| You are here: Louk-Home ⇒ Genealogy ⇒ Kwartierstaat Lapikás ⇒ Gen. nr. 17 |
102688. NN (STEVEN?) SNEEUWATERS, komt als Steeven Sneeuwater in de leer bij de edelsmid Abraham Grapheus, die van 1552-1553 bij het St. Lucagilde als diens leermeester wordt ingeschreven,[1] vrymeester van het St. Lucasgilde te Amtwerpen (1556),[2] verm. identiek met Steven Sneeuwaters, onderkerkmeester van de St. Joriskerk te Antwerpen (1559),[3] zilversmid (1566). Zijn filiatie is vooralsnog niet gevonden. Zie Fragmenten Sneeuwaters voor mogelijke verbanden.
Op 20-7-1562 verkopen Herman Sneeuwater en zijn vrouw Catharina Martens aan hun resp. broer en zwager Steven Sneeuwater een erfelijke rente op een huis. [4]
Steven Sneeuwater, silversmit, Jan Sterck, carpetvercooper, Joris Deyns, carpetvercooper en Jacques van Tongerloo, vlasvercooper, worden vermeld tusschen de guldebroeders van St. Lucas gulde om de selve te veranwoirden tegen de sesse gulden van Schutteryen. De namen dezer gildebroeders werden overgegeven aen mijnheer Nicolaes Rocoux (rockox, den oude, ridder) den 20 november 1566. [5]
Op 26-4-1524 maken Frans de Pape en Anna Sneeuwaters te Antwerpen huwelijksvoorwaarden. [8] ZOEK OP
"De uitvaart, de kerkelijke rechten en het begrafenismaal van Anna Sneeuwaters, de echtgenote van de gekende Antwerpse lakenkoopman Frans de Pape, beliepn in 1570 nl. 260 gulden ...". [9]
Tussen 1507 en 1531 kopen Anthonius Wouters en zijn vrouw Katlijne Sneewaters het wijnhuis Den Leeuw op de hoek van de Zilversmedenstraat en de Gildekamersstraat, tussen de Keerse en de Leeuwinne in de Zilversmedenstraat te Antwerpen. [11]
Anthoni Wouters en Cathalijna Sneeuwaters testeren op 26-10-1557.
Op 8-4-1622 procederen voor het Hof van Holland de kinderen en achterkleinkinderen van Anthoni Wouters ende Jouffrouwe Cathalijna Sneeuwaters tegen Cornelis Ogerius. Anthoni en Cathalijna hebben op 26-10-1557 hun testament laten maken en kort daar na hebben hun vijf kinderen Steven, Jasper, Bernaert ende Franchoijs Wouters Anthonijssoonen, mitsgaders Margareta Wouters Anthonidochter op 17-10-1560 ten overstaan van Schepenen van Antwerpen de boedel verdeeld, m.u.v.een hoeve in Eifsdyck en land te Stuyvesande, dat dus onverdeeld bleef en waarop ieder kind voor 1/5 recht had. Dit huis blijkt inmiddels verkocht te zijn door Cornelis Ogerius,.. etc. [12]
Op 19-4-1559 verkoopt Katlijne Sneewaters weduwe Jan de Bot aan Peeter Brauws, tafereelmaker en vrouw Anna de Leeuw, een huis op de Oudaen te Antwerpen. [13] Zou dit wijzen op een tweede huwelijk van Katlijne Sneewaters?
Op 15-8-1530 testeren Claus Bartels en Barbara Sneeuwaters.
Op 13-11-1554 heeft Jan Sneewater "Biskayen metten cleynen huyse, naer evictie daerop gedaen by leveringe te vervolge van Elisabeth van Haesdonck, voor tgebreck van eenen rente van 44 guldens erffelyck, gecocht voorden Amman, &c." [17]
Op 18-3-1562 heeft Jan van Nuyssen "het huys Biskayen metten cleynen huyse te leene ontfangen als deselve by coope gecregen hebbende tegens de erfgenamen Jan Sneeuwaters, &c. [18]
| Fragmenten Sneeuwaters |
Steven Sneeuwaters, ovl. verm. na 1483, tr.[19]
Adriane van der Haagen genaamd Pauw, geb. vóór 17-11-1475, dr. van Peter van der Haagen genaamd Pauw en Jacomijne Cloets.
Uit de nagelaten boeken van de Spaanse koopman Juan Henricques, komt een lange lijst naar voren met internationale kooplieden, die op het hoogtepunt van de Antwerpse economische bloei, 1562-1564, in deze stad aktief waren. Hierin komen voor : [23] Na de overwinning op de Mookerheide op Willem Van Nassau, riepen de Spaanse soldaten om betaling van de hun beloofde soldij. Toen zij dit niet kregen, werd Antwerpen belegerd. De Antwerpenaren traden al snel in onderhandeling met de muitende soldaten en men kwam tot een losgeld van 400.000 gulden. Deze moest worden opgebracht door de inwoners, d.m.v. een "vrijwillige lening". Steven Sneewaters, ovl. Vorst na 1568, tr. Anne van der Straeten, dr. van Henric van der Straeten, schepen van Vorst (1540), en Margriet de Pape. [25] Elizabeth Sneuwaters, tr. Antwerpen Onze Lieve Vrouwekerk 20-9-1589 (met dispensatie),[26] Willem (Guillaume_ van Hoogstraten, geb. 1542/43), meesterschilder, zn. van Dierick (van Hoochstraeten), kousenmaker te Antwerpen, en Barbara de Quinchy alias Sansterre.
|
112148. ADRIAEN CRAEN, geb. vóór ca. 1475.
In dec. 1555 verkopen Pieter Thomasz, Garbrant Claesz, pastoor van Hazerswoude, en Pieter Voel aan Willem Dircksz Ket hun recht en erfpacht op 3½ morgen land, belend ten oosten de weduwe van Gerrit Eeuwoutsz en Gerijt Neel Jansz bruikers, ten westen Neel Adriaensz en Huijch Craen kinderen, ten zuiden dezelfde kinderen van Huijch Craen en ten noorden de wetering, welk land gebruikt wordt van de pastorie van Hazerswoude volgens de oude brief, met waarborg 4 morgen land, belend ten oosten Joost Jacobsz, ten westen Willem Lourisz en Hendrick Jansz, ten noorden de Rijn en ten zuiden Cornelis Aertsz werff. [33]
113280. JACOB HENDRICKSZ SNOECK, geb. vóór ca. 1440, ovl. Gorinchem 29-5-1466, laagdijkheemraad van den Lande van Arkel, wellicht secretaris
van Gorinchem,[35]
tr. vóór ca. 1460[36]
[37]
113281. MARIA EVERTSDR LOEFF, ovl. 1515[38].
113282. AERT ADRIAENSZ, ovl. vóór 1517, tr.[75]
113283. ALEYT NN, ovl. vóór 1517.
113288. PETER RUDOLFS VAN DALEM.
113290. WALRAVEN VAN ASPEREN VAN VUREN, geb. vóór ca. 1435, schepen van Tuil (samen met Willem van Beest (Wapenheraut/Aquavitae 2000 NGV Betuwe),
komt voor op lijst Ridderschap van Gelre 1460-68 wonende te Vuren,
bezit te Herwijnen 1464 [78],
bezit te Haeften Hellu 1438 en 1440 [79]
gelegen aan Gerrit van Beest en Gijsbert de Cock (broer van zijn moeder?).[80]
Beleningen
Lenen Gelre/Zutphen
Enspyck
nr. 261[86]: Eenen camp lants tot Enspick gelegen, geheiten "die Hoeve" tot Zutphensen rechten ontfangen bij
Otto van Vueren Otten soon, anno 1451 (het leen heet hier de Lange Hoeve en was mogelijk met nr. 260 eerder een geheel)
Griet van Vueren Otten dochter eedt vernijt van een camp lants to Enspick gelegen, geheiten die Lange Hoeve anno 1465. Haer hulder is Henrick van Tuyl.
Margriet van Vueren Otten dochter eedt vernijt van een camp lants to Enspick gelegen, geheiten die Lange Hoeve, daer naest gelant is Jan Pieck an d'een ende die gemeyn stege an d'ander sijde, 15 Octobris anno 1473. Haer hulder is Gijsbert van Haeften.
Otto van Asperen ende van Vueren Walravens soon, heer tot Spijck, thoont bescheyt dat Johan, Otto ende Walraven, sonen sijnes ooms Otten, gewesen heer to Spijck, op malcanderen erven sollen tot der derden cluften to sonder hare angedeylde goeder te mogen vercopen noch alieneren, ende dan dieselve gebroder alle 3 sonder andere kinder als hij doot ende sijn ooms Otten dochter Margriet, cloosterjuffer t'Utrecht, oyck gestorven sijnde, wort beleent als erve sijner nichten Margriet, 9 Julij 1481.
Hofstede te Boxmeer.
nr. 1. Een derde van de tienden met smaltiende in Enspijk.[87]
12-5-1454: Otto van Vuren, neef van de leenheer, zoals Otto, zijn vader, met lijftocht van Klara van Gellicum, zijn vrouw, "zwager" van de leenheer, 6667 p. 8.
1-6-1461: Hendrik van Tuil Gijsbertsz voor Klara van Gellicum voor haar leven, 6667 p. 13.
18-8-1472: Otto van Tuil Gijsbertsz met lijftocht van Klara van Gellicum, zijn moeder, 6667 p. 17.
18-8-1472: Gijsbert van Haaften bij overdracht door Margaretha van Vuren zoals Otto van Asperen van Vuren, haar vader, met lijftocht van haar moeder, 6667 p. 18.
30-1-1474: Gijsbert van Haaften met lijftocht van Klara van Gellicum, 6667 p. 21.
