ovl. na 1697, j.d. wonend te Barneveld (1693).
Uit dit huwelijk (Crajekamp-Berghuijs) geref. gedoopt te Amersfoort :
-
a. Aleijda Gerrits Kraaykamp, ged. 16-11-1694 (hier heet de moeder Berkhuijs).
-
b. Anna Gerrits Kraaykamp, ged. 1-6-1696 (hier heet de moeder Backhuijs).
-
c. Willem Gerritsen Crajjekamp, ged. 2-12-1697, (=kw. nr. 452).
-
d. Neeltje Gerrits Kraaykamp, filiatie niet bewezen (doop, ook op patroniem, niet gevonden te Amersfoort),
otr. geref. Amersfoort 28-12-1717 (met attestatie van Leusden)
Rijck Maasse.
Uit dit huwelijk geen dopen geref. te Amersfoort gevonden.
906. JAN DIRKSEN, geb. vóór ca. 1680, te Barnevelt treedt in 1741 op als momber van de kinderen van zijn dochter Aalten Jans.
-
a. Aaltjen Jans, geb. vóór ca. 1705, ovl. op den ouden Tholick te Hoogland 1737-1741, (=kw. nr. 453).
908. HESSEL HESSELSEN(¥), otr./tr. Nijkerk 16-4/7(?)-5-1705, als j.m. onder Nijkerk
909. METJEN JANS, j.d. onder Nijkerk.
| COMMENTAAR(¥)
Is Klaesje Hessels, j.d. van Nijkerk, die tr. Barneveld 1709 [312],
mogelijk zijn zuster?
|
Uit dit huwelijk (o.a.?) :
-
a. Leendert (Hesseltse) Brom, ged. Nijkerk 26-11-1713, beg. Amersfoort Lieve Vrouwe Kh 1-11-1745 (laat kinderen na), (=kw. nr. 454).
910. DIRK (THEODORUS) JANS (BOON/BONERT), ged. Amersfoort RK Muurhuizen 5-5-1679, beg. Amersfoort Lieve Vrouwe Kapel 30-1-1745 (laat kinderen na), otr./tr. Amersfoort geref. 4/24-3-1707 als Dirk Jansen j.m. van Amersfoort
911. JANNETJE DIRKS BONEKAMP, ged. geref. Amersfoort 1-1-1679, ovl. 1728-1745, wed. van Amersfoort (1707).
otr./tr. 1o Amersfoort geref. 7/23-12-1703
GERRIT KOLCKMAN, ovl. 1704-1707 (beg. te Amersfoort niet gevonden), ruijter onder ritmr. de Bitter (1703).
Op 19-11-1727 koopt Dirck Boon van de heer Lion Parnase van de Hoogduijtse joodse natie binnen Amsterdam een tabaxschuer met een hof daarachter bij de Utrechtse Poort binnen Amersfoort voor 550 guldens boven eene stuiver op de gulden tot randsoen monterende same 577 guldens. De 40ste penning wordt op 3-1-1728 bij R. Goudoever te Amersfoort betaald.[313]
Op 9-1-1728 verkoopt
Cosmanus Gomperts, als speciale gemachtigde van Leon Gomperts, Parnasse van de Hoogduitse Joodse Natie van Amsterdam en als gemagtigde van Levi Marcus, Salomon Jacobs, Salomon Moses, Salomon Levi, Aaren Abraham en Alexander Levi, regerende Parnassen van de Hoogduijtse Joodse Natie, tesamen gestelde executeurs over den boedel en nalatenschap van Joseph de Beer,
aan Dirk Boon en zijn vrouw Jannitje Boonecamp,
een tabaxschuur met hof daarachter en een mestvaaltplaats daarvoor, gelegen bij de Utrechtsepoort, belend
aan de ene zijde Johannes Ebbenhorst,
aan de andere zijde de stadswal.
[314]
Op 31-5-1745 verkopen Dirk Boom,
meerderjarige Jongman, Jan Boom en zijn vrouw Elsje van Westeneng,
Leendert Boom
en zijn vrouw Claartje Boom, Adam Binksteen en zijn vrouw Cornelia Boom, Jan Willemsz en zijn vrouw Willemijntje Boom, enige nagelaten kinderen en
behuwdkinderen van Dirk Boom en Jannitje Bonekamp, gewezen echtelieden
(coopcedule d.d. 5-4-1745), aan Coenraad Temmink, Raad in de Vroedschap en
Schepen dezer stad, een tabakschuurtje van 5 vakken met het huisje
daar annex, het hofje daarachter en de grond daarbij, belend aan de ene
zijde Johannes Ebbenhoven, aan de andere zijde de Stadswal.
[315]
NB Boom zal hier wel verkeerd gelezen zijn : Boon?
Uit haar eerste huwelijk (Kolckman-Bonekamp) geref. gedoopt te Amersfoort :
-
a. Dirkje Kolckman (Bonekamp), ged. 29-6-1704.
Uit haar tweede huwelijk (Boon-Bonekamp) geref. gedoopt te Amersfoort :
-
a. Dirk Dirkse Boon, ged. 17-3-1711, beg. Amersfoort St. Joriskh. (impost) 2-4-1793, krijgt als Dirk Boon, j.m. oud 30 jaar, indemniteit van Amersfoort 14-11-1740 voor vertrek naar onbekende bestemming,
j.m. van Amersfoort (1749),
betaalt als Dirk Boon de jonge tweemaal ƒ 2,10,-- voor twee huizen aan de Breedestraat (na 1755),[316]
is als mr. Dirk Boon eigenaar van enige gebinten van een tabaksschuur bij het St. Jans kerkhof (1768),
[317]
otr./tr. Amersfoort geref. 11-7/1-8-1749
Hendrickje Barends, ovl. Amersfoort 6-4-1760 (als Hendericktie Beerens), j.d. van Nijkerk (1749).
Akte d.d. 8-3-1796 :
"Nu zullen Dirk Boon en Gijsbertje Bouwmeester echtelieden als zig sterk
makende ende rato leverende voor hunne mede erfgenamen Abraham Mulder en
Jannetje Boon echtelieden benevens Jan de Goede en Klaasje Boon insgelijks
echtelieden tezamen nagelaten kinderen van Dirk Boon en Hendrikje in leven
echtelieden. Burgers en inwoonders alhier opveijlen en verkopen een huisinge
en stallinge met een hof daar agter staande en gelegen alhier in de groote
Haag."
Het huis is verkocht voor 170 guldens aan Jan de Goede. Het huisgeld is f
2:-:- en het haardstedegeld ƒ 1:10:-.[318]
Uit dit huwelijk geref. gedoopt te Amersfoort:
-
1. Dirk Boon, ged. 5-10-1751, beg. Amersfoort St. Joriskh. 18-8-1810 (oud 56 jaar, sic!), j.m. wonend te Amersfoort (1775),
otr./tr. Amersfoort geref. 7/24-12-1775
Gijsbertje Arents Bou(w)meester, ged. Amersfoort RK Kromme Elleboog 11-4-1742 (als Gisbertus, get. Everarda Spe..en), beg. Amersfoort St. Joriskh. 17-5-1804 (als Gijsbertje Boumeester vrouw van Dirk Boon, 63 jaar), minderjarige j.d. (1765),
wed. van (H)asuerus van Kokkenberg (huw. 1765), wonend te Amersfoort (1775),
dr. van Arent (Arnold) Hendriks Bouwmeester en Cornelia Beerents.
Uit het huwelijk (Boon-Bouwmeester) 3 kinderen geref. gedoopt te Amersfoort (1776-1784), waaronder :
-
aa. Dirk Boon, geb. 1777/78, ovl. Amersfoort 16-11-1818 (oud 40 jaar), tr.
Aaltje Janse, ovl. na 1818.
-
2. Jannetje Boon, ged. 13-10-1754, beg. Amersfoort (reg. ovl. RK Kromme Elleboog 23-8-1804 of St. Joriskh.13-9-1804 (55 jaar) of reg. ovl. RK Kromme Elleboog 25-5-1805), j.d. wonend te Amersfoort (1779),
otr./tr. Amersfoort geref. 16-4/2-5-1779
Abraham Mulder, ged. Amersfoort geref. 8-10-1752, beg. Amersfoort Lieve Vrouwenkh. (overluiden) 4-11-1799 (of 30-11-1811, memories van successie, lijsten van aangegeven lijken en begravenen 1806-1811), j.m. wonend te Amersfoort (1779),
zn. van Hendrik Mulder en Hendrikje van Daal (Dalen).
Uit dit huwelijk (Mulder-Boon) 6 kinderen geref. gedoopt te Amersfoort (1780-1791), waaronder :
-
aa. Hentje Mulder, geb. 1782/83, ovl. Amersfoort 18-11-1811 (oud 28 jaar).
-
3. Klaasje Boon, ged. 2-3-1759, ovl. Amersfoort 29-9-1832 (oud 74 jaar, sic!), j.d. wonende te Amersfoort (1780),
otr./tr. Amersfoort geref. 13-4/4-5-1780
Jan de Goede, geb. (doop niet gevonden te Amersfoort), beg. Amersfoort St. Joriskh. 28-12-1809 (oud 50 jaar), j.m. wonende te Amersfoort (1780),
betaalt ƒ 12,--,-- huisgeld voor een huis op de Langegragt (na 1755),
f 2,--,-- huisgeld voor een huis in de Hellestraat oostzijde (na 1755),
f 12,--,-- huisgeld voor een huis in de Muurhuijsen aan de Weverscingelsijde (na 1755),[319]
mogelijk een zoon van (of dezelfde als)
Jan de Goede, bombasijdewerker en huiseigenaar op de Langegragt (1755).[320]
Uit dit huwelijk (de Goede-Boon) 7 kinderen geref. gedoopt te Amersfoort (1780-1798), waaronder :
-
aa. Dirk de Goede, geb. 1782/83, ovl. Amersfoort 5-8-1836 (oud 53 jaar), tr.
Catharina Hopman, ovl. na 1836.
-
b. Willemijntje Dirks (Boon), ged. 26-3-1713, beg. (impost) Amersfoort St. Jorisk 7-6-1783, j.d. van Amersfoort.
otr./tr. Amersfoort geref. 21-10/6-11-1740
Jan Willemse (Mulder), j.m. uit Barneveld, Amersfoort.
Uit dit huwelijk geref. gedoopt te Amersfoort :[321]
-
1. Willem Mulder, ged. Amersfoort 24-01-1741, olv jong?
-
2. Willem Mulder, ged. Amersfoort 19-08-1742, beg. Amersfoort 20-2-1776, tr. Amersfoort 30-10-1768
Jannetje Claassen Mieris.
-
3. Dirk Mulder, ged. Amersfoort 31-01-1744, beg. Amersfoort 4-9-1745.
-
4. Jannetje Mulder, ged. Amersfoort 05-05-1747.
-
5. Dirk Mulder, ged. Amersfoort 23-09-1749, tr. Amersfoort 25-10-1772
Grietje van Meeteren.
-
6. Huijg (Hugo) Mulder, ged. Amersfoort 16-2-1751, ovl. Amersfoort 8-12-1824 (oud 75 jaar, als wednr. van Hentje van Danswijk, sic!), tr. 1o Amersfoort 10-12-1773[322]
Geertruy van der Linden, geb., ged. Amersfoort 3-9-1745, beg. Amersfoort 23-3-1805, dr. van Christoffel van der Linden en Hendrikje Spier,
wed. van Willem van der Geld,
tr. 2o Amersfoort 29-11-1805[323]
Hendrikje (Heintje) van Blijenberg, geb. 1767/68, ovl. Amersfoort 24-10-1814 (oud 46 jaar), dr. van Leendert van Blijenberg en Geertruy van Bronkhorst.
Uit zijn eerste huwelijk (Mulder-van der Linden) :[324]
-
aa. Jan Mulder, ged. Amersfoort 20-9-1774, ovl. Bunschoten 15-6-1808, tr. Amersfoort 7-9-1797
Jannetje Los.
-
bb. Willem Mulder, ged. Amersfoort 4-3-1777, ovl. Amersfoort 9-2-1838, tr. Amersfoort 14-8-1800
Maria T(h)ins, ovl. vóór 1838.
-
7. Hendrik Mulder, ged. Amersfoort 16-12-1753, ovl. Amersfoort 9-4-1828, tr. Amersfoort 14-03-1779
Francina Helle.
-
8. Johannes Mulder, ged. Amersfoort 27-09-1757.
-
c. Jo(h)annes (Jan) Dierickse Boon (Bonart), ged. 2-4-1716, ovl. na 1756 (mogelijk in aanmerking komende begraafinschrijvingen zijn 1780 of 1784). Is hij Johannes Boon die ƒ 6,-- en ƒ 12,-- betaalt voor twee huizen op Havik (na 1755),[325]
otr./tr. 1o Amersfoort Kromme Elleboog 13-4-1742 / gerecht 30-3/13-4-1742 (get. zijn vader Dirk Jansz Bonert, haar ouders dood)
Helsien (Elsebee, Elisabeth) van Westerendt (Westeneng), geb. (doop te Amersfoort geref. niet gevonden), beg. Amersfoort Lieve Vrouwe Kerk 2-5-1747, meerderjarige j.d. (1742), doopget. (1741),
otr./tr. 2o Amersfoort Oud. Kath. 't Zand 31-10-1747 / gerecht 17/31-10-1747 (hij als haar wednr.)
Maria Rijkse van Pippen (Pipping), geb. (doop te Amersfoort geref. niet gevonden), ovl. na 1756 (beg. mogelijk Amersfoort 1783 of 1794), wed. van Pieter Sips.
Uit zijn eerste huwelijk (Boon-van Westerendt) geen dopen geref. te Amersfoort gevonden.
Uit zijn tweede huwelijk (Boon-van Pippen) RK gedoopt te Amersfoort 't Zand :
-
1. Joanna (Jannetje) Boon, ged. 19-8-1748 (get. Maria van der Geld in naam van Willemijna Rijkse), beg. Amersfoort 13-9-1804[326], woont te Amersfoort (1779),
tr. 1o Amersfoort 8-5-1775[327]
Gerardus (Gerrit) Stam, ovl. 1787-1796, tapper,
burger van Amersfoort 19-4-1779 ("getrouwd aan een borgers dogter, en deszelvs twee kinderen Nicolaas en Maria Stam, met permissie de tapneringe te exerceren").
[328]
tr. 2o Amersfoort Kr. Elleboog 3-6-1796 (get. Rijjer Boon)[329]
Dionisius Pietersen, geb. Tilburg, woont te Amersfoort (1779),
wednr. van Hendrikje van Bronkhorst, wonend te Amersfoort.
Hij hertr. 1805 Ida Korvers.
-
aa. Nicolaus (Klaas) Stam, ged. RK Amersfoort 13-2-1776 (get. Margareta Hendriks). Volgens de Militaire Stamboeken was deze Klaas van febr. 1790 tot 7-8-1795 als kanonnier verbonden aan de Compagnie Rijdende Artillerie onder kapitein Huegenin. Op 6-6-1796 had hij voor 6 jaar getekend bij de 1e Compagnie der Bataafsche Rijdende Artillerie en diende derhalve bij de Kleine Staf onder kapitein Cordes in het garnizoen Heusden. De op zijn conduitestaat vermelde lengte bedroeg 5 voet, 5 duym en 25 streek. Hij was Rooms Katholiek. [331]
Hij was dagloner (1813),
tr. Amersfoort 27-1-1798 (get. zijn moeder Jannetje Boon
Johanna (Jannetje) Bot, ged. RK Amersfoort 2-6-1777, dr. van Joannis Bot en Willemijne van Luijt.
Hij verwekte bij haar een kind (geb. oct. 1798) en vervolgens ging hij als militair op pad. Tijdens zijn omzwervingen belandde hij in Den Haag. Daar kreeg hij een relatie met Hendrika Broeks en bij haar verwekte hij twee maal een kind ( geb. nov 1799 en apr. 1801). Een jaar na de geboorte van het tweede kind trouwde Hendrika met een andere militair: Derk Stammers (apr. 1802).
Nicolaas keerde inmiddels terug naar zijn wettige echtgenote en kreeg met haar nog eens vijf of zes kinderen (tussen 1806 en 1816).
[332]
Uit zijn huwelijk 6 kinderen.
-
bb. Maria (Mie) Stam. , ged. RK Amersfoort (get. Hendrika Boon), ovl. Amersfoort 27-1-1825 (ongehuwd).
Uit haar een natuurlijke dochter.
-
cc. Rijer Stam, ged. RK Amersfoort 18-1-1781 (get. Rijer Boon).
-
dd. Grietje Stam, ged. RK Amersfoort 14-9-1782 (get. Grietje Stam).
-
ee. Gerritje Stam, ged. RK Amersfoort 4-12-1787 (get. Weijmpje Stam).
-
2. Richardus Martinus Boon, ged. 11-11-1750 (get. Gisberta van Pippen).
-
3. Theodorus Boon, ged. 17-2-1753 (get. Gijsberta van Pippen), ovl. jong?
-
4. Theodorus Boon, ged. 12-9-1756 (get. Anna Alberts), beg. Amersfoort St. Joriskh. 18-8-1810 (als Dirk Boon oud 56 jaar).
Dirk Jans Boon, koehouder, betaalt ƒ 2,-- voor een huis aan de Grooten Haag (na 1755), en ƒ 2,-- voor een huis buiten de Utrechtse Poort (na 1755),[333]
-
d. Everd Boon, ged. 29-3-1718, ovl. vóór 1745.
-
e. Clara Boon, ged. (geref. niet gevonden), (=kw. nr. 455).
-
f. Cornelia Boom, ovl. na 1745, tr. vóór 1745
Adam Binksteen, ovl. na 1745.
Uit haar tweede huwelijk mogelijk verder nog (op patroniem Dirk Jansz x Johanna Dirks) geref. gedoopt te Amersfoort :
-
a. Aaltje Dirks, ged. 23-9-1709.
-
b. Anthoni Dirks, ged. 18-12-1714.
-
c. Marritje Dirks, ged. 13-4-1717.
Na 1755 worden nog als huiseigenaren vermeld :[334]
Hendrik Boon, (na 1755) ƒ 10 huis in de Muurhuijsen
Rijk Boon, (na 1755) ƒ 2 huis in de St. Jorisstraat
Teunis Boon (na 1755) ƒ 2,8 huis in de St. Jorisstraat.
912. OLOF HENRICKSZ COCK, geb. vóór ca. 1670, beg. Amersfoort St. Joriskh. 29-5-1726 (laat kinderen na), j.m. (1691), woont te Amersfoort (1704),
bombazijnwerker te Amersfoort,
get. (1712) als oom van Steven Janssen, huw. get. (1706, 1716),
otr. 2o Amsterdam pui/Amersfoort gerecht 9/13-5-1704 (hij als wednr. van Margriet Sponsis, zij oud 36 jaar, haar ouders dood, geast. met Marretie Hartman)
MARIA (MARRETJE) JANSSE, geb. Amersfoort 1667/68, ovl. 1726-1729, j.d., woont te Amsterdam op de Fluweleburgwal (1704),
otr./tr. 1o Amersfoort gerecht 3/17-4-1691 (get. zijn vader Henrick Cock, haar vader Johannis Jurriaen Sponsis)
en
tr. Amersfoort RK 17-4-1691 (get. Catharina Spons)
913. MARGARETA JANS SPONSUS, geb. vóór ca. 1670, ovl. 1699-1704 (beg. te Amersfoort niet gevonden op achternaam en patroniem), j.d. (1691).
Op 2-5-1713 machtigt Maria Wouters van Diemen, wed. van Theunis Bartsz van de Boomgaert,
Olof Cock, bombazijdewerker in Amersfoort de nalatenschap te administrieren en te redden. Erfgenamen zijn de kinderen van Theunis.
[335]
Op 3-6-1726 machtigt Maria Jans, boedelhoudster, "lijfftogteresse", wonend te Amersfoort, wed. van Oloff Cock, "in leven bombasijdewerker alhier",
Jacob Hendrikse Graaff, schipper van Tessel, om haar belangen te behartigen bij Cornelis de Jongh, mede schipper wonende te Tessel, om van hem arbeidsloon en verschot te innen voor haar.
[336]
Op 23-6-1726
vindt de boedelscheiding plaats van de nalatenschap van
Oloff Cock, overleden, echtgenoot van Maria Jans, en eerder gehuwd met Margrieta Jans. Het betreft een
huijsinge, winkel en winkelwaren. Comparanten zijn
Maria Jans, wed. en boedelhoudster en lijftochteresse van Olof Cock, en Hannes Kok als oudste nagelaten zoon en erfgenaam van Oloff Cok, meerderjarig, en
Pieter Birkhoven, man van Annetje Cock, dochter en medeerfgenaam, wonende alhier. Hannes en Annetje zijn kinderen uit het eerste huwelijk, uit het tweede huwelijk is Geertruijd Cock, minderjarige jonge dochter. Gemachtigden voor de scheiding zijn Steven Janse namens eerste comparant en Jan en Pieter Kok wegens de twee laatste comparanten.
[337]
Er wordt verwezen naar
een Testament: d.d. 10-6-1704 [338].
Uit zijn eerste huwelijk (Cock-Sponsus):
-
a. Joannes Cock, ged. RK Amersfoort Kromme Elleboog 25-3-1692 (get. Geertjen Reijers), ovl. jong?
-
b. Joanna Cock, ged. RK Amersfoort Kromme Elleboog 24-4-1693 (get. Willemina van Liender), ovl. jong?
-
c. Anna Cock, ged. RK Amersfoort Kromme Elleboog 24-4-1693 (get. Willemina van Liender), ovl. jong?
-
d. Joanna Cock, ged. RK Amersfoort Kromme Elleboog 1-6-1694 (get. Wiggemoet Hendriks).
-
e. Anna (Annetje) Olofs Cock (Cocq), ged. RK Amersfoort Kromme Elleboog 14-2-1696 (get. Willempjen van Liender), beg. Amersfoort St. Joriskh. (impost) 16-4-1766, j.d. (1716), doopget. (1721..1733),
otr./tr. Amersfoort gerecht 3/18-7-1716 en Kr. Elleboog 18-7-1716 (get. haar vader Oleff Cocq, zijn vader Gijsbert Petersz van Birckhoven)
Pieter Gijsbertsz van Birckhoven, ged. (RK?) 1692-ca. 1696 (doop te Amersfoort geref. niet gevonden), beg. Amersfoort Lieve Vrouwe Kerk 9-2-1768, j.m. (1716),
zn. van Gijsbert Petersz van Birckhoven en Theuntie Gerrits van den Oudendoele.
-
1. Magreta van Birckhoven, ged. RK Amersfoort Kromme Elleboog 24-5-1717 (get. Catharina Cock).
-
2. Margareta van Birckhoven, ged. RK Amersfoort Kromme Elleboog 24-9-1720 (get. Elisabeth Beerens).
-
3. Anthonia van Birckhoven, ged. RK Amersfoort Kromme Elleboog 10-7-1722 (get. Elisabeth Beerens van Lare).
-
4. Gisbertus van Birckhoven, ged. RK Amersfoort Kromme Elleboog 9-9-1724 (get. Elisabeth Beerens).
-
5. Odulphus van Birckhoven, ged. RK Amersfoort Kromme Elleboog 27-1-1726 (get. Anthonetta Jans), ovl. jong?
-
6. Antonia van Birckhoven, ged. RK Amersfoort Kromme Elleboog 11-1-1728 (get. Elisabeth Beerens).
-
7. Odolphus van Birckhoven, ged. RK Amersfoort Kromme Elleboog 3-1-1730 (get. Gaugerica Bonsel), ovl. jong?
-
8. Odulphus van Birckhoven, ged. RK Amersfoort Kromme Elleboog 12-5-1731 (get. Gertrudis Kock), ovl. Amersfoort 14-1-1787 (als Olof van Birckhoven), als Oloff van Birkhoven, afkomstig van en geboren te Amersfoort, burger van Amersfoort op 22-6-1761 ("geadmitteerd voor halve halve leges als getrouwt aan een borgers dochter"),
tr.
Weijntje Volmaar.
Op 31-1-1767
verkopen Hendrik Schouten, mr. timmerman, en zijn vrouw Elizabeth Volmaar, Wilhelmus Volmaar, alsmede Oloff van Birkhoven en zijn vrouw Weijntje Volmaar, mede als mombers en voogden over Meijnsje, Antonia, Nicolaas en Jan Volmaar, minderjarige kinderen van Nicolaas Volmaar en Hendrina Versteeg,
aan Willem Clerck, bakker,
een huis, erf en grond, verdeeld in twee woningen, in de Valkestraat omtrent de herberg de Valk,
belend aan de ene zijde Gijsbert van Koot,
aan de andere zijde een Godshuisje.
[339]
Op 14-3-1767
verkopen Hendrik Schouten, mr. timmerman, en zijn vrouw Elizabeth Volmaar, Wilhelmus Volmaar, Oloff van Birkhoven en zijn vrouw Weijmpje Volmaar, de drie genoemde heren als momboirs en voogden over Meinsje, Antonia, Nicolaas en Jan Volmaar, onmondige kinderen van Nicolaas Volmaar en zijn vrouw Hendrina Versteeg,
aan Joost van Breukeleveen en zijn vrouw Dirkje Binksteen,
een huis met een hofje of bleekje, in de Breestraat omtrent de Paternosterstraat,
belend aan de ene zijde de herberg 't Fortuijn,
aan de andere zijde de weduwe van Andries van Helmerhorst.
[340]
Op dezelfde datum verstrekken bovenstaande verkopers tevens een lening van 200 gulden aan de kopers met het genoemde huis als onderpand.
