This page was last updated : 170712.
File size is: 64 k.
Fragment Genealogie Swedenrijck
Generatie 1
Refer to these data as:
L. Lapikás,
Fragment Genealogie Swedenrijck,
version 1.1,
Muiden, 2017.
© Copyright 2017 : L. Lapikás, Muiden, The Netherlands. No part of this publication may be reproduced, stored in a retrieval system, or transmitted, in any form or by any means, electronic, mechanical, photocopying, recording or otherwise without the prior written permission of the publisher. An exemption is made for genealogical publications provided that adequate reference is being made.
You are here: Louk-Home Genealogy Swedenrijck Gen. nr. 1

Fragment Swedenrijk

Wapen Swedenrijk: In goud een rode leeuw met gouden kroon, in de opgeheven rechter voorpoot een kromzwaard met gouden gevest, in de linker een bos blauwe pijlen.(¥)
Dit wapen komt voor op een wapenbord in de Grote Kerk te Edam, waar Albertus Swedenrijk (1675-1719) lid van de vroedschap was (zie nr. Vb).[1]


COMMENTAAR(¥) Muschart [2] geeft de omschrijvingen:
- Een leeuw, beladen met wapen in de voorpoten, inclusief aal
- Een leeuw, vergezeld van blokjes
- Drie bijzondere voorwerpen
Elders[3] vindt men: in keel een gaande leeuw van goud.


I

Ia. Lourens NN of NN Lourens, tr. NN. Zij wonen in 1588 te Antwerpen.



II

IIa. Guilia(e)m (Gelliaemen, Willem) Lourensz (Lau(we)reijs), geb. ca. 1562, ovl. na 1631, afkomstig van Antwerpen oud omtrent 26 jaeren wonende in de Ronde Bagijnesteech (1588), koopman (1591, 1594), viskoper (1598, 1599), huw. get. (1626), otr. Amsterdam geref. 9-4-1588 ("wiens ouders binnen Antwerpen sijn woonende van welcke hij vertoonde secker missive onder sijns vaders eijen handt waer bij ..elien? consten genoech leecken", get. voor haar Albert Gijsbertsz en .ieur IJsbrantsdr haer vader en moeder, in margine: acte notarieel ingebragt) Trui(tgen) (Trijn) Elberts (Albertsdr), geb. ca. 1565, ovl. na 1601, beg.. verm. Amsterdam Nieuwe Kerk en Engelse Kerk 21-2-1609 ("Truijtgen Elberts in de Engelse Steech ƒ 4,7,-"), oudt omtrent 23 jaeren wonende op de Nijewedijck (1588), dr. van Albert Gijsbertsz en van .ieur IJsbrantsdr.

Op 19-6-1604 verkoopt Maritgen Pieters, wed. van Jacob Ariaensz Block aan Willem Laurensz, een huis en erf op de Nieuwendijk te Amsterdam. [4] TEKST nog aanvullen.
Op 29-4-1610 verkoopt Gerrit Jansz aan Willem Laurensz, een , huis en erf, waar Het Witte Paard uithangt, op de Nieuwendijk bij de Engelsesteeg te Amsterdam. [5] TEKST nog aanvullen.

Op 18-2-1611 verkoopt Willem Lourensz aan Sijmon Keijser, een huis en erf op de Nieuwendijk bij de Engelsesteeg te Amsterdam. [6] TEKST nog aanvullen.

Op 14-6-1611 verkoopt Cornelis Hermansz aan Willem Lourensz, een huis en erf met achterhuis op de Nieuwendijk bij de Haarlemmerpoort uitkomend in de Gouwenaarssteeg te Amsterdam. [7] TEKST nog aanvullen.
Op 14-5-1614 verkoopt Gillis Taijspil aan Guilliam Lourens, een huis en erf waar Het Gulden Rad uithangt, op de Deventer Houtmarkt (Nieuwezijds Voorburgwal) te Amsterdam. [8] TEKST nog aanvullen.
Op 6-12-1622 verkoopt Pietertgen Pieters, wed. van Barent van Hoorn aan Guillaume Laurensz, een huis en erf genaamd Het Geloof op de Keizersgracht te Amsterdam. [9] TEKST nog aanvullen.
Op 25-1-1624 verkoopt Herman Meeusz, wednr. van Lijsbeth du Gardijn aan Guillam Lourens, een huis, genaamd Het Zilveren Schild en erf met 2 spijkers in de Kalverstraat strekkende tot de Begijnensloot te Amsterdam. [10] TEKST nog aanvullen.
Op 9-7-1629 verkoopt Crijn Fransz, schipper op Rouen, aan Guillame Laurensz, een huis en erf genaamd De Saksische Daalder op de Nieuwendijk (WZ) huis en erf te Amsterdam. [11] TEKST nog aanvullen.
Op 2-1-1631 verkopen Guillame Laurens voor hem selven en Gillis Taijspil en Elbert Willemsz te samen als voogden over de twee onmondige kinderen van Maijken Taijspil en wijlen Carel Lourens, cleerbesemmaker en in dese mede vervangende Gillis Nagel als man en voogd van Abigael Lourens, aan Dirck Jansz, compasmaker een huis en erf in de Breestraat (Jodenbreestraat) over de Nieuwe Sint Antoniesluis te Amsterdam. [12] TEKST nog aanvullen.
Op 10-1-1631 verkopen Guillame Laurens voor hem selven en Gillis Taijspil en Elbert Willemsz te samen als voogden over de twee onmondige kinderen van Maijken Taijspil en wijlen Carel Lourens, cleerbesemmaker en in dese mede vervangende Gillis Nagel als man en voogd van Abigael Lourens,
- een tuin met 2 huizen en loods, waarop geschreven staat De Twee Kleerbezems, in de Rozenstraat te Amsterdam. [13] TEKST nog aanvullen,
- een erf met huis in de Rozenstraat te Amsterdam. [14] TEKST nog aanvullen.
    Uit dit huwelijk (o.a.?):
  • 3. Hillegont (Willems/Lourens), ged. geref. Amsterdam Nieuwe Kerk 2-8-1594 (ouders: Willum Louwerens, coepman woont op de Niewuwendijk, Truijtgen Elberts, get. Haesgen Jans), doopget. (1615).
  • 4. Anne (Willems/Lourens), ged. geref. Amsterdam Nieuwe Kerk 13-1-1598 (ouders: Willum Louwerens, fijscoeper, Truij Elberts, get. Tanneken Costers).
  • 5. Trijn (Willems/Lourens), ged. geref. Amsterdam Oude Kerk 28-10-1599 (ouders: Geliaemen Lourensen, viskoper, Trijn Elberts, get. Wijntje Elberts).
  • 6. Lijesgen (Willems/Lourens), ged. geref. Amsterdam Nieuwe Kerk 10-11-1601 (ouders: Willem Louwerensz, Truij Elberts, get. Weijntgen Elberts).

IIb. Carel (Karel) Lourensz (Lau(we)rens), geb. 1571/72, beg. Amsterdam Zuider Kerk 29-11-1624 ("Craij (!) Laurensz, letter G n° 2, ƒ 8,--"), afkomstig van Antwerpen oud 32 jaeren wonende in de Ronde Bagijnesteech (1602), bezemmaker (1603), wordt poorter van Amsterdam 19-2-1604 als Carel Lourensz kleerbezemmaker van Antwerpen, schuiermaker (1613), huw. get. (1621), doopget. (1624), woont in de Kalverstraat (1612, 1617) in Het (Vergulde) Orgel, op de Nieuwendijk (1619), otr. Amsterdam 16-3-1602 (extra-ordinaris intekenregister),[18] Maijken (Meyke, Marritie) Gillis Taijspil, geb. Antwerpen ca. 1580, beg. Amsterdam Zuider Kerk 16-9-1630 ("Maiken Taispel letter G n° (niet ingevuld), ƒ 8,--"), afkomstig van Emden (1602), doopget. (1623, Maritje Laurens), afkomstig van Antwerpen en wed. van Carel Lourens "verclaerde ontrent 4 jaeren weeduwe geweest te hebben" wonend op de Nieuwendick (1628), dr. van Gillis Tayspil en van Soetjen NN. Zij hertr. Amsterdam geref. 14-9-1628 [19] Pieter Canen, coopman van Maastricht en wednr. van Jannittie Corven? wonende in de Stilsteech (1628).

Op 22-3-1603 verkoopt Adrian Jansz Orgel aan Carel Laurensz, een huis en erf in de Kalverstraat over de Nieuwezijds Kapel (Heilige Stede) te Amsterdam. [20] TEKST nog aanvullen.
Op 10-5-1605 verkoopt Jacques van der Schelde aan Carel Laurensz, een erf met getimmerte op het Schoutenpad (Lijnbaanspad) buiten de Jan Rodenpoort te Amsterdam. [21] TEKST nog aanvullen.
Op 21-4-1617 verkoopt Carel Laurensz aan Guillaume de Wael, een huis en erf, waar Het Vergulde Orgel uithangt, in de Kalverstraat te Amsterdam. [22] TEKST nog aanvullen.
Op 20-4-1619 verkoopt Lourens Elbertsz, echtgenoot van Haesge Jans aan Carel Laurensz, een Tuin met tuinhuisje in de Rozenstraat te Amsterdam. [23] TEKST nog aanvullen.
Op 4-7-1622 verkopen Pieter Dircxz en IJeff Pietersz, aan Carel Laurensz, een erf met getimmerte in de Rozenstraat (NZ) te Amsterdam. [24] TEKST nog aanvullen.
    Uit het huwelijk (Lourens-Taijspil):
  • 1. Abijgal Laurens, ged. geref. Amsterdam Oude Kerk 8-6-1603 (de vader Karel Laurensz is bezemmaker, get. Soetgen Taeispels), is oud 18 jaer en wonende op de Nieuwendijk (1621), otr. Amsterdam geref. 24-7-1621 (get. haer vader Sr. Carel Laurens) Gillis Nagel(s), afkomstig van Ieperen en wednr. vam Maria Kemp wonende in de Warmoestraet (1621). Hieruit verder nageslacht bekend.
  • 2. Susanna Laurens, ged. geref. Amsterdam Nieuwe Kerk 23-11-1604 (get. Hester Taijsper).
  • 3. Karel Laurens, ged. geref. Amsterdam Nieuwe Kerk 5-12-1606 (get. Soetken Teyspels), beg. verm. Amsterdam Nieuwe Kerk en Engelse Kerk 6-4-1612 ("Carel Louwerens in de Calverstraet int Orgel, betaelt den 15 appril").
  • 5. Davidt Laurens, ged. geref. Amsterdam Nieuwe Kerk 10-4-1611 (get. David Laurens), ovl. jong?, beg. verm. Amsterdam Nieuwe Kerk en Engelse Kerk 29-6-1612 ("een kind van Caerel Louwerens in de Calverstraet, ƒ 4,-- betaelt op 8 July").
  • 6. Soetjen Laurens, ged. geref. Amsterdam Oude Kerk 31-3-1613 (de vader Koor (!) Lourenssen is schuiermaker, get. Davidt Louris, Aplonija Louris).
  • 7. Karel Laurens, ged. geref. Amsterdam Nieuwe Kerk 5-4-1615 (get. Hilgont Willems).
  • 8. Davidt Laurens, ged. geref. Amsterdam Oude Kerk 19-10-1617 (get. Jan Jans Vlasvadt en Magtel Jansdr), beg. verm. Amsterdam Zuider Kerk 2-2-1618 (een kind van Carel Lourens).
  • 9. Nelletje Laurens, ged. geref. Amsterdam Nieuwe Kerk 13-10-1619 (get. Paulus Emting), beg. verm. Amsterdam Zuider Kerk 8-1-1620 (een kind van Caerel Lourens op de Nieuwendijk, graf letter F n° 34, ƒ 4,--).
  • 10. Gilles Laurens, ged. geref. Amsterdam Nieuwe Kerk 13-7-1621 (get. Lijsbet Sijmons).


III

IIIa. , geb. Elbert Willemsz (Swedenrij(c)k), geb. 1589/90, beg. Amsterdam Zuider Kerk 4-11-1644 ("Elbert Willemsz Louwerens" in de kerck graf letter L n° 26, ƒ 8,--), afkomstig van Amsterdam, out 36 jaer, woont aen de Nieuwendijk (1626), lakenkoper op de Nieuwendijk,[27] en schutter die op Rembrandts Nachtwacht voorkomt,[28] deelnemer in de WIC (1626), treedt op als voogd van de kinderen van zijn broer Carel (1631), koopt in 1639 het huis Zwedenrijk waarnaar zijn kinderen zich zijn gaan vernoemen, otr. Amsterdam geref. 10-3-1626 (get. haer moeder Marija Cocx, zijn vader Guiliaem Lourensz) Elijsabet Lenaer(t)s, ged. geref. Amsterdam Oude Kerk 22-11-1607, ovl. 1666-1668, afkomstig van Amsterdam, out 19 jaeren, woont aen de Nieuwendijk (1626), erft na het overlijden van haar ouders in 1627 een huis op de Prinsengracht, naast dat van haar echtgenoot Elbert Willems,[29] wed. van Egbert (Elbert) Willemsz (Swedenrijk) wonend op de Nieuwendijck (1645), zet na de dood van haar man Paulus Emtinck de handel voort met haar boekhouder Claes van Nas als haar gemachtigde, huw. get. (1656, 1657),

In het Groot-kapitaalboek 1623-1626 van de Kamer Amsterdam van de Oude West-Indische Compagnie komt de volgende inleg voor:
Elbert Willemsz Swedenrijck ƒ 1800,-- [30]
Op 13-1-1628 verkopen de erven van Hans Lenaertsz, echtgenoot van Maria Cocx aan Elbert Willemsz,
- een huis en erf in de Elandsstraat (NZ) te Amsterdam. [31] TEKST nog aanvullen.
- een huis en erf op de Prinsengracht (WZ) te Amsterdam. [32] TEKST nog aanvullen.
Op 21-1-1628 verkopen de erven van Hans Lenaertsz, echtgenoot van Maria Cocx aan Elbert Willemsz, een huis en erf in de Ridderstraat (NZ) te Amsterdam. [33] TEKST nog aanvullen.
Op 10-1-1631 verkopen Guillame Laurens voor hem selven en Gillis Taijspil en Elbert Willemsz te samen als voogden over de twee onmondige kinderen van Maijken Taijspil en wijlen Carel Lourens, cleerbesemmaker en in dese mede vervangende Gillis Nagel als man en voogd van Abigael Lourens,
- een tuin met 2 huizen en loods, waarop geschreven staat De Twee Kleerbezems, in de Rozenstraat te Amsterdam. [34] TEKST nog aanvullen,
- een erf met huis in de Rozenstraat te Amsterdam. [35] TEKST nog aanvullen.
Op 20-1-1635 verkopen de erven van Hans van Solt aan Elbert Willemsz, 10 morgen en 56 roeden land, in twee gedeelte van kavel 26. [36] TEKST nog aanvullen.
Op 12-9-1637 verkopen Elbert Willemsz, Paulus Empting, en Hendrick Lenards aan Johannes Wijbrants, een huis en erf genaamd Het Geloof op de Keizersgracht (WZ) te Amsterdam. [37] TEKST nog aanvullen.
Op 1-10-1637 verkoopt Elbert Willemsz
- aan Warner Wijertsz, 3 roeden land op het Sint Jorispad buiten de Regulierspoort te Amsterdam. [38] TEKST nog aanvullen.
- aan Catelijntje Rosen, wed. van Jan Willemsz van Arnhem, 3 roeden land op het Sint Jorispad buiten de Regulierspoort te Amsterdam. [39] TEKST nog aanvullen.
Op 28-3-1639 verkopen Jan Jansz Vlasvath en Carel van der Wijhen, aan Elbert Willemsz,
- een ½ huis en erf, genaamd Zwedenrijk op de Nieuwendijk (OZ) te Amsterdam. [40] TEKST nog aanvullen.
- een huis en erf genaamd Het Vlasvat op de Nieuwendijk te Amsterdam. [41] TEKST nog aanvullen.
- een huis in de Gravenstraat bij de Nieuwendijk te Amsterdam. [42] TEKST nog aanvullen.

Detail van de Nachtwacht door Rembrandt van Rijn, voorstellende Elbert Willemsen (~1590-1644), musketier.
Datering: (1639-)1642
Bron: Wikipedia

klik op plaatje(s) om te vergroten
Nieuwendijk No.205 huis Swedenrijck nog aanvullen Ref. [43]
"Guilliam Swedenrijck was een zoon van Elbert Willemsz (1589 - 1644), die onder de oudere schutters op Rembrandts Nachtwacht voorkomt." [44]
Verpondingskohier van de Jordaan over de jaren 1647-1649:[45]
Prinsengracht n° 266-274:
De erfgenamen van Hans Lenaerts ƒ 360.-, idem ƒ 107.-, Cornelis Jansz Boom ƒ 170.-, Willem Passee ƒ 150.- en de erfgenamen van Hans Lenaerts ƒ 160.-. Om de hoek in de Elandsstraat volgt Elbert Willemsz met twee huisjes van ƒ 48.- en ƒ 36.-
Op 10-10-1655 laat Nicolaes Smout, ongehuwde jongeman (Dordt 1626/27 - 1695) zijn testament opmaken. Daarin staat een aantal interssante legaten waaronder: "aen Guilliam Swedenrijck sijn testateurs paert, sadel, toom en andere toebehooren, aen juffr. Geertruyt Swedenrijck sijn testateurs goude rinck, de schilderije van ecce homo ende alle sijn porselijn, mitsgaders een moortjestronie van Rembrant gedaen, en Vincent Hillensberch sijn witte sije sluyer met de goude cant, item sijn witte pluym ende pieck, aen Johannes van Weert een stuck van Rembrant gedaen genaemt de stilte, ende de gevanckenisse van Joseph van Volmarijn gedaen, beneffens een ontbijterije van Verhoorn, met ses Spaanse stoelen, aen de huysman op het landt in de Beemster genaemt Cornelis Cornelisz vijftich gulden" etc. [46]
    Uit dit huwelijk (de nakomelingen voeren de achternaam Swedenrijck):


IV

IVa. Guilhelmus Swedenryck, geb. 1632/33, beg. Amsterdam Oude Kerk Buitenlandvaarderskapel 1-6-1691 ("Guilliam Sweedenrijck van de Heeregraft, ƒ 8,--),[51] vaandrig in de schutterij van Amsterdam in Wijk 26 (1660),[52] maakt deel uit van een groep ruiters o.l.v. ritmeester Ian van Waveren die de prinses-douarrière Maria Henrietta Stuart en haar zoon Willem III van Nassau, prins van Oranje, verwelkomde bij hun intocht in Amsterdam op 15-6-1660,[53] doopget. te Leiden (1666, in plaats van Eduard Emptink), doopget. (1668), coopman van Amsterdam oud 36 jaar wonend in de Calverstraat (1669), otr. Amsterdam geref 2-10-1669 (get. voor hem niet vermeld, zijn ouders doot, haer voogden Casper Groesens en Hendrico Kuijsten) Elisabeth Kuisten, ged. geref. Amsterdam Nieuwezijds Kapel 13-5-1651 (get. ... Eentincks en .. ..nders (bron heeft waterschade)), beg. Amsterdam Oude Kerk 2-3-1708 ("Elisabeth Kuijsten van de Heeregraft ƒ 8,--"), afkomstig van Amsterdam oud 18 jaer wonende op de Singel (1669), doopget. (1672), huw. get. (1707), dr. van Pieter Cuijsten en van Cornelia (Neeltje) Emtinck.

Intocht van de prinses-douarrière Maria Henrietta Stuart en haar zoon Willem III van Nassau, prins van Oranje, te Amsterdam op 15-6-1660 (fragment, plaat 4). Guiljam Swedenrijk (~1633-1691) reed mee in de groep ruiters o.l.v. ritmeester Ian van Waveren.
Ets en gravure 316 x 467 mm door Pieter Nolpe, naar Jan Martszen de Jonge, 1660 - 1662
Datering: 1660-1662
Bron: Rijksmuseum Amsterdam

klik op plaatje(s) om te vergroten
Op 24-8-1668 verkopen Guillelmo Swedenrijk en Mr. Jan Brouwers, aan Floris Visscher, een huis en erf op de Prinsengracht (WZ) tussen Lauriergracht en Elandstraat te Amsterdam. [54] [55] TEKST nog aanvullen.
Register van lijfrente in 1670 opgenomen door de stad Kampen:[56]
Guillelmo Swedenryck ten lyve van syn dochter Elisabeth, oudt 3 maanden by Elisabeth Kuisten in echte verweckt ƒ 250,--.
Idem ten lyve van Albertus Peltzer, oudt 6 iaeren, soon van Mathys Peltzer en Geertruit Swedenryck ƒ 250,--.
Op 23-4-1671 verkopen Burgemeesteren en thesaurieren van Amsterdam aan Guilliam Swedenrijck, een erf op de Nieuwe Spiegelstraat (NZ) tussen Herengracht en Keizersgracht te Amsterdam. [57] TEKST nog aanvullen.

Op 11-9-1671 verkoopt Guilliam Swedenrijk aan Annetje Dirks Dubbels, Grietje Dirks Dubbels, en Marretje Dirks Dubbels, een erf op de Nieuwe Spiegelstraat (NZ) tussen Herengracht en Keizersgracht te Amsterdam. [58] TEKST nog aanvullen.

Op 28-4-1672 verkoopt Harmanus Cuijsten aan Guilliam Swedenrijk, een huis en erf in de Rouaansekade (Singel) te Amsterdam. [59] TEKST nog aanvullen.
Op 29-6-1672 verkoopt Martinus Alewijn aan Guiljam Swedenrijck, een erf in de Nieuwe Spiegelstraat (NZ) te Amsterdam. [60] TEKST nog aanvullen.
Op 20-12-1672 verkopen Johannes Vleus en Adrianus Vleus, erven van Maria Pieters, wed. van Dirk Jansz Vleus, aan Guilliam Swedenrijk, Mathijs Pelser, echtgenoot van Geertruijd Swedenrijk, Eduard Emting, Mr. Hendrick Brouwer, erven van mr. Johan Brouwer, echtgenoot van Maria Swedenrijck, een huis en erf in de Gravenstraat met slopsteegje uitgaande in de Gravenstraat te Amsterdam. [61] TEKST nog aanvullen.
Op 20-12-1672 verkopen Johannes Elens en Adrianus Elens, aan Eduard Emting, aan Mr. Hendrik Brouwer, erven vsn mr. Johan Brouwer echtgenoot van Maria Swedenrijck, aan Guilliam Swedenrijk, aan Mathijs Pelser, echtgenoot van Geertruijd Swedenrijk, een huis en erf in de Gravenstraat met een slopsteegje uitgaande in de Gravenstraat te Amsterdam. [62] TEKST nog aanvullen.
Op 22-12-1677 verkopen de erven van Cornelis Willemsz Couwenhoven aan Wed. Pelser, en Guillam Swedenrijk, 4 woningen en 2 erven met getimmerte op de Rozenstraat (NZ) tussen Lijnbaansgracht en laatste dwarsstraat te Amsterdam. [63] TEKST nog aanvullen.
    Uit dit huwelijk:
  • 1. Elisