| You are here: Louk-Home ⇒ Genealogy ⇒ Kwartierstaat Van Schothorst ⇒ Gen. nr. 15 |
16396. WOLF (WULF) VAN DRONCKELER.
Register van overleden keurmedigen van de Kelnarij van Putten :[1] 1502 : "Art Tymsen wijff in Nova Ecclesia, filia Wulff van Dronckeler in Barnefeld, de qua lis sed obtenta". "Aert Tijmansen wijff ende noch Wulff Aeltsen van Dronckeler doghter bij Barnevelt 6 fl".
17312. JELIS (GELIS) EVERSEN HAALBOOM (DEN OLDEN), geb. ca. 1450-1470, ovl. Ede 1525, woont ca. 1500 op "De Haalboom".[2].
Register van overleden keurmedigen van de Kelnarij van Putten :[3]
1525: Gelis Holboom obijt in Ede et filius Evert emit cormedam a Jacob van Ommeren pro 8 fl Phil. 30 stb. pro floreno inde habet Jacob 2 fl. pro parte sua.[4]
Register van overleden keurmedigen van de Kelnarij van Putten :
1520: Beel Gelissen filia Geliss Holboom vel Eversen nata de bernefunt (Barneveld?) sed obijt in Gerten (= Herten = Harten) prope Renkem habebat virum qui vocabatur Jan Reijnersen et reliquit unum puerum, solvit pro koer 6 Horn. gld. intercedente pro eo Drossato et patre in Renkem.[11]
| COMMENTAAR(¥) Voeg toe aanvullingen Ter Maat. |
20080. GERRIT TER WITSLAGH, geb. ca. 1500, genoemd bij de veetelling (te Epe?) in 1526.[13]
21528. JACOB CORNELISZ (VAN (DER) VELDEN), geb. vóór ca. 1480, ovl. Wateringen 1536[14]
,[15]
pachter (1502, 1516-1545),
beleend (1509, 1513, 1517, 1519, 1521, 1522, 1533),
bouwman,
woont in het huis te Maasland (1537) [16](¥),
te Wateringen (1513, 1521, 1533),[17]
(1536),[18]
belender te Maasland (1521) [19],
tr. [20]
21529. KATHARINA (TRIJNTJE) DIRCKDR (THOEN VAN BRONKHORST), ovl. 1569-1588 of na 27-8-1560[21]
of Delft na 28-7-1555[22]
,[23]
tr. 1o [24]
[25]
. VRANCK NN.
Zij wordt beleend (1548),
is belendster te Vlaardingen (1548),
testeert (1557, zie hieronder), haar erfgenamen zijn belender (1588) te
Maasland.[26]
| COMMENTAAR(¥) sic! in 1537 is hij al overleden. |
|
Wapen Thoen van Bronckhorst: een klimmende zilveren leeuw, goud gekroond, genageld en getongd op een schild van keel.
Dit wapen is met zekerheid gedragen door Willem Jansz Thoen, zijn zoon Joost Willemsz Thoen en zijn kleinzoon Jan Joostensz Buvs, hetgeen blijkt uit een akte opgemaakt voor de Maaslandse notaris Aelbrecht Willemsz van Roodenburg.[27] |
Uit de volgende acte blijkt een goed overzicht van al haar nazaten:
13-4-1595 : In de volgende conflicten zal ten huize van Vrederick Meesz in 't Voorhout te 's Gravenhage door 4 advocaten van het Hof van Holland aldaar op 29 maart e.k. recht worden gewezen en wel tussen Annetge Dirricsdochter, gehuwd met Lenaert Pietersz Goudtappel, en haar zuster Grietgen Dirricsdochter, gehuwd met Jan Lenaertsz backer te Ouderschie, enerzijds en de kinderen van hun zuster Marritgen Dirricsdochter, n.l. Dirrick Gerritsz. te Hodenpijl c.s., alle 3 dochters van wijlen Dirck Vranckenz die aan de Kintsheur(=Kwintsheul) te Wateringe woonde, en tussen Jacob Cornelisz van Velden en zijn broers en zuster Ariaen Cornelisz Pols (sic!), Vranck Cornelisz van Velden, Ermgaerd Cornelisdochter, gehuwd met Jan Lenaertsz van der Hoeff, mede namens hun broers en zusters, allen kinderen van Cornelis Jacobsz, enerzijds en Vranck Jacobsz te Vlaerdingen met zijn zuster, de kinderen van Jacob Vranckenz, die een zoon was van Ouwe Vranck Jacobsz. Vranck Pietersz van Velden te Maeslant met zijn broer, de kinderen van Pieter Vranckenz, die ook een zoon was van Ouwe Vranck Jacobsz. Cornelis Cornelisz Versijde te Vlaerdinge, zoon van Catrijn Vranckedochter, die een dochter was van Ouwe Vranck Jacobsz. Maritge Pieters, weduwe van Wigger Vranckenz en gehuwd met Adriaen Willemsz te Wateringe, mede namens Jacob Wiggersz, de zoon van Wigger Vranckenz, die een zoon was van Ouwe Vranck Jacobsz anderzijds. Het betreft de nalatenschap van Catrijn Dirricxdochter, weduwe van Jacob Cornelisz te Wateringhe, de moeder van Dirck Vranckenz, Cornelis Jacobsz en Vranck Jacobsz, de laatste hiervoor vermeld als Ouwe Vranck Jacobsz om hem te onderscheiden van een gelijknamige nakomeling. Zij testeerde op 28-7-1557.[28]
==== BELENINGEN ====
Grafelijkheid (nr. 20K) [29] : 2 morgen 2\*half hond land te Maasland (1546: aan de Westgaech in de woning van de wed. van Jacob Florijsz, belend ten westen de woning van Joost Adriaensz, ten oosten Ouwe Jan Jorisz met eigen en bruikwaar) :
1516-1535 : verpacht aan Jacob Cornelisz voor 5 pond 10 sc.
1536-1545 : verpacht aan Jacob Cornelisz voor 7 pond
Grafelijkheid (nr. 20C) [30] : 1\*half hond land te Maasland :
1538, 1540 : verpacht aan Jacob Cornelisz voor 4 sc.
1542-1545 : verpacht aan Jacob Cornelisz voor 4 sc.
NB staan de verpondingen na zijn dood nog op zijn naam?
Hodenpijl (nr. 8) 4 morgen land met een huis in Maasland,[31] bewoond door Boudijn van der Velde Muysz, (1517: Mees de weduwe van Nee1 Bouwensz, 1537: Jacob Cornelisz), in het Corteland, belend ten noorden: de Schede, ten oosten: (1521: de leenman , 1537: Vranck Jacob Cornelisz met zijn evenknieen en Len Vriesen, 1548: Pieter Vranckez met zijn evenknieen en Len Vriessen), ten zuiden: de weg, (1521: de Gaechweg, 1537: de Goechsweg), ten westen: (1521: de witte monniken te Haerlem, 1537: de bruikwaar van Jacop Aertsz).
17-7-1517: Jacob Cornelisz na overdracht door zijn broer Vries Cornelisz
17-7-1519: Jacob Cornelisz (22-10-1521: te Wateringen) na overdracht door zijn broer Vries Cornelisz
25-1-1537: Vranck Jacop Cornelisz te Wateringen bij dode van zijn vader Jacob Cornelisz
Wateringen (nr. 5) : 3 morgen land te Wateringen [32] :
17-1-1521 : Jacob Cornelisz te Wateringen na overdracht door Dirck Jan Symonszoonsz met toestemming van Cornelis Dircksz diens rechte leenvolger.
29-12-1536 : Vranck Jacob Cornelisz bij dode van zijn vader Jacob Cornelisz.
13-7-1548 : Pieter Vranckez bij dode van zijn vader Vranck Jacobsz, zijn voogd Cornelis Jacopsz en zijn moeder Maritgen Wiggersdr dragen het leen over aan zijn grootmoeder Katharina Dirckdr.
Wateringen (nr. 10B) : 7\*half hond land te Wateringen [33] :
1-3-1533 : Jacob Cornelisz te Wateringen na overdracht door Vrederick Aemsz.
29-12-1536 : Vranck Jacob Cornelisz bij dode van zijn vader Jacob Cornelisz.
13-7-1548 : Pieter Vranckez bij dode van zijn vader Vranck Jacobsz, zijn voogd Cornelis Jacobsz en zijn moeder Maritgen Wiggersdr voor wie Claes Pietersz voogd is dragen het leen over aan zijn grootmoeder Katharina Dirckdr.
1-2-1588 : Dirck Vranckensz te Waterinck na overdracht door Claes Pietersz.
Lek (nr. 53B) : 2 morgen land te Maasland [34] :
29-10-1513 : Jacob Cornelisz (1521 te Wateringen) na overdracht door Pieter Jansz Brasser.
..-15.. (1569 volgens [35]): Cornelis Jacobsz bij dode van zijn vader Jacob Cornelisz.
Wassenaar (nr. 209A) : 3 morgen 1\*half hond land in Barnierswoning te Wateringen[36] :
25-5-1522 : Jacob Cornelisz na overdracht door Anssem Jansz.
8-1-1537 : Cornelis Jacobsz bij dode van zijn vader Jacob Cornelisz.
Hontshol (nr. 94) : 8 hond land te Maasland [37] en Hontshol (nr. 95) : 13 hond land te Maasland [38] :
30-6-1509 : Jacob Cornelisz na overdacht door zijn broer Vrijese Cornelisz.
29-12-1536 : Vranck Jacob Cornelisz bij dode van zijn vader Jacob Cornelisz.
13-7-1548 : Pieter Vranckez bij dode van zijn vader Vranck Pietersz (sic! moet zijn Vranck Jacobsz) en draagt met zijn moeder Maritgen Wiggersdr het leen over aan zijn grootmoeder Katherina Dircxdr, hulde door Claes Pietersz.
Swieten te Zoeterwoude (nr. 9) : Een huis en 4 morgen land in het Cortelant te Maasland, belend ten oosten Jacob Cornelisz te Wateringhe, ten noorden de Schee, ten westen de witte nonnen te Haerlem, ten zuiden de Gaeweg [39] :
..-15.. : Jacob Cornelisz (22-10-1521 te Wateringhe).
Heilige Geest Maassluis : Cornelis Jacobsz heeft 14 hond uiterdijk in Zuytmaeslant gemeen met Gerrit Koertsz (1502) [40], waarvoor 6 pond/jaar wordt betaald.
Verdere vermeldingen :
Op 4-11-1548 oorkonden Anthonis Pietersz en Aernt Jaspersz, schepenen te Waterijnge, dat Maritge Wiggersdr, wed. van Vranck Jacobsz, een losrente verzekert van 2 pond groot vlaams per jaar ten behoeve van het convent van St. Cecilia binnen Vlaerdinge op 14 hond land aldaar, belend (o.a.) ten oosten Katrijn, wed. van Jacob Cornelisz. Borg is Claes Pietersz, wonende op de Loserlaan [41].
| COMMENTAAR(¥) vul aan OV 56(2001)509,510 |
| COMMENTAAR(¥) vul aan OV 52(1997)778 |
In 1567 procederen de erfgenamen van Vranck Jacopsz contra Lenaert Vriesen [53].
==== BELENINGEN ====
Hontshol (nr. 94) : 8 hond land te Maasland gemeen met het godshuis van Maeslant, Symon Willemsz en Boudijn Wiggersz. met zijn vader.[54]
29-12-1536: Vranck Jacob Cornelisz. bij dode van zijn vader Jacob Cornelisz.
13-7-1548: Pieter Vranckez. bij dode van zijn vader Vranck Pietersz. en draagt met zijn moeder Maritgen Wiggersdochter het leen over aan zijn grootmoeder Katherina Dircxdochter, hulde door Claes Pietersz.
Wateringen (nr. 7A) : De helft van 4 morgen 1\*half hond land[55] :
22-12-1541 : Vranck Dircksz bij dode van Anna Wigger Gerritszoonsdr en draagt het leen over aan Vranck Jacopsz
13-7-1548 : Pieter Vrancksz bij dode van zijn vader Vranck Jacop Corneliszoonszn
24-3-1561 : Pieter Hubrechtsz te Wateringen na overdracht door Pieter Vrancksz.
Wateringen (nr. 7B) : De andere helft van het leen :
1540 : Vranck Jacop Corneliszoonszn na overdacht door Jan Heijnrick Aemsz.
overige beleningen als onder nr. 7A.
Hof van Holland 604. sententie 18, 5-2-1603: Betreft proces tussen Jan Boeckel Quirijnsz. van den Hooch te Delft en de erfgenamen van Catharina Dircksdr wed. van Jacob Cornelisz. (van der Velden). Een fragment uit deze acte luidt:... dat Jacob Vrancken ten tijde van het overlijden van Maritge Cornelisdr, zijn eerste huisvrouw, zijn kinderen genaamd Vranck Jacobsz en Trijntge Jacobsdr geprocreerd bij Maritge Cornelisdr heeft uitgekocht, gelijk ook na het overlijden van Jacob Vrancken de voorn. Maritge Adriaensdr (zijn tweede huisvrouw) de voogden van de kinderen had uitgekocht, in voege dat Willem Willemsz. Holy getrouwd met voorsz. Maritge Adriaensdr., de nagelaten weduwe van Jacob Vrancken, alle recht verkregen had op hetgeen wat Jacob Vrancken eertijds had gecompeteerd, enz.[57]
21530. ARENT PIETERSZ POLS(¥), geb. 1472-1497, ovl. kort voor 1531, vermeld (1493), beleend (1520),
tr.
21531. NN (VAN DER MIJE??)(¥), parentatie niet bewezen.
| COMMENTAAR(¥) Er lijkt geen verband te zijn met een geslacht Pols te Ouderkerk aan de IJssel, dat deze naam ca. 1600 heeft aangenomen.[62] |
| COMMENTAAR(¥)
mogelijk verwant aan Jan van der Mije Jansz die land te Vlaardingerambacht verkoopt (1446)[63].
of aan Henrick Jansz van der Mije, belender te Rotterdam (1548)[64] , (1551)[65] |
Op 24-5-1493 is Arent Pols 10 scell. hollands rente verschuldigd voor een huis en erf in de Nyeupoert te Rotterdam.[66]
Op 20-10-1520 wordt Arent Pietersz beleend met 11 morgen land te Vlaardingerambacht tussen de Zeedijk en de Zuidbuurtseweg, leenroerig aan de hofstede Matenesse, na overdracht door Allert Jansz.
Op 19-10-1531 verkrijgt Pieter Arentsz Pols (voor hem zijn oom Vrenck Pietersz Pols) het leen na het overlijden van zijn vader Arent Pietersz Pols [67].
Arch. Hoogheemraadschap Delfland, serie kaarten nr. 1738 I: Op 20-3-1590 geven Willem Adriaensz. Holy, schout van Vlaardingerambacht, oud 77 jr. en Pieter Aertsz. Pols, burgemeestersbode te Vlaardingen, oud 68 jr., attestatie bij een kaart.[73]
Uitkoop van de kinderen van Pieter Adriaensz Puls en wijlen Neeltgen Gerritsdr te Vlaardingen 2-5-1554 [74].
Pieter Adriaensz Pols huurt van de stede van Vlaardinck een camp groot ca. 3 morgen in de polder Den Vetten Oert, 10e penning 21 gld. 15 dt. (1561)[75], en huurt het zevende weer van Ot Gerijtsz te Leiden met de Heijligen Geest te Delft elk de helft : 4 morgen in de polder Hoochstadt [76], en met de Heijligen Geest te Delft eerste stuck 2 morgen van de hoeylanden leggende opt buijtewater, 12 gld.[77]
De boomgaard van Pieter Aertsz Pols wordt genoemd in een belending (1567).[78]
De kinderen van Cornelis Domisz hebben een rentebrief op Pieter Aertsz Pols (4-3-1562).[79]
| COMMENTAAR(¥) voeg toe OV 51(1996)254 |
Op 21-11-1556 gebruikt Pieter Aertsz Pols een boomgaard met een huis erop staande, belast met een rente van 1 pond per jaar te Vlaardingen, als eigen door huwelijk met Neeltgen Gerrit Jan Brantszoondr, leenroerig aan de Lek en Polanen [80].
Tiende penning Vlaardingerambacht (1558): "Huijtges hoeck Eijgen. Pieter Aertsz Pols poirter tot Vlaerdingen bruijckt 1\*half morgen eijgelants ende es gescat de morgen jaers te gelden f 3-06-00, ffacit 4-19-00 Beloept den 10e penninck 0-09-14." [81]
Tiende penning Vlaardingerambacht (1558): "Huijtges hoeck Huijer (huur). Cornelis Jan Heijmansz bruijckt van Pieter Aertsz Pols tot Vlaerdingen 3 \*half morgen, den hoop mit sijn buijtelant jaers om £ 17 \*half Hollants, ffacit 13-2\*half-00 Verclaert bij eedt." [82]
Pieter Aertsz Pols betaalt 15 st. 10e penning (1561) voor 1\*half morgen laag hooiland in eigendom, getaxeerd op 6 Car. gld., gelegen in Vlaardingerambacht over de Poeldijcxe wateringe [83].
Op 24-11-1588 verkoopt Pieter Aertsz Pols, wonende te Vlaardingen aan jonge Arien Ariensz, weeskind van Arien Ariensz en Tringe Ariensdr een jaarlijkse losrente [84].
Pieter Aertszn Pols wordt benoemd tot gemachtigde voor de erfgenamen van Cornelis Dirckszn Speck (2-10-1584) [85], en voor Cornelis Corneliszn den jongen Bot (19-5-1587) [86].
Tiende penning Vlaardingerambacht (1558): "An de Ketel wech. Eijgen. Vranck Pietersz Pols off nu sijn orven bruijcken 5 morgen lants ende es hem eijgen ende es gescat de morgen jaers te gelden f 4\*half, ffacit 22\*half-00-00 Beloept den 10e penninck 2-05-00." [89]
| COMMENTAAR(¥) Waarom heet zij later Pols van der Mije, is haar vader soms een Pols en haar moeder (grootmoeder?) een Van der Mije? |
| COMMENTAAR(¥) voeg toe 47(1992)39,40,38,43,45 |
5-6-1590: Jan Vranckensz. Brasser verkoopt aan Adriaen Pols een woning aan de Oostgaeg te Maeslant met 4 morgen eigenland, waarvan 1 morgen in het huisweer en 3 morgen in de Duyfpolder, en 3 morgen in het huisweer, leenroerig aan Honingen (f. 102', zie O.V. 1962, blz. 84, leen 90). [103]
20-3-1596: Adriaen Cornelisz. koopt van de Staten van Holland 6 morgen land te Maesland in de Cralingerpolder, afkomstig van het Sint Aechtenconvent te Delft, gemeen in 17 morgen, waarop zijn huis staat, met 4 morgen van het Sint Jeronimushuis te Delft, de 4 morgen van de koper, met 1 morgen van Joost van Alckemade en 2 morgen van Persijn. Belend ten zuiden: de Gaegvliet, ten noorden: de Schee, ten oosten: Thijs Jorisz. met eigen en bruikwaar, ten westen: Trijn Duyst te Delft. [104]
21-3-1596: Adriaen Cornelisz. van den Velde koopt van de Staten van Hol- land 4 morgen land te Maesland in de Cralingerpolder, afkomstig van de Jeronimyten te Delft, gemeen in 17 morgen, belend ten zuiden: de Gaeg, ten noorden: de Schee: ten oosten: Thijs Joritsz, het convent van Sint Aechten te Delft C.S., ten westen: Trijn Duyst te Delft. [105]
20-5-1614: Adriaen Cornelisz. van den Velde verkoopt mede namens zijn kinderen aan Willem Alewijnsz. van der Woert een woning aan de Oestgaeg te Maeslant in de Cralingerpolder met 14 morgen klooster- en eigenland, waarop de woning ten dele staat, gemeen met 3 morgen bruikwaarland. [106]
In het archief van de Weeskamer Delft bevinden zich: Stukken betreffende de boedel van Vranck Cornelisz Pols en Neeltgen Maertensdr van Ruijven (1622-1637).[112]
LENEN VAN DE HOFSTAD TE WERVE te Schipluiden
nr. 1 14 morgen land op 't Wout:[124]
13-6-1623: Blasius Pietersz wonende te Delft, bij overdracht door Herman van Middelcoop wonende te 's-Gravenhage, voor de somme van 9100 gld.
29-3-1647: Pieter Blasius den oude, bij dode van Blasius Pietersz, t.b.v. hemzelf en zijn mede-erfgenamen.
Het leen is gesplitst: nr. 1A De helft van 14 morgen land in 't Wout: 1652: vermeerderd met 1/4 van voorn. 14 morgen. 1656: 13 morgen 2 hond land, belend ten westen: Elisabeth Adriaense de Zeeuw en Pieter Blasius Dijcxhoorn den ouden, ten oosten: het ampt van Vrijenban en Pieter Blasiussen Dijcxhoorn den jongen.
29-3-1647: Arent Blasius, bij dode van zijn vader Blasius Pietersz.
6-3-1656: Elisabeth Adriaens de Zeeuw, bij dode van haar man Arent Blasius Dijcxhoorn, bouman, wonend op 't Wout buiten Delft, bij brieven van octroy van 14 sept. 1650 op grond van het testament van haar man van 24 dec. 1648 opgemaakt door notaris Johan van Steelander te Delft, bij erfdeling van 28 febr. 1652 van Pleuntgen Blasius Dijcxhoorn.
4-8-1664: Pieter Arendtsz Dijcxhoorn, oud 25 jaar, wonend op 't Wout, bij overdracht door zijn moeder Elisabeth Adriaense de Zeeuw.
1B. De helft van 14 morgen land in 't Wout: 1648 de helft van 13 morgen 2 hond of volgens leenregister 14 morgen land, gelegen in Wout Harnesse strekkende uit de wateringe, genaamd de Meer, noordwaarts tot in de Sweth, belend ten westen: Arent Blasius en de erfgenamen van Pleuntge Blasius en de voorn. Pieter Blasius. 1659: Elisabeth Adriaens de Zeeuw en Pieter Blasius Dijcxhoorn. 1686: Pieter Arentsz Dijcxhoorn, ten oosten: het ambacht van Vrijenban en de voorn. comparant en zijn broer 1686: het ambacht van de Vrijenban en Pieter Blasius Dijcxhoorn, ten zuiden 1659: de Molensloot, genaamd de Meer, ten noorden 1659: de Weth. Op 28 febr. 1652 verminderd met 1/4 part in 14 morgen. 1686: 1/4 part in 14 morgen land op de Harnesse in de parochie van 't Wout.
29-3-1647: Pleuntgen Blasius, bij dode van haar vader Blasius Pietersz.
18-11-1648: Pieter Blasius, innocent, bij dode van Pleuntge Blasius, als oudste broeder, hulde door notaris Gerridt van den Wel te Delft bij procuratie gemaakt voor notaris Cornelis Coeckebacker te Delft van 13 aug. 1648 door Pieter Blasius Dijcxhoorn wonende in de ambacht van de Vlaerdinge en Philips Blasius Dijcxhoorn voogden over Pieter Blasius den ouden hun innocenten broeder.
27-5-1659: Pieter Blasius Dijcxhoorn den ouden, wonend op 't Wout, bij brieven van investituur van 28 nov. 1648 en verkregen bij deling van 28 febr. 1652 van wijlen Pleuntgen Blasius Dijcxhoorn, zijn zuster , hulde door Mr. Hugo de Rijck bij procuratie van 19 mei 1659 voor notaris T. van Hasselt te Delft opgemaakt.
16-6-1666: Willem Pietersz Dijcxhoorn wonende Vlaerdingen-ambacht, bij dode van Pieter Blasius Dijcxhoorn den ouden zijn neef. 7-3-1686: Pieter Willemsz Dijcxhoorn, oud omtrent 26 jaar, wonende Vlaardingen-ambacht, bij dode van Pieter Willemsz Dijcxhoorn zijn vader, hulde door Laurens van Dijcxsloot, baljuw en schout van de heerlijkheid Warmont, bij procuratie van 1 mrt. 1686 opgemaakt voor Jan van Leeuwen en Goris Baers schepenen van Warmond.
(23)-11-1695: Pieter Arentsz Dijcxhoorn, oud 56 jaar, wonende op 't Wout, bij overdracht van Pieter Willemsz Dijcxhoorn wonende Vlaardingenambacht, voor de som van 1000 gld.
In een akte te Delft d.d. 11-1-1648 wordt genoemd Chrietien Leenders van der Houven, wed. van Blaes Pietersz Dijckxhoorn, verhuurster, Elisabeth van den Brouck, huurster van een huis. Voorts Arnoldus van Veen en Pieter Carelsz Huigebaert. ZOEK OP! [125]
200e penning Vlaardingerambacht 1628: [130] Pieter Blasius, ƒ 30-00-00.
200e penning Vlaardingerambacht 1631:[131] Pieter Blasius van Dijcxhoorn, solvit 23-1-1632 en 20-5-1632 ƒ 30-00-00.
200e penning Vlaardingerambacht 1631:[132] Pieter Blasius van Dijcxhoorn, ƒ 30-00-00.
200e penning Vlaardingerambacht 1635:[133] Pieter Blasius Dijcxhoorn, ƒ 30-00-00.
200e penning Vlaardingerambacht 1638:[134] Pieter Blasius Dijcxhoorn, ƒ 35-00-00.
200e penning Vlaardingerambacht 1644:[135] Pieter Blasius Dijcxhoorn met de erffenis van sijn vader.
200e penning Vlaardingerambacht 1646:[136] Pieter Blasius Dijcxhoorn, ƒ 55-00-00.
200e penning Vlaardingerambacht 1652:[137] Pieter Basius Dijcxhoorn, solvit 30-5-1653 ƒ 55-00-00. Den selve aengeschreven van Delft. Solvit 13-4-1654 ƒ 10-00-00.
| COMMENTAAR(¥) Volgens Ref. [149] echter ovl. voor 16-11-1625. |
| COMMENTAAR(¥) Zij wordt door Van Baalen [153] niet als dochter genoemd, door De Keijzer [154] wel als mogelijke dochter aangemerkt. |
In de parochieschreven (belasting voor inwoners van de parochie) van De Lier komt Cornelis Pietersz Dijkshoorn voor van 1629-1634.[160] Het is onzeker of het hier bovenstaande Cornelis betreft.
21680. JAN ARENTSZ TOU(WES) (VAN (DER) BURGH)[164], geb. ca. 1460, ovl. vóór 1498. Heilige Geestmr. te Naaldwijk (1497),[165]
beleend 1464,[166]
tr. ca. 1485
21681. LIJSBETH NN, ovl. na 6-7-1504[167]
,[168]
verkoopt 6-7-1504 een losrente.[169]
| COMMENTAAR(¥)
vul aan Kron. 6(1997)130
Is Thou Jansz, geb. 1490, gezworene, een zoon? VUL AAN OV 52(1997)663. |
21682. PIETER GIJSBRECHTS, parentatie niet bewezen.
| COMMENTAAR(¥) vul aan Prom. 13, p242 |
21684. KERSTANT (CORS) JACOBSZ (VAN DER VLIET), geb. ca. 1470, ovl. vóór 1516[179]
,[180]
woont op de hofstede "Hoge Werf" (1495-1513),[181]
Heilige Geestmr. van Naaldwijk 21-4-1470 en 14-7-1497,[182] kerkmr. aldaar
15-2-1477, 1478,[183], beleend 1464,
tr. 1o verm.[184]
ALIJT NN, ovl. 28-3-1497[185], tr. 2o na 28-3-1497[186]
of ca. 1495[187]
.
21685. MACHTELT BARTHOLOMEUSDR (MEESEN) (VAN DORP), geb. verm. Naaldwijk ca. 1475[188]
, beg. Naaldwijk 11-10-1524[189]
,[190]
[191]
| COMMENTAAR(¥) vul aan ZHG 86/88 |
Rekening van de Heiliqe Geest van Naaldwijk van 1515: Een ontvangst van "die wedewe van Kors Jacop" wegens betaalde landrente en een "va(n) Machtelt Kors Jacobsz wedu(we) van Kors Jacobszs haer' mans testame(n)t".[192]
| COMMENTAAR(¥) voeg toe OV 43(1988)224, OV 43(1988)435, Prometheus VII, GN 53(1987)62, Kron 6(1997)144, OV 54(1999)130. |
| COMMENTAAR(¥) vul aan OV 54(1999)130 en Jb CBG 1973/p214 |
|
Mr. Hugo de Groot (1583-1645).
| |
Stripverhaal avant-la-lettre over de ontsnapping van Hugo de Groot uit Loevestein (1622).
| Bron [212] klik op plaatje(s) om te vergroten |
Op 27-7-1535 schenkt Willem Korssen een pillegift van 32 stuivers aan Machteld, dr. van Adriaen Claesz van Adrichem, wier oom en peet hij is.[224]
| COMMENTAAR(¥) aanvullingen OV 45(1990)57 en ZHG 86/90 |
21688. CLAES (NN).
| COMMENTAAR(¥) vul aan OV 54(1999)128 en ZHSN 86/p113 |
21704. GOYVAERT VAN POSTELE, woont vermoedelijk te Turnhout (ca. 1525).
21936. = 43046. CORNELIS BOUDIJN MUYSZOONSZ.
21937. = 43047. AGNIJS WILLEMSDR.
22160. JACOB VAN GENT(¥), ovl. vóór dec. 1534 [225], richter (1512-1520), deken van de St. Anthonybroederschap (1522) en burgemr. (1523, 1524) te Tiel, tr. (zij brengt een huis in de Waterstraat aan)
22161. MECHTELD VAN CLEVE, ovl. vóór 18-11-1548 [226].
| COMMENTAAR(¥) Is Jan van Gent, burger van Tiel (1513),[227] mogelijk zijn broer? |
| Wapen Van Cleve : vijf lelies (3,2) geplaatst en een schildhoofd beladen met een ster. Dit wapen komt voor op het zegel van Johannes van Cleve (kw.nr. 88644) [228]. |
Op 26-12-1534 dragen Mechtildis (van Cleve), wed. van Jacob van Gent, en haar kinderen Dom. Gerrit, Dom. Mertyn, Joachim, Willem, en NN (=Judoca) van Gent, gehuwd met Wemmer van Erkelens, over aan de ambtman Joost van Swieten een huis in de Bagynestraat te Tiel, belend de erfgenamen van Otto van Senth en Gerardus van Leeuwen [229].
In 1546 compareren Mechteld (van Cleve), Mertyn, Joachim en Willem, haar zoons, bij een renteoverdracht.
Op 26-4-1549 wordt de boedel gescheiden van Mechteld van Cleve onder Dom. Merten, Joachim, Willem en Judoca van Gent en een Willemke Jan Ottendr, die vermoedelijk een voor- of nadochter van Mechteld (met Jan Otten?) is [230].
22188. ADRIAEN REPELAER, geb. vóór ca. 1500.
22528. GERRIT CORNELIS DE LEEU, ovl. Sprang na 1577,[240]
22529. KATHERIJN NN, ovl. na 1562,[241]
23426. CLAES NN.
Op 21-1-1585 werd "Peter Noelens van Eysden" te Maastricht gegicht in een huis gelegen langs de Maas aldaar, welk huis hij geerfd had van wijlen Gertrudis Claessen, de echtgenote van Thonis Rutten van Keer en zuster van zijn moeder [244].
23490. = 23426. CLAES NN.
24068. PIETER BAENE, geb. Sliedrecht ca. 1515, ovl. Sliedrecht na 1553.
24070. JAN BAENE, geb. ca. 1517, tr. Sliedrecht ca. 1540
NN.
26744. OTTO VAN VILSTEREN , geb. vóór ca. 1370, ovl. 1437-1444 (verm. kort voor 1444), leenvolger van zijn vader Herman met Den Hof Vilster (ca. 1384-1393),
treedt op als gekozen voogd van Alijt, vrouw van Gerit Overhoff (1437),[250]
tr. vóór 1422[251]
26745. LUBBE NN, ovl. na 1422, mogelijk dr. van Dirc ten Wijnhuys. Zij woonden vermoedelijk te Zwolle.
==== BELENINGEN ====
=== Nr. 1014. Schoutambt OMMEN en DEN HAM / buurschap Lemele
Den tienden ende 't guet tot Remmerting.
** Afsplitsing van nr. 1013.
17-11-1453 Hermen van Vilsteren na opdracht door Willem van Rysenborch.
17-10-1456 Hermen van Vylsteren.
13-12-1468 Engbert van Vilsteren na de dood van zijn broer Hermen van Vilsteren.
Verder als nr. 445 (Ilike te Holtheme). Na 1532 niet meer genoemd.
=== Nr. 1057. Schoutambt OMMEN en DEN HAM / buurschap Vilsteren
Den Hof Vilster mit al synen toebehoren. Item 't Santhuys mit sinen toebehoren. Item 't Grote Meyering ende 't Luttike Meyering to Vilster mit sinen toebehoren.
ca. 1379-1382 Herman van Vilster.
21-11-1384 Herman van Vilsteren Hermanssoen.
zonder datum (21-11-1384 tot 4-4-1393) Otte Hermanssoen van Vilster, onmondig. Hulder Rembolt van Stegheren.
3-5-1394 Otte van Vilster.
* Den Hof to Vilster. Meijerinc toe Vilster ende dat Zanthuus to Vilster, gelegen in den kerspel van Ummen.
10-10-1433 Otto van Vilsteren.
18-3-1444 Herman van Vilsteren na de dood van zijn vader Otto van Vilsteren.
17-10-1456 Herman van Vylsteren.
13-12-1468 Engbert van Vilsteren na de dood van zijn broer Hermen van Vilsteren.
27-7-1497 Engelbert van Vilsteren.
14-4-1502 Otte van Vilsteren na de dood van zijn vader Engelbrecht van Vilsteren.
19-10-1517 Otto van Vilsteren.
7-2-1526 Otto van Vilsteren.
10-8-1532 Otto vann Vylsteren.
11-8-1532 Yda van Vilsteren na opdracht door haar broer Otto van Vilsteren. Hulder haar man meester Berndt Boxfort.
17-10-1559 Engelbert van Vilsteren na de dood van zijn tante Ida van Vilsteren, weduwe Van Bocxfoirt.
Tot 1714 verder als nr. 445 (Ilike Holtheme).
2-1-1714 Jacob Joseph van Vilsteren, baron van Laerne, zoals Charles van Vilsteren daarmee in 1684 was beleend.
* Den Hoff Vilsteren met de onderhorige vasallagien.
** 1774 heeft : "Het erve Groothof en---sijn onderhoorige lheenkamer.
Verder als nr. 1056 (Engelberting Vilsteren). In 1791 nog genoemd.
=== Nr. 1060. Schoutambt OMMEN en DEN HAM / buurschap Vilsteren
Een visscherie, geheiten die Holtemeer, in Ummer kerspel in Vilster marck.[252]
12-9-1422 Seyne van den Water na opdracht door Lubbe, vrouw van Otte van Vilsteren.
...
=== Nr. 1482. Schoutambt WIJHE / buurschap Wechterholt
Die tiende over 't Nyehuys ende over dien Brammeler in Wyer kerspel.
...
15-9-1422 Lubbe, vrouw van Otte van Vilsteren, na de dood van Dirc ten Wijnhuys. Hulder ... .
15-9-1422 Seyne van den Water na opdracht door Lubbe, vrouw van Otte van Vilsteren.
...
Harmen van Vilsteren en zijn vrouw Wendelmoett van Haerst overleden op éénzelfde dag in 1468 in hun woning aan de gevreesde pest. Zij werden in het Bergklooster midden in de kerk begraven. Het echtpaar van Vilsteren had bij testament hun huis, nu genaamd Vilsterenshuis, bestemd tot woning voor zes vrouwen en vier mannen. Dit huis was gelegen in de Bloemendalstraat. Het geheel omvatte een groot voorhuis, een keuken, een kamer en een stal. Het voorhuis was bestemd voor twee vrouwen evenals de keuken en de kamer, terwijl de stal gelegenheid gaf tot bewoning voor vier mannen. De stichting werd volgens overlevering "gegeven den armen ten eeuwigen dage". Het aantal proveniers bewoog zich tot het midden van de 18e eeuw tussen de acht en de vijftien. [254]
==== BELENINGEN ==== [255] [256]
=== Nr. 466. Schoutambt HARDENBERG / buurschap Rheeze
Desen tienden --- , grof ende smal. Item in den kerspel van Hemys over dat goet to Ludelvynch to Reedse.
...
8-8-1433 Willam van Rysenborch.
17-11-1453 Hermen van Vilsteren na opdracht door Willem van Rysenborch.
17-10-1456 Hermen van Vylsteren.
13-12-1468 Engbert van Vilsteren na de dood van zijn broer Hermen van Vilsteren.
Verder als nr. 445 (Ilike te Holtheme). Na 1532 niet meer genoemd.
=== Nr. 1059. Schoutambt OMMEN en DEN HAM / buurschap Vilsteren
Desen tienden hierna bescreven, grof ende smal --- . Item in den kerspel van Ummen over den Hof toe Vilsther myt al sinen toebehoren.
1433 heeft : "Den tienden --- over den Hoff toe Vilster mitten Zanthuese, geheiten die Cleyne Hoff, gelegen in Ommer kerspel, mit allen synen toebehoeren.
...
17-10-1456 Herman van Vylsteren.
Verder als nr. 1057 (Hof te Vilsteren). Na 1684 niet meer met name genoemd.
=== Nr. 2063. Schoutambt OMMEN EN DEN HAM / buurschap Vilsteren
Dat erve ende guet, geheiten dat Zanthuys oft die Luttyckhoff, in den kerspel van Ommen in der buerscop to Vilsteren.
30-4-1460 Herman van Reedse namens zijn moeder Yde(¥) na de dood van zijn oom Herman van Vilsteren, aangezien haar achterleenheer Herman van Vilsteren Ottozoon hem de belening in aanwezigheid van beleende mannen driemaal had geweigerd, zoals aan de bisschop als overleenheer uit een gezegelde akte was gebleken.
COMMENTAAR(¥) Wie deze Yde is blijft onduidelijk. Een mogelijkheid is dat zij is een Yde van Vilsteren x NN van Reedse, waaruit Herman van Reedse. Zij zou dan een zuster van Herman van Vilsteren Ottozoon moeten zijn.
26752. HERMAN PALTE, schepen en burgemeester van Schüttorf, vermeld 1442-1479, keurnoot in 1470, 1478.[258]
1-12-1442 : Herman Palte, burger van Schüttorf, verkoopt een tiend van Dobben erf en Oesmans erf in de boerschap Zwendorp, kerspel Brandlecht.[259]
27144. PELGROM COST, geb. Enschede Stad 1475-1515, ovl. na 1535, tr.[260]
27145. JUTTE CLANT, geb. 1475-1515.
Stadgericht Oldenzaal d.d. 23-11-1577:[263]
Die Edelfeste Herman van Hoevel richter tho Aldenzal constituert ende maeckt vulmechtich die ersamen Wilhem Oscamp, Joenn Hamsinck und Hermannum Goedden coniuctum vel divisie, omme van sijn E.L. wegen tho compareren voer dem gerichte tho Enschede, und die sake tho vertreden mith frundtschap off rechte tegens Arndt Knoep off sijnen vulmechtigen ock tho procederen bij denn Borgemesteren jegen Roloff Cost als gemelthen Arndt Knopes borgen besz ten utersten execution tho, ende vortz tdoen und tlaten off hie constituant zulx in eigener persoen dede, gelavende zulx altoes in werden tho holden, ende sijne vulmechtigen vorsz schadeloes tho [264] in meliori forma.
27200. ARNDT STRODINCK, geb. waarschijnlijk Goor ca. 1485, ovl. Delden na 1547, koopman en herbergier te Delden, burger van Delden (1512), koopt met zijn vrouw Heylle een huis in de Monnickstraat te Delden (1520) van Rijtze de Meijers Albersdr.[276]
27201. HEYLLE NN.
Vanaf 1333 komt de naam Strodin(c)k geregeld voor te Goor. Hier zou de herkomst van dit geslacht kunnen liggen. De betekenis van de naam is : woonplaats ("ink") bij een beek of rivier ("stroot") [277].
Richterambt Ootmarsum, buurschap Geesteren :[278]
De tiende over Vrilinc en Hillbeding gelegen in Twente in de buurschap to Gheesteren in Oetmersemer kerspel :
ca. 1379-1382 : Rutgher Stroedinc.
Is hij mogelijk een voorvader van Arndt?
vul aan Stroink p21
Op 12-2-1547 treedt Egbert Stroynck op voor hemzelf en als gemachtigde van Katharina Klaphouwers in proces tegen Goessen van Raesfelt, Drost van Twenthe, over een schuld wegens gemaakte schoenen. Hij treedt samen met zijn broeder Rotger Stroynck op als gemachtigde van zijn vader Arent Stroynck tegen Goessen van Raesfelt over landgebruik en drank [279].
| COMMENTAAR(¥) vul aan Stroink p23 |
27240. = 13568. GERT TO LASONDER (alias: Lasunder den Olden).
27241. = 13569. NN.
27256. JOAN COST, geb. Enschede Stad 1495-1514, burgemeester te Enschede Stad,
tr.[281]
27257. ANNA VAN DELDEN (??), geb. 1485-1514, ovl. na 1577, woonde te Enschede Stad.
27258. JOHAN TO LASONDER, geb. 1495-1535, ovl. na 1575, woonde te Enschede Stad, tr.[289]
27259. FENNA NN (alias Lasonder), geb. 1510-1535, ovl. vóór 1575.
27276. =13568. GERT TO LASONDER (alias Lasunder den Olden).
27278. =13570. WOLTER BROUWER.
27648. JOHAN AELBERTSZ RERINCK, geb. vóór ca. 1450, ovl. (kort?) voor 1495, beleend met Rederinck (1468).
Beleningen van het goed Rederinck te Hengelo (Gld) :[291]
Dat gued "to Redering", in groten : die hofstat ende 35 maldersaets hoges lants, to gueder maten. Item een weidemait, schiit an Mennynck, geheiten "Rederinx-weidemait". Item 1 stuck beneven Widenstraet, geheiten "Rederinx slach". Item 1 slageken in den Ongevoirde. Ende 1\*half slegekijn in den Eketghoir, myt al des gudes tobehoir, als dat leget in den kirspel van Hengel, to 5 marcken.
Oct. 1417 : Ailbert Redering. Hulder is Henric Redering.
11-12-1420 : Ailbert Redering, mondig, doet zelf den eed, na doode van zijn oom en hulder Henric.
27-5-1468 : Johan Rederinck Aelbertsz.
23-1-1495 : Derick Rederinck na doode van zijn vader Johan.
12-12-1517 : Johan Rederinck, onmondig, na doode van zijn vader Derick, en na verzuim. Derick Putzeller, rentmr. van het land van den Berge, is hulder.
30-1-1560 : Idem doet zelf den eed, en lijftocht zijn vrouw Elisabeth Ridders.
11-4-1570 : Derick Rerinck, na doode van zijn vader Johan.
27650. JOHAN GOLTSMIT, burgemr. van Doesburg,[292] stadhouder, richter van het Ambt Doesburg 1-6-1509,[293] en 19-11-1509.[294]
28160. WESSELUS WESTENBERG, in 1482 aan het hof van keizer Frederik III in betrekking geweest, legt in 1491 zijn ambt door onenigheid en tweespalt aan het hof neer, in 1496 met een zoon uit Duitsland vertrokken vestigt zich in het graafschap Bentheim, bij Gildehaus, op de Hof ten Westenberg.[295]
28656. HARMEN (HERMANN) JOHANSZ HESSELINCK, geb. Bocholt ca. 1486,[296]
koopt met echtgenote een rente 15-5-1521,[297]
tr.[298]
ca. 1520,[299]
28657. MECHTELD NN.
28928. JAN (VAN BORNE).
29164. JOHAN VON HUMMEL, geb. vóór ca. 1525.
31840. FOLPERT TIETTEZN, meier te Oosterend (1511).
Folpert Tiettezn is waarschijnlijk via zijn huwelijk in een relatie gekomen met een familie Baerd-Aesgama, vermoedelijk bezitters van de Baardazathe nabij Wommels en Oosterend. De naam Baarda is vermoedelijk te ontleden in de mansnaam "Ba(e)" en het woord "wert" = hoogte, terp. Reeds in 1433 komen voor "Hepka en Sybrent to Bawert".[301].
31842. SJOERD VAN AESGAMA (alias Sjoerd in de Poelen), ovl. Franeker 16-7-1500, sneuvelde bij de opstand tegen de hertog van Saksen in de slag bij Franeker,[303] tr.
31843. DOEDT OFFKES VAN DOTINGA, ovl. na 1511.
| COMMENTAAR(¥)
vul aan brief Kuiper
zoek op GJB 2005-172 |
|
Wapen Aesgama. Zie Rietstap p 321.
| |
Wapen Dotinga. Zie Rietstap p 321.
| |
In 1547 wordt een Sjoerd Aesgema vermeld op Aesgemastate te Dronrijp (zie Grafschriften IV-106).
Op 18-3-1577 vermeld te Leeuwarden bij een lening aan de overheid.
Op 24-11-1552 komt voor in een proces gevoerd voor het Hof van Friesland: Mr. Syeurt Aesgema. [306]
In 1555 komt voor in een proces gevoerd voor het Hof van Friesland: Mr. Sieurdt Aesgema namens zijn echtgenote Auck Bunge (Bonga). [307]
Op 17-10-1555 komt voor in een proces gevoerd voor het Hof van Friesland: Mr. Syeurt Aesgema namens Worp van Tiessens. [308]
In 1558 komt voor in een proces gevoerd voor het Hof van Friesland: Suyert Aesgema gehuwd met Auck Bonga. [309]
In 1558 komt voor in een proces gevoerd voor het Hof van Friesland: Syurdt Aesgama. [310]
Op 6-5-1559 komt voor in een proces gevoerd voor het Hof van Friesland: Suyrt Aesgema als voogd van het weeskind van Sytse Haersma [311]
Op 10-5-1561 komt voor in een proces gevoerd voor het Hof van Friesland: Mr. Zuyert Aesgema namens zijn echtgenote Auck Bonga en dier broer en zuster. [312]
In 1561 komt voor in een proces gevoerd voor het Hof van Friesland: Mr. Zyardt Aesgema curator over de kinderen van Wlcke Tjepkes. [313]
In 1561 komt voor in een proces gevoerd voor het Hof van Friesland: Auck Bonga cum sociis. [314]
Op 11-4-1564 komt voor in een proces gevoerd voor het Hof van Friesland: Hoyte Taeckes namens Mr. Zuyrt Aesgema cum sociis. [315]
In 1565 komt voor in een proces gevoerd voor het Hof van Friesland: Mr. Zuyrt Aesgema, advocaat, voogd van het weeskind van Jelcke Minnema en Zuyrd Bockema. [316]
Op 9-3-1571 komt voor in een proces gevoerd voor het Hof van Friesland: Mr. Suyrt Aesgema. [317]
In 1573 komt voor in een proces gevoerd voor het Hof van Friesland: Mr. Suyrt Aesgema. [318]
In 1579 komt voor in een proces gevoerd voor het Hof van Friesland: Mr. Suyrt Aesgema. [319]
In 1580 komt voor in een proces gevoerd voor het Hof van Friesland: Mr. Suyrt Aesgema. [320]
Op 25-9-1580 komt voor in een proces gevoerd voor het Hof van Friesland: Mr. Suyrt Aesgema, te Marssum. [321]
Op 23-10-1581 komt voor in een proces gevoerd voor het Hof van Friesland: Abbe Aesgema, te Dronrijp, Saepke Aesgema, Duetke Aesgema, Sydts Aesgema, te Dronrijp, Fed Aesgema, erfgenamen van Mr. Syurdt Aesgema en Auck Bonga, beiden overleden.[322]
In 1584 komt voor in een proces gevoerd voor het Hof van Friesland: Syds van Aesgema te Leeuwarden, Abbe van Aesgema, Fed van Aesgema, Duetke van Aesgema, kinderen en erfgenamen van Syurdt Aesgema en Auck. [323]
In 1590 komen voor in een proces gevoerd voor het Hof van Friesland: de zusters Doed Aesgama, Sydts Aesgama en Fed Aesgama, allen dochters van Syurdt Aesgama, erflater. [324]
32072. TJEP(C)KE (VAN) ABBEMA, geb. vóór ca. 1540, ovl. 23-7-1577, beg. Rauwerd, parentatie niet bewezen,
vermeld 1575, 1576
tr. vóór 1577 (voor 1565?)
32073. MARY YGES SICKAMA, ovl. na 1590, woont te Roordahuizum (1582), te Amsterdam (1586), tr. 2o 1577-1586 GERBRANT (GERBEN) GERRITS, ovl. na 1587.
In 1575 komt Tjepcke Abbema, cum sociis, voor in een proces gevoerd voor het Hof van Friesland. [326]
In 1575 komt Tiepke Abbema voor in een proces gevoerd voor het Hof van Friesland. [327]
Op 8-10-1576 komt Tiepcke Abbema voor in een proces gevoerd voor het Hof van Friesland. [328]
Op 31-1-1582 komen voor Sipke Abbema te Akmarijp, curator over de weeskinderen van wijlen Floris Abbema, en Douwe Tialckes, te Schettens, curator over Sipke Abbema, Mary Yges, te Roordahuizum, weduwe van Tiepke Abbema in een proces gevoerd voor het Hof van Friesland. [329]
In 1586 komen voor in een proces gevoerd voor het Hof van Friesland: Rincke Jelmers, erflater, en grootmoeder van Sipcke Abbema, de erfgenamen van Floris Abbema als mede-erfgenamen van Rincke Jelmers, Aleff Saeckes, schoonvader van Sipcke Abbema, Sipcke Abbema zoon van Ede Abbema, erflater, en kleinzoon van Rincke Jelmers, erflater, Mary Yges te Amsterdam, wed. van Tiepke Abbema, thans gehuwd met Gerbrant Gerryts. [330]
In 1587 komen voor in een proces gevoerd voor het Hof van Friesland: Rinck Jelmers erflater, Sipcke Abbema te Akmarijp, kleinzoon van Rinck Jelmers, erfgenaam van wijlen Eede Abbema, Aleff Saeckes, schoonvader (!) van de kinderen van Floris Abbema, erfgenaam van Rinck Jelmers, Mary Iges, weduwe van Tiepke Abbema thans gehuwd met Gerben Gerrits. [331]
In 1590 komt voor Mary Yges Sickama, weduwe van Tiepcke Abbema, in een proces gevoerd voor het Hof van Friesland. [332]
Grafsteen op het kerkhof te Rauwerd (verdwenen): [333]
Intiaer ons heeren MVC en LXXVII den 23 iuly sterf de achtbaere ende voornamen man Tiepke van Abbema.
32080. SIEBREN BRUINIA, geb. vóór ca. 1540, alleen bekend uit het patroniem van zijn zoon
| Referenties Kwartierstaat Van Schothorst --- Generatie 15 ( 333 refs.) Referenties voorafgegaan door het ⇒ symbool verwijzen naar (aanklikbare) externe url's waarvan alleen het laatste deel van de naam wordt vermeld. |
||
|
|
|
Back to the genealogy page |
contents |
Go to the index |
generation 16 |
generation 14 |
Directly go to generation : 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 36 37 38 39 40 41 42 43 44 45 46 47 48 49 50 51 52 53 54 55 56 |