[341]
-
9. Gerardus van Birckhoven, ged. RK Amersfoort Kromme Elleboog 4-12-1732 (get. Geertudis Kock).
-
10. Wijnanda van Birckhoven, ged. RK Amersfoort Kromme Elleboog 10-12-1739 (get. Elisabeth Berents).
-
f. Joannes Cock, ged. RK Amersfoort Kromme Elleboog 20-7-1697 (get. Aertjen Martens), ovl. jong?
-
g. Joannes (Hannes) Cock, ged. RK Amersfoort Kromme Elleboog 13-2-1699 (get. Wilhelma van Liender), (=kw. nr. 456).
Uit zijn tweede huwelijk (Cock-Jansse):
-
h. Gertrudis (Geertruijd) Cock, ged. RK Amersfoort Kromme Elleboog 12-6-1705 (get. Theodora Akathe), beg. verm. Amersfoort St. Joriskh. 24-4-1743 (laat kinderen na), meerderj. j.d. (1729), doopget. (1731, 1732),
otr./tr. Amersfoort gerecht 29-11/13-12-1729 en Kr. Elleboog 17-12-1729 (get. zijn moeder Jacobje van Langelaar, wed. van Andries van Sandendael, haar ouders dood)
Piet(er) (van) Sandendael (Zanendael, Sannendaal), geb. (doop te Amersfoort geref. niet gevonden), ovl. Amersfoort (reg. ovl. RK Kromme Elleboog) 11-3-1774.
Op 9-2-1720 verkrijgt Geertje Cock, dochter van Oloff Cocq, gehuwd met Marritje Jans, een legaat van wijlen Rijck Janssen (op "Besselenaart" in Hamersvelt). Rijck Janssen heeft haar 200 gulden beloofd bij zijn dood.
[342]
-
1. Andreas van Sandendael, ged. RK Amersfoort Kromme Elleboog 8-2-1732 (get. Gaudentia Zanendaal).
-
2. Maria van Sandendael, ged. RK Amersfoort Kromme Elleboog 13-9-1733 (get. Anna Cock).
-
3. Jacoba van Sandendael, ged. RK Amersfoort Kromme Elleboog 10-9-1736 (get. Gaudentia Zanendaal).
-
4. Andreas van Sandendael, ged. RK Amersfoort Kromme Elleboog 29-8-1739 (get. Gaudentia Zanendaal).
-
5. Gauda van Sandendael, ged. RK Amersfoort Kromme Elleboog 1-3-1743 (get. Gauda Sannendaal), ovl. verm. Amersfoort 29-7-1761.
COMMENTAAR(¥)
Wie is
Catharina Cock, beg. verm. Amersfoort St. Joriskh. 17-7-1744 (als Catharina Elisabeth Cock), doopget. (1717).
Zij wordt niet genoemd bij de erfgenamen van Olof in 1726.
|
914. JOHANNES POUWELS (DE) PIJP(H)ER, ged. geref. Amersfoort 15-10-1667, ovl. na 1727 (beg. te Amersfoort niet gevonden op achternaam en patroniem), j.m. (1689),
otr./tr. 1o Amersfoort gerecht 9/27-4-1689 (get. zijn moeder Cornelia Wulphertsz nu h.v. van Jan Lambertsz, en haar bekende Hendrijn Jacobs en Laurens Stevens)
en
tr. 1o Amersfoort Kr. Elleboog 26-4-1689
MARIA SESARIEN (CAESARIUS), ovl. 1694 (beg. te Amersfoort niet gevonden), ouderloze j.d (1689), mogelijke dezelfde als Maria Cesarius, echtgenote van Cornelis van Vilvoorden die octrooi krijgt om te testeren te Utrecht 10-2-1681.[343]
Zij is mogelijk nazaat van Ds. Hendrik Caesarius.[344]
.
Hij
tr. 2o Amersfoort gerecht 2/20-10-1694 (als wednr. van Marijtje Secarius, zij met consent van haar moeder Cathrina Bossen wed. van Jacob Dircksz Geeldorp, en geast. met haar oom Henrick van Raalt, kuiper)
en
tr. 2o Amersfoort RK Kr. Elleboog 20-10-1694
915. ANNITJE (ANNA) JACOBS, geb. vóór ca. 1675, ovl. na 1725 (diverse begraven komen in aanmerking), j.d. (1694), doopget. (1724, 1725).
Uit zijn eerste huwelijk (Pijper-Sesarien) RK gedoopt te Amersfoort Kr. Elleboog :
-
a. Paulus Pijper (Peper), ged. 17-6-1690, ovl. 1727-1739 (beg. te Amersfoort niet gevonden), otr./tr. Amersfoort gerecht 16-9/4-10-1727 (get. zijn vader Joannes Pijper en haar vader Elbert Hendriksz Slijk) en RK Kromme Elleboog 4-10-1727
Neeltje (Cornelia) Egberts Slijk, geb. (doop te Amersfoort geref. niet gevonden), beg. Amersfoort St. Joriskh. (impost) 30-8-1788 (als Neeltje Slik), jd. (1727). Zij hertr. 1739 ("met haar kind").
Uit dit huwelijk geen dopen geref. te Amersfoort gevonden.
-
b. Elisabeth Pijper, ged. 2-5-1692 (get. Gijsberta van Sandendael), ovl. jong?
-
c. Elisabeth Pijper, ged. 26-6-1694 (get. Gisberta van Sandendael).
-
d. Catharina Pijper, ged. 6-10-1695 (na haar moeders dood!, get. Catharina Hendricks), beg. Amersfoort Lieve Vrouwe Kerk 15-11-1760, doopget. (1735..1756).
Uit zijn tweede huwelijk (Pijper-Jacobs) RK gedoopt te Amersfoort Kr. Elleboog :
-
a. Joanna Pijper, ged. 21-6-1697 (get. Catharina Hendriks), doopget. (1733).
-
b. Joannes (Jan) Pijper (Pippe, Peper), ged. 15-2-1699 (get. Cathrina Vos), ovl. na 1725 (beg. te Amersfoort niet gevonden)
otr./tr. Amersfoort gerecht 26-1/13-2-1720 (get. zijn vader Johannes Pijper en haar moeder Fennitje van Struijvenbergh nu hv. van Jan van Ginckel) en RK Kromme Elleboog 13-2-1720
Geertruij (Gertrudis) Marchand (Marchant), ged. mogelijk Amersfoort geref. 17-1-1695 (als kind van wie de naam niet wordt genoemd van Wouter Marchant en Fennitje Rijks), beg. Amersfoort St. Joriskh. 31-1-1733 (als Geertruij Marsman, sic!).
Uit dit huwelijk RK gedoopt te Amersfoort :
-
1. Woltherus Pijper, ged. RK 't Zand 28-1-1721 (get. Trifenna van Struijvenbergh).
-
2. Joannes Pijper, ged. Kr. Elleboog 25-3-1724 (get. Anna Jacobs).
-
3. Anna Pijper, ged. Kr. Elleboog 14-8-1725 (get. Anna Jacobs).
-
c. Jacoba Pijper, ged. 8-11-1703 (get. Rickje Jacobs).
-
d. Matheus Pijper, ged. 17-2-1705 (get. Ricke Jacobs en Jannetie Jacobs).
-
e. Jacobus Pijper, ged. 17-2-1705 (get. Ricke Jacobs en Jannetie Jacobs).
-
f. Cornelia Pijper, ged. 12-12-1706 (get. Rickie Jacobs), (=kw. nr. 457).
916. JORDANUS BOTTER, geb. vóór ca. 1670 (doop te Amersfoort geref. niet gevonden), ovl. na 1720 (beg. wellicht te Amersfoort 1749 of 1752 als Goris Botter), j.m. (1688),
otr./tr. Amersfoort gerecht 18-5/2-6-1688 (get. zijn vader Jan Botter, zij geast. met haar moeij Maria Mojaart h.v. van Abraham Abrahamsz in plaats van haar vader Philip Mojaart te Leiden die consent geeft )
en
tr. Amersfoort Kr. Elleboog 2-6-1688
917. ANNA MARIA (PHILIPS) MOJAART (MOIJERS), geb. vóór ca. 1670 (vóór ca. 1655?), ovl. na 1724 (beg. niet gevonden te Amersfoort op achternaam en patroniem), j.d. (1688), doopget. (1716..1724), huw. get. (1717).
Zij woont kennelijk van 1688 tot (na) 1706 in Amersfoort wanneer haar kinderen daar worden gedoopt, met uitzondering van (een periode rond) 1702, wanneer haar dochter Agnes in Leiden wordt gedoopt en zij zelf in Leiden als getuige optreedt bij de doop van een kind van Gerrard van Loenhorst en Josina de Pauw.
Zij treedt in 1692 en 1694 op als doopget. te Amersfoort (Oud Kath. 't Zand) bij dopen van natuurlijke kinderen van Martinus NN en Geertruid Jans.
In 1673 is een Anna Maria Moyaert te Leiden getuige bij de doop (RK Bakkersteeg) van een onecht kind van Bernard Haes en Marie Jans van Betou.
Als het hier kw. nr. 917 betreft dan moet zij dus geboren zijn vóór ca. 1655.
Op 6-10-1692 compareren te Utrecht
de erven van Neeltien Egberts, in leven wed. van Willem Coot,
met name Hendrik van Wamell, steenbacker wonend te Zuylen, en gehuwd met
Maria Coot, hun dochter, mede namens haar broer Joost Coot, en Goris Botter,
metselaer en steencoper wonend te Amersfoort. Het betreft een procuratie
tot het innen van geld van procureur NN Visser, als
curator van de boedel van wijlen Hendrikien Hermens te
Amersfoort, vanwege geleverde stenen.[345]
Op 15-1-1750 compareert te Utrecht
Adriaen Hennebo, coopman wonend aldaar, om procuratie te verlenen aan
Antony van Veersen, procureur voor den geregte van Amersfoort,
om geld in te vorderen van Bart van Hoevelaak,
Ryk Cruyf, David Moesman, Mordechay Levi,
Goris Botter, N.N., wed. Jan van Raeld,
Wulvert Hyne, Fredrik Fennis, Paulus Eykhout,
Wynand van den Bosch en Gysbert van Couverden, wegens
geleverde tabak, en van Willem Muys, wegens geleend geld
en geleverde tabak.[346]
Op 20-2-1679
testeert te Amersfoort Maria Moja(a)rt, sieck te bedde liggende, wonend te Amersfoort, wed. van Hans van Bijlevelt.
Zij vermaakt aan haar nicht Anna Maria Mojaert, dochtertje van haar broer Philip Mojaert, haar silverwerck, haar clederen, 2 gouden ringen, bedlakens enz., van alles het beste,
en verzoekt Anthoni Jacobs van Soest deze goederen in bewaring te nemen totdat Anna Maria mondig is of trouwt.
Zij secludeert de weeskamer.
Indien Anthoni Jacobs voor haar overlijdt, dan benoemt zij in zijn plaats Jan Jacobs van Beeftingh.
Getuigen zijn Casper Jans(en) van Holt, Joost Salomons en Jacob Willemsen, borgers van Amersfoort.
In margine: op 25-10-1680 gerevoceert folio 4. zie hiervoor recordnr. 8858)
[347]
-
a. Bertranda Botter, ged. RK Amersfoort Kr. Elleboog 16-11-1689 (get. Bertranda Jordens), beg. Amersfoort St. Joriskh. (impost) 20-3-1740 (als Bertje Botter), j.d. van Amersfoort (1707), doopget. (1721, 1731),
otr./tr. Amersfoort geref. 14/30-10-1707 (als Bartje Jordaensen Botter)
Gerrit Jansen, j.m. van Amersfoort (1707).
Uit dit huwelijk 5 kinderen geref. gedoopt te Amersfoort (1711-1724), waarbij de moeder heet Bartje Daniels Botter (sic!).
-
b. Joannes Botter, ged. RK Amersfoort Kr. Elleboog 9-6-1693 (get. Berta Jordanissen), ovl. jong?
-
c. Philip(pus) Botter, ged. RK Amersfoort Kr. Elleboog 19-7-1695 (get. Maria Moye), ovl. na 1745 (beg. niet gevonden te Amersfoort op achternaam), j.m.,
tr. Amersfoort gerecht 10/24-12-1717 (get. zijn moeder Anna Maria Moijaert, hv. van Jordanus Botter, die consenteert, en haar vader Henrick Petersz Fiers) en RK 't Zand 24-12-1717
Christina (Stijntje) Fiers, ged. Amersfoort geref. 17-9-1689, ovl. na 1745 (beg. niet gevonden te Amersfoort op achternaam), dr. van Henrick Petersz Fiers en Aleijda Pieters.
-
1. Jurdanus Botter, ged. Amersfoort Oud Kath. RK 't Zand 22-10-1718 (get. Maria Lamara), ovl. in 't hospital op Batavia (NOI) 13-5-1743, vaart op 12-2-1736 als Jordamus Botter, afkomstig van Amersfoort in de rang Jongen voor de kamer Hoorn van de VOC met het schip Kerkwijk via Kaap de Goede Hoop (alwaar aankomst 1-6-1736 en vertrek 17-6-1736) naar Batavia alwaar aankomst 26-8-1736, vaart op 2-11-1737 met het schip Lage Polder voor de kamer Enkhuizen via Kaap de Goede Hoop (alwaar aankomst 17-1-1738 en vertrek 18-2-1738) terug naar Nederland alwaar aankomst 7-6-1738, (hij heeft geen maandbrief, wel een schuldbrief),[348]
vaart op 5-11-1738 als Jordanus Botter, afkomstig van Amersfoort in de rang Jongmatroos voor de kamer Amsterdam van de VOC met het schip Strijen via Kaap de Goede Hoop (alwaar aankomst 2-4-1739 en vertrek 20-4-1739) naar Batavia alwaar aankomst 19-6-1739, uit dienst van de VOC 13-5-1743 wegens overlijden in Azie (hij heeft geen maandbrief, en geen schuldbrief).[349]
Op 19-1-1745
compareert te Amersfoort Philippus Botter, borger, ten einde zijn vrouw, Christina Fiers, te machtigen om
de uitstaande soldy te innen van hun zoon Jordanus Botter, die als matroos voor de Camer van Amsterdam in november 1738 met het schip "Stryden" (met schipper Willem van de Velde) naar Oostindie is gevaren, en is overleden 13-5-1743, in 't hospital op Batavia.
[350]
-
2. Henricus Botter, ged. Oud Kath. 't Zand 18-9-1720 (get. Neeltje Fiers).
-
3. Hindricus Botter, ged. Oud Kath. 't Zand 2-10-1721 (get. Marie La Mare).
-
4. Aleijda Botter, ged. Oud Kath. 't Zand 1-12-1725 (get. Marie La Mare).
-
5. Henricus Botter, ged. Oud Kath. 't Zand 4-3-1728 (get. Marie La Mare).
-
6. Anna Maria Botter, ged. Oud Kath. 't Zand 11-9-1730 (get. Frans Boumans).
-
7. Abraham Botter, ged. Oud Kath. 't Zand 19-1-1734 (get. Petronella Botters).
Er worden 4 kinderen van Philippus Botter te Amersfoort begraven 1724-1742.
-
d. Joannes Botter, ged. RK Amersfoort Kr. Elleboog 31-10-1699 (get. Margareta Botter), (=kw. nr. 458).
-
e. Agnes Botter, ged. RK Leiden Bakkersteeg 28-8-1702 (moeder heet hier Maria Moeijer, get. Carolus Janssens Geus, Paula Willemse).
-
f. Arnolda Botter, ged. RK Amersfoort Kr. Elleboog 21-9-1706 (get. Arnolda van Raalt).
918. JAN KEMP(S), alleen bekend uit het patroniem van zijn dochter,
tr. vóór ca. 1695
919. NN.
Uit dit huwelijk (o.a.?) :
-
a. Petronilla Jans Kemps, geb. Düsseldorf (D) vóór ca. 1695, beg. Amersfoort (impost, naar Leusden) 28-2-1765 (als vrouw van Jan Botter), (=kw. nr. 459).
920. ADOLPH (AART, ARNULPHUS) THOMASZ (VAN LONDEN), ged. ca. 1659-1665, ovl. 1710-1720, parentatie niet bewezen,
j.m. (1688), van Amersfoort (1710),
uitlandig (1722), echter zijn dr. Baatje is bij huwelijk 1720 ouderloos (sic!),
otr./tr. 2o Amersfoort geref. 7/25-3-1710 (als wednr. van Woutertje Jacobs van Wichraet)
GEERTRUIJD MORRE(N), ged. voor 1685 (doop geref. Amersfoort niet gevonden), ovl. na 1710 (beg. te Amersfoort niet gevonden), van Amersfoort (1710),
wed. Jacobus Hendrijksen (huw. 1706),
otr./tr. 1o Amersfoort gerecht 11/26-5-1688 (get. zijn moeder Maria Tielemans, wed. van Thomas Jacobsz Londen, zijn broer Thielman Thomasz Londen, haar vader Jacob Jansz van Wickra)
921. WOUTERTJE (WOU(L)TERA) JACOBS(EN) VAN WICHRAET (WIGGERAAT), ged. vóór ca. 1665 (doop geref. Amersfoort niet gevonden), ovl. Amersfoort (reg. ovl. RK Kromme Elleboog) 13-1-1710, j.d. (1688), doopget. (1701..1709).
Uit zijn eerste huwelijk (van Londen-van Wichraet) gedoopt te Amersfoort :
-
a. Aleida van Londen, ged. Oud Kath Muurhuizen 2-8-1692 (get. Anna Jacobs, hier heet de vader Aldi Thomassen).
-
b. Fietje (Feijtje) Aarts (Adolphs) van Londe, ged. vóór ca. 1695, beg. Amersfoort St. Joriskh. (impost) 4-12-1762, j.d. van en wonend te Amersfoort (1715),
otr./tr. Amersfoort geref. 25-10/10-11-1715
Jacobus Stoffelsen van der Linden, ged. Amersfoort geref. 21-1-1694, ovl. na 1729, j.m. van en wonend te Amersfoort (1715),
zn. van Stoffel Thomassen en Aaltje Jacobs (zie kw. nr. ⇒ 962 /963).
Uit dit huwelijk kinderen geref. gedoopt te Amersfoort 1717-1729 (zie kw. nr. ⇒ 962 /963).
-
c. Joannes van Londen, ged. Oud Kath. 't Zand 1-8-1697 (get. Annetje Thomas).
-
d. Gijsbertje Aarts (Adolfs) (van Londen), ged. Oud Kath. 't Zand 24-3-1699 (get. Petronella Thomas), ovl. na 1736 (beg. te Amersfoort niet gevonden), otr./tr. Amersfoort gerecht 11/29-4-1730 en Oud Kath. 't Zand 29-4-1730
Hendrik Willemsz Groenewout, ged. voor ca 1680 (doop te Amersfoort geref. niet gevonden), ovl. na 1736 (beg. te Amersfoort niet gevonden), wednr. van Johanna Elisabeth Jans (huw. 1702),
zn. van NN (in 1702 is zijn moeie Gerbrecht Theunis, h.v. van Cornelis Reijersz).
Uit dit huwelijk Oud Kath. gedoopt te Amersfoort 't Zand :
-
1. Woltertie (Waltera) Groenewout , ged. 27-12-1730 (get. Catharina Hendricks).
-
2. Arnolus (Aard) Groenewout, ged. 6-3-1733, (get. Catharina Hendricks).
opgenomen in het Stadskinderhuis te Amersfoort 8-1-1742
(oud omtrent 9 jaar),
vandaar na 1746 vertrokken.[351]
-
3. Machtildis Groenewout, ged. 15-8-1734 (get. Catharina Hendricks).
-
4. Thomas Groenewout, ged. 7-9-1736 (get. Catharina Croes).
-
e. Beatrix (Baatje) Aarts van Londen, geb. vóór ca 1700, doopget. (1723..1736),
otr./tr. 1o Amersfoort gerecht 27-9/12-10-1720 (get. haar grootmoeder Petertje Hermans, wed. van Jacobus Jansz van Wichelraad, zij ouderloos, en zijn vader Oth Jans) en RK Kromme Elleboog 12-10-1720
Jan (Joannes) Otten, ged. geref Amersfoort 12-11-1686, ovl. vóór 1724?, j.m. (1720),
zn. van Oth Jansz en verm. Hendrickjen Everts,
tr. 2o verm 1720-1724 (huw. niet gevonden Amersfoort geref. en gerecht)
Jan Luijkasse.
Uit haar (eerste?) huwelijk (Otten-van Londen) geen dopen geref. te Amersfoort gevonden.
Uit haar een zoon Wouter gedoopt geref. Amersfoort 1724 waarvan de vader is Jan Luijkasse.
-
f. Maria Aerts van Londen, geb. vóór ca. 1700, ovl. na 1731 (diverse begraven komen in aanmerking), meerderjarige j.d. (1722), doopget. (1731),
otr./tr. Amersfoort gerecht 10/25-4-1722 (get. haar grootmoeder Petertje Hermans, wed. Jacob van Wichenraed, haar vader is uitlandig, zijn vader Albert Albertsen van den Engel) en RK Kromme Elleboog 25-4-1722
Cornelis Albertsen van den Engel, geb. vóór ca 1700 (doopr te Amersfoort geref. niet gevonden), beg. Amersfoort St. Joriskh. (impost) 11-3-1739 (als Cornelis van Engelen), j.m. (1722),
zn. van Albert Albertsen (van den) Engel, luthers, afkomstig van Hamburgh, burger van Amersfoort (1697), en NN.
Uit dit huwelijk RK gedoopt te Amersfoort Kromme Elleboog :
-
1. Walterus van den Engel, ged. 1-1-1723 (get. Beatrix van Londe).
-
2. Beatrix van den Engel, ged. 18-5-1724 (get. Petronilla Alberts van Engelen, hier heet de moeder Maria Jacobs).
-
4. Petronilla van den Engel, ged. 28-12-1725 (get. Beatrix van Londen).
-
5. Cornelius van den Engel, ged. 10-11-1727 (get. Beatrix van Londen), betaalt als Cornelis van Engelen ƒ 4,--,-- huisgeld voor een huis in de Muurhuysen (na 1755).[352]
-
6. Gerardus van den Engel, ged. 18-2-1730 (get. Beatrix Aerts van Londe).
Uit zijn tweede huwelijk (van Londen-Morre) geref. gedoopt te Amersfoort :
-
g. Peternel van Londen, ged. 6-4-1710.
Uit een van zijn beide huwelijken vermoedelijk :
-
h. Wouter Van Londen, geb. vóór ca. 1715 (doop niet gevonden te Amersfoort), beg. Amersfoort St. Joriskh. (impost) 15-5-1779, (=kw. nr. 460).
filiatie niet bewezen.
Als hij uit Adolph's tweede huwelijk spruit en mogelijk vernoemd is naar Adolph's eerste vrouw Woutertje Jacobs van Wichraet dan is kwartier 921 dus niet goed. maar moet dan zijn Geertruijd Morre.
922. HENDRICK GERRITSZ VAN BEMMEL, beg. Amersfoort St. Joriskh 20-10-1740 (als Hendrik van Bemmel, laat kinderen na), mogelijk identiek met Henrick van Bemmel, geref. lidmaat op belijdenis te Amersfoort 24-12-1699,
tr. vóór 1710 (geref. en overig Amersfoort niet gevonden)[353]
923. JACOBJE JANS BEEKMAN, ged. geref. Amersfoort 4-11-1687, beg. Amersfoort Lieve Vrouwe Kapel 3-2-1739 (laat kinderen na).
Uit dit huwelijk (van Bemmel-Beekman) geref. gedoopt te Amersfoort [354]:
-
a. Gerrit van Bemmel, ged. 3-9-1710, beg. verm. Amersfoort 15-2-1776.
-
b. Merritje van Bemmel, ged. 7-5-1713.
-
c. Maria van Bemmel, ged. 28-6-1714, (=kw. nr. 461).
924. ARIEN (ARENT) WILLEMSZ (PRONCKER(T)), ged. Amersfoort Oud Kath. Muurhuizen 29-2-1676 (get. Geertrude Joppen), ovl. 1709-1712 (beg. niet gevonden te Amersfoort op achternaam en patroniem);(¥)
otr./tr. Amersfoort geref. 5/30-1-1700 als Arien Willemsz, j.m. wonend te Amersfoort
925. GEERTJE TIJLEMANS(¥), ovl. na 1712, wonend te Amersfoort (1700), doopget. (1700),
tr. 1o voor 1700
PETER LAMPHEN(¥), tr. 3o Amersfoort geref. 11-11-1712 (als wed. van Arien Willemsz Pronckert)
JAN PETERSEN, j.m. wonend te Amersfoort (1712)
| COMMENTAAR(¥)
Is C.P. Pronckert predikant te Woudenberg verwant?[355]
|
COMMENTAAR(¥)
Zij is wellicht dr. van :
Baijrent Tieleman zoek op patroniem
Henrick Tijleman, in de Groten Haag te Amersfoort betaalt nihil familiegeld (1675).[356]
|
COMMENTAAR(¥)
Hij is mogelijk zn. van Cornelis Lamphen. Een eventueel huwelijk Peter Cornelisz (Lamphen) met Geertruy (Tielemans) te Amersfoort geref. niet gevonden. Zoek nog gerecht e.d.
Cornelis Lamphen betaalt ƒ 6,5,0 familiegeld in de Hellestraat te Amersfoort.[357]
|
Uit haar tweede huwelijk (Proncker(t)-Tijlemans) geref. gedoopt te Amersfoort :
-
a. Wilhelmus Pronckert, ged. 12-10-1703, ovl. jong?
-
b. Tijlleman Pronckert, ged. 1-1-1705, (=kw. nr. 462).
-
c. Geertruijd Pronckert, ged. 26-11-1706.
-
d. Willem Pronckert, ged. 13-12-1707, ovl. jong?
-
e. Willem Pronckert, ged. 9-8-1709, beg. verm. Amersfoort St. Joriskh. 19-11-1744 (als Willem Pronk).
926. JOCHEM P(I)ETERSZ (TEUNISZ?) VAN COUWENHOVEN, ged. Amersfoort RK Kromme Elleboog 5-3-1691 (get. Anna Maria van Sijl), beg. Amersfoort St. Joriskh. (impost, naar Leusden) 14-3-1741, j.m. (1718),
otr./tr. Amersfoort gerecht 21-12-1717/8-1-1718 (get. zijn moeder Weijntie Willems, wed. van Peter Jansz van Couwenhoven, en haar vader Peter Evertsen van Kerkhoven)
927. EVERTJE (EVERARDA) PETERS (VAN) KER(C)KHOVEN, geb. vóór ca. 1695, ovl. Amersfoort (reg. ovl. RK Kromme Elleboog) 12-4-1777, j.d. (1718).
Uit dit huwelijk RK gedoopt Amersfoort Kr. Elleboog (vader heet hier Joachim Teunisse van Kouwenhove) (zijn er mogelijk in de periode 1718-1735 elders kinderen geboren/gedoopt, waarvan doop in deze periode niet te Amersfoort RK, geref. en overig is gevonden?)
-
a. Anna Maria van Kouwenhove, geb. vóór ca. 1725 (doop niet gevonden), (=kw. nr. 463).
-
b. Maria van Kouwenhove, ged. 18-4-1735 (get. Elisabeth Sneijers), tr. 3x
ZOEK UIT.
-
c. Willelmus (Willem) van Kouwenhove, ged. 6-9-1737 (get. Hendrica Jans), opgenomen in het Stadskinderhuis te Amersfoort 5-3-1742 (oud omtrent 4 ½ jaar),
vandaar in mei 1760 vertrokken,[358]
als Willem Kouwenhoven, afkomstig van Amersfoort, burger van Amersfoort op 28-4-1760 ("gratis vergunt, in het Stadskinderhuijs alhier gealimenteert"),
j.m. woonde voorheen te Vlissingen, nu te Amersfoort (1764),
otr./tr. Amersfoort geref. 28-9/11-11-1764 (met attestatie van Vlissingen)
Lena van Atena, wed. van Jan Moesman, woont te Amersfoort (1764).
942. HEN(D)RICK (ARENTS) DIEP(E)RIN(C)K (DIEP(E)RING(H)), ged. geref. Amersfoort 15-7-1659, beg. Amersfoort Lieve Vrouwe Kapel 6-10-1717, woont te Amersfoort (1681),
tr. 1o voor 1681 (geref. Amersfoort niet gevonden)
HILLETJE VOSCAMP, ovl. vóór 1681, otr./tr. 3o Amersfoort geref. 15-11/1-12-1695
MARIA CORNELIS (KRAYEKAMP), ovl. na 1719, dr. van Reinier Antoniese Kraaykamp en Janna Everts van Breukelerveen (zie kw. nr. ⇒ 3617 sub b1),
(zij hertr. als zijn wed. in 1719),
otr./tr. 2o Amersfoort geref. 22-7/14-8-1681
943. AMMERENTIA (EMERENTIA) JANS, ovl. 1693-1695 (beg. te Amersfoort niet gevonden op patroniem), van Amersfoort (1681).
Uit zijn eerste huwelijk (Dieprink-Voscamp) geen kinderen geref. gedoopt gevonden te Amersfoort, ook niet op patroniem.
Uit zijn tweede huwelijk (Dieprink-Jans) geref. gedoopt te Amersfoort :
-
a. Annetjen Dieprink, ged. 6-9-1681, ovl. jong?
-
b. Arent Dieprink, ged. 15-2-1683, ovl. jong?
-
c. Aert Dieprink, ged. 1-4-1684.
-
d. Anneken Dieprink, ged. 24-11-1685, j.d. van en wonend te Amersfoort (1710).
otr./tr. Amersfoort geref. 28-3/1-6-1710
Willem Robbertsz Muller, j.m. van en wonend te Amersfoort (1710).
-
e. Arent Dieprink, ged. 1-9-1687.
-
f. Jan Dieprink, ged. 1-9-1689.
-
g. Aertje Hendriks Dieperingh, ged. 27-10-1691, beg. Amersfoort St. Joriskh. 24-11-1727 (als Aertje van Diepring), j.d. van Amersfoort (1725),
otr./tr. Amersfoort geref. 16-11/2-12-1725
Peter van Dijk, ovl. Amersfoort 17-2-1735 (als Petrus van Dijck), j.m. van Amersfoort (1725).
-
h. Judith Dieprink, ged. 27-10-1693, (=kw. nr. 471).
Uit zijn derde huwelijk (Dieprink-Krayekamp) geen geref. dopen te Amersfoort gevonden.
944. HEERE REYNIERSZOON(¥), ovl. 1701-1713, j.m. wonend te Amersfoort (1695)
otr./tr. Amersfoort geref. 15-11/3-12-1695
945. HENDRIKJE EVERTS, beg. verm. Amersfoort 1717 of 1738
j.d. wonend te Amersfoort (1695),
otr./tr. 2o Amersfoort geref. 25-8/15-9-1713 (als wed. van Hero Reijniersz)
VALENTIJN SALEMAN, j.m. van Pruijssen, soldaat in de Compagnie van Vlierden, in garnizoen te Utrecht.
| COMMENTAAR(¥)
Is er verband met Hero Laurensz van Hoochpalen in wiens nageslacht diverse Hero's voorkomen?
|
Uit het huwelijk (Reyniersz-Everts) geref. gedoopt te Amersfoort [359] :
-
a. Reinier Heere, ged. 13-10-1696, (=kw. nr. 472).
-
b. Jacobje Heere, ged. 23-9-1698.
-
c. Harmijntje Heere, ged. 9-12-1701, j.d. van Amersfoort (1720),
otr./tr. Amersfoort geref. 10-5/2-6-1720
Jan Jansz (van Barnevelt), geb. Amersfoort, woont te Amersfoort (1720).
-
1. Jan van Barnevelt, ged. geref. Amersfoort 8-4-1721.
-
2. Heere van Barnevelt, ged. geref. Amersfoort 19-3-1724.
-
3. Catrina van Barnevelt, ged. geref. Amersfoort 8-2-1726.
-
4. Johannes van Barnevelt, ged. geref. Amersfoort17-10-1727.
946. CORNELIS PHILIPSZ DE ROGIER (ROSI(ER)), ged. geref. Amersfoort 26-1-1668, beg. Amersfoort St. Joriskh. 5-5-1740 (als Cornelis Rosier), j.m. geboren en wonend te Amersfoort (1689),
bewoont als Cornelis Rosier een huijsinge cum annexis staande aan de Langestraat genaamt de Bonte Koeij (1731),
[360]
otr./tr. Amersfoort geref. 22-2/10-3-1689
947. (CA)TRIJNTJE JANS (VAN DE BREE), ged. geref. Amersfoort 28-11-1669, beg. Amersfoort St. Joriskh. (impost) 6-11-1747 (als wed. van Cornelis Rosier), j.d. van Amersfoort (1689).
Uit dit huwelijk geref. gedoopt te Amersfoort :
-
a. Neeltje de Rogier, ged. geref. Amersfoort 14-4-1689, ovl. jong?
-
b. Philippus de Rogier, ged. geref. Amersfoort 27-4-1690, ovl. jong?
-
c. Philippus de Rogier, ged. geref. Amersfoort 6-11-1691, ovl. jong?
-
d. Philip de Rogier, ged. geref. Amersfoort 26-12-1692.
-
e. Neeltje de Rogier (Rosie(r)), ged. geref. Amersfoort 21-8-1694, otr. Amsterdam 22-4-1718 (get. voor haar Hendrik Middendorp, en zijn neef Hendrik Poppelee, in margine: "De Heeren Burgemeesteren hebben op den 28 april 1718 aan de Coster Nicol. Abeleven geordonneert dat deze nevenstaende personen op Sondag den 1 may 1718 hunne tweede en derde gebod tegelijk zullen hebben"),[361]
Leendert van Mastricht (Mastrigt), vleeshouwer, afkomstig van Tiel (1718).
-
1. Jan Leendertsz van Mastricht, ged. geref. Hilversum 2-4-1723, tr. 1o Hilversum geref. 15-3-1762[363]
[364]
Geertje Teunisz Zwaan, tr. 2o Hilversum 11-9-1785[365]
[366]
Aaltje Verduijn.
-
2. Cornelis Leendertsz van Maastrigt, ged. geref. Hilversum 11-2-1726, ovl. Hilversum 13-4-1787, tr. 1o Hilversum 6-7-1746[367]
Lijsbet Teunis, ovl. 1747-1752, tr. 2o Hilversum 28-11-1752[368]
Marritje Dirksz Das, ged. geref. Hilversum 1-3-1725, dr. van Dirk Barentz Das en Machteltje (Matje) Knegt.
Uit zijn eerste huwelijk:
-
aa. 1747 27 november Neeltje van Mastricht, ged. geref. Hilversum 27-11-1747.
Uit zijn tweede huwelijk:
-
bb. Adriaan van Maastricht, ged. geref. Hilversum 22-8-1753, wever.
-
cc. Marretje van Maastricht, ged. geref. Hilversum 19-12-1757
tr. Hilversum 16-4-1779[369]
Willem Jansz Knegt, geb./ged. geref. Hilversum 27/30-5-1756, ovl. Hilversum 27-9-1813, zn. van Jan Bartenz Knegt en Claasje Willemsd Vlaanderen.
Hieruit verder nageslacht bekend.
-
dd. Geertje van Maastricht, ged. geref. Hilversum 25-12-1768.
-
3. Leendert van Mastricht, geb. (doop niet gevonden te Hilversum en Amsterdam), filiatie niet bewezen,
tr. Hilversum 14-5-1764
Catharina Schrijver. Hieruit verder nageslacht bekend (kind gedoopt Hilversum 1765).
-
4. Hendrik van Mastrigt, ged. 9-5-1723 (??)[370], filiatie niet bewezen,
j.m. van Amersfoort, wonend in de Lomberstraat (1749),
woont op de Nieuwemarkt te Rotterdam (1750),
otr./tr. Rotterdam geref. 13/29-7-1749
Maria Vermeulen, j.d. van Dissendam, wonend in de Lomberstraat (1749).
-
aa. Jannetje van Mastrigt, ged. geref. Rotterdam 5-2-1750 (get. Lambert Groenevelt, Jannetje Ambagsheer).
-
bb. Jannetje van Mastrigt, ged. geref. Hilversum 30-1-1751, ovl. Utrecht 21-3-1831, tr. Utrecht 2-5-1775[372]
Johannes Ockeloen.
-
cc. Leendert van Mastrigt, ged. geref. Hilversum 5-2-1752.
-
dd. Neeltje van Mastrigt, ged. geref. Hilversum 15-2-1753, tr. Utrecht 10-2-1779
Abraham Ockeloen.
-
ee. Gijsbertje van Mastrigt, ged. geref. Hilversum 10-3-1754 (get. Johanna van Mastricht), ovl. Muiden 27-2-1833, tr. Weesp 17-11-1782
Jan Bismeijer.
-
ff. Francijntje van Mastrigt, ged. geref. Hilversum 16-12-1758.
-
f. Hester de Rogier, ged. geref. Amersfoort 15-3-1696, ovl. jong?
-
g. Hester de Rogier, ged. geref. Amersfoort 18-7-1699, (=kw. nr. 473).
-
h. Maria (Marretje) Cornelissen de Rogier (Rosier, Rosij), ged. geref. Amersfoort 14-2-1702, beg. Amersfoort Lieve Vrouwenkh. (overluiden) 29-11-1781 (als Maria Rosier), j.d. wonend te Amersfoort (1723),
otr./tr. 1o Amersfoort geref. 23-7/15-8-1723
Jan Barentsz (van) Kuesen, ovl. 1736-1750, j.m. wonend te Amersfoort (1723),
otr./tr. 2o Amersfoort geref. 4/20-12-1750
Thomas Stoffelse (van der Linden), ged. 18-6-1691, beg. Amersfoort Lieve Vrouwe Kerk 25-9-1756 (als Thomas van der Linden), zn. van Stoffel Thomassen en Aaltje Jacobs (zie kw. nr. ⇒ 962 ),
wednr. van Francina Willems.
Uit haar eerste huwelijk (van Kuesen-Rosier) kinderen geref. gedoopt te Amersfoort 1725-1736.
-
i. Jannetje de Rogier, ged. geref. Amersfoort 19-10-1704.
-
j. Johanna de Rogier, ged. geref. Amersfoort 8-4-1708.
-
k. Geertruy de Rogier, ged. geref. Amersfoort 8-12-1713.
948. REIJNIER ANTHONISZ (THEUNISSE) VAN LING (LIJN), geb. vóór ca. 1640 (doop te Amersfoort niet gevonden op van Ling), beg. Amersfoort St. Joriskh. 4-4-1716 (laat kinderen na), wordt Rem. lidmaat te Amersfoort 25-12-1657 na gedane belijdenis,
j.m. van en wonend te Amersfoort bij de St. Janskerk (1662),
betaalt ƒ 6,5,0 familiegeld, wonende op de Weverscingel (1675),[373]
treedt op als Reijnier van Lijngen, ouderling van de Remonstrantse kerk te Amersfoort (1690),
otr./tr. Amersfoort geref. 15/26-8-1662 (get. zijn broer Aardt Theunissen van Lijn, en Claes Jacobsen van Groenenberg)
949. MARIJTJE CLAES (VAN) GROENENBERG, ged. verm. Amersfoort geref. 16-9-1638 (als Marritjen, dr. van Claes Jacobsz), ovl. 1677-1741 (beg. niet gevonden te Amersfoort), als Merritien Claes Jacobs geref. lidmaat op belijdenis te Amersfoort 24-12-1657, op de Singel,
j.d. van en wonend te Amersfoort op de Cingel (1662).
Op 8-3-1741 vindt het vervolg plaats van de boedelscheiding van
Reijnier van Ling en Maria van Groenenburgh, beiden overleden.
Het betreft een deel uit de nalatenschap dat de kinderen nog gemeenschappelijk bezitten, te weten een
huysinge met een kleijn huijsje dien annex en hoven daarachter op de Wevercingel. Erfgenamen zijn de kinderen:
Anthony van Ling, mr. timmerman, meerderjarig,
Nicolas van Ling, mr. kuijper, gehuwd met Agnes van Struijvenbergh,
Dirkje van Ling, gehuwd met Evert Kerkhoven, zijdereder.
[374]
Uit dit huwelijk Rem. gedoopt te Amersfoort :
-
a. Margarietje van Ling (Lijn), ged. Rem. Amersfoort 26-7-1663 (vader heet hier van Lijn), ovl. 1689-1741.
-
b. Theunis (Anthony) Reiniersz van Ling (Lijn), ged. Rem. Amersfoort 26-11-1665 (vader heet hier van Lijn).
-
c. Aleijda van Ling (Lijn), ged. Rem. Amersfoort 19-7-1668, ovl. 1694-1741, j.d. van Amersfoort (1694),
otr./tr. Amersfoort geref. 19-1/13-2-1694
Dirck van Born, j.m. van Deventer, wonend te Haarlem (1694).
-
d. Dirkje van Ling (Lijn), ged. Rem. Amersfoort 7-5-1671, ovl. jong?
-
e. Claes (Nicolaas) van Ling (Lijn), ged. Rem. Amersfoort 25-4-1675 (vader heet hier van Lijn), beg. Amersfoort St. Joriskh. 25 of 26-4-1768, (=kw. nr. 474).
-
f. Dirkje van Ling (Lijn)(¥), ged. Rem. Amersfoort 2-12-1677 (vader heet hier van Lijn), ovl. na 1741, j.d. wonend te Amersfoort (1711),
j.d. wonend te Amersfoort (1731),(¥)
otr./tr. 1o Amersfoort geref. 20-11/8-12-1711
Aert (Goosensz) van den Treeck, verzoekt als Aert Goosensz van den Treeck te worden toegelaten als burger van Amersfoort op 2-11-1705 ("getroud aen een borgersdochter, den 9e september 1709 eerst den eed gedaen "),
wednr. van Teuntje Pauls,
otr./tr. 2o Amersfoort geref. 20-4/11-5-1731
Evert Kerkhoven, ovl. na 1741, zijdereder (1741),
wednr. van Evertje van Rijszel.
zoek zijn doop
| COMMENTAAR(¥)
Een Dirkje van Ling, laatst weduwe van Jacob de Graaff is in 1731 belendster in de
Bredestraat. CHECK zij trouwt tweemaal als j.d. klopt dat wel?
|
950. BARTHOLOMEUS DIRKSZ (VAN) STUYVENBERG, ged. geref. Amsterdam Oude K. 3-4-1636 (als Bartelt, zn. van Dirck Bartelsz en Anne Ides), ovl. 1703-1710, j.m. van Amsterdam (1667),
schilder (1668),
als Bartholomeus van Stuvenburgh, afkomstig van en geboren te Amsterdam, burger van Amersfoort op 28-6-1669,
geref. lidmaat te Amersfoort op belijdenis 26-6-1670, wonend over de Capel,
betaalt ƒ 6,5,0 familiegeld, wonende op de Krankeleedestraat (1675),[375]
treedt op wegens de Noothulp (1690) en als penningmeester van den Armen Noothulp (1698, 1700) te Amersfoort,[376]
otr./tr. Amersfoort geref. 24-7/10-8-1667 (get. zijn vader Dirck Bartholomeessen, en Rutger Jansen)
951. SARA RUTGERS, ged. Amersfoort geref. 12-11-1637, ovl. na 1710, geref. lidmaat te Amersfoort op belijdenis 25-12-1661, wonend aan het Vrouwenkerkhof, wijk Rotoorn.
zoek beg. van beiden
Op 19-5-1668 testeren te Amersfoort
Bartholomeus Dirkszn Stuyvenburgh, schilder, en zijn echtgenote Sara Rutgers. Het echtpaar vermaakt aan elkaar de lijftocht van al hun bezittingen tot wederhuwelijk van de langstlevende.
Zij secluderen de Heeren van de Weeskamer tot opzichters van onmondigen. Bartholomeus verklaart te niet te doen alle testamenten en codecillen die hij in Alkmaar gemaakt heeft en eventuele andere elders.
Getuigen zijn Lambert Segers, Henrick Ellertszn Smith en Steven Versteegh, wonend te Amersfoort.
[377]
Op 2-3-1681
verkoopt Catharina Marschier, weduwe van Dominee Johannes Sanius, predicant tot Sunderdorp ende haer bij deser sterckmakende ende de rato caverende voor Pieter Porsoy, onmondige naegelaten soone van Michiel Porsoy en sijn vrouw Catharina Bartels Marchien, tevens voor Cornelis Henricsz Marschier, jegenswoordich uitlandich, tesamen erfgenamen van Anthoni Bartelsz Marschier,
aan Bartholomeus van Stuyvenbergh
een huis, staande aan het Lieve Vrouwe Kerckhoff sijnde gecomen en naegelaeten bij de voornoemde Anthonie Marschier ende bij Steven Versteegh sijn leven langh daar van't gebruick gehad,
belend aan de ene zijde Oth Arisz,
aan de andere zijde de Lieve Vrouwe Capelle.
[378]
Op 30-8-1703 verkoopt
Harmannus Craan, procureur als gemachtigde van
Everardt van der Burgh en Cornelia Cruijff, echtelieden,
aan Rogier Camerbeecq, oud-schepen en raad,
voor 500 gulden ten behoeve van Bartholomeus van Stuijvenburgh en 451 gulden ten behoeve van den rentmeester van het Vrouwe Convent,
een huis, hof en hofstede gelegen aan de Langestraat
belend aan de ene zijde Daniel van Coeverden,
aan de andere zijde Johan Nooijen.
Procuratie is verleend voor notaris Eduard van Co everden op 27-8-1703, verleden op het Hogelandt. De akte is oorgehaald en geroyeerd door Rogier Camerbeek op 31-1-1719.
[379]
Op 30-8-1703 verkoopt dezelfde voor eenzelfde prijs
een vierde part in een tabaksschuur en de helft van een morgen land in de Lageweg, met Willem Cruijff Jansoon gemeen en onverdeeld.
Procuratie is verleend voor notaris Eduard van Co everden op 27-8-1703. De akte is oorgehaald en geroyeerd door Rogier Camerbeecq op 16-6-1725.
[380]
Op 10-7-1710 vindt te Amersfoort de boedelscheiding plaats van
Bartholomeus van Stuijvenburgh, overleden, echtgenoot van Sara Rutgers. Zijn weduwe, Sara Rutgers, ten eenre en Pieter de Rijcke, weduwnaar van Aleijda van Stuijvenburgh, dochter van Sara Rutgers, ter andere zijde, willen scheiding van de gemeenschappelijke boedel.
De inschulden en effecten des boedels zijn ontvangen, alle lasten en schulden voldaan.
De groene tabak op 't veld zal Pieter de Rijcke hebben en behouden, alle onkosten daarvan zijn tot zijn last. De weduwnaar zal uit de boedel ook het beste bed hebben, de beste "zitse" deken, een paar van de beste lakens, een oorkussen en een hoofdpeluw met de slopen daarbij behorende. Ook houdt hij het geverfde (?) grenenhouten kastje. De bakermand met zijn toebehoren en het zilveren paplepeltje zal tussen de twee comparanten worden verdeeld. Hij is schuldig aan Sara Rutgers ƒ 49.8.8 en belooft die over 10 maanden te betalen.
[381]
Uit dit huwelijk geref. gedoopt te Amersfoort :
-
a. Alida van Stuyvenberg, ged. 28-5-1668, ovl. 1707-1710, j.d. van Amersfoort (1707),
otr./tr. Amersfoort geref. 20-5/7-6-1707
Pieter Claassen de Rij(c)ke, ovl. na 1710, j.m. van Amersfoort (1707).
Hij hertr. 1710.
zoek zijn doop
-
b. Dorothe van Stuyvenberg, ged. 1-1-1671.
-
c. Dirck van Stuyvenberg, ged. 8-2-1672, ovl. 1709-1714, j.m. van Amersfoort (1698),
mr. chirurgijn (1709),
otr./tr. Amersfoort geref. 5/23-8-1698
Aleijda van Nieuwendorp, ovl. Amersfoort 1758, j.d. van Amersfoort (1698).
Zij hertr. voor 1720 Philip(pens) Verhaagen (Hagen).
Op 5-8-1709
verkoopt Harmannus Caan, procureur, als geauthoriseerde volgens appoinctement van het Edele Gerecht van dato den 20e juli 1709 op de requeste van den collecteur van het heerdstedegeld wegens de gedecreteerde huisinge van Rutger Janssen Erven,
aan Dirk van Stuijvenbergh, meesterchirurgijn,
een huis cum annexis, staande in de Lieve Vrouwestraat,
belend aan de ene zijde de transportant,
aan de andere zijde Agatha weduwe van Livius Harderwijk zaliger.
[382]
1714: Akte waarbij Henric Maurits van Weede, heer van Luttekeweede, ten overstaan van stadhouder van de lenen en twee leenmannen, aan Jacobus Borr toestemming geeft, om het goed waarmee hij in nr. 4792 is beleend, als onderpand te stellen voor een rentebrief ten gunste van Aleyda Nieuwendorp, weduwe Stuyvenberg, groot 600 Karolusguldens, met een rente van 27 gulden.
[383]
Op 18-1-1716 vindt te Amersfoort de boedelscheiding plaats van
Dirk van Stuijvenberg, mr. chirurgijn, overleden, echtgenoot van
Aleijda van Nieuwendorp, boedelbezorgster en lijftogtertse.
De weduwe wil de gemeenschap van goederen met de kinderen niet continueren en wil scheiding en deling. De onmondige kinderen zijn Lijsbeth van Stuijvenberg, Saartje van Stuijvenberg, Judith van Stuijvenberg, Bartholomeus van Stuijvenberg en Jan van Stuijvenberg.
De weduwe ten eenre en de voogden Nicolaas van Ling, oom, en Hermannus van Steinfort, neef, ter andere zijde, zijn overeengekomen dat de weduwe alleen zal behouden alle vaste en meubile goederen, niets uitgezonderd, de schulden zal betalen en de lasten van de boedel, en de voorgenoemde kinderen zal betalen samen een bedrag van ƒ 500, van de rente daarvan de kinderen zal alimenteren en onderhouden, laten leren lezen en schrijven, een goed handwerk tot hun mondigheid of echt.
[384]
Op 27-8-1759
verkopen Philippus Verhagen, weduwnaar van Aleijda Nieuwendorp, te vorens weduwe van Dirk van Stuijvenbergh, Elisabeth van Stuijvenbergh, weduwe van Gerrit Rijken, Jacob Lam en zijn vrouw Judith van Stuijvenberg, Jan van Stuijvenbergh en zijn vrouw Willemina Visscher, en Cornelis Pul en zijn vrouw Maria Verhagen,
aan Huijbert Jacobse,
een huis staande op de Cingel bij de St. Andriestraat,
belend aan de ene zijde Albertus Harthoorn, bakker,
aan de andere zijde Jan de Wijs, met het huis "den Pelicaan".
[385]
Op 26-3-1760 vindt de boedelscheiding plaats van
Aleijda van Nieuwendorp, overleden te Amersfoort 1758, echtgenote van Philippens Verhaagen, eerder wed. van Dirk van Stuijvenberg. Erfgenamen zijn de 4 kinderen: Elisabet van Stuyvenberg, Judit van Stuyvenberg, Jan van Stuyvenberg en Maria Verhaagen.
Het betreft te Amersfoort: een huis in de Muurhuijsen tussen de Valkestraat en de Kortegracht,
een huis in Lieve Vrouwestraat, genaamd het Groene Schaap, een huis aan de noordzijde van de Lieve Vrouwestraat, een huis op het Lieve Vrouwekerkhof, hoek Swaenshalssteegje, 2 huizen in de Krankeledenstraat, een huis op de Weverscingel genaamd De Goudsblomeen huis op de Cingel bij de St. Andriesstraat.
Er wordt verwezen naar een akte van verkoop: d.d. 27-12-1758.[386]
Zie overigens recordnr. 5309 en 535
[387]
Uit dit huwelijk (allen onmondig in 1716):
-
1. Lijsbeth (Elisabet) van Stuijvenberg, ovl. na 1760, tr. vóór 1759
Gerrit Rijken, ovl. vóór 1759.
-
2. Saartje (Sara) van Stuijvenberg, ovl. 1754-1756, kennelijk ongehuwd, burgeres van Amersfoort.
Op 23-8-1751
leent Maria Spoor, weduwe van Jordanus Muijs, burgeres,
van Sara van Stuijvenbergh, bejaarde dochter, burgeres,
een bedrag van 399 gulden,
met als onderpand haar huis en erf in de Korte St. Jansstraat,
belend aan de ene zijde Cornelia van Crol,
aan de andere zijde Sibertus van Straalsond.
Deze akte is geheel doorgehaald en in de marge staat Cornelis Put en zijn vrouw Maria Verhagen mede erfgenamen van Sara Struijvenbergh, dat zij van de tegenwoordige eigenaar van 't huis Coenraadt van Steenbeek ontvangen hebben de som van ƒ 399 met rente, op 14 juni 1764, waarvan akte.
[388]
Op 27-10-1753
verkoopt Aaltje Lamberts, weduwe van Jan Schouten,
aan Sara van Stuijvenburg, meerderjarige dochter,
een huis met erf staande aan de zuidzijde van de Utrechtsestraat,
belend aan de ene zijde Sibertus van Straalsonds erven,
aan de andere zijde Hendrik Hendriks Lindraijer.
[389]
Op 10-6-1754
verkopen Cornelis Warneke, burger en als gemachtigde voor zijn huijsvrouw Adriana Mattelaegen voor een vierde part, item Willem Warneke en zijn overleden vrouw Maria Camperts ook voor een vierde part, Arend Warneke, gehuwd met Everarda Nieuwlant, Petronella van de Lodijk, weduwe van Hendrik Warneke, Helmig Warneke, meerderjarig jongman, Hendrik Nieuwlant gehuwd met Arnolda Warneke,
aan Sara van Stuijvenberg,
een huis, erf en grond staande aan de Langestraat,
belend aan de ene zijdede weduwe van Wouter ten Bosch,
aan de andere zijde Hendrik Staal, bakker.
[390]
Op 10-6-1754
verkoopt Reijertje van de Pol, weduwe van Jordanus van Houten en daarvoor weduwe van Hendrik Harthoorn,
aan Sara van Stuijvenbergh,
zeeker twee huijzingen, annex den anderen, staande in de St. Andriestraat,
belend aan de ene zijde de huijzinge, op heeden meede getransporteert aan Dirk van Bennekom,
aan de andere zijde op de hoek van de Cingel de erven van Jacobus van Leuven.
[391]
Op 24-12-1756 wordt verkocht uit de nalatenschap van
Sara van Stuyvenberg, overleden, te Amersfoort: een huis aan zuidzijde van de Utrechtsestraat, een huis aan noordwestzijde van de Langestraat tussen de L. Vrouwestraat en de Langegracht, een huis aan de noordoostzijde van de L. Vrouwestraat bij het L. Vrouwe Kerkhof, een huis aan de westzijde van de St. Andriesstraat. Enige erfgename is haar moeder Aleijda Nieuwenburg (sic!), gehuwd met Philipus Verhaagen.
[392]
Op 26-3-1760 vindt te Amersfoort de boedelscheiding plaats van
Sara van Stuijvenberg, overleden. Het betreft te Amersfoort: een huis aan de noordzijde van de Langestraat, een huis aan de zuidoostzijde van de Utrechtsestraat bij de Poort.
Er wordt verwezen naar een akte van verkoop: d.d. 27-12-1758. [393] Erfgenamen zijn haar broeder en zusters: Elisabet van Stuyvenberg, Judit van Stuyvenberg, Jan van Stuyvenberg en halfzuster Maria Verhaagen
[394]
-
3. Judith van Stuijvenberg, ovl. na 1760, tr. vóór 1759
Jacob Lam, ovl. na 1760.
-
4. Bartholomeus van Stuijvenberg, ovl. 1716-1760
-
5. Jan van Stuijvenberg, ovl. na 1760, tr. vóór 1759
Willemina Visscher, vol na 1759.
-
d. Rutger van Stuyvenberg, ged. 18-2-1675.
-
e. Johannes van Stuyvenberg, ged. 18-1-1677.
-
f. Angenijsjen van Stuyvenberg, ged. 4-7-1678, ovl. jong?
-
g. Angenis van Stuyvenberg, ged. 5-11-1680, beg. Amersfoort St. Joriskh. 22-8-1746 (laat kinderen na), (=kw. nr. 475).
952. JOANNES (JAN) VAN GROENINGEN, geb. vóór ca. 1635, als Johannes van Groeningen, apothekar, afkomstig van en geboren
te Amersfoort, burger van Amersfoort op 1-6-1657 ("gebooren uijt
een moeder borgerse en van ouder tot ouder uijt borgers deser
stad gesproten"),
wordt in 1667 als Johan van Groeningen, apotecair, aangewezen als momber over de neefjes van de testerende Oloff Aertsz van Ceulen, schoolmeester, en Aeltgen Reijers van Rootselaer,[395]
ruijter in de Compagnie Lievendael in garnizoen te Amersfoort, betaalt in 1675 ƒ 6,5,0 familiegeld, wonende in de Krommestraat te Amersfoort [396]. Een Barbara van Groeningen wonend idem betaalt eveneens ƒ 6,5,0.
Hij treedt op als getuige (1671),[397]
en is belender (1675).
|
De apotheker.
Gravure uit "Het Menselijk Bedrijf", door Johannes en Caspaares Luyken. Eerste uitgave : Amsterdam, 1694.
klik op plaatje(s) om te vergroten |
-
a. Gerrit (Gerard) van Groening(en), geb. vóór ca. 1685, beg. Amersfoort (impost) 8-7-1738, (=kw. nr. 476).
954. JAN (RUTGERS?/ROELOFS?) VAN COELEN(¥), ovl. verm. Amersfoort (reg. ovl. RK Kromme Elleboog) 28-10-1758 (als Jan van Coelen).
COMMENTAAR(¥)
Is Neeltie Rutte, doopget. (1709) zijn zuster?
Is Joanna Hendericx van Coelen, doopget. (1719), verwant?
Is hij dezelfde als Jan Rutten buiten de Koppelpoort te Amersfoort betaalt nihil Familiegeld (1675).[398]
Jan Rutgersen, op de Camp te Amersfoort betaalt ƒ 6,5,-- Familiegeld (1675).[399]
Jan Rutgersz, geboortigh van Deventer, wordt burger van Amersfoort 21-6-1675
Roeloff Petersen van Koelen echtgenoot van Jannichien Jans van Loenden krijgt octrooi om te testeren 3-7-1688 voor Nots. G. van Bijlevelt.[400]
Jan Jansen Coelen, ovl voor 1655 zie EK 25/424
Op 9-2-1733 verkopen Jan van Coelen en zijn vrouw
Gijsberta Soetenaar aan
Jacobus van de Rouweduijst een huis met een gemeene plaets en pomp aan de Varkemarkt, belend
aan de ene zijde Pieter Feer,
aan de andere zijde de weduwe Ebbenhorst.
[401]
|
-
a. Antonia van Coelen, geb. vóór ca. 1685, (=kw. nr. 477).
-
b. Rutger Janssen (van) Coelen/Koelen, geb. vóór ca. 1685, ovl. 1747-1750, burger van Amersfoort (1712..1728),
lakendrapier te Amersfoort (1721),
belender achter de Kortegracht (1726, 1727), in de Lieve Vrouwestraat (1730), in de Muurhuizen (1730..1747), buijten de Camppoort tusschen de Hooge ende Lagewegh (1731), in de Sint Jansstraat (1741), op Havik (1745, op 10-2-1750 en later de erfgenamen van Rutger van Koelen),
woont in een huis in de Muurhuizen tussen 't Sluisje en Blauwbruggetje (1742),,
tr. vóór 1712
Heijltje Watervoort, ovl. na 1728, burger van Amersfoort (1712..1728).
| COMMENTAAR(¥)
In 1749 blijkt
Gerritje den Elsen, weduwe van Rutger van Koelen, getrouwd met
Jan Baptista van Beneden. Zou het een tweede vrouw van bovenstaande Rutger betreffen?
|
Op 4-6-1712
verkoopt Abraham van Moesbergen, borger, als gemachtigde van Ditloff Neve, koopman te Amsterdam en zijn vrouw Godefrida Mechteld Boor,
aan Johannes van Neck en zijn vrouw Catharina Jans, borgers,
een huis, hof en hofstede, staande op Havik, bewoond door Rutger Janssen Coelen, mitsgaders het huisje staande achter het voors. huis in de Muurhuizen bij de Bloemendalsebinnenpoort, bewoond door Wouter Henriksen
belend aan de ene zijde: ... Hoppesteg,
aan de andere zijde: de acceptanten.
Procuratie op 19-5-1712 voor notaris Joan Hoecke te Amsterdam.
[402]
Op 31-10-1712
verkopen Henrick Both, bewindhebber van de Oost-Indische Compagnie ter Camere van Amsterdam en oud-burgemeester dezer stad en zijn vrouw Eva Bitter,
aan Rutger van Coelen en zijn vrouw Heijltje Watervoort, borgers,
een huis, hof en hofstede staande in de Muurhuizen,
belend aan de ene zijde: de kinderen en erfgenamen van Cornelis Boelhouwer.
[403]
Op 16-8-1721
verkoopt de gemachtigde van Pieter Hendriksen borger en bombasijnwerker voor hem zelf en als weduwnaar en boedelhardster van Reijntje Jervens,
aan Rutger van Coelen borger en lakendrapier binnen deze stad,
huis, hof en hofstede op Bloemendal
belend aan de ene zijde: de weduwe Aert Bessels van de Rouweduijst,
aan de andere zijde: Henricus van de Rouweduijst meesterschoenmaker.
[404]
Op 14-2-1724
verkoopt Grietje van der Maath, laatst weduwe van Willem van Egdom,
aan Rutger van Koelen,
huis en hofje in de Sint Jansstraat
belend aan de ene zijde: de weduwe Matthijs van Bogerijen,
aan de andere zijde: Hendrik Danielsen.
[405]
Op 12-2-1727
verkopen Johannes van Luenen en zijn vrouw Anna van Houten, burgers,
aan Rutger van Coelen en Heijltje Watervoort,
huis, hof en hofstede, gelegen op het Havik tegenover de Havikerbrug.
[406]
Op 14-5-1727
verkopen Rutger van Coelen en zijn vrouw Heijtje Watervoort, burgers,
aan Hendrik van de Rouweduijst, mr schoenmaker, en zijn vrouw Maria van Egdom, burgers,
huis, hof en hofstede gelegen op Bloemendal
belend aan de ene zijde: de acceptant selfs,
aan de andere zijde: acceptants broeder, Jacobus van de Rouweduijst.
[407]
Op 4-5-1728
verkopen Wilhelmus Ignatius Boelhouwer en als gemachtigde voor zijn vrouw Anna Aleijda de Bruijn. Cornelis Franciscus Boelhouwer en zijn vrouw Helena Pool, wonende te Amsterdam. Gerrit Kegeman en zijn vrouw Maria Boelhouwer,
aan Rutger van Koelen en zijn vrouw Heijtje Watervoort, borgers,
drie huizen met de hofjes daarachter, staande annex de anderen, in de Teut
belend aan de ene zijde: Evert Willemsen Greeff,
aan de andere zijde: de weduwe van Peter van Os.
[408]
Op 16-10-1728
verkopen Claas Huijgen van Doorn en zijn vrouw Elisabeth Gerrits van Battum, burgers,
aan Rutger van Koelen, burger, en zijn vrouw Heijltje Watervoort,
huis en grond in de L. Vrouwestraat, achter de doodskisten
belend aan de ene zijde: de weduwe van Willem Nieuwland,
aan de andere zijde: Arien van der Maath.
[409]
Op 22-2-1736
lenen Jan van Kesteren en Margareta Hoppesteijn, egteluijden,
van Rutger van Koelen,
250 gulden,
met als onderpand: huijs, hoff ende hofstede, gelegen op Bloemendal tegenwoordig bewoond wordende bij Hendrik van Naarden,
belend aan de ene zijde: aan de eene sijde Johannes Coertsen,
aan de andere zijde: aan de andere sijde Carel Warneke met de huijsing 't Vergulde Kalf.
Afgelost, doorgehaald en geroyeerd door Jan van Kesteren en Rutger van Coelen op 9-5-1746.
[410]
Op 13-1-1750
verkopen Rutger van Koelen en zijn vrouw Machteld Bakhuysen,
aan Jannetje de Lange, weduwe van Aart van Ark,
'n huis met hof daarachter in de Sint Jansstraat
belend aan de ene zijde: Gerrit Verschuur,
aan de andere zijde: de juffrouwen Bijmans.
[411]
Op 5-5-1750
verkopen Rutgerus van der Geld en zijn vrouw Annetje van Koelen en voor Frederik van Koelen, meerderjarige jongeman, voor Rutger van Koelen en zijn vrouw Megteld Bakhijsen, voor Hendrik Jansen van Speekhuijsen en zijn vrouw Heijltje Koelen,
aan Joel Levi, medicinaal doctor en zijn vrouw,
'n huis, hof en hofstede in de Muurhuizen
belend aan de ene zijde: procureur Anthoni van Veerssen,
aan de andere zijde: Johannes van Luenen.
[412]
Uit dit huwelijk (o.a.?):
-
1. Rutger van Koelen, geb. 1719/20, ovl. na 1750, krigt als Ruth van Koelen jongman, oud 20 jaar, op 14-11-1740 akte van indemniteit ten laste van het stadsbestuur van Amersfoort, onder de toezegging "mag te allen tijde terugkeren naar Amersfoort",
tr. vóór 1750
Machteld Bakhuysen, ovl. na 1750, betaalt in 1755 ƒ 12 Huisgeld voor een huis in de Muurhuijsen aan de Weverscingelsijde.
-
2. Annetje van Koelen, ovl. na 1750, tr. vóór 1742
Rutgerus van der Geld, ovl. na 1750.
-
3. Heijltje van Koelen, ovl. na 1750, tr. vóór 1742
Hendrik Jansen van Speekhuijsen (Spekhoven!), ovl. na 1750.
Op 22-1-1742
lenen Rutgerus van der Gelt en zijn vrouw Annitje van Koelen. Hendrik Jansen van Spekhoven en zijn vrouw Heijltje van Koelen,
van Abraham van Bemmel, notaris en procureur,
150 gulden,
met als onderpand:
1) 1/6 part in de helft van de volgende goederen, huis, hof en hofstede in de Muurhuizen tussen 't Sluisje en Blauwbruggetje, bewoond door Rutger van Koelen, en
2) 3 woningen annex, met hofjes erachter in de Teut (Teutstraat) dicht bij Bloemendal naar de poortzijde,
3) huis en hofstede in de Lange Sint Jansstraat tegenover de nieuwe stadsherberg,
4) huis in de Lieve Vrouwestraat tussen het kinderhuis en de Paternosterstraat (Paternostersteegje),
5) huis, hof en hofstede in de Muurhuizen, tussen het Spinhuis en de Lombaert (lommerd), bewoond door doctor Joel Levi,
6) huis, verdeeld in 2 woningen in de Muurhuizen op de hoek van 't straatje naast de zeepziederij De Drie Ringen,
7) huis op Havik bij de brug, bewoond door Abraham van Gelder, vleeshouwer,
8) een plecht van 250 gulden gevestigd in 'n huis op Bloemendal, eigendom en bewoond van Jan van Kesteren,
9) 1/6 part van 364 gulden en 1 stuiver: welke Rutger van Koelen schuldig is.
De akte is geheel doorgehaald. In margine: schuld voldaan, waarvan akte 23-1-1750.
[413]
-
4. Frederik van Koelen, geb. vóór ca. 1735, ovl. na 1760, filiatie niet bewezen,
Op 16-12-1750
verkoopt Frederik van Koelen, meerderjarige jongeman,
aan Assuerus van Grootweede, grutter en zijn vrouw, burgers,
'n huis in de Lieve Vrouwestraa tussen het Paternosterstraatje en 't Stadskinderhuis op de hoek van de steeg.
[414]
-
5. P(i)eter van Koelen, ovl. na 1775, filiatie niet bewezen,
tr. vóór 1760,
Clara Wijnstok, ovl. na 1775, is in 1758 mondige nagelatene dochter van Jan Wijnstok en zijn vrouw Johanna van Zoest.
Op 5-7-1760
lenen Pieter van Koelen en zijn vrouw Clara Wijnstok,
van Rijk van der Horst, meerderjarig jongman,
100 gulden,
met als onderpand: drie huizen en erven, annex den anderen in de Teutstraat,
belend aan de ene zijde: Hendrik Kolfschoten,
aan de andere zijde: Jan van Veerssens erfgenamen.
[415]
Op 30-5-1774
verkopen Peter van Koelen en zijn vrouw Klaartje Wijnstok,
aan Hendrik Petersen en zijn vrouw Geertjen Willems,
een huis of woning met een tuintje daarachter aan de noordzijde van de Teut
belend aan de ene zijde: Johannes van Duist,
aan de andere zijde: Johannes van Duist.
Belast met haardstedegeld van 1 gulden en 10 stuivers jaarlijks.
[416]
Op 12-6-1775
verkopen Jan van Beneden en zijn vrouw Gerritje van Elsen, en Pieter Koelen en zijn vrouw Claartje Wijnstok,
aan Otto de Vaal, koopman,
huis, erf en grond aan de westzijde van de Vijver, met al hetgene daar in op aarde en nagelvast is mitsgaders de losse ijzeren platen en het "glaasenkasjen" in de opkamer
belend aan de ene zijde: de erfgenamen van Nicasius van Veerssen,
aan de andere zijde: idem.
[417]
-
6. Baltus van Koelen, ovl. na 1773, filiatie niet bewezen,
belender op Havik (1785), in de Muurhuizen (1786),
betaalt (na 1755) Huisgeld voor huizen
op Havik op de hoek van de Lavendelstraat ƒ 7,--,
in de Muurhuijsen aan de Weverscingelsijde ƒ 12,--,
op Bloemendal oostzijde ƒ 4,--,
op Bloemendal oostzijde ƒ 3,5,--,
op Bloemendal oostzijde ƒ 3,5,--.
Op 20-3-1773
verkopen Gerrit Lentfrinck en Hendrik van Goudoever, raden in de vroedschap als executeurs over de nalatenschap van Hubrecht van Goudoever,
aan Baltus van Koelen,
een huisje, erf en grond met een hof daarachter, staande aan de oostzijde van Bloemendal bij de pomp
belend aan de ene zijde: juffrouw van de Ruijgeduijst,
aan de andere zijde: Dirk van Kalkens.
[418]
960. VINCENT LIFOR, geb. Dusseldorp 1654/55, ovl. vóór 1728 (niet gevonden te Amsterdam op Lifor, Lefort, Lafort, Lavoor, Laavoor, etc. noch op Jelles Jansen), kleermaker in de Jonge Roelofssteeg (1687).
geen poorterinschrijving van hem te Amsterdam gevonden,
otr. Amsterdam 29-3-1687(¥) (get. Claas Otten en Hendrickje (Crocx?), beider ouders zijn dood)
961. ANNETJE AREN(T)S(¥), geb. Amersfoort 1656/57, beg. Amsterdam Karthuizer Kh. 9-3-1728 (wed. van Vincent Lavoor op de Keijsersgracht tussen de Prinsestraat en de Brouwersgracht), woont op de Elandsgracht (1687), Keijsersgracht (1728).
| COMMENTAAR(¥)
ZOEK OP zijn otr. te Amersfoort. Niet gevonden geref., gerecht.
|
| COMMENTAAR(¥)
zoek haar doop te Amersfoort
|
Uit dit huwelijk (bij de doop van Marritje heet de vader Jelles Jansen! maar geen huwelijk Annetje Arents x Jelles Jansen te Amsterdam gevonden)(¥) :
| COMMENTAAR(¥)
alleen Marritje gevonden, zijn er elders (Amersfoort?) wellicht kinderen
geboren, zoals bijv. Matthijs? Niet op Lifor, wellicht op patroniem gedoopt?
bijv. op Sent, Fincent, Vincent
|
-
a. Marritje (Maria) La(a)voor (Lefoor, Lievoor), ged. geref. Amsterdam Westerk. 8-6-1691 (get. Sijmones Toit (Tort?) en Marritie Rijgert (Rijckert?)), beg. Amsterdam Heiligewegs- en Leidsche Kh. 30-5-1734 (Maria Laffoor, wed. van Hans Hansen), woont op de Keizersgracht (1712, 1716), Cattenburg (1732),
doopget. (1719)
otr. 1o Amsterdam 8-4-1712 (get. Sophia Brant, zijn zuster, en Annetje Arents, haar moeder)
Hendrik Erasmus Brant, geb. Fredickshal (?) 1685/86, ovl. 1713-1716 (beg. niet gevonden te Amsterdam), otr. 2o Amsterdam 19-6-1716 (get. Jan Pieterse, zijn ouders dood)
Jochem Cornelisz Bergen (van den Bergh, Lebergh) (¥), geb. Stockholm 1687/88, ovl. 1717-1732, woont in de Armsteeg (1716),
otr. 3o Amsterdam 14-8-1732 (get. Marten Meijblom, zijn ouders dood)
Hans Hansen, geb. ?? 1699/1700, ovl. 1732-1734, woont op Cattenburg (1732).
| COMMENTAAR(¥)
hij ondertekent de ondertrouw akte als Jokom Kruisom!
|
Uit haar eerste huwelijk (Brant-Lavoor) gedoopt te Amsterdam :
-
1. Hendrik Brant, ged. Amsterdam Ev. Luth. K. 1-3-1713 (get. Erassemus Brand en Willemijntje Willems), beg. verm. Amsterdam Karthuizer Kh. 4-10-1713 (kind van Hendrik Brandt).
Uit haar tweede huwelijk (Bergen-Lavoor):(¥)
COMMENTAAR(¥)
Begraven te Amsterdam:
Kind van Jochem Berg 20-07-1728 (kinderlijken)
Kind van Jochem van den Bergh 13-03-1720 (kinderlijken)
|
-
1. Cornelia Lebergh, ged. Amsterdam Ev. Luth. K. 26-3-1717 (get. Jan Ombergh en Cornelia Bruijs).
| COMMENTAAR(¥)
Zou
Johannes Geijsbert Geijsbertsz, ged. Evangelisch-Luthers Amsterdam 18-4-1719 (get. Pieter Ronkpon en Elisabet Timmermans), als zn. van Johannes Geijsbertsz en Maria Levoor,
ook een zoon van haar zijn? Wie is dan Johannes Geijsbertsz?
|
Uit haar derde huwelijk (Hansen-Lavoor) geen dopen te Amsterdam gevonden.
-
b. Catrijn Lavoor, beg.. Amsterdam St. Anthonis Kh. 5-7-1718 (woont in het Gasthuijs).
filiatie niet bewezen.
-
c. Matthijs Lavoor, geb. ca. 1690, (=kw. nr. 480).
Zijn doop niet gevonden te Amsterdam (1680-1700), noch op Lavoor en varianten, noch op Jelles Jansen, noch op patroniemen.
962. STOFFEL THOMASSEN, ged. geref. Amersfoort 26-7-1660[419], beg. Amersfoort St. Joriskh. 24-1-1725 (laat kinderen na), treedt op als getuige (tekent met een huismerk) (1693),
doopget. (1722),
otr./tr. 1o Amersfoort geref. 16-12-1681/6-1-1682
RUTJEN JACOBS, ovl. 1686-1688, j.d. van Amersfoort (1682),
otr./tr. 2o Amersfoort geref. 24-8/9-9-1688 als wednr. van Rutjen Jacobs
963. AALTJE JACOBS(¥), geb. vóór ca. 1670, ovl. na 1732,[420]
j.d. van Amersfoort (1688),
gebruikt als wed. van Stoffel Tomassen een huisje met erff in de Stovestraat (1732).
| COMMENTAAR(¥)
Zijn Rutjen en Aaljte Jacobs wellicht zusters?
|
De wed. van Stoffel Tomassen gebruijkt een huisje met erff in de Stovestraat (1732 of 1712).
[421]
Uit zijn eerste huwelijk (van der Linden-Jacobs) geref. gedoopt te Amersfoort :
-
a. Thomas Stoffels, ged. 8-5-1683, ovl. jong?
-
b. Johanna Stoffels, ged. 29-1-1685, ovl. jong?
-
c. Tomas Stoffels, ged. 23-11-1686, ovl. jong?
Uit zijn tweede huwelijk (van der Linden-Jacobs) geref. gedoopt te Amersfoort :
-
d. Gerritje Stoffels, ged. 7-7-1689 (hier is de moeder Aeltje Jacobs vermeld), ovl. 1727/28, j.d. van en wonend te Amersfoort (1711),
otr./tr. Amersfoort geref. 6-2/1-3-1711
Willem Petersen van Birkenhoud (Burghout), j.m. wonend te Amersfoort (1711). Hij hertr. 1728.
Uit dit huwelijk 9 kinderen geref. gedoopt te Amersfoort (1711-1727), waaronder:
-
1. Aaltjen Burghold, geb. Amersfoort 1724, ovl. Amersfoort 8-9-1741.
opgenomen in het Stadskinderhuis te Amersfoort 12-3-1739, oud omtrent 14 ½ jaar, aldaar overleden 8 september 1741.[422]
-
e. Thomas Stoffelse (van der Linden), ged. 18-6-1691[423], beg. Amersfoort Lieve Vrouwe Kerk 25-9-1756 (als Thomas van der Linden), otr./tr. 1o Amersfoort geref. 19-9/12-10-1710[424]
Fransje (Francina) Willems, ged. Amersfoort 13-6-1686[425], ovl. 1725-1750, dr. van Willem Willemsen en Anna Jans, j.d. wonend te Amersfoort (1686),
otr./tr. 2o Amersfoort geref. 4/20-12-1750
Maria (Marretje) Cornelissen de Rogier (Rosier, Rosij), ged. geref. Amersfoort 14-2-1702, beg. Amersfoort (impost) 29-11-1781 (als Maria Rosier), wed. van Jan van Kusen,
dr. van Cornelis Philipsz de Rogier en Catrijntje Jans van de Bree (zie kw. nr. ⇒ 946 ).
Uit het huwelijk (van der Linden-Willems) geref. gedoopt te Amersfoort :[426]
-
1. Stoffel van der Linden, ged. 5-2-1711, ovl. jong?
-
2. Aleijda van der Linden, ged. 24-3-1712, ovl. jong?
-
3. Stoffel van der Linden, ged. 20-6-1713 (moeder Jannetje Willems), beg. Amersfoort St. Joriskh. 29-5-1792 (als Christoffel van der Linden, in het Bloklands Gasthuijs), j.m. wonend te Amersfoort (1738),
compareert op 26-1-1792 ter Weeskamer van Amersfoort na het overlijden van zijn derde vrouw,[427]
otr./tr. 1o Amersfoort geref. 18-4/4-5-1738
Geertrui van Grootewee, geb. (doop geref. te Amersfoort niet gevonden), beg. Amersfoort St. Joriskh. 5-9-1739, j.d. wonend te Amersfoort (1738),
otr./tr. 2o Amersfoort geref. 21-12-1742/6-1-1743
Hendrikje Spier, ged. geref. Amersfoort 1-8-1713;(¥)
j.d. van Amersfoort (1743),
dr. van Frans Jansen Speur en Claasje Jooris (zie ook kw. nr. 246),
otr./tr. 3o Amersfoort geref. 28-7/13-8-1752
Yda Grim, ged. (geref. Amersfoort niet gevonden), beg. Amersfoort St. Joriskh. 30-11-1791 (als Ida Rosina Grim, vroedvrouw, vrouw van Stoffel van der Linden), wed. van Martinus Stels, wonend te Amersfoort.
| COMMENTAAR(¥)
Er is in Amersfoort ook een Hendrikje Spoor
beg. Amersfoort St. Joriskh. 25-10-1747, doch dit is blijkbaar een andere persoon dan Hendrikje Spier.
|
Op 27-7-1752 vindt de boedelscheiding plaats naar aanleiding van het
overlijden van Hendrikje Spier. Als erfgenamen zijn genoemd de
kinderen Frans en Geertruijd van der Linden. die hun ooms
Jan Spier en Cornelis van de Grift (in huwelijk gehad hebbend
Elsje Spier) als voogd hebben. De boedel bleek na aftrek van schulden
"geen veertig gulden waardig daarom onnodig te specificeren". De
"weduwnaar zal hebben en behouden inboedel en huisraad" en
"neemt alle schulden en lasten".[428].
Uit zijn eerste huwelijk (van der Linden-van Grootewee) geref. gedoopt te Amersfoort :
-
aa. Franciska van der Linden, ged. 24-12-1738 (geen moedersnaam vermeld), beg. Amersfoort St. Joriskh. (impost) 3-10-1739 (een kind van Stoffel van der Linden).
Uit zijn tweede huwelijk (van der Linden-Spier) geref. gedoopt te Amersfoort :
-
bb. Frans van der Linden, ged. 25-10-1743, beg. Amersfoort St. Joriskh. 29-7-1802 (oud 59 jaar), j.m.,
betaalt (na 1755) ƒ 2,--,-- huisgeld voor een huis in het Kerkstraatjen,[429]
otr./tr. 1o Amersfoort geref. 18-4/9-5-1782
Maria Veereveld, ged. mogelijk Amersfoort geref. 23-7-1762 als Maria, dr. van Jacob van der Veer en Petronella van Beek, beg. Amersfoort St. Jorisk 20-9-1792 (als Maria Veer, de vrouw van Frans van der Linden, op de Singel bij de Kamp), j.d. uit Amersfoort,
otr./tr. 2o Amersfoort geref. 13-1/2-2-1797
Neeltje van de Weerthof, ovl. na 1803 (beg. te Amersfoort tot 1811 niet gevonden), meerderjarige j.d., geboren en woonachtig in 't Veen te Veenendaal.
Frans van der Linden compareert op
12-12-1792 bij de Weeskamer van Amersfoort en verklaart dat zijn vrouw
Maria Veer geen minderjarige erfgenamen heeft.[430]
Neeltje van de Weerthof verschijnt op 16-2-1803 voor de Weeskamer
te Amersfoort en toont het testament dat bij notaris M.Houtkamp was
gepasseerd op 20 juli 1802 waaruit bleek dat geen weeskinderen waren
uitgesloten en dat de overleden Frans van der Linden geen minderjarige
kinderen had nagelaten.[431]
-
cc. Geertruij van der Linden, ged. 3-9-1745, beg. Amersfoort St. Joriskh. 23-3-1805 (oud 68 jaar, sic!), j.d.,
otr./tr. 1o Amersfoort geref. 13/29-5-1763
Willem van der Gelt, geb. (doop geref. te Amersfoort niet gevonden), ovl. 1769-1770 (beg. te Amersfoort niet gevonden), j.m. uit Amersfoort (1763),
otr./tr. 2o Amersfoort geref. 19-11/10-12-1773 (als wed. van Willem van der Geld)
Huijg Mulder, geb./ged. Amersfoort geref. 11-2-1750/16-2-1751, ovl. Amersfoort 8-12-1824, zn. van Jan Willemsz Mulder en Willemijn Boon (zie kw. nr. ⇒ 911 sub b).
Huyg Mulder, dagh(uurder), geb. 11-2-1750, is ingezetene van Amersfoort (1811).[432]
Geertruij van der Linden compareert op
7-3-1770 bij de Weeskamer en verklaart dat haar man "geen goederen hadde nagelaten".[433]
Uit haar eerste huwelijk (van der Gelt-van der Linden) 4 kinderen geref. gedoopt te Amersfoort (1763-1769).
Uit haar tweede huwelijk (Mulder-van der Linden) 2 kinderen geref. gedoopt te Amersfoort (1774, 1777).
-
dd. Francijna van der Linden, ged. 7-2-1747, ovl. vóór 1752.
Uit zijn derde huwelijk (van der Linden-Grim) geref. gedoopt te Amersfoort :
-
ee. Peternella van der Linden, ged. 27-5-1753, beg. Amersfoort St. Joriskh. 26-10-1784 (als Petronella van der Linden, de vrouw van Klaas Kasting), j.d. (1774),
otr./tr. Amersfoort geref. 20-5/5-06-1774
Claas Castijn (Kasteen, Kasting), geb. 1740/41 (doop geref. te Amersfoort niet gevonden), beg. Amersfoort Lieve Vrouwenkh. (impost), (memories van successie, lijsten van aangegeven lijken en begravenen 1806-1811) 24-8-1808 (als Nicolaas Kasting, oud 67 jaar), j.m. wonend te Amersfoort (1774).
Uit dit huwelijk 6 kinderen geref. gedoopt te Amersfoort (1775-1783).
Klaas Kasting komt op 24-11-1784 voor
de Weeskamer van Amersfoort waar hem wordt gerecommendeerd "opening van den staat des boedels te doen".[434]
-
ff. Tomas van der Linden, ged. 21-2-1755, beg. Amersfoort St. Joriskh. (impost) 24-2-1755 (een kind van Stoffel van der Linden).
-
gg. Aleijda van der Linden, ged. 13-8-1756, beg. Amersfoort St. Joriskh. (impost) 20-8-1756 (een kind van Stoffel van der Linden).
-
4. Aleijda van der Linden, ged. 6-7-1715.
-
5. Wilhelmus van der Linden, ged. 6-8-1717, otr./tr. 1o 5-2/21-2-1740
Jannetje Everts de Gavel, ged. geref. 27-01-1713, ovl. 1751-1759, dr. van Evert Reijers de Gavel en Elsebe Aalbers,
tr. 2o 2-2-1759
Magtelt Rijnders (van het Hogeland), woont in Amersfoort, van Hoogland.
Uit zijn eerste huwelijk 8 kinderen geref. gedoopt 1740-1751.
Uit zijn tweede huwelijk 3 kinderen geref. gedoopt 1760-1765.
-
6. Johanna van der Linden, ged. 28-3-1719, beg. Amersfoort St.Jorisk. 26-4-1796, otr./tr. 8/24-1-1751
Jan van Leuverden, ged. Amersfoort geref. 14-5-1717, zn. van Cornelis Jansz en Jannetje Jans van Steenbeek.
-
aa. Cornelis van Leuverden, ged. Amersfoort 25-4-1751, ovl. jong?
-
bb. Cornelis van Leuverden, ged. Amersfoort 30-5-1752, ovl. jong?
-
cc. Francyna van Leuverden, ged. Amersfoort 21-10-1753.
-
dd. Cornelis van Leuverden, ged. Amersfoort 4-4-1755.
-
ee. Jannetje van Leuverden, ged. Amersfoort 23-12-1757, beg. Amersfoort 30-1-1808, tr. 1o Amersfoort 9-11-1777[436]
Teunis de Wijs, tr. 2o Amersfoort 9-11-1786[437]
Bart Meijer.
-
ff. Aleida (Aaltje) van Leuverden, ged. Amersfoort 3-2-1760, ovl. Amersfoort 1-1-1836 (oud 77 jaar, sic!), ongehuwd.
-
gg. Thomas van Leuverden, ged. Amersfoort 13-12-1761, ovl. Amersfoort 7-8-1839 (als wednr. van Alida Hillebrand, sic!, tr. Amersfoort 5-5-1793[438]
Alida Willebrands, ged. Amsterdam 5-3-1762, ovl. Amersfoort 14-1-1829, dr. van Barend Wilbrants en Femmetje ter Horst.
Uit dit huwelijk 3 kinderen gedoopt te Amersfoort (1793-1797), waaronder :
-
aaa. Johannes van Leuverden, geb. 1793/94, ovl. Amersfoort 24-12-1828 (oud 34 jaar), tr.
Elisabeth Henrica Josepha Nuland, ovl. na 1828.
-
hh. Gerrit van Leuverden, ged. Amersfoort 4-3-1764, beg. Amersfoort 30-1-1808, tr. Amersfoort 3-11-1793[439]
Jannetje Moode.
-
ii. Cornelia van Leuverden, ged. Amersfoort 12-12-1766, tr. Amersfoort 17-9-1797[440]
Jan van der Linden.
-
7. Johannes van der Linden, ged. 23-4-1720, ovl. jong?
-
8. Anna van der Linden, ged. 27-5-1721.
-
9. Hendrina van der Linden, ged. 11-6-1723[441], beg. Amersfoort 9-9-1769, otr./tr. Amersfoort 2/18-5-1749
Jacobus van Biegten, ged. Amersfoort 8-11-1711, beg. Amersfoort 13-4-1784, zn. van Pieter Fransz van Biegten en Petronella Gijsberts,
wednr. van Cornelia Dirks.
-
aa. Pieter van Biegten, ged. geref. Amersfoort 21-9-1749.
-
bb. Francijna van Biegten, ged. geref. Amersfoort 3-1-1751.
-
cc. Petronella van Biegten, ged. geref. Amersfoort 16-1-1753, ovl. jong?
-
dd. Peternella van Biegten, ged. geref. Amersfoort 2-4-1754, ovl. Amersfoort 18-10-1832 (oud 85 jaar, sic!), tr. Amersfoort 27-11-1785[443]
Willem Vrolijk, ovl. vóór 1832.
-
ee. Maria van Biegten, ged. geref. Amersfoort 15-8-1756, ovl. jong?
-
ff. Tomas van Biegten, ged. geref. Amersfoort 30-8-1757, ovl. jong?
-
gg. Maria (Mietje) van Biegten, ged. geref. Amersfoort 28-11-1758, ovl. na 1838, tr. Amersfoort 26-9-1777[444]
Frans Steenbeek, ged. Amersfoort 14-1-1755, ovl. Amersfoort 21-1-1838 (oud 86 jaar, sic!), zn. van Jan van Steenbeek en Geurtje van Elst,
spinder en ingezetene van Amersfoort (1811),[445]
Uit dit huwelijk (o.a.?) :
-
aaa. Jan Steenbeek, geb. 1794/95, ovl. Amersfoort 2-9-1828 (oud 33 jaar), tr.
Aaltje Hartogsveld, ovl. na 1828.
-
hh. Thomas van Biegten, ged. geref. Amersfoort 14-11-1760, ovl. jong?
-
ii. Thomas van Biegten, ged. geref. Amersfoort 19-2-1762.
-
10. Antonia van der Linden, ged. 9-1-1725, beg. Amersfoort St. Joriskh. (impost) 29-7-1793 (als vrouw van Aart van Leuverden), otr./tr. Amersfoort 2/18-6-1747
Aart van Leuverden, beg. Amersfoort St. Joriskh. (impost) 15-10-1795, zn. van Cornelis Jansz en Jannetje Jans van Steenbeek.
Uit dit huwelijk 8 kinderen geref. gedoopt 1747-1761.
-
11. Johannes van der Linden, ged. 6-9-1726.
-
12. Jannitje van der Linden, ged. (24-2-1730), otr./tr. 26-7/16-8-1748
Hendrik (van) Bonsel, krijgt met zijn echtgenote Jannitje van der Linden en hun kinderen
Francijntje van der Linden, oud 4 ½ jaar en Jan van der Linden,
oud 1 jaar, indemniteit van Amersfoort 10-6-1754 voor vertrek naar Baarn,
krijgt met zijn echtgenote Jannitje van der Linden en hun 4 niet met
name genoemde kinderen, indemniteit van Amersfoort 26-3-1759 voor vertrek
naar Baarn.
Uit dit huwelijk 7 kinderen geref. gedoopt 1750-1761, onder wie :
-
aa. Francijntje van der Linden, geb. 1749/50.
-
bb. Jan van der Linden, geb. 1752/53.
-
f. Jacobus Stoffels van Linden, ged. 21-1-1694 (hier is de moeder Aeltje Jacobs vermeld), ovl. na 1729, j.m. van en wonend te Amersfoort (1715),
otr./tr. Amersfoort geref. 25-10/10-11-1715
Fijtgen (Fietje) Aerts (Adolphs) van Londe, ged. vóór ca. 1695, ovl. na 1729, j.d. van en wonend te Amersfoort (1715),
dr. van Adolph (Aart) Thomasz van Londen en Woutertje Jacobs van Wichraet (zie kw. nr 921 sub e).
Uit dit huwelijk geref. gedoopt te Amersfoort :
-
1. Aleijda Jacobs van der Linden, ged. 12-10-1717.
tr. vóór 1743
Jan Geurtsen (van) Butzelaar, krijgt met zijn echtgenote Aeltje Jacobs van der Linden en hun kinderen
Geurt Jansen van Butzelaar, oud 3 jaar, en Petronella Jans van Butzelaar,
oud 2 jaar, beide geboren te Amersfoort, indemniteit van
Amersfoort 12-4-1746 voor vertrek naar Hoogland.
Uit dit huwelijk (o.a.?) :
-
aa. Geurt Jansen van Butzelaar, geb. 1742/43.
-
bb. Petronella Jans (van) Butzelaar, ged. geref. Amersfoort 31-7-1744, beg. Amersfoort St. Joriskh. (impost) 2-9-1788 (als Peternel Jans), otr./tr. 1o Amersfoort geref. 26-9/12-10-1766 (beiden van Amersfoort)
Jan van Loon, ged. Amersfoort 27-2-1742, ovl. na 1790 (beg. niet gevonden te Amerdoort tot 1811), zn. van Frans van Loon en Gerritje Tielemans van Dieperling
(zie kw. nr. ⇒ 235 sub b).
-
2. Woutertje Jacobs (van der Linden), ged. 13-12-1718.
-
3. Christoffel Jacobs (van der Linden), ged. 30-4-1723.
-
4. Aart Jacobs (van der Linden), ged. 15-10-1724.
-
5. Johannes Jacobs (van der Linden), ged. 16-4-1726, ovl. jong?.
-
6. Jan Jacobs (van der Linden), ged. 16-1-1728, ovl. jong?.
-
7. Jan Jacobs (van der Linden), ged. 8-11-1729.
-
g. (Mar)Grietje Stoffels van der Linden, ged. 19-1-1696, (=kw. nr. 481).
-
h. Joannes Stoffels van der Linden, ged. 8-7-1698, (=kw. nr. 510).
-
i. Jannetje Stoffels, ged. 22-9-1700, doopget. (1725).
-
j. Hermanus Stoffels van der Linden, ged. 10-9-1704 (hier is de moeder Aeltje Jacobs vermeld), otr./tr. Amersfoort geref. 23-4/14-5-1751 als Harmanus van der Linden wellicht
Elisabeth van Raalt, beg. verm. Amersfoort 1770 of 1781.
Uit dit huwelijk kinderen geref. gedoopt te Amersfoort 1752-1767, en begraven 1754-1772.
-
k. Elisabeth Stoffels, ged. 20-8-1706.
968. JACOB (VAN PIPPIN?)(¥).
COMMENTAAR(¥)
Is hij wellicht Jacob Isaacksz x Willemtien Reijers, uit wie kinderen 1655-1669 waaronder een Isaack ged. 17-5-1657, maar geen Roelof.
Jacob Isacksz, bakker op Bloemendal te Amersfoort betaalt ƒ 18,15,-- Familiegeld (1675).[446]
|
Uit zijn huwelijk geboren (o.a.?) :
-
a. Isaaq Jacobsz van Pippin, geb. vóór ca. 1680, (=kw. nr. 484).
-
b. Roeloff Jacobsz van Pippin, beg. Amersfoort 1717 of 1722 (als Roelof Jacobsz, beide laten kinderen na), huw. get. (1712),
otr. Amersfoort geref. 17-8-1689 (als Roelof Jacobs, j.m. van Amersfoort)
Aeltje Peters (Knoots), ovl. Amersfoort 22-9-1727, j.d. van Scherpenzeel.
Op 2-10-1727 wordt te Amersfoort een attestatie gegeven betreffende het overlijden op 22-9-1727 te Amersfoort van Aeltje Peters Knoots, wed. van Roeloff van Pippingh.
[447]
-
c. Cathrijn Jacobs, beg. verm Amersfoort Lieve Vrouwe Kapel 10-2-1744 (als Catharina Jacobs)
doopget. (1707..1712).
-
d. Cornelia Jacobs, beg. verm Amersfoort St. Joriskh. 26-5-1723 (als Cornelia Jacobs)
doopget. (1702,1703).
-
e. Reijer Jacobs van Pipping, geb. vóór ca. 1680, ovl. vóór 1727, tr. vóór 1702 (huw. Amersfoort geref. niet gevonden)
Neeltje Jochems (Basikkenhoorn), ovl. na 1727. Zij hertr (voor 1727) Pieter Roeloffsz.
Uit dit huwelijk Oud Kath. gedoopt te Amersfoort 't Zand :
-
1. Jacobus Reijers (van Pipping), ged. 3-10-1702 (get. Cornelia Jacobs), ovl. jong?
-
2. Jacob Reijers van Pippingen (Pippele), ged. 18-12-1703 (get. Cornelia Jacobse), ovl. 1729-1738, otr./tr. Amersfoort gerecht 13-5/31-5-1727 (get. Neeltje Jochums van Basikkenhoorn, hv. van Pieter Roeloffsz, tevoren wed. Reijer Jacobsz van Pippingen en haar vader Anthonij Jansz Burgman)
Jo(h)anna Antonis Burgman, ged. Amersfoort 12-1-1699, dr. van Anthoni Jans (Burgman) en Maria Lodewijks.
Zij hertr. Amersfoort 1738 Johannes van Vas.
Uit dit huwelijk 2 kinderen RK gedoopt te Amersfoort Oud Kath. 't Zand 1728/29.
-
3. Cathrijntje Reijers (van Pipping), ged. 20-11-1707 (get. Cathrijn).
-
4. Joanna Reijers (van Pipping), ged. 6-10-1709 (get. Cathrijn Jacobs, (hier heet de moeder Neeltje Jacobs).
-
5. Arnoldus Reijers (van Pipping), ged. 18-11-1710 (get. Cathrijn Jacobs).
-
6. Jochum Reijers (van Pipping), ged. 8-7-1712 (get. Caat Jacobse).
COMMENTAAR(¥)
Ongeplaatst Fragment Van Pipping.
Roelof (van Pupping), geb. vóór ca. 1615. -
a. Isaac Roelofsen van Pupping, geb. vóór ca. 1640, van en wonend te Amersfoort op de Havick ,
otr./tr. Amersfoort geref. 9/26-5-1661 (get. Aert Gerritsen zijn verwant en haar zuster Heijltien Quirings)
Aefjen Quiringh, wonend te Amersfoort achter de Groote Kerk.
-
b. Roelof Roelofsen van Puppinghen, geb. vóór ca. 1635, jm van Amersfoort,
otr./tr. Amersfoort geref. 7-6-1655 (get. Aert Gerritsen zijn verwant, en haar goede kennis Metken Jacobs, " de geboden gaan tot Amsterdam en Hoorn")
Hillegont Cornelis, wed. van Cornelis Claessen.
-
c. Abraham Roeloffsz van Pippingh, geb. vóór ca. 1645, ovl. na 1696, tr. 1o vóór ca. 1665
Marritje Philips la Gaij, otr./tr. 2o Amersfoort gerecht 27-11/12-12-1696 als wednr. van Marritje Philips la Gaij
Engeltje Wijnants, wed. van Christiaan Cooreman.
-
1. Philip Abrahamse van Pipping, geb. vóór ca. 1665, ovl. vóór 1719, otr./tr. 1o Amersfoort gerecht 26-10/13-11-1686 (get. zijn vader Abraham Roeloffsz van Pippingh en haar moeder Marritje Jacobs, wed. Willem Lubberts rademaker)
Guielma (Willemtje) Willems (van Eede), ovl. 1693-1694, otr./tr. 2o Amersfoort gerecht 25-1/9-2-1694 (hij als haar wednr. en get. haar vader Michiel Brantsz, voerman)
Grietie Michielse, ovl. na 1719.
Uit zijn eerste huwelijk kinderen gedoopt Oud Kath. Muurhuizen 1687-1693.
Uit zijn tweede huwelijk kinderen gedoopt Oud Kath. Muurhuizen 1696-1706, waaronder :
-
aa. Machiel Flipsen van Pippingh, ovl. Amersfoort 17-5-1772 (als Machiel van Pippen), otr./tr. Amersfoort gerecht 23-6/10-7-1719 (get. zijn moeder Grietje Machielsz, hv. van Aelt Lumen en haar vader Henrik Buijs)
Jacobje Henricx Buijs.
-
2. Johannes Abrahamsz van Pippingen, geb. vóór ca. 1670, wonend onder Santvoort onder Baarn (1721),
otr./tr. 1o Amersfoort gerecht 6/2-9-1689 (get. zijn vader Abraham Roelofssz van Pippingen en haar vader Albert Thijmansz van Brakel)
Johanna Alberts van Brakel, ovl. 1689-1721, otr./tr. 2o Amersfoort gerecht 26-9/17-10-1721 (hij als wednr. Annitje van Brakelen met attestatie van Baarn)
Margareta van den Beesen, wed. van Johannes Vink, nu wonend Santvoort onder Baarn (1721).
|
970. JACOB GOOSSENS (BOSCH)(¥), ged. (geref. niet gevonden Amersfoort), ovl. na 1682, j.m. wonend te Amersfoort in de Slijckstraedt (1669),
betaalt als Jacob Bosch, in de Havik te Amersfoort, nihil Familiegeld (1675),[448]
otr./tr. Amersfoort geref. 29-7/5-8-1669
971. REBECKA JANS (PALMER), ged. geref. Amersfoort 20-12-1640, ovl. na 1682, j.d. wonend te Amersfoort in de Peperstraedt (1669).
Jacob Gosens en zijn huisvrouw Rebecca Jans worden geref. lidmaat te Amersfoort op belijdenis 23-4-1671.[449]
Op 6-2-1671 treedt Jacob Gosens op als gemachtigde van Bessel Gerrits, wonend te Stoutenburgh, t.l.v.:
hr. Ferreris in de leenbanck,
Willem Jans van Raelt's erfgenamen. Herman van Voorthuysen's erfgenamen.
Herman van Bombergen. Thomaes Aeltgen erfgenamen.
Willem Reyers Ramakers. Jan Willems in Leusderbroek.
Henrick Claeszn op 't Veen.
[451]
Op 10-1-1676 compareren te Amersfoort Abraham Palmer en
Jacob Bosch, als man en voogd van Rebecca Palmer. Beide comparanten zijn ook gemachtigden voor
Beernt Palmer, soldaat,
Ghijsbert Craen en zijn vrouw Catrarina Palmers,
en Sara Palmer,
kinderen van Jan Abrahams Palmer en Anna Beernts, beide overleden.
De Diaconije van de Gereformeerde Kercke van Amersfoort heeft een vordering op de huijsinge op Havick, op de hoek van de Havickerbrugh, belend: Gerritje Roelofs en Willem Davits, welk huis zwaarder belast is dan de waarde ervan. De comparanten machtigen de Diaconen in de Geref. Kercke alhier het huis te verkopen of te verhuren.
Getuigen zijn Anthonie van der Houve en Lodewijck Doens.
[452]
Jacob Bosch gebruikt zekere behuizing staande in de Krommestraat (1692).
[453]
-
a. Johannes Bosch, ged. geref. Amersfoort 7-8-1670, ovl. jong?.
-
b. Goossen Bosch, ged. geref. Amersfoort 1-9-1671.
-
c. Johannes Bosch, ged. geref. Amersfoort 15-6-1676.
-
d. Gijsbert Bosch, ged. geref. Amersfoort 10-5-1678, ovl. jong?
-
e. Aleijda Bosch, ged. geref. Amersfoort 22-2-1680, (=kw. nr. 485).
-
f. Gijsbertus Bosch, ged. geref. Amersfoort 5-5-1682, beg. Amersfoort St. Joriskh. (impost) 28-9-1748 (als Giesbert Bos).
974. JOHANNIS (ANTHONIJ) EDELINGH (EDELIJN), geb. vóór ca. 1665, ovl. na 1704 (beg. te Amersfoort niet gevonden), j.m. van Deventer (1685), doopget. (1685),
otr./tr. Amersfoort geref. 18-7/9-8-1685
975. ARIAENTJE SIJMON(T)S (CORTOUW, COURTAU, COURTON), geb. vóór ca. 1665, ovl. na 1704 (beg. te Amersfoort niet gevonden), j.d. van Amersfoort (1685), doopget. (1685, 1687),
betaalt als Ariaentje Corton, in de Paternosterstraat te Amersfoort, ƒ 6,5,-- Familiegeld (1675).[454]
NB Ariaantje Corton, jd. wonend te Amersfoort, otr/tr Amersfoort geref. 10-10?/28-01?-1677 Jan Mareij wednr. Dorothe Claes, wonend te Amersfoort.
Op 6-4-1716 wordt te Amersfoort inventaris gemaakt van de nalatenschap van Adriaantje Corton, overleden 8-2-1716, echtgenote van Jan Morée. Het betreft een huis in de Bredestraat. Aan geld in huis is ƒ 285:7:4 en een klein zakje met "Luijckse oortiens". Verder het huis in de Bredestraat, bewoond door de weduwnaar.
Er wordt verwezen naar de
huwelijksvoorwaarden: d.d. 24-1-1677 [455].
[456]
NB dit lijkt dus niet Ariaentje Sijmons Cortouw te zijn.
Uit dit huwelijk geref. gedoopt te Amersfoort :
-
a. Niclaes Edelijn, ged. 29-3-1688, ovl. jong?.
-
b. Niclaes Edelijn, ged. 14-6-1692.
-
c. Hendrijkus (Hendrik Jan(sen)) Edelijn (Edeling(h)), ged. 1-8-1695, ovl. na 1741 (beg. te Amersfoort niet gevonden), krijgt met zijn echtgenote Elisabeth Werkhoven en hun kinderen
Jannitje Edelingh, oud 10 jaar, Abraham Edelingh, oud 5 ½ jaar,
Adriaentje Edelingh, oud 2 ½ jaar en Maria Edelingh, oud 30 weken,
allen geboren en gedoopt te Amersfoort, indemniteit van Amersfoort 10-2-1727
voor vertrek naar Schiedam,
burger van Amersfoort (1738),
krijgt met zijn echtgenote Elisabeth van Werkhoven en hun kinderen
Jannitje Edelingh, Abraham Edelingh, oud 20 jaar, en Adriana Edelingh,
oud 17 jaar, alsmede de kinderen uit het huwelijk van Jannitje Edelingh en
Frederik Blankenburgh, soldaat, genaamd Maria Blankenburgh, oud 5 jaar
en Elisabeth Blankenburgh, oud 3 jaar, allen geboren en gedoopt te Amersfoort,
indemniteit van Amersfoort 28-8-1741 voor vertrek naar Wageningen,
tr. vóór 1717 (huw. Amersfoort geref. niet gevonden)
Elisabeth Werkhoven, geb. vóór ca. 1700 (doop te Amersfoort geref. niet gevonden), ovl. na 1741 (beg. te Amersfoort niet gevonden), burgeres van Amersfoort (1738).
Op 13-6-1738
lenen Cornelis Romanbij, burger, en zijn vrouw Maria van Doesburgh,
van Hendrik Edelingh en zijn vrouw Elisabeth Werkhoven, burgers,
het restant van een plechte van 500 gulden van Diderik Wijborgh, raad en cameraar,
met als onderpand een huis aan de Langestraat bij de Vismarkt, met vrije uit-, over-, en doorgang ter Vismarkt,
belend aan de rechterzijde Joost Looman, beenhakker,
aan de andere zijde Cornelis van Lochum, wijnkoper.
[457]
Op 13-6-1738
lenen Hendrick Edeling en zijn vrouw Elisabeth Werkhoven, burgers,
van Justina Margaretha van den Ham
een bedrag van 150 gulden,
met als onderpand een huis aan de Langestraat bij de Vismarkt,
belend aan de ene zijde Joost Looman,
aan de andere zijde Cornelis van Lochum.
De akte is geheel doorgehaald en in de marge staat: Evert Koppe, bezitter geworden van voorschreven huis, heeft de schuld afgelost, waarvan akte 29-11-1741.
[458]
Op 6-10-1741
verkopen Hendrik Edelingh en zijn vrouw Elisabeth Werkhoven, burgers,
aan Evert Koppen,
een huis aan de Langestraat bij de Vismarkt, met vrije uit- en doorgang, naar de Vismarkt, met recht turf, hout en anders daarover te mogen dragen,
belend aan de rechterzijde Joost Luman, beenhakker,
aan de andere zijde de weduwe van wijnkoper van Lochum.
[459]
Uit dit huwelijk geref. gedoopt te Amersfoort :
-
1. Jannetje (Johanna) Hendriks Edelijn (Edeling, Evelinge), ged. 22-4-1717, ovl. na 1741 (beg. te Amersfoort niet gevonden), j.d. wonend te Amersfoort (1735),
vertrekt samen met haar ouders en kinderen naar Wageningen (1741),
otr./tr. Amersfoort geref. 18-11/4-12-1735
Jan Freedrik (Frederik Jansen) Blankenburg, geb. vóór ca. 1715 (doop te Amersfoort geref. niet gevonden), ovl. na 1738 (beg. te Amersfoort niet gevonden), soldaat in de Compagnie de Guy (1735).
Uit dit huwelijk geref. gedoopt te Amersfoort :
-
aa. Maritien (Maria) Blankenburg, ged. 14-8-1736.
-
bb. Elisabeth Blankenburg, ged. 20-6-1738.
-
2. Abraham Edelingh, geb. 1721, ovl. na 1741.
-
3. Ariaentje Edelijn, ged. 4-4-1723, ovl. jong.
-
4. Ariaantje Edelijn, ged. 25-7-1724, ovl. na 1741.
-
5. Maria Edelijn, ged. 23-7-1726, ovl. verm. 1727-1741.
-
d. Anna Maria Jans Edeling, ged. 4-11-1697, ovl. na 1720 (beg. te Amersfoort niet gevonden), j.d. van en wonend te Amersfoort (1720),
otr./tr. Amersfoort geref. 19-1/4-2-1720
Lodewijck Hagens, ged. Amersfoort geref. 25-2-1703, ovl. na 1720 (beg. te Amersfoort niet gevonden), j.m. van en wonend te Amersfoort (1720),
zn. van Jacobus Caspersz Hagen en Cornelia Thomas.
Uit dit huwelijk geen dopen geref. te Amersfoort gevonden.
-
e. Aleijda Edelijn, ged. 12-4-1701.
-
f. Johanna Edelijn, ged. 12-4-1701, ovl. jong?
-
g. Johanna Edelijn, ged. 14-9-1704, (=kw. nr. 487).
-
h. (Anna) Catharijna Jans Edelin(g), geb. vóór ca. 1690 (doop Amersfoort geref. niet gevonden), ovl. na 1727 (beg. te Amersfoort niet gevonden), j.d. (1708) van en wonend te Amersfoort (1708, 1717),
otr./tr. 1o Amersfoort geref. 7/30-9-1708
Willem Jansen Lockhorst, geb. vóór ca. 1690 (doop te Amersfoort geref. niet gevonden), ovl. 1709-1717 (beg. mogelijk Amersfoort reg. ovl. RK Kromme Elleboog
1711 als Guielmus Jansens), j.m. van en wonend te Amersfoort (1708).
otr./tr. 2o Amersfoort geref. 11-6/29-6-1717 (als zijn wed.)
Helmich Barlemeijer, ged. Amersfoort geref. 15-5-1673, ovl. na 1727 (beg. te Amersfoort niet gevonden), wednr. van Marij Cornelis, van en wonend te Amersfoort (1717),
zn. van Adriaan Barlemeijer en Willemijna Anthonis Buijs.
Uit haar eerste huwelijk (Lockhorst-Edelijn) geref. gedoopt te Amersfoort :
-
1. Willemijntje Lockhorst, ged. 18-6-1709.
Uit haar tweede huwelijk(Barlemeijer-Edelijn) geref. gedoopt te Amersfoort :
-
1. Maria Barlemeijer, ged. 16-8-1718.
-
2. Weijmtje Barlemeijer, ged. 20-10-1719
-
3. Joannes Barlemeijer, ged. 23-2-1721.
-
4. Adrianus Barlemeijer, ged. 30-10-1722.
-
5. Jacobus Barlemeijer, ged. 21-12-1723.
-
6. Adrianus Barlemeijer, ged. 11-1-1726.
-
7. Willemijn Barlemeijer, ged. 21-12-1727.
976. JOHANNES KLERK (CLERCK, CLERQ), geb. (Utrecht?) ca. 1670, beg. Amersfoort St. Jorisk. 18-9-1748 (laat kinderen na), boekdrukker te Utrecht in de Lange Janstraat (1688),[460]
woont Jansstraat (1692) te Utrecht,
als Johannes Clercq, boeckdrucker, afkomstig van en wonende tot Utrecht, burger van Amersfoort op 17-10-1692,
vermeld als boekdrukker te Amersfoort 1693-1732,[461]
benoemd tot stadsdrukker van Amersfoort 17-10-1692,[462]
van wie stadsdrukwerk bekend is sinds 1703,[463]
boekdrukker aan de Langestraat bij de Camper binnepoort te Amersfoort (1692-1748),[464]
belender in de Langestraat (1717, 1737), op Bloemendal (1743),
op Havik (1745).
Hij geeft in 1695 een aantal pamfletten uit van Ds. Jacob Visvliet naar aanleiding van het overlijden van Maria Stuart, en produceert voorts uitgaven die betrekking hebben op een loterij, geloofsproblemen, de regeringswisseling in Amersfoort van 1703 en een "Oratio pro scholis" gehouden door Franc Lentfrink.[465]
Hij treedt op als borg voor zijn zuster Agatha Clerq (1707, zie onder kw. nr. 1953 sub e).
Zijn erfgenamen betalen ƒ 8,-,- huisgeld voor een huis op Havik op
de hoek van de Lavendelstraat (1755).[466]
Hij
tr. Utrecht Anthonigasthuis 13-3-1692 (get. Johannes van Stuyvesand, zijn stiefbroer en Jannickje van Meerwijk, haar tante)
977. MARG(A)RIET(E) MINNE(N) (MINUS), ged. Amsterdam Zuiderk. 31-10-1657, beg. Amersfoort St. Joriskh. 3-3-1727 (laat kinderen na), woont Jansstraat (1692) te Utrecht.
|
Drukkersmerk van Johannes Clerck : een denkende man onder een boom waardoorheen een motto "Meditando et Legendo".[467]
|
Op 24-7-1709 verkopen
Henri Arent van Zevender, weduwnaar, boedelharder en lijftochtenaar van Simonida Petronella Maria van Muijlwijk zaliger, en
Johan van Muijlwijk, voor zichzelf en als voogd over
Alowidius van Muijlwijk en Gouda van Muijlwijk, zijn minderjarige broeder en zuster, en zich sterk makende voor
Maria en Simona Maria van Muijlwijk, zijn meerderjarige zusters, mitsgaders Joseph, Frans en Gerardus van Muijlwijk, meerderjarige broeders, aan Johannes Clerck, stadsdrukker,
een huis, erf, hof en hofstede, staande aan de Langestraat met zijn hof, stalling en schuur in de Muurhuizen uitkomende,
belend aan de ene zijde Arnoldus Brouwer, medicine doctor,
aan de andere zijde Johan Noijen, apothecair.
[468]
Op 19-1-1719 compareert te Utrecht Johannes Clercq,
boekdrucker der stad Amersfoort, jegenwoordig sijnde alhier, voor sig selven en als in huwelijk hebbende
Juff. Margareta Minne, "daarbij sijn E. ter desertijt levende blijkende geboorte heeft". Hij verkoopt aan Jacob Reaal, en Michiel Reaal, executeurs van de nalatenschap van
Nicolaes van der Poort ten behoeve van diens erfgenamen, twee obligaties, ieder groot ƒ 500,- ten laste van de provincie Utrecht, door hem comparant beleijd ten kantore van de hr Adriaen Gentman op 6-6-1704, de ene ten lijve van zijn dochter Maria Clercq doen oud 8 jaar waarvan de moeder is
Margareta Minne, en de andere ten lijve van zijn zoon
Willem Clercq doen oud 6 jaren, moeder ut supra, welke lijfrenten de 31 Mey 1714 geconverteerd zijn in losrente a 3 ½ % volgens de nieuwe obligatien daar voor gewisseld en gedateerd 28-3-1715. Get. zijn Mr Thiens, advocaat en Willem Clercq, zoon van de eerste comparant. Was getekend allen.[469]
Op 7-10-1719 verkoopt Maria van Swijnevoort, borgerse
aan Johannes Clerck, boekdrukker, en Margareta Nimmer (sic!), echtelieden, voor 800 gulden een
huis staande alhier aan de Langestraat bij de Kamperbinnenpoort op de hoek van de Muurhuizen.
[470]
Op 10-5-1728 verkoopt
Johannes Clercq, weduwnaar van Margareta Weinen (sic!), boekdrukker, aan Ezechiel Cohen, coopman in tabak, en zijn vrouw Meerte Cohen, een
seeker gebouw of schuurtje, staande in de Muurhuizen achter de hof van de comparants principalen, met de muur aan de straat van de hoff daar ter zijde, tot op seven voeten nae van de muur ter zijde
Louis van den Lodijk, soodat sijn principaal voor hem behoud een uijtgang van seven voeten wijt, tot in de Muurhuizen.
[471]
Op 20-7-1729 verkoopt
Johan Hendrik van der Linden, clercq alhier, als speciale gemagtigde van Hendrik van Kempen, verwer, en zijn vrouw
Elisabeth van de Pel, burgers, aan
Johannes Clercq, weduwnaar van Margareta Minnen, boekdrukker,
voor 399 gulden,
een halve vierendeel of twee mergen tabaksland, gelegen buijten de Kamppoort, tusschen de Tweede en Derdesteeg, strekkende voor van de Hogeweg tot agter aan de Hoevelaekerwetering,
belending aan de oostzijde Louis Corton,
aan de westzijde Theodorus van Lielaar.
[472]
Op 31-7-1733 laat de hoogwelgeboren vrouwe Maria Cornelia van der Burg, douariere van de
hoogwelgeboren heer Olivier van Hacfort, vrouwe van de Horst den Ham, voor zichzelf en als speciale gemachtigde van haar zuster de hoogwelgeboren Jv. Aletta van der Borgh, veilen en verkopen de hierna te beschrijven hofstede en landerijen te Baambrugge.
De koper moet de eerste helft betalen voor 1-11-1733 en de andere helft voor 1-5-1734. Uit de akte blijkt dat een eerdere koper niet de vereiste twee borgen kon stellen, waardoor er opnieuw geveild moet worden
op 31-7-1733 ten huijze van Jan Sluijter, hospes aan de brug te Baambrugge. De goederen bestaan uit een huijsinge hofstede met berg en schuur nevens 22 mergen 147 roeden wey- en hoylanden onder het gerecht van Abcoude bij Baambrugge strekkende van het zandpad tot de Indijk, belend ten zuiden de Molenkade en de heer Valkenier, ten noorden de heer Bosch. De goederen zijn thans in bezit van de verkoopster en thans nog in gebruik bij
Frank Verhoef. De veiling wordt
ingezet door Hendrik van Westervoord op ƒ 2750,--, en verhoogd door Johannes Clercq die de goederen daarmee koopt voor ƒ 2850,--.
Getuigen zijn Jan Sluijter en Frank Verhoef. Was getekend door allen.[473]
Op 31-7-1737 verkoopt
Alida van Deventer, weduwe van Jan van Raalt, in leven organist en klokkenist, die de enige nagelaten dochter is van haar moeder Marritje van Brinckesteijn en haar man Gijsbert van Deventer, mede erfgename van haar grootvader Steven Geurtsen van Brinckesteijn,
aan Johannes Clerck, boekverkoper,
eenhuis, erf en grond op de hoek van de Havik,
belending aan de ene zijde, in de Lavendelstraat, Benjamin Vermeer
aan de andere zijde op de Havik: Johannes Kaas.
[474]
Op 21-9-1739 verkoopt Johannes Clercq, boekverkoper,
aan Jan Veenendaal, zijdereder, en zijn vrouw Gerritje Bootsman,
een
huis en hof en hofstede, met een gang in de Muurhuizen uitkomend, in de Langestraat, belend
aan de rechterzijde de erven van weduwe Louis van de Lodijk,
aan de andere zijde: Wilhelmus Noyen.
[475]
Op 21-9-1739 verkoopt
Jan Veenendaal, zijdereder en burger,
aan Johannes Clercq, boekverkoper,
voor 1000 gulden een
huis en hof en hofstede, met een gang in de Muurhuizen uitkomend, in de Langestraat, belend
aan de rechterzijde de erven van weduwe Louis van de Lodijk,
aan de andere zijde: Wilhelmus Noyen.
[476]
Op 20-6-1740 verkoopt
Johannes Clercq, weduwnaar van Margaretha Minnen
aan Anthonij van Veerssen, notari s en procureur,
zekere plechtbrief groot 999 gulden van 20-7-1729, met renten ten lasten van Hendrik van Kempen, verwer en Elisabeth van de Pel, in leven echtelieden. Het betreft de
hypotheek van 'n halve vierendeel of 2 morgen tabaksland buiten de Kamppoort tussen de Tweedesteeg en Derdesteeg, van de weg tot achter aan de Hoeflaker Weteringe toe,
belend aan de ene zijde: oostzijde Louis Corton,
aan de andere zijde: westzijde de weduwe Theodorus van Lilaar.
[477]
Op 30-1-1743 verkopen
Helena Jans Kees, weduwe van Pieter van Hoppesteijn voor de ene helft, Dirk van Hoppesteijn en zijn vrouw Maria van Eldert voor de andere helft aan
Johannes Clercq, boekverkoper een
huis, hof en hofstede aan de oostzijde van Bloemendal,
belend aan de ene zijde: Johannes van Oort met het huis "De Roode Haan",
aan de andere zijde: Hermannus van Steenderen.
[478]
Op 3-7-1743 verleent Johannes Klerk, boekverkoper en stadsdrukker te Amsterdam, broer en erfgenaam van Wilhelmina Klerk, wegens zijn hoge ouderdom Hendrik Burgers, boekverkoper te Amsterdam, om de ervenis te regelen van
Wilhelmina Klerk, overleden, wed. van Evert Plangman. Het betreft
roerend en onroerend goed.
[479]
Er wordt verwezen naar een testament in Amsterdam: d.d. 15-5-1743. [480]
Op 19-6-1751
compareren te Amersfoort de erven van Johanna Sophia Gronchart, overleden op 16-2-1751 te Amsterdam, met name Willem Klerck, Johannes Ouwerkerk, gehuwd met Elisabeth Clerck, Maria Clerck, meerderjarige dochter, en Evertje van Raalt, weduwe en boedelhoudster van Pieter Clerck, overleden may 1751 (bij testament 5-3-1751 voor notaris A. van Bemmel), allen inwoners van Amersfoort. De
erven verlenen volmacht aan Dirk Heck, veerschipper van hier op Amsterdam om namens neven en nichten van de overledene ƒ 800,- te ontvangen van de heer Rut van Kranenburg.
Getuigen: Willem de Wijs en Jacobus van Weijland.
[481]
In 1755 betalen de erfgenamen van Jordanus (Johannes?) Klerk ,ƒ 2,13,8 huisgeld voor een huis op Bloemendal, tussen de Teut en de
Weverscingel. De volgende eigenaren zijn : de erfgenamen van
Pieter Klerk en daarna Evert Klerk [482].
Uit het huwelijk (Klerk-Minne) :
-
a. P(i)eter Klerk, ged. Utrecht Domk. 25-5-1692 (get. Elisabeth Minne), (=kw. nr. 488).
-
b. Elisabeth Klerk, ged. Amersfoort 11-12-1694, beg. Amersfoort St. Jorisk. 21-6-1770 (als Juffr. Elisabeth Klerk), betaalt (1755) huisgeld voor huizen
op de Crommestraat Vijverszijde (ƒ 4,-,-),
op de Langestraat (ƒ 10,-,-),
op de Vijverstraat (ƒ 8,-,-),
op de Lieve Vrouwestraat (ƒ 10,-,-) en
op de Nieuwestraat (ƒ 2,10,-) [483],
otr./tr. Amersfoort 13/29-10-1747 (als j.d. (sic!) van Amersfoort)
Johannes (van) Ouwerkerk(¥), beg. Amersfoort St. Jorisk. 25-10-1766, laatst wednr. van Elisabeth van Bemmel, van Amersfoort, zn.van Gijsbert (van Ouwerkerk) en NN.
Hij betaalt (1755) huisgeld voor huizen
in de Muurhuijsen (ƒ 14,6,12, later Evert Clerck),
op de Koornmerkt in de Vijver (ƒ 3,--),
op de Appelmerkt (ƒ 7,7,8),
op de Weeverssingel over 't blauw bruggetjen (ƒ 6,-,-), waar zij blijkbaar wonen (zie onderstaand testament),
in het Drie Ringe Straatje (ƒ 2,-,-,) [484].
| COMMENTAAR(¥)
Johannes van Ouwerkerk
tr. 1o als Johannes Gijsbertsen van Ouwerkerk Amersfoort geref. 20-5/8-6-1728, Cornelia Camp, beg. Amersfoort 4-8-1732, wed. van Jacob van Oort, tr. 2) als haar wednr. Amersfoort geref. 6-11-1733 Elisabeth van Bemmel, beg. Amersfoort 31-10-1745, j.d. wonend te Amersfoort. Uit deze huwelijken geen kinderen gevonden.
|
Op 30-4-1732
lenen Theodorus Wansink en sijn vrouw Anna Wichenraad,
van Elisabeth Clerk meerderjarige dogter en haare erfgenaamen,
een bedrag van honderd en vijfftig gulden,
met als onderpand sekere huijsinge in de L.V.straat met het huijsje daar achter en't bleijkveltje daarbij,
belend aan de ene zijde Barend de linnewever,
aan de andere zijde Machiel van den Berg.
[485]
Op 27-10-1732
verkopen Wouter Veen en zijn vrouw Sophia Beks, en Geertruyd Beks, weduwe van Wouterus van Ommen voor de eene helfte, mitsgaders Triyntje van Weerhorst, bejaarde dogter van Steven van Brinckesteijn, notaris als speciale gemagtigde van Jan van den Bosch en zijn vrouw Catharina Hendrix, alsmede Roelof Goudoever en voornoemde Brinckesteijn geauthoriseert wegens de persoon van Huijbert van Roosendaal in Oostindien sijnde, voor de andere helfte,
aan Elisabeth Clerq, meerderjarige dogter,
een huis, hoff en hoffsteede in de Crommestraat,
belend aan de ene zijde den heer van Westreenen,
aan de andere zijde Dionisius Jelissen van Valkenburgh.
[486]
Op 1-5-1733
verkopen Dirk ten Hove, wonende tot Delft, en Lodewijk Staalhoff, mede wonende aldaar, als speciale gemagtigden van Johanna Maria ten Hove, ongehuwde bejaarde dogter wonende in 's Hage, mitsgaders Johannes Hageman wonende tot Westervoort als speciale gemagtigde van Christina Everts, weduwe van Hendrik Zukruijt, te samen erfgenamen van Annitje ten Hove, laast weduwe van Jacob Overhorst, haare moeije Zaliger,
aan Elisabeth Clerk en Maria Clerk, jonge dogters,
een huis, hoff en hoffstede aan de Langestraat,
belend aan de ene zijde Gerbrand Safse,
aan de andere zijde Jacob de Vries.
[487]
Op 20-10-1741
verkoopt Jan Evertsen van Rossenbergh, te Hamersveld,
aan Elisabeth Clercq, bejaarde ongehuwde dochter,
een huis, erf en grond in de Vijver,
belend aan de ene zijde Hendrik Kolfschoten, timmerman,
aan de andere zijde Johannes van Ouwerkerk.
[488]
In 1743
verkopen Theodorus Wansing en zijn vrouw Anna van Wickenraad, burgers,
aan Elisabeth Clercq, meerderjarige dochter en burgeres,
een huis, achterhuisje en bleekveldje met vrije uitgang op de Langegraft, staande in de Lieve Vrouwestraat over 't kerkhof,
staande tussen de huizen van Willem van Hoogbetrom en Jan Schouten,
belend aan de ene zijde Barend Steuk,
aan de andere zijde Michiel van den Bergh.
[489]
Op 22-3-1743
verkopen Jan Priem, Jacobus Laret en zijn vrouw Maijtje Priem en voor de verdere kinderen van Willem Priem en Marritje Tuijgh, in leven echtelieden,
aan Elisabeth Clercq, meerderjarige dochter,
een huis beneden in de Nieuwstraat,
belend aan de ene zijde Willem Proever,
aan de andere zijde Johannes van Kempen.
[490]
Op 18-12-1745
verkoopt Johannes Ouwerkerk, burger, tevens als erfgenaam van wijlen zijn vrouw Elisabeth van Bemmel,
aan Willemina van Bemmel, meerderjarige ongehuwde dochter,
een huis met plaats daarachter, staande in de Vijverstraat,
belend aan de ene zijde Elisabeth Clerk,
aan de andere zijde Gijsbert van Raalt.
[491]
Hierna volgen nog een groot aantal huizentransporten door Johannes Ouwerkerk.
Op 9-1-1752 maken Johannes Ouwerkerk en Elisabeth Clerck, echtelieden, burgers van Amersfoort een mutueel testament onder intrekking van eerder gemaakte huwelijkse voorwaarden.(¥)
| COMMENTAAR(¥)
ZOEK OP Nots. van Bemmel 23-10-1747.
|
Indien Johannes Ouwerkerk de eerststervende is dan benoemt hij Elisabeth Clerck tot algeheel erfgenaam onder de voorwaarden dat zij uitkeert
- 1.
f 200,-- aan zijn broer Harman Ouwerkerk of diens huisvrouw Geertruijd Jans of bij plaatsvervulling hun kinderen.
- 2.
f 200,-- aan zijn zuster Catharina Ouwerkerk, huisvrouw van Dirk van den Bosch of bij haar vooroverlijden aan hun zoon Pieter van den Bosch.
- 3.
f 200,-- aan zijn zusters dochter Johanna Ouwerkerk?.
- 4.
aan Harman Ouwerkerk "een swart kleed, een paar kousen, een paar schoenen, een hoed, vier dassen, vier paar moutjes en vier hemden, maar van alles het minste" (sic!).
- 5.
aan Dirk van den Bosch zijn beste japon, beste hoed en de zes beste hemden.
- 6.
aan zijn nigt Johanna Ouwerkerk het beste boek met silveren knoppen.
Indien hij de langstlevende is dan erven genoemde drie personen alles, ieder voor een derde.
Indien Elisabeth Clerck de eerststervende is dan vermaakt zij het volgende
- 1.
aan haar man alles wat zij van haar vader heeft geerfd en de "usufruct en lijftogt van 4 ½ huizingen dien zij heeft ingebracht".
- 2.
f 300,-- aan haar broer Willem Clerck of bij diens vooroverlijden aan diens kinderen.
- 3.
f 200,-- aan haar neef Pieter Clerck, zoon van haar overleden broer Pieter Clerck.
- 4.
f 50,-- aan Harman Ouwerkerk of bij vooroverlijden diens huisvrouw Geertruijd Jans.
- 5.
f 50,-- aan Elsje Ouwerkerk, huisvrouw van Pieter Paats.
- 6.
f 50,-- aan Jan van Eemnes, zn van Sibilletje Edeling, wonend te Utrecht.
- 7.
een boek van Ds Hemmen(?) "de keur daaruyt", aan Jfr. Dorothea van Goudoever indien die bij haar overlijden nog bij haar woont.
- 8.
de beste goude hoepring aan Catharina Ouwerkerk, huisvrouw van Dirk van den Bosch.
- 9.
"3 jakken, 3 rokken, 3 boezelaars, 6 heupdoeken, 6 trekmutsen, 6 hemden, van alles het minste", aan de huisvrouw van Harman Ouwerkerk en hun dochters Elsje en Geertje Ouwerkerk.
- 10.
"alle haar testatrices boeken en het gemeene daartoe behoord als gedrukte papieren en perkamenten, uijgenomen wat bij haar zuster Maria Clerck verblijft", aan haar broer Willem Clerck of bij plaatsvervulling diens vrouw of kinderen.
- 11.
en de rest volgens versterfrecht van de provincie.
Tot mombers en voogden benoemt hij Dirk van den Bosch of zijn neef Harman Bosch, zn van Jan Bosch, veerschipper. Zij benoemt tot voogden over de onmondige kinderen van Pieter Clerck en Willem Clerck hun naaste vrinden onder uitsluiting van de weeskamer.
Was getekend Johannes Ouwerkerk en Elisabeth Clerck en de getuigen Jacobus van Houten, Barent van Houten en Cornelis Heere, burgers van Amersfoort.
[492]
Op 16-4-1754 maken Johannes Ouwerkerk en Elisabeth Clerck, echtelieden, burgers van Amersfoort opnieuw een mutueel testament onder herroeping van het vorige.
Hij trekt alles in wat hij heeft besproken aan zijn zusters dochter Johanna Ouwerkerk, in plaats daarvan krijgt zij alleen een legaat van ƒ 50,--.
Indien Johannes Ouwerkerk de eerststervende is dan gaat er ƒ 150,-- naar zijn zuster Catharina Ouwerkerk, en bij vooroverlijden naar haar man Dirk van den Bosch of hun zoon Pieter van den Bosch bij substitutie. Hij wil ook dat Catharina van Ouwerkerk of haar man of zoon de ƒ 150,-- als prelegaat trekken uit de derde staak van Johannes Ouwerkerk die hij comparant herroepen heeft, waarna de rest van de derde staak naar de andere twee moet gaan. Dit alles onder korting van geleend geld of obligatien.
Elisabeth Clerck trekt het legaat van ƒ 50,-- aan Jan van Eemnes in, "niet willende dat hij daarvan iets sal profiteren", in plaats daarvan legateert zij ƒ 100,-- aan haar neef Evert Clerck zoon van haar overleden broer Pieter Clerck. Voorts nomineert zij tot erfgenaam in plaats van de kinderen van haar overleden broer Pieter Clerck voor een staak, haar moeder Everarda van Raalt, doch indien deze vooroverlijdt dan weer de voornoemde kinderen van Pieter Clerck. Gepasseerd ten huize van de comparanten, was getekend de comparanten en de getuigen Jacobus van Houten, Gerrit van den Bosch en Cornelis Heere.
[493]
Op 28-1-1764
verkopen Johannes Ouwerkerk en zijn vrouw Elizabeth Clerk,
aan Jan Blok,
een huis in de Nieuwstraat,
belend aan de ene zijde van Willem Proever,
aan de andere zijde de weduwe van Johannes van Kempen.
[494]
Op 6-6-1766 maken Johannes Ouwerkerk en Elisabeth Clerck, echtelieden, burgers van Amersfoort, opnieuw een mutueel testament.
Indien Johannes Ouwerkerk de eerststervende is dan benoemt hij Elisabeth Clerck tot algeheel erfgenaam onder de volgende voorwaarden dat zij uitkeert
- 1.
f 200,-- aan zijn broer Harman Ouwerkerk of diens huisvrouw Geertruijd Jans of bij plaatsvervulling hun kinderen, en een rok, kamisool, broek etc..
- 2.
f 350,-- aan zijn zuster Catharina Ouwerkerk, huisvrouw van Dirk van den Bosch of bij haar vooroverlijden aan hun zoon Pieter van den Bosch, onder aftrek van schulden.
- 3.
f 50,-- aan de dochter van zijn zuster Johanna Ouwerkerk, huisvrouw van Antoni Weijland.
Indien hij de langstlevende is dan vermaakt hij aan zijn nigt Johanna Ouwerkerk ƒ 100,--.
Voorts prelegateert hij ƒ 150,-- aan Catharina Ouwerkerk, en van de rest de ene helft aan Harman Ouwerkerk met plaatsvervulling en de andere helft aan Catharina Ouwerkerk na voldoening van schulden van obligatien. Indien Catharina Ouwerkerk vooroverlijdt dan krijgt Dirk van den Bosch ƒ 100,-- en Harman Ouwerkerk de rest.
Elisabeth Clerck legateert het volgende :
- 1.
f 50,-- aan Kniertje de Vree.
- 2.
een huis over het Lieve Vrouwekerkhof en ƒ 50,-- aan Elsje Ouwerkerk en Pieter Paats, of bij plaatsvervulling aan hun dochter Eva Paats.
- 3.
2 jakken, 2 rokken, etc. aan Elsje Ouwerkerk en haar dochter Eva Paats.
- 4.
de verdere goederen aan haar neef Evert Klerk en zijn huisvrouw Wijnanda Loogen. Indien deze laatsten zijn vooroverleden zonder kinderen dan moet haar broer Willem Klerck of diens kinderen ƒ 1000,-- uit de boedel van Evert Klerk en Wijnanda Loogen trekken. Indien Evert Klerk overlijdt en Wijnanda Loogen hertrouwt dan moet zij ƒ 1000,-- aan Everts kinderen bewijzen. Bij vooroverlijden van Evert Klerk en Wijnanda Loogen wordt
haar broer Willem Klerk algeheel erfgenaam met plaatsvervulling.
Indien Elisabeth Clerck de eerststervende is dan moet Johannes Ouwerkerk aan haar erfgenamen uitkeren 3 ½ huis, "haar cabinet met 't geen daar in is, de groote kist met ijzer beslagen en 't geen daar in is, alsmede alle de stukjes (marsalje??) die daar buiten zijn en wat verder tot de bombazijdewerkerije behoort, wijders alle kleren", en voorts alle boeken, papieren, etc.
De erfgenamen dienen aan Johannes Ouwerkerk ƒ 200,-- uit te keren "tot haar begrafenis die echter ook meer gemeen moet zijn met bier te schenken en het middelgeluy en elk ½ jaar ƒ 25,-- zijn leven lang" en hij mag haar huis verkopen. Indien zij tijdens haar leven een huis verkoopt dan mag hij daarop een lijfrente van ƒ 50,-- per jaar trekken.
Johannes Ouwerkerk verklaart de aanstelling tot executeurs d.d. 13-4-1743 nog geldig en benoemt Elisabeth Clerck tot medeexecuteur, en anders de notariszoon Gerard van Bemmel, onder uitsluiting van de weeskamer.
De akte is gepasseerd ten huize van de comparanten aan de Weverssingel omtrent het Blauwbruggetje en getekend Johannes Ouwerkerk en Elisabeth Clerck en de getuigen Adrianus Schrijver, Jan Kruijf en Albertus van Bemmel, burgers van Amersfoort.
[495]
Op 10-8-1767
verkopen Elizabeth Clerk, weduwe en erfgename van Johannes Ouwerkerk, Roeloff van der Veen en zijn vrouw Margarita van Bemmel, Abraham Jansz van Bemmel, Willemina van Bemmel, Abraham van Bemmel, notaris, Mechteld Alida van Bemmel, weduwe van Antonij Cruijff, Frans van Bemmel en zijn zuster Cornelia van Bemmel,
- 1.
aan Jan van Klashorst
een huis met een tuin, aan de Weverssingel over het blauwbruggetje,
belend aan de ene zijde Evert van Schenkbergen,
aan de andere zijde Hendrik van Doornik.
[496]
- 2.
aan Jan Blok,
huis en plaatsje, in de Vijver,
belend aan de ene zijde de weduwe van Godert Verhoef,
aan de andere zijde de Remonstrantse kerk.
[497]
- 3.
aan Adrianus Boelhouwer, zeepzieder,
huis, hofje en bleekje, in de Rozemarijnsteeg (het Pieterceliestraatje) over de Joodse kerk,
belend aan de ene zijde Johannes Lagerweij,
aan de andere zijde de zeepziederij "de Drie Ringen van koper".
[498]
- 4.
aan Aleijda Kok,
een huis, aan de Westsingel tussen de Varkensmarkt en Hellebrug,
belend aan de ene zijde Jan van Zutphen,
aan de andere zijde een poortje en het erf van Gerrit van der Wel.
[499]
Op 22-7-1769
verkopen Elizabeth Clerck, weduwe van Johannes Ouwerkerk, en Maria Clerk,
aan Willem Clerck,
een huis, erf en grond, in de Langestraat,
belend aan de ene zijde juffrouw Sas,
aan de andere zijde Helmigh Warneke, glazenmaker.
[500]
Op 11-11-1769
verkopen Willem van Eck en zijn vrouw Reijntje van Kraijnoort,
aan Elizabeth Clerk, weduwe van Johannes Ouwerkerk,
de helft van een groot huis met een hof erachter aan de Zuidsingel (Stadscingelgragt), in de Muurhuizen tussen de Gevangentoren en de Nieuwestraat,
belend aan de ene zijde de executeurs van de boedel van wijlen Pieter Dirksen Man,
aan de andere zijde het huis, genaamd Batavia, van Abraham van Asch.
[501]
Op 11-11-1769
lenen Elizabeth Clerck, weduwe van Johannes Ouwerkerk, en Evert Clerck en zijn vrouw Wijnanda Loogen,
van Cornelis van Deventer, notaris,
een bedrag van 500 gulden,
met als onderpand een huis met een hof erachter aan de Zuidsingel (Stadscingelgragt), in de Muurhuizen tussen de Gevangentoren en de Nieuwestraat,
belend aan de ene zijde de executeurs van de boedel van wijlen Pieter Dirksen Man,
aan de andere zijde het huis, genaamd Batavia, van Abraham van Asch.
De akte is doorgehaald op 5-6-1771.
[502]
-
c. Maria Klerk, ged. Amersfoort 24-5-1696, beg. Amersfoort St. Jorisk. 12-11-1773, boekverkoopster (1755), betaalt ƒ 4,-,- huisgeld voor een huis in de
Muurhuizen tegenover de Schoutenbrug, en ƒ 3,-,- voor een huis in de
Seevenhuijsen.[503]
Zij is vermoedelijk ongehuwd gebleven, in 1751 heet zij nog meerderjarige dochter.
Op 1-5-1733
verkopen Dirk ten Hove, wonende tot Delft, en Lodewijk Staalhoff, mede wonende aldaar, als speciale gemagtigden van Johanna Maria ten Hove, ongehuwde bejaarde dogter wonende in 's Hage, mitsgaders Johannes Hageman wonende tot Westervoort als speciale gemagtigde van Christina Everts, weduwe van Hendrik Zukruijt, te samen erfgenamen van Annitje ten Hove, laast weduwe van Jacob Overhorst, haare moeije Zaliger,
aan Elisabeth Clerk en Maria Clerk, jonge dogters,
een huis, hoff en hoffstede aan de Langestraat,
belend aan de ene zijde Gerbrand Safse,
aan de andere zijde Jacob de Vries.
[504]
Op 22-3-1743
verkopen Jan Priem, Jacobus Laret en zijn vrouw Maijtje Priem en voor de verdere kinderen van Willem Priem en Marritje Tuijgh, in leven echtelieden,
aan Maria Clercq, meerderjarige dochter,
een huis, hof en hofstede in de Muurhuizen over de Schoutebrug,
belend aan de ene zijde Sibartus van Straalsond op de hoek van de Stovestraat,
aan de andere zijde de vrouw van Everardus van Birkhoven,
en voorts Jan Herfkens op de hoek van de Nieuwstraat.
[505]
Op 22-7-1769
verkoopt Maria Clerk,
aan Willem Clerck,
een huis, erf en grond, in de Muurhuizen over de Schoutenbrug,
belend aan de ene zijde Sibertus van Straalsond,
aan de andere zijde de bakker Harthoorn.
[506]
-
d. Willem Klerk, ged. Amersfoort 11-9-1698, beg. Amersfoort St. Jorisk. 7-1-1789 ("op de Langestraat"), bakker (1755..1768) aan de Langegracht, daar 't Schepel uithangt (1755, 1758),
belender te Amersfoort (1780..1785),
betaalt (in 1755) voor een huis (bakkery) "'t Scheepel" op de hoek
van de Langegracht en het Swaanshalssteegjen (ƒ 9,-,-),
en (na 1755) voor een huis
op de Langestraat (ƒ 14,-,-),
op Havik op de hoek van de Lavendelstraat (ƒ 8,-,-),
op de Cingel tussen de Verkensmarkt en de Doelen (ƒ 1,12,-),
in de Muurhuizen tegenover de Schoutenbrug (ƒ 4,-,-),
in de Langestraat zuidoostzijde (ƒ 12,-,-),
in de Valkestraat (ƒ 8,-,-),
en in de Seevenhuijsen (ƒ 3,-,-),[507]
otr./tr. Amersfoort 17-7/5-8-1727
Cornelia van Geelkerken, ged. geref. Amersfoort 17-5-1707, beg. Amersfoort St. Jorisk. 6-1-1787 (op de Langestraat als huisvrouw van Johannes Klerk, sic!, verschrijving?),
dr. van Gerrit van Geelkerken en Geertruijd Bos,
j.d. van Amersfoort (1727).
Op 3-10-1727 verkoopt Hendrik Janse Verschuur, weduwnaar en boedelhouder, Jannetje Adriaens van Grootwede, aan Willem Clerk en Cornelia Geelkerke, echtelieden, zekere huysinge cum annexis aan de Langegracht, daar 't Schepel uithangt, op de hoek van de Dwarsstraat, bewoond door de Coopers, met overname van de last van resterende kooppenningen ten behoeve van 't Klopje van der Maath.
[508]
Op 4-6-1728 volgt de inschrijving hiervan in het Transportregister.
[509]
Op 17-5-1753 worden voogden aangesteld over (de kinderen van?) Jannitje van Geelkerk, borgeresse, wed. van Cornelis van Wageningen volgens kontrakt met haar man van 29-9-1727.
De voogden zijn Willem Clercq, zwager en Evert Hoogland, vriend.
[510]
Op 12-5-1766
verkopen Arnoldus Vlug, mr. timmerman, gemachtigde van Hendrik van Rookhuijzen, mr. zilversmid, en zijn vrouw Anna Catharina Hofsteijn, wonende te Nijkerk,
aan Willem Clerck, bakker,
een huis, erf en grond of hofje daarachter, aan de noordzijde van de Langestraat,
belend aan de ene zijde de weduwe of erven van Batholomeus van Birkhoven,
aan de andere zijde de weduwe van Jacobus de Vries.
[511]
Op 31-1-1767
verkopen Hendrik Schouten, mr. timmerman, en zijn vrouw Elizabeth Volmaar, Wilhelmus Volmaar, alsmede Oloff van Birkhoven en zijn vrouw Weijntje Volmaar, mede als mombers en voogden over Meijnsje, Antonia, Nicolaas en Jan Volmaar, minderjarige kinderen van Nicolaas Volmaar en Hendrina Versteeg,
aan Willem Clerck, bakker,
een huis, erf en grond, verdeeld in twee woningen, in de Valkestraat omtrent de herberg de Valk,
belend aan de ene zijde Gijsbert van Koot,
aan de andere zijde een Godshuisje.
[512]
Op 21-5-1768
verkopen Gabriel Schreuder en zijn vrouw Jacoba Schuijleman,
aan Willem Clerck, bakker,
een huis, erf en grond, aan de Westsingel (Cingel achter de grote toren),
belend aan de ene zijde mevouw Montauban,
aan de andere zijde Peter Heek.
[513]
Op 29-4-1769
verkopen Willem Vlugh (erfgenaam ex testamento van zijn overleden zuster Reijniertje Vlugh)
en zijn vrouw Geertruijd Moesbergh,
aan Willem Klerk,
een huis, hof en hofstede, in de Langestraat tussen de Zevenhuizen en de Camperbinnenpoort,
belend aan de ene zijde Assuerus van Overhorst, bakker,
aan de andere zijde huis en grond, genaamd de Ouden Engel, van juffrouw Verhoeff.
nventarisnummer 436-38
[514]
Op 10-2-1786 testeren Willem Clerck en Cornelia Geelkerken, echtelieden en burgers van Amersfoort. Zij maken een langstlevende testament en legateren aan hun schoonzoon Pieter van Lockhorst hun huis en erf op de Langestraat tegenover de St. Joriskerk, waar zij thans wonen. Van Lochorst dient daarvoor aan de erfgenamen van de comparanten ƒ 2000,-- te betalen inclusief kosten en belasting, zo niet dan blijft het huis in de erfenis.
Zij prelegateren aan hun zoon Sr. Johannes Clerck alle kleren en sieraden van de testateur en aan hem of bij vooroverlijden aan zijn huisvrouw Juffr. Willemina van Westrhenen, hun huis en erf door de zoon en schoondochter bewoond, waarvoor hij ƒ 2400,-- schuldig is aan de erfgenamen. Het staat ze vrij dit prelegaat te accepteren of niet.
Zij prelegateren verder aan de oudste dochter Geertruida Clerck 1) alle kleren en sieraden van de testatrice, 2) alle meubelen, inboedel en huisraad, ongemunt goud en zilver, 3) een huisjen op de Langestraat thans bewoond door de comparanten, 4) twee huizen achter de Lieve Vrouwetoren op de Singel en twee huizen in de Valkestraat, waarvoor zij ƒ 1000,-- schuldig is aan de erfgenamen, vrij te accepteren of niet, 5) voor haar hulp ƒ 50,-- per jaar ingaande 1-9-1781 tot het overlijden van de langstlevende. Vooreerst dient Geertruida Clerck te ontvangen ƒ 1400,-- hetgeen ook de zoon en de vooroverleden dochter tot huwelijksgift reeds hebben ontvangen.
Voorts zijn algehele erfgenamen hun kinderen en kindskinderen bij representatie voor gelijke delen, onder conditie dat hun kleindochter Catharina Cornelia van Lockhorst, nagelaten dr. van hun dochter Maria Clerck ƒ 1400,-- uit de wederhelft van haar erfportie krijgt, onder voogdij van Sr. Johannes Clerck of diens opvolger tot haar meerderjarigheid. Dit geld moet, eventueel vermeerderd met de rente, aangewend voor haar opvoeding, of indien zij voor haar 25ste jaar overlijdt terug naar de bloedverwanten van moeders zijde. Johannes Clerck mag het haar ook uitbetalen bij haar eventueel huwelijk.
estateurs benoemen tot slot hun zoon Johannes Clerq tot voogd over de minderjarige erfgenamen, onder uitsluiting van de weeskamer. Getuigen zijn Rudolph van Goudoever, Klaas Taken en Gerrit Hoorn.[515]
Op 11-3-1789 wordt verkocht uit de boedel van de echtelieden Willem Clerk en Cornelia Geelkerken, beiden overleden, : te Amersfoort een ter nering staand huis in de Muurhuizen tussen de Stove- en de Nieuwestraat, een ter nering staand huis aan zuidzijde van Hof of Koornmarkt, een huis aan de Langegracht op de hoek van de Zwaanshals- of Schepelstraat, een ter nering staand huis aan de westzijde van de Lavendelstraat, hoek Havik.
[516]
Er wordt verwezen naar het testament: d.d. 10-2-1786 (zie hierboven).
Op 13-6-1789
verkopen Geertruda Clerck, midsgaders de heer Johannis Clerck en zijn vrouw Willemina van Westreenen en nog gemelde heer Johannis Clerck bij testament op 10-2-1786 door wijlen Willem Clerck en zijn vrouw Cornelia van Geelkerken gepasseerd, aangestelde voogd over Catharina Cornelia van Lokhorst, kind van Maria Clerck en Pieter van Loekhorst:
- 1.
aan Jan van Liendert,
een huizinge, erve en grond in de Muurhuizen tussen de Stovestraat en de Nieuwstraat.
belend aan de ene zijde de heer Isaac Scheltus,
aan de andere zijde Arnoldus Bor.
[517]
- 2.
aan Cornelis Cousijnse,
een huizinge, erve en grond aan de westzijde van de Lavendelstraat op de hoek van 't Havik, uitgezonderd de bedde, stelhuijsen, waspers, winkel en toonbank, benevens een kastje in het kamertje, 't welk Salomon Abraham Cohen toebehoord,
belend in de Lavendelstraat de weduwe van Jan van Hensbergen,
op 't Havik de kinderen van Jan Casper Vonk.
[518]
- 3.
aan Franciscus Henricus van Raalt,
een huizinge, erve en grond aan de zuijdzijde van den Hof of Koorenmerkt,
belend aan de ene zijde Otto de Vaal,
aan de andere zijde weduwe van Bart van Pippe.
[519]
Uit dit huwelijk gedoopt te Amersfoort :
-
1. Johannes Klerk, ged. 20-8-1728, ovl. verm. jong.
-
2. Geertruij Klerk, ged. 7-10-1729, ovl./beg. Amersfoort St. Jorisk. 17/22-4-1807 ("oud 77 jaar"), betaalt (na 1755) huisgeld voor huizen in de Langestraat (ƒ 10,-,-), Hellestraat westzijde (ƒ 7,-,-), op de Cingel tussen de Varkensmarkt en de Doelen (ƒ 1,12,-) en in de Valkestraat (ƒ 8,-,-).[520]
-
3. Johannes Klerk, ged. 30-3-1731, ovl./beg. Amersfoort St. Jorisk. 21/26-4-1810 (als wednr. van Willemina van Westrhenen in de Langestraat, oud 79 jaar), betaalt (in 1755) voor een huis
op de hoek van de Langegracht en het Swaanshalssteegjen (ƒ 9,-,-)
en (na 1755) voor een huis
aan de Langestraat (ƒ 18,-,-),
aan de Langestraat (ƒ 14,-,-),
buiten de Slijkpoort (ƒ 8,-,-),
[521],
geërfde van de buurtschap Zeumeren (1786),[522]
otr. Amersfoort 23-5-1766 (met attestatie van/naar Lienden 10-6-1766)
Willemina van Westrhenen, geb. Lienden 1729, beg. Amersfoort (memories van successie, aangiften van overlijden van het gerecht van Amersfoort, 1810) 27-1-1810 (als vrouw van Johannes Klerk in de Langestraat, oud 81 jaar), laatst wonende te Rotterdam.
dr. van Tobias van Westrheene, schepen in de Marsch, wonende op de Weerd
te Lienden en Johanna Maria van Rossem.[523]
[524]
Op 9-4-1789 maken Johannes Clerck en Willemina van Westrhenen, echtelieden, burgers van Amersfoort, een mutueel testament, onder intrekking van eerder gemaakte huwelijkse voorwaarden.(¥)
Zij benoemen elkaar tot voogd over na te laten kinderen en tot wederzijds erfgenaam.
De erfgenaam moeten binnen 10 maanden na overlijden van de eerststervende een legaat uitkeren van ƒ 15000,--. Indien Johannes Clerck de langstlevende is en zijn zuster Geertruida Clerck nog in leven mocht zijn dan krijgt zij haar leven lang het vruchtgebruik van dit legaat, indien hij de eerststervende is dan krijgt zij zijn gehele nalatenschap, waarvoor redders en voogden kunnen worden benoemd.
Indien zijn zuster Geertruida Clerck al overleden is dan gaat de nalatenschap naar zijn nicht Catharina Cornelia van Lockhorst, dr. van zijn zuster Maria Clerck en Pieter van Lockhorst.Wanneer zij 25 jaar wordt krijgt zij het legaat. Indien ook Catharina Cornelia van Lockhorst al overleden is dan gaat de nalatenschap naar haar kinderen of anders naar zijn naaste bloedverwanten.Was getekend Johannes Clerck, Willemina van Westrhenen en de getuigen Mr. Gerard van Bemmel, Frans van der Linden en Jan de Koning.
[525]
Op 14-3-1789 verkopen Geertruida Clerk, meerderjarig en ongehuwd, en Johannes Clerck en Willemina van Westrhenen, echtelieden, ook optredend voor Catharina Cornelia van Lockhorst, over wie wijlen Willem Clerck voogd was, publiekelijk
- 1.
een huis aan de Muurhuizen tussen de Stovestraat en de Nieuwestraat, bewoond door Cornelis van Engelen ("het comptoir in het voorhuis benevens de kleinste toonbank en eenige winkeltiggels behoren aan den bruiker"), aan Jan van Liendert voor ƒ 650,--.
- 2.
een huis aan de zuidzijde van de Hof of Koornmarkt, bewoond door Salomon Cohen, aan Henricus van Raalt voor ƒ 500,--.
- 3.
een huis aan de Langegracht hoek Zwaanshals of Schepelstraat, bewoond door de horologiemaker Izaak Auerbach aan Johannes Clerck voor ƒ 505,--.
- 4.
een huis aan de westzijde van de Lavendelstraat hoek Havik, bewoond door Salomon Abraham Cohen, aan Cornelis van Couzijnse voor ƒ 450,--.
[526]
Op 8-7-1786 krijgt Johannes Clerq Wz. investiture en oprukking van het herengoed Wixeler in de buurtschap Someren (kerspel Voorthuizen, Ambt Barneveld) na transport door Andries, Wouter en Jasmijntje Jansen van den Broek, bestaande in : huis, schuur, twee bergen, twee schaapsschotten, bakhuijs, aardhuijs, hof en ongeveer 21 moregen bou en weijland. [527]
Op 8-7-1792 krijgen Jan Clerq en zijn echtgenote Willemina van Westrheenen approbatie van een testamentaire dispositie.[528]
Op 7-11-1810 wordt te Amersfoort verkocht uit de nalatenschap van de echtelieden
Johannis Clerck, overleden (woonde Langestraat: Camp 130) en
Willemina van Westrheenen, overleden,
te Amersfoort : een huis met erf en grond, warmoeziershof, boomgaard buiten de Bloemendalsche Poort, genaamd De Kruyscamp, warmoeziersland buiten de Bloemendalsche Poort in de Horsseweijde, bouwland aan Lageweg even voorbij de Tolboom, huis en land buiten Slijkpoort over de molen de Kroon langs het Westersteegje tot aan de Utrechtscheweg, een Plaizierthuyn met stenen zomerhuis buiten het Stenen Poortje, een huis met koetshuis aan de Kortegracht, van achteren uitkomend in Valkestraat (Camp 73), een huis aan de Langegracht op de hoek van de Dwarsstraat, genaamd Het Schepel (Breul 232). En voorts te
Barneveld, (kerspels Voorthuyzen, buurtschap Seumeren): erf en goed genaamd Wixeler, hofstede met land.
[529]
Op 8-9-1810 wordt uit dezelfde nalatenschap verkocht te Amersfoort: een huis aan de noordzijde van de Langestraat ("in het aanzienlijkste gedeelte der stad") (Camp 130) en een huis aan de noordzijde van de Langestraat ernaast (Camp 128).
[530]
Verwezen wordt naar een testament d.d. 30-7-1808
[531]
ZOEK OP
Op 3-1-1811
wordt verkocht een erf en herengoed genaamd Wixeler in het kerspel Voorthuizen buurtschap Seumeren, gemeente Barneveld, uit het bezit van de echtelieden
Johannes Clerck, overleden, Willemina van Westrheenen, overleden.
[532]
-
4. Margrita Klerk, ged. 6-5-1735, ovl. verm. jong.
-
5. Margaretha Klerk, ged. 30-12-1736, beg. Amersfoort St. Jorisk. 1-7-1751.
-
6. Maria Klerk, ged. 28-4-1741, beg. Amersfoort St. Jorisk. 3-3-1785 als huisvrouw van Pieter van Lokhorst op de Langestraat, j.d. van Amersfoort (1781),
otr./tr. Amersfoort geref. 17-8/2-9-1781
Pieter van Lockhorst(¥), ged. geref. Amersfoort 6-6-1738, ovl. Amersfoort 28-9-1821 (oud 81 jaar, sic!), boekverkoper,
woont te Amsterdam (voor 1765), Amersfoort (1781, 1791),
betaalt ƒ 12,-- (na 1755) voor een huis
op de Langestraat,
regent van de St. Joriskerk (1797),[533]
wednr. van Maria Magdalena van Otterlo, zn. van Wouter (van) Lockhorst en Catharina Bos(ch). Hij hertr. Amersfoort geref. 27-5/13-6-1791 Johanna Elizabeth Stam, j.d. geb. te Utrecht.
| COMMENTAAR(¥)
In deze tijd is er nog een Pieter van Lockhorst, mr. timmerman, te Amersfoort. Dit is blijkbaar niet dezelfde persoon.
|
COMMENTAAR(¥)
Is het volgende een eerder huwelijk van haar:
Maria Klerk, tr. vóór 1775
Jilles van der Flier.
Uit dit huwelijk (o.a.?):
-
1. Siena van der Flier, geb. Amersfoort 1774/75, ovl. Amersfoort 4-12-1861 (oud 86 jaar), tr.
Wouter Geurtse, ovl. vóór 1861.
|
Op 20-10-1785 wordt Pieter van Lokhorst, wednr. van Maria Klerk, benoemd tot voogd.
[534]
Op 31-5-1791 maken Pieter van Lockhorst, boekverkoper, en
wednr. van Maria Clerk,
en Johanna Elisabeth Stam huwelijks voorwaarden. Er is 1 kind
Catharina Cornelia van Lockhorst als erfgename van Maria Clerk.
[535]
Er wordt verwezen naar een
testament: d.d. 11-2-1785 [536]
In 1803 transporteert, ten overstaan van schout en schepenen van Amersfoort, Ysbrand van Engelen, deurwaarder, gemachtigde van Pieter van Lockhorst en Johanna Elizabeth Stam, zijn vrouw, aan Daniel Craanen een huis en erf, gelegen in de Breestraat, het tweede huis vanaf de Ketelaarsbrug.
[537]
Op 18-5-1822 wordt verkocht uit de boedel van Pieter van Lockhorst, boekverkoper, overleden Amersfoort 28-9-1821 (woonde Langestraat: Camp 133) en diens echtgenote Johanna Elisabeth Stam, (hij is eerder wednr. van
Maria Clerck) :
te Amersfoort een speeltuin met vruchtbomen en zomerhuisje in de Kleine Nagtegaalsteeg: Kamp buiten 16, boschland achter navolgend bouwland, tussen de Linie en de Beek, strekkende tot aan de Driftakker, bouwland op Zwijnevoort met steeg, beginnende aan Gemeenteweg over Randenbroek, strekkende tot de Maath en tot aan de Linie, weiland op Zwijnevoort, strekkende langs de Beek tot aan de Sluis.
[538]
Op 20-3-1832 wordt verder uit deze boedel verkocht : te Amersfoort een herenhuis aan de Langestraat: Camp 133.
[539]
Er wordt
verwezen naar
Een Inventaris: d.d. 17, 18-12-1821, 14, 17, 28, 29, 31-01-1822 [540].
Een testament: d.d. 26-07-1816 [541].
Huwelijkse voorwaarden: d.d.31-05-1791 [542].
Een Legaat: d.d. 25-11-1824 [543]
Uit dit huwelijk (van Lokhorst-Klerk) geref. gedoopt te Amersfoort :
-
aa. Catharina Cornelia van Lockhorst, ged. 8-5-1783, ovl. Amersfoort 29-2-1816, woont te Amersfoort (1810),
otr./tr. Amersfoort gerecht/geref. 28-3/16-4-1810 (met consent van beider ouders)
Elbert Jan van (der) Wisselinge, ged. geref. Amersfoort 9-5-1782, ovl. Amersfoort 13-11-1819, woont te Amersfoort (1810),
notaris te Amersfoort (1809-1819),
lid van de municipale raad aldaar,[544]
zn. van Simon van Wisseling en Hendrikje ter Horst.
Uit dit huwelijk (o.a.?) :
-
aaa. Hendrik Jan van Wisselingh, geb. 1814/15, ovl. Amersfoort 19-2-1815 (oud 0 jaar).
-
bbb. Hendrik Jan van Wisselingh, geb. Amersfoort 13-2-1816, ovl. 's-Gravenhage 4-3-1884, kunsthandelaar,
tr. Amersfoort 19-11-1838[545]
Trijntje Apeldoorn, geb. Amersfoort 20-9-1816, dr. van Hendrik Apeldoorn, gemeenteraadslid en leerlooier te Amersfoort.
-
e. Susanna Klerk, ged. Amersfoort 19-11-1702 (bij doop geen moeder genoemd). Zij overlijdt blijkbaar voor 1751 wanneer zij niet bij de
erven van Johanna Sophia Gronchart (zie akten hierboven) wordt genoemd.
De familie Klerk wordt genoemd als boekdrukkersfamilie te Amersfoort (1693-1739).[546]
978. WILLEM (JANSZ) VAN RAALT(¥), ged. geref. Amersfoort 7-6-1657, ovl. 1698-1700, organist (1674-1701) van de Grote of Sint-Joriskerk te Amersfoort,[547]
woont te Amersfoort (1690),
otr./tr. 2o Amersfoort geref. 20-3/8-4-1690
ELISABETH BRAEMS, ged. Amsterdam Zuiderk. 21-3-1668 (get. Thomas Braems en Janneke Braems), beg. Amersfoort St. Joriskh. 25-5-1740 (laat kinderen na), j.d., wonend te Amersfoort (1690).
woont Langestraat (1715),
dr. van Carel Braems, blauwselverver afkomstig van Haarlem,
en Judith de Molijn,
otr./tr. 1o Amersfoort geref. 30-3/16-4-1676
979. EVERARDA (EVERTGE) WESSELS (VAN) SCHUURBEECK, ged. geref. Amersfoort 13-1-1650, ovl. 1685-1689, j.d. (1676)
geref. lidmaat op belijdenis te Amersfoort 25-12-1670 (als Evertien Wessels),
j.d. in de Langstraat (Camp) [548].
COMMENTAAR(¥)
Blijkbaar een ander is Mr. Willem van Raalt, schepen (1681, 1682)
te Amersfoort, schepen en raad dezer stad, belender buiten de Driesjespoort [549], belender in de Utrechtsestraat (1692),
die als advocaat wonend te Utrecht, otr. Amersfoort 14-5-1680 Maria van Gheyn. Hij is ook oud ouderling (1679).[550]
Op 6-6-1668
leent Ghijsbertjen Willems, weduwe en boedelharster van Geurt Claassen ende als moeder ende momberse over haar onmondige kinderen bij dezelve aan haar verwekt,
van de mombers van Willem van Raalt de jonge, nagelaten zoon van Jan van Raelt,
een bedrag van 200 carolij gulden,
met als onderpand huis, hof en hofstede met de steeg daarnevens, staande en gelegen in de Utrechtse straat,
belend aan de ene zijde Geertje Vinck,
aan de andere zijde Willem Cornelissen.
[551]
|
voeg toe verklaring Brongers ??
Boedelscheiding van Willem van Raelt, organist, wedr. van Evertje Wessels, met zijn kinderen Jan, Evert en Evertje.
ZOEK OP GA Amersfoort, Nots. A. van Brinckesteijn, inv. nr AT015b013, f... d.d. 13-12-1689.
Op 16-7-1691 maken Mr. Willem van Raelt en Elisabeth Braems, echtelieden en burgers wonende te Amersfoort een mutueel testament. Zij vermaken aan elkaar, d.w.z. aan de langstlevende die daarvoor borgen zal behoeven te stellen, "de lijftogt en vruchtgebruik van alle roerende en onroerende goederen, obligatien, inboedel, huisraad, gelt, goud gemunt en ongemunt, clederen, cleijnodien".
Elisabeth Braems stelt, indien zij zonder kinderen komt te overlijden, tot erfgenamen Jan van Raelt en Evert van Raelt, voorkinderen van haar man, voor gelijke delen, en bij vooroverlijden de langstlevende van hen. In geval bij haar overlijden haar moeder Judith de Molin nog in leven is dan krijgt deze uit haar nalatenschap een legitieme portie. Indien het laatste kind van haar man komt te overlijden en haar man nog in leven is, dan erven hun kinderen bij representatie van hun ouders. Indien deze er niet zijn dan gaat haar nalatenschap naar haar zijde, d.w.z. naar de naasten in bloed, zonder dat de goederen komen op haar man.
Dit alles onder uitsluiting van de weeskamer. Voorts benoemen zij de langstlevende van hen tot voogd over eventueel na te laten kinderen. De akte is gepasseerd ten huize van de comparanten, getekend door hen en door de getuigen Aert Laurens van Bergambacht, Bartholomeus (onleesbaar), en Aert Vlugh, alle burgers van Amersfoort.
[552]
Op 15-6-1698 verkopen
Juffrouw Geertruijd van Wijckerslooth, weduwe van de heer
Doctor Cornelis van Gessel te Utrecht en de heer
Cornelis Schoorel, haar schoonzoon te Amsterdam
aan Willem van Raalt , organist dezer stad,
omtrent vijf morgen tabaks- en bouwland, gelegen tussen de Utrechtsepoort en de Arnhemsepoort (Slijkpoort), strekkende uit het voetpad langs de Cingelgracht ter breedte tussen de straaten ten beide zijden doorgaans op tot aan de landen van de weduwe van
Jan Willemszn van Raalt en de erfgenamen van
Thonis Eliszn Molenaar toe.
[553]
Op 23-11-1700
verkopen de gemachtigde van Maria van Schaak en Sophia van Schaak, mitsgaders David van Schaak en Marcus van Schaak, haar sterk makende voor haar uitlandige broeder Andries van Schaak, tesamen kinderen en erfgenamen van wijlen Evert van Schaak en zijn vrouw Annitje Vogelsangh,
aan Elisabeth Braems voor haarzelf en als weduwe en boedelharster van Willem van Raalt in zijn leven organist,
een huis, hof en hofstede met de molenwerf alsmede omtrent een morgen land, gelegen buiten de Arnhemsepoort (Slijkpoort),
belend ten oosten de weduwe Van Raalt,
ten westen het Watersteegje,
ten noorden de kinderen van Thonis Elissen,
ten zuiden de gemene weg.
Er is procuratie verleend op 15-11-1699 voor notaris Johannes Boots te Amsterdam.
[554]
Op 24-3-1701
vraagt Elisabeth Braams, weduwe van Willem van Raald in zijn leven organist geassisteerd met Rutger Dibbits, haar gekozen momboir, toestemming uit krachte van de fidei-commisse(¥) vervat in het testament door wijlen Sara de Molijn op den 8-4-1655 voor notaris Frans Wttenbogaert te Amsterdam, de goederen gelegen te Amersfoort te mogen hypothekeren,
met name zeven morgen tabaksland met de tabaksschuur daarop staande, gelegen buiten de Arnhemsepoort (Slijkpoort) aan de stadspoort, strekkende tot aan de Utrechtsepoort.
[555]
| COMMENTAAR(¥)
fidei-commis = erfstelling over de hand, aanwijzing als erfgenaam met de verplichting dat hij de erfenis moet bewaren en deze na zijn dood moet nalaten aan een aangewezen derde. Hij mag het goed dus niet vervreemden. Van deze aan het Romeinse recht ontleende instelling werd bovenal door de adel gebruik gemaakt om bepaalde goederen binnen de familie te houden.
|
Op 4-11-1654
lenen David van Schadijck en Geertruijt Claes van Daelen zijn vrouw,
van Aleijda en Jacomina Bor, kinderen van Anthonis Bor en Jacobgen Cornelis zijn overleden vrouw,
een losrente van 18 Carolus gulden per jaar, over een hoofdsom van 300 gulden,
met als onderpand: een huis met omtrent anderhalve morgen land, buiten de Arnhemsepoort (Slijkpoort),
belend aan de ene zijde: een gemene steeg,
aan de andere zijde: Mr. Clemens van Gessel, advocaat voor de Edele Hove van Utrecht.
Deze akte geheel doorgehaald, In margine: Cornelis van Schuijlenburgh, notaris 's Hoofs van Utrecht, gehuwd met Aleijda Bor, bij erfloting Jacomina Bor, verklaart van Elisabeth Braems, weduwe van Willem van Raelt in leven organist, de som van de plechte ontvangen te hebben. Akte 5-10-1702.
[556]
Op 17-11-1708
leent Elisabeth Braems, weduwe en boedelharster van Willem van Raelt in zijn leven borger en organist, voor zichzelf en als moeder en momboir van haar vier minderjarige kinderen, en Johan van Raelt, borger en organist, meederjarige zoon van de voornoemde Willem van Raalt, mede voor zichzelf en als gemachtigde van zijn huisvrouw Aletta van Deventer en ook als gemachtigde van zijn meerderjarige broeder Evert van Raelt en zijn vrouw Luijte Dove,
- 1
van Cornelia van Wijckerslooth, wonende te Utrecht,
een bedrag van 3000 gulden,
met als onderpand zeven morgen tabaksland met een woning en tabaksschuur, gelegen tussen de Utrechtsepoort en de Arnhemsepoort (Slijkpoort),
belend aan de oostzijde de Stadsgraft,
ten zuiden de Steenstraat buiten de Slijckpoort,
ten noorden de Steenstraat buiten de Utrechtsepoort.
De akte is doorgehaald en geroyeerd op 22-6-1725 door Cornelis van Gessel als executeur van het testament van Cornelia van Wijckersloot, gepasseerd voor Jacob Woertman te Utrecht op 14-2-1722. Ontvangen uit handen van Johan Harderwijk de somma van 3000 gulden
[557]
- 2
van Agatha Murraij, weduwe en boedelharster van Livius Harderwijck in zijn leven decaan van het Kapittel van Sint-Joriskerk,
een bedrag van 1000 gulden,
met als onderpand winkelwaren.
De akte is doorgehaald en geroyeerd door Johan Harderwijk op 30-6-1725.
[558]
Op 30-3-1717
compareerde Jan van Raalt, organist en klokkenist, die verklaarde als gemachtigde van Evert van Raelt en zijn vrouw Luijtje Dove te Amsterdam volgens procuratie voor notaris Juriaen Verbeeck gepasseerd te consenteren in de royering van de helft van genoemde plechte.
[559]
Op 11-11-1710 leent
Elisabeth Braems, borgerse, als weduwe en boedelharster van
Willem van Raalt, in zijn leven organist, mitsgaders als moeder en momboorse over haar vier onmondige kinderen met name
Carel, Judith, Aleijda en Jasper van Raalt, van
de executeurs van het testament van Agatha Morraij in haar leven echtgenote van Livius Harderwijck
een bedrag van 600 gulden
met als onderpand (een huis) met zeven morgen tabaksland met een woning en tabaksschuur daarop staande, gelegen aan de Utrechtse- en de Arnhemsepoort (Slijckpoort),
belend aan de oostzijde de stadsgracht,
ten zuiden de Steenstraat, buiten de Arnhemsepoort (Slijckpoort) ,
ten noorden de Steenstraat buiten de Utrechtsepoort. Medecomparanten zijn
Jan van Raelt, organist, alsmede Evert van Raelt, wonende te Amsterdam, en Everarda van Raelt, onmondige voorkinderen van
Willem van Raelt zaliger, en verklaarden te constitueren borgers elkeen voor allen als principaal de twee onmondige kinderen van de genoemde Agatha Morray.
De akte is
doorgehaald en geroyeerd op 30-6-1725 door Johan Harderwijk, notaris en procureur, die daartoe bij maaggescheid het recht van de hypotheek verkregen had.
[560]
Op 17-11-1715 leent
Elisabeth Braams, weduwe van Willem van Raalt
van Evertje van Raalt, jongedochter, een bedrag van 300 gulden,
met als onderpand een tabaksschuur met alle landerijen daarbij behorende, staande buiten de Arnhemsepoort (Slijckpoort), strekkende van de stadsbuitengracht tot aan de Watersteeg en in de breedte tot aan de Utrechtseweg, zoals het in huur gebruikt werd bij Johan van Raalt, organist en klokkenist.
De akte is doorgehaald en geroyeerd op 24-2-1717 door Pieter Clercq, borger, getrouwd met Evertje van Raalt, die verklaarde van
Elisabeth Braams, weduwe van Willem van Raelt de 300 gulden ontvangen te hebben
[561]
Op 30-3-1717
compareerde Jan van Raalt, organist en klokkenist, die verklaarde als gemachtigde van Evert van Raelt en zijn vrouw Luijtje Dove te Amsterdam volgens procuratie voor notaris Juriaen Verbeeck gepasseerd te consenteren in de royering van de helft van genoemde plechte.
[562]
Op 2-6-1725 verkoopt
Elisabeth Braams, boedelharster van Willem van Raalt,
- 1
aan Anthony Hoogland
seeker parceel, zijnde toebaks- en bouwland met de grond daar de schuur opgestaan heeft, tevens de berken boomen langs 't voetpad aan de waterkant, alsmede de erste elsewegh met twee voeten gronds daarbuijten groot een morgen, soo groot en klein, gelegen aan de Utrechtsepoort en de Arnhemsepoort (Slijkpoort), strekkende uijt 't voetpad langs de Cingelgracht ter breete tussen de straaten in beijder seijden doorgaans tot aan de eerste else heg toe,
belend steande door 't selve land aan de westzijde met te twee voeten gronds daarbuiten.
[563]
- 2
aan Saar Hendriks
seekere twee vakken toebaxland, gebruikt door de erfgenamen van
Arent van Veenhuijzen, schout, met de twee else heggen, in twee voeten gronds buijten de laatste hegh gelegen, buijten de Utrechtsepoort en de Arnhemsepoort (Slijkpoort), tuschen de selver twee straaten daar,
belend aan de ene zijde Anthony Hoogland,
aan de andere zijde Lodewijk van Birkhoven.
[564]
- 3
aan Lodewijk van Birkhoven
seekere twee vakken tabaxland, met de twee else heggen en twee voeten gronds, buijten de laatste hegg, gelegen buijten de Utrechtsepoort en de Arnhemsepoort (Slijkpoort), tusschen de selvers twee straaten,
belend aan de ene zijde Saar Hendriksen,
aan de andere zijde Casparus Bor en de erfgenamen van
Thonis Eijerssen, molenaar.
[565]
- 4
aan Casparus Bor
een huis, hof en hofstede, bestaande uit twee aparte woningen en schuurtje daar annex, met twee hofjens en de molenwerff en het hout daarop staande.
[566]
- 5
aan Casparus Bor
een morgen bouwland beneffens 't eijken hout langs 't waterwegje tot aan en met de dwarsheg daarop en omme staande edog soo groot en kleijn 't selve gelegen is buijten de Arnhemsepoort (Slijkpoort),
belend ten oosten Lodewijk van Bunschoten,
ten westen 't Watersteegje,
ten noorden de kinderen en erfgenamen van Thonis Elissen.
[567]
Uit zijn eerste huwelijk (van Raalt-Schuurbeeck) geref. gedoopt te Amersfoort: (in 1710 zijn hiervan Jan, Evert en Everarda nog in leven)
-
a. Jan van Raalt, ged. 21-2-1677, ovl. jong (1677/78?).
-
b. J(oh)an van Raalt, ged. 23-6-1678, beg. Amersfoort 1720, klokkenist (1718),
organist (1701-1720) van de Grote of Sint-Joriskerk te Amersfoort,[568]
getuige bij de huw. voorw. van zijn zuster Evertje (1715),
tr. Amersfoort geref. 3/22-2-1701
Alijda (Aletta) van Deventer, beg. Amersfoort 6-12-1752 (als Aaltje van Raalt, wed. van Jan van Raalt, laat k