12-7-1481: Otto van Vuren, heer van Spijk, met lijftocht van Klara van Gellicum, 6667 p. 33.
24-3-1482: Gijsbert van Giessen met lijftocht van Klara van Gellicum, 6667 p. 33.
22-3-1489: Gijsbert van Herwijnen, gehuwd met Gerard, dochter van Wouter van Beesd, bij overdracht door Gijsbert van Giessen, waarna overdracht aan Jan van Herwijnen, zijn jongste zoon, met hun lijftocht, 6667 pp. 36-37.
etc.
Hofstede Arkel
Heukelom nr. 16.[88] Het halve dorp Spijk, waar de kerk in staat, met de heerlijheid hoog en laag, (volgen belendingen in verdere jaren).
31-3-1414: Heer Splinter van Loenersloot zoals hij en zijn ouders hielden van Arkel, (LRK 56 in fine).
30-11-1450: Johan van Vuren Ottenz, beleend door de hertog van Gelre met het huis, dat open zal zijn, (Leenhof Gelre, nr. 2 fo. 43v, nr. 4 fo. 62v, nr. 5 fo. 39v en nr..6 fo. 131).
2-1-1467: Jan van Vuren, heer van Spijk, (LRK 117b fo. 59~).
4-2-1473: Otto van Vuren en Spijk Walravenz bij dode van Jan van Vuren, zijn oom, (LRK 118 c.Arkel fo. 12~).
16-3-1480: Otto van Vuren en Spijk, (LRK 119 c.Arkel fo. 4.)
31-12-1518: Lijftocht van Janna, natuurlijke dochter van Jan van Wulven, maarschalk van Amersfoort en Eemland, wegens haar huwelijk met Otto van Asperen en Vuren, heer van Spijk, en ƒ l0.- goud van haar morgengave op de tienden en smaltienden en op een hofstede in de stad Heukelum, eigen, (LRK 124 c.Arkel fo. 12-13.)
30-3-1519: Walraven Rudolfsz bij dode van Otto van Vuren van Spijk, zijn oom, (LRK 124 c.Arkel fo. 13.)
9-8-1532: Belast voor mr. Cornelis Bertout Jansz met ƒ 24.- karolus goud door Walraven Rudolfsz, te lossen 1: 16, (LRK 125 c.Arkel fo. 24v-25~).
21-5-1533: Belast voor mr. Cornelis Bertout Jansz met ƒ 36.- karolus door Walraven Rudolfsz, te lossen 1: 14, (LRK 125 c.Arkel fo. 29v-30~).
8-11-1534: Belast voor mr. Cornelis Bertout Jansz met ƒ l00.- karolus door Walraven Rudolfsz, te lossen 1: 14, (LRK 125 c.Arkel fo. 36-37). De rentes zijn gelost.
27-7-1542: Mr. Gerard van Rhenoy, raad en meester van de rekeningen te den Haag, bij overdracht door Walraven Rudolfsz, heer van Spijk, (LRK 126 c.Arkel fo. 32).
etc.
118016. HUGO VAN DER WEYE, ovl. vóór 1505.
| Wapen Van der Weye:. In goud drie zwarte kookpotten (2, 1). Helmteken: een zwarte kookpot tussen een gouden vlucht.[89] |
Hugo van der Weye werd op 24 juni 1481 beleend met een Culemborgs leen, gelegen in Altena (Outena) onder Everdingen. Bij die belening werd bepaald, dat Cornelia, zijn vrouw (d.w.z. de vrouw van zijn zoon Jacob Hugenz) de lijftocht zou hebben en dat het leen zou vererven op zijn jongste zoon Aelbert. [90]
Op 10 juni 1505 werd dienovereenkomstig Aelbert van der Weyde Hugensz beleend na dode van zijn vader.[91]
Waarschijnlijk dezelfde Aelbert van der Weye Hugensz die dan een jongere broeder van Jacob Hugensz te Amerongen moet zijn geweest, werd in 1507 beleend met 14 hont land in de Wegemaat onder Wijk bij Duurstede, een leen van het Kapittel van Oudmunster, na opdracht door Evert en Jan Marcelisz. van Bemmel.[92]
1507 maart 24 Utrecht. Door de Proostdij van de Dom worden Jacob Hugoesz en zijn erfgenamen beleend met 1 1/2 morgen land genaamd de Ryngenpool, gelegen in het kerspel van Amerongen in de Koornwaard, strekkende van de Lekdijk tot aan de Rijn, bij opdracht door Aernt Jansz van Oemeren en Maria, zijn huisvrouw. [94]
1523 april 29 Utrecht. Cornelia Jacob Huygen weduwe en haar kinderen huren 8 morgen land, toebehorend aan het 10000-martelarenaltaar in de Domkerk, tot nu toe bezeten door Heer Henrick Gores, gelegen te Amerongen bij de hoeve van Jacob Bernts Proys Aelbertsz.[95]
118018. MERCELIS (MARCELIS) VAN BEMMEL, geb. vóór ca. 1440, ovl. na 1510, uit Cothen, vermeld 1501..1510,
tijnsgenoot van het gerecht te Kothen (1499).
7-12-1499: "Willem Modde, Richter, hoff- en tijnsmeyster tot Koeten vanwege den eersamen prelatenmeyster Philibertus naturelli Domproost t Utrecht dat voor mij en die tijnsgenoten die hier naebeschreven staan quam inden gerechte Dirck Maesz en droech op in mijnen handen als in des hoefs handen den vrijen tijnsweer van drie morgen lands geleegen in de gereehte van Coeten voorschreve daer de heeren van de Dom t Utrecht boven ende die pastoir van de Dwersdijck beneden naestgelegen sijn en op die selve tijdt verlijde ick van des hoefswege meyster Claes Lauereis Proest tot Leyden ende canonick der kercke ten Dom t Utrecht tot behouff den eerbaren deken voirschreve dese drie morgen lands voirschreve the tijns te houden van mijnen lieven heeren Domproost voirschreve (...) hier waren over ende aen Marcelis van Bemmel ende Willem Goes als thijnsgenotcn des gerechte voirsclueve en ander veel goede luijden. In kennisse der waerheijt hier off soe hebbe ick Willem Modde als richter, hoff en tijnsmeyster voirschreve mijnen zegel wthangende aen dese brief gedaen over mijselve ende mede over Marcelis van Bemmel mede thijnsgenoot om sijne bede wille dan ick Marcelis van Bemmel oirconde en tuge onder des riehter en thijnsmeysters segel voirschreve en hebbe hem gebeden dese brieff mede over mij the besegelen mit sijnen segel want ick als thijnsgenoot daer mede over en aen was dair dit geschreve gelijck hiervoor beschreven staet en ick Willem Goes mede thijnsgenoot hebbe gebeden Willem die Cruve Willems dese brieven over mij the willen besegelen mit sijnen segel want ick op dese tijt selve gheen segele en hebbe dat ick Willem die Cruve voirschreve ter bede Willem Goes mede thijnsgenoot gheerne gedaen heb." (Randschrift zegel Willem die Cruve Willm soen. Wapen: dwarsbalk met twee lelies 2 boven 1 beneden waarvan de bovenste twee geschonden) [96]
1501 Mercelis van Bemmel gebruikt 29 morgen te Cothen. [97]
28-3-1508 Mercelis van Bemmel en Aelbert Hugens huren voor 10 jaar 14 morgen te Cothen van de Dom. [98]
14-2-1510 Aelbert Hugensz van der Weij wordt na opdracht door Mercelis van Bemmel beleend met de vrije thinsweer van 3 morgen 2 hont te Cothen. [99]
1511 Mercelis van Bemmel, is doorgehaald en verbeterd in: Aelbert Hughens 29 morgen idem. Er staat bij: betaald: Aelbert Hughen Verwey.[100]
19-5-1459: Evert van Bemmel, zoon van Marcelis van Bemmel, genoemd in het register van Heer Samuel, gasthuismeester te Wijk bij Duurstede. [107]
29-5-1518 Aelbert Hugensz wordt na opdracht door Evert Mercelisz van Bemmel beleend met de thinsweer van 10 Hont te Cothen. [108]
Die helfte van den guede Ten Rutebeke, tiende, gerichte, ende myt allen sijnen toebehoeren te Leusden:[109]
11-3-1504 Willem Evertszoon van Bemmel na opdracht door Lambert Rutghers.
118216. WILLEM VASTRICK.
COMMENTAAR(¥)
Mogelijke andere )klein)kinderen zijn:
|
Op 14-7-1614 verkopen Willem Gerritsz Vastrick en Geertgen Jans van Velsen zijn vrouw ende Geertgen Gerrits Vastrick met Evert van Mulenborch hare gecozen momber in dese aan Peter Schade en Aertgen Buys zijn vrouw, Een plechte van 200 gulden hoofdsom mette verschenen en onbetaalde renten als de voorz. comparanten competeren zijnde bij zal: Gerrit Willems Vastrick ende Annitgen Gijsberts zijn vrouw beleden t.b.v. Dirck Willemsz Vastrick ende Aertgen Jans zijn vrouw op 30-3-1590. [112]
Op 29-7-1616 verkopen Drigna weduwe van Jan Claesz van Velsen met handen van Aernt Jansz haar voogd en voorsz. Aernt voor hemzelf en Willem Gerritsz Vastrick voor zichzelf en voor zijn vrouw Geertgen Jans, aan Gerrit Daemsz Soest en zijn vrouw Mechtelt Lourens, twee huizen, hof en hofstede met schuur strekkende voor van de Krommestraat tot achter aan de Vijver belend aan de ene zijde: Dirck Daemsz Soest, aan de andere zijde: Johan Denckerman. [113]
118218. JAN EUUWITSZ (EEUWOUTSZ) VAN DER STOCK, ovl. Rotterdam 10-5-1585,[114]
beg. Rotterdam Grote Kerk november 1584[115]
(!), veertigraad (benoemd 1-2-1554[116]
) in de vroedschap van Rotterdam (1553-1584), boonheer (1563), schepen van Schieland (1563), Heilige Geestmeester (1563), haringreder, eigenaar van de brouwerij "De Beer" op de Hoogstraat en van de lakenververij "De Gulden Boom",[117]
behoorde tot de 9 vroedschappen, die Rotterdam aan de zijde van den Prins van Oranje brachten,[118]
tr. vóór 1546
118219. ANNA GOESSENSDR GROENHOUT, geb. vóór ca. 1530, ovl. na 1589.
Op 9-12-1589 testeert Anna Goessensdr, weduwe van Jan Eeuwitsz van der Stock, raedt van Rotterdam. Genoemd worden haar zoon en dochter Eeuwit Jansz en Aeffgen Jansdr van der Stock. Haar overleden dochter is Lijsbeth Jansdr van der Stock, die gehuwd was met Adriaen Jansz van Bijlewerff. Betreft: De nalatenschap van de brouwerij en erf genaamd 'De Boot' gelegen aan de Hoochstraet in het Oostvierendeel, bewoond en gebruikt door de genoemde Bijlewerff en diens zoon Eeuwit Adriaensz Bijlewerff, alsmede een schuur aan de Kipstraet. De akte is opgemaakt in het huis van Eeuwit Jansz van der Stock gelegen aan de noordzijde van de Nieuwehaeven. [119]
Op 30-9-1610 maakt Aeffgen Jans van der Stock, weduwe van Dirck Willems Vastrick, maakt haar testament. Zij vermaakt legaten aan: -de kinderen van Grietgen Ockers, haar zuster (lees: dochter van haar zuster), en Claes Henricx Pieck -de kinderen van Annitgen Eeuwouts van der Stock, dochter van haar broer, en Franchoys Spiering, -Thoenis Willems Vastrick te Amersfoort, -Dirck Gerrits, nu winckelknecht van Willem Dominicus Vastinck, -Gerritgen Gheerlofs, vrouw van Henrick Reyniers, te Goude, -Jan Joachims, -Grietgen, -Lijbeth Dircx en Beatrijs Adriaens, wonend in het Mennonijtenhuis, -de 2 kinderen van Herman de Keuckelaer en Maritgen Adriaens za. -Jan Reyers Quijstgoet, wonend in de Lombertstraet, -Grietgen Eeuwouts, dochter van Eeuwout Jans van der Stock, haar broer, -Eeuwout Jans van der Stock -Haduwij Vassten -de kinderen van meester Pieter van der Stock, haar broers zoon za., -Sijmon Ockers, zoon van haar zuster, Neeltgen Jans van der Stock, -Eeuwout Ghoessens van der Stock, haar broers zoon, -Henrick Eeuwouts van der Stock, zoon van Eeuwout Goessens van der Stock. [120]
==== BELENINGEN ==== Lenen van de heren van Putten [123]
te Poortugaal nr. 68. De wechdijk, belend ten oosten: Oude Roden, ten westen: Zweersdijck, ten noorden: de driëndijk bij het steenhuis van de heer van Putte met hier ten oosten: het nieuwe land van Roden, en ten westen: Zweersdijck
5-6-1586: Eeuwout Jansz van der Stock na overdracht door Cornelis Koesz
22-7-1589: Dirck Jansz van Ruyven na overdracht door Eeuwout Jansz van der Stock
Op 23-1-1597 testeren E(e)uwout Jansz van der Stock, en echtgenote Catherina Maertensdr (Katrynna Maertens). Het betreft een huis/mouterij in het Noordeinde te Delft. Erfdeel in nalatenschap van overleden eerste echtgenoot Adriaen Adriaensz van der Meer. [124]
Op 5-10-1605 machtigt Eewout Jansz van der Stock, Franchoijs Spiering en Leendert Leendertsz om overdracht te ontvangen van 30 gemeeten landts in 't oude land van Dircxlant. [125]
Op 28-9-1613 machtigen Goessen Adriaensz Groenhout, en Eeuwout Jansz van der Stock, Abraham van Neck, wonend te Delff, om een bedrag van 59 gulden te innen die Jan Willemsz de Bloot, wonend in het ambacht van Maeslandt aan de Oostgaeg aan hem schuldig is wegens koop van een paert. [126]
Op 12-1-1616 machtigen Eeuwout Jansz van der Stock, en Goossen Adriaensz Groenhout, Jan de Jong, procureur voor den Hove van Hollant om hen voor dit hof te vertegenwoordigen. [127]
Op 13-10-1617 machtigt Eeuwout Jansz van der Stock, Arent Pietersz Tromper, capiteyn, om over te dragen aan Aert Symonsz te Charlois, en Cornelis Adriaensz Huyser te Charlois, de eigendom van een derdedeel van 14 hond land, waarvan Tromper het andere tweederde deel bezit, gelegen in het Roffilioensblock in Charlois. Voor de vrijwaring stelt hij tot zekerheid zijn huis de "Drye Coontgens" in de West Wagestraet. [128]
Op 5-5-1624 machtigt Trijntgen Maertens Storm, weduwe van Ewout Jans van der Stock, Roelant Michyels te Gyssen, heerlijckheyt in het lant van Altena, om gifte en eigendom te geven aan de voogden van de nagelaten weeskinderen van Annetgen Euwouts van der Stock, overleden, en Franchoys Spiering, en aan de kinderen van Aeffgen Euwouts van der Stock, overleden, en Arent Trompert, van een zesde deel in de hofstede, gelegen in 't Lant van Altena in de heerlijckheyt of ambachte van de Gyssen. [129]
Op 18-5-1628 machtigt Trijntgen Maertensdr (tekent met Trijntgen Maertens Stoerms), wed. van Eewout Jansz van der Stock, wonend te Delft, geassisteerd door Niclaes Kivid, Cornelis Tin, wonend te Somersdijck om een rentebrief te verlijden voor het gerecht van Dircxslandt ten behoeve van Hillegont Teunisdr en daarvoor te verbinden haar vierde deel in 33 gemeten land gelegen in Dircxlandt, verhuurd aan Breeman. Het andere 3/4 deel in het land komt toe aan Goossen Arijensz Groenhout, de kinderen van Arent Tromp en de kinderen van Annetgen Eewoutsdr van der Stock en haar man Franchois Spiering. [130]
Op 7-5-1631 machtigt Cataryna Maertensdr weduwe van Eeuwout Jansz van der Stock wonende te Delft, geassisteerd door haar gekozen voogd: Arent Pietersz Trouw, Cornelis Willemsz Tin te Sommelsdijck, om namens haar voor schout van gerecht van Dirckxlant of elders, over te dragen haar vierde part in 33 gemeten 148 roeden land, liggend aldaar dat zij verkocht heeft aan Adriaen Kerstensz van Rhijn te Haerlem voor de som van ƒ 1200,-. Twee vierde delen in dit land competeren: Goossen Adriaensz Groenhout en de kinderen van Arent Tromper en het resterende vierde deel behoort toe aan de kinderen van Anneken Eeuwoutsdr van der Stock. Het land werd eertijds gebruikt door N.N. Breeman De akte is opgemaakt ten huize van de weduwe van Dirck van Melissant in de Nyeupoort. [131]
Op 10-6-1644 machtigen Aeltge Trompen (Tromper), ongehuwde bejaarde dochter, enige erfgenaam van haar vader Arent Tromp, voor de helft, Maertge Spierings, ongehuwde bejaarde dochter, voor een vierde deel, en Arnout Hofflant, administrateur van de goederen van Eeuwout Spieringh, die in Oost Indien is, voor een vierde deel erfgenaam van Eeuwout van der Stock, Witte Cornelisz Wittens, baljuw in Dirksland en de secretaris aldaar, om een vierde deel van een perceel land over te dragen aan Willem Groenhout. Het land is op 15 april 1644 verkocht aan Wittens en door Groenhout genaast. [132]
Op 16-5-1606 testeert Franchois Spiering, coopman, wonend aan de noordzijde van de Nieuwehaeven. Hij benoemt de kinderen van hem en zijn overleden vrouw Annitgen Eeuwoutsdr van der Stock tot erfgenamen. [138]
Op 12-6-1634 verklaart Eeuwout Spierings met zijn zuster Maria Spierings, te hebben gedeeld alle brieven en obligaties die zij samen hebben gehad, waarbij aan Maria Spierings vier nader omschreven brieven zijn te beurt gevallen, verleden bij de Ridderschap, Edelen en Steden van Holl. en Westvryeslandt en op naam, resp. ten gunste van de kinderen van Franchoys Spierings en van de kinderen van Anneken van der Stock. [139]
Op 18-5-1599 machtigen Claes Henrixsz Pyck lakenkoper, voogd van Henrick Eeuwoutsz van der Stock minderjarig, en Pyeter Pyetersz, zijdelakenkoper, voogd van Henrickgen Pyck, Eewout Goossenz te Gorinchem om te procederen tegen Govert Coster van Slingeland inzake huishuur. [149]
Op 19-1-1629 verklaren Gerrit Sijvers en Gelein Louwijsz, beiden 24 jaar en beiden terug gekomen uit Oost Indien met het schip Walcheren, op verzoek van Grietgen Ockers, weduwe van Claes Henricxs Pijck, dat haar zoon Arent Claesz Pijck, omstreeks november 1626 op het schip 'Het wapen van Zeelant' is overleden. Hij heeft ongeveer zes maanden voor zijn overlijden tegen Gerrit Sijvers gezegd dat hij van de compagnie nog zes á zevenhonderd gulden tegoed had, maar niet om die reden naar huis wilde komen. [150]
Op 4-4-1591 machtigt Goessen Adriaensz Groenhout, Willem Claesz van Zorgen, om voor hem het geld te innen dat Eeuwit Goessensz van der Stock, wonende te Middelburch, aan hem en zijn vrouw schuldig is. [159]
Op 1-3-1592 bekent Eeuwout Goessensz van der Stock, van Rotterdam, wonende te Middelburch in Walcheren, 1200 gulden schuldig te zijn aan Goessen Adriaensz Groenhout, vanwege geleverde lijwaets die afkomstig waren van Jan de Bleijcker, wonende aan de Leuven. Inghe Eelandtsdr, weduwe van Goessen Jansz van der Stock, wonende in de Kerckstraet, geassisteert met Adriaen Jansz Bijlewerff, stelt zich tot borg. [160]
Op 1-3-1592 bekent Eeuwout Goessensz van der Stock, van Rotterdam, wonende te Middelburch, 800 gulden schuldig te zijn aan Goessen Adriaensz Groenhout. Inghe Eelandtsdr, weduwe van Goessen Jansz van der Stock, wonende in de Oude Kerckstraet geassisteert met Adriaen Jansz Bijlewerff, stelt zich tot borg. [161]
Op 9-10-1604 verklaart Nijesgen Wijnantsdr, weduwe van Huijch Leenaertsz, ceascooper, dat zij en Eeuwout Goessens van der Stock, geboren in Middelburch (!), voornemens zijn te trouwen, en dat zij wil dat in Middelburch de wettelijke proclamatie gedaan wordt. Daarom verzoekt zij de notaris om de nodige papieren. [162]
Op 29-10-1604 maken Eeuwout Goessens van der Stock, geboren in Rotterdam (!), nu wonende in Middelburch, weduwnaar van Janneken Sandersdr, en Nyesgen Wijnantsdr, weduwe van Huych Leendertss, zuyvelcooper, huwelijksvoorwaarden Eeuwout wordt geassisteerd door zijn zwager (lees: aangehuwde oom!) Adriaen Janss van Bijlewerff en zijn moeye Aeffgen Jansdr en Nyesgen door haar cousijn Huych Adriaenss, cruydenier. [163]
Op 22-3-1605 testeert Niesgen Wijnaertsdr, nu vrouw van Eeuwout Goossenss van der Stock, wonende op de Hoochstraet in het huis de Oyevaer. Niesgen heeft met wijlen haar man Huych Lenaertss, zuuvelcoeper, d.d. 19-6-1599 voor Salomon Leenaertss van der Wuert, notaris te Leyden, een testament opgemaakt. Behalve haar huidige man benoemt zij o.a. als haar erfgenamen de Armen van Vriesche Mennonisten, diverse tehuizen, haar nicht Andriesgen Dircxdr, kinderen van wijlen haar nicht Ermptgen Jansdr, de kinderen van wijlen haar broer Jan Wijnaertss en de kinderen van Claes Gielenss en Wijnaert Gielenss en van Geertgen Jansdr en Evert Janss, alle vier kinderen van haar overleden zuster Ermptgen Wijnaertsdr. [164]
Op 11-1-1606 testeert Niesgen Wijnaertsdr, weduwe van Eeuwout Ghoessensz van der Stock, wonend in het huis De Oyevaer op de Hoochstraet, eerder getrouwd geweest met Huijch Leenaertsz, zuijvelcoeper. Zij herroept haar testament d.d. 19-6-1599 voor notaris Salomon Leenaertsz van der Wuert, en haar testament d.d. 22-3-1605 gepasseerd voor deze notaris, en benoemt tot erfgenaam de kinderen en kleinkinderen van wijlen haar broer Jan Wijnaertsz, en de kinderen van Claes Gillisz, Wijnaert Gillisz, Geertgen Jans en Evert Jansz, kinderen van haar overleden zuster Ermpgaert Wijnaertsdr [165]
Op 7-2-1635 testeert Hendrick Euwoutsz van der Stock. Hij benoemt zijn vrouw Hillegont Jansdr van Hogelant tot zijn erfgename en legateert 100 gulden aan de armen van de Gemeente van doctor Eduard Nabels alhier. Zijn vrouw benoemt tot haar erfgenaam haar man en haar dochter Maria van Dijck, aan wie 300 gulden moet worden uitgekeerd, plus al haar kleding en sieraden. [166]
Op 15-5-1635 machtigt Hillegont Jansdr van Hogelant, weduwe en erfgename van Hendrick Ewoutsz van der Stock, haar dochter Maria van Dijck, om de rente van 1200 gulden die haar man had op het Gemeenelant van Hollant en West-Vrieslant en nu haar als erfgenamen toekomt, te innen en de 1200 gulden op te eisen. [167]
Op 29-9-1635 testeert Hillegont Jansdr Hogelant, weduwe van Hendrick Ewoutsz van der Stock. Zij legateert aan Ingetjen Arentsdr van Bijlwerf, weduwe van Jan van der Duyn, 1700 gulden, een legaat van 150 gulden voor de kinderen van Pieter Pietersz en Aeltjen Hendricxdr, wonende in de Pauw op de Hoochstraet. Ook is voor hen een erf en boomgaard gelegen in Bommel waarover hun vader Pieter Pietersz het bewind voert. Een legaat van 150 gulden is voor Hendrick Pieck en Maritgen Pieck, kinderen van wijlen Grietgen Ockersdr [168]
Op 26-5-1636 testeert Hillegont Jans Hogelant, weduwe van Hendrick Ewoutsz van der Stock, tegenwoordig wonend te Alckmaer. Zi bevestigt haar codicil voor deze notaris van 29-9-1635, behalve dat zij wil dat de helft van de 150 gulden die legateerde aan Maertjen Pieck naar de kinderen van Maertjen zal gaan, en als Hendrick Pieck eerder sterft dan zijzelf zullen de kinderen van Maertjen Pieck de andere helft van de 150 gulden die Hendrick Pieck zou krijgen ook ontvangen. [169]
Op 2-1-1637 transporteert Hilligondt Jansdr Hoogelant, weduwe van Hendrick Euwoutsz van der Stock, wonend in Alckmaer, aan Pieter Pelt, notaris, een obligatie d.d. 17-4-1615 ten laste van Henrick Jansz, keurmeester en Adriaen Dircxsz, backer. [170]
Op 1-7-1651 verklaren Arien Jans van Wijngaerden, backer en mr. Elias Jans van Wijngaerden, chirurgijn, mede namens de andere erfgenamen en afstammelingen van Maritgen Pieck, dochter van Grietge Ockers en Pieter Pieters van Duynen en mr. Gerardus Pieters van Duynen, chirurgijn, mede namens de andere erfgenamen van Aeltge Henricx Pieck, vrouw van Pieter Pieters van Duynen, te hebben ontvangen van Maritge van Dijck, dochter van wijlen Hillegont Jans Hogelant, laatst weduwe van Henrick Eewouts van der Stock, te Alckmaar, via Inggetge Ariens van Bijlwerf, weduwe van Johan van der Duyn tweemaal 150 gulden volgens codicille d.d. 20-6-1641 van Hilgont Jans Hogelant voor notaris Jacob Cornelis van der Geest te Alckmaer. [171]
118536. PIETER SOYS, geb. vóór ca. 1470, parentatie niet bewezen. Hij komt van 1494-1521 voor in de bijlagen van de stadsrekeningen van Gouda. Hij wordt steeds vermeld als gemachtigde en alle acten hebben ongeveer dezelfde strekking. [172]
Stadsrekeningen van Gouda, d.d. 15-3-1501:[173]
"Ic Pieter Soys als gemachticht vande kinderen Aleyden bloems kenne ende lide ontfaen te hebben vanden goeden mannen tresoriers der stede vander gouwe de somme van drie ponden groten brabants, den selven kinderen ter causen van drie brieven elc van eenen halven Jare gevallen ende verschenen den negensten dach In marte Anno sessennegetich lestleden, waer van ic Pieter Soys Inden name als boven quyt stelde der vorsyder goeder stede valnder gouwe ende alle anderen desen quitan behoiren. In kenissen myns hanteekens hier onder op geset desen vyfden dach In marte Anno vyfthien hondert en een na scriven tshoefs van brabant."
125136. WILLEM VAN VOORST, ovl. 1493, ouderman te Utrecht (1487,1491),[175]
kerkmr. van de Buurkerk te Utrecht (1503),
tr.[176]
125137. HILLEGOND NN, ovl. 1521.
"De derde van Voorst als sy ons raecken soo kan men int kerckenboeck van de Buyrkerck vinden Ao. 1503 dat eenen Willem van Voorst kerckmr. is geweest en eer de nieuwe glasen quamen van de Gilden heeft syn wapen als kerckmr. synde een ram gestaen in v(er)scheyde glasen by kerckmeesters gegeven en vernyeut ontrent den jare 1520 waarvan ook mentie gemaeckt wort by Johannes Bommelius in Historia Motuum Ultrajectinorum." [177]
| COMMENTAAR(¥) Volgens Ref. [181] was deze Willem een zoon van Joost van Voorst (zie kw. nr. ⇒ 250272 sub a). De latere publicatie Ref. [182] geeft echter Joost's broer Willem (kw. nr. 125136) als vader. Beide publicaties berusten op (interpretaties van) handschriften. |
125168. =125136. WILLEM VAN VOORST.
125169. =125137. HILLEGOND NN.
125170. WILLEM VAN VELPEN.
| Referenties Kwartierstaat Lapikás --- Generatie 17 ( 184 refs.) Referenties voorafgegaan door het ⇒ symbool verwijzen naar (aanklikbare) externe url's waarvan alleen het laatste deel van de naam wordt vermeld. |
||
|
|
|
Back to the genealogy page |
contents |
Go to the index |
generation 18 |
generation 16 |
Directly go to generation : 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 36 37 38 39 40 41 42 43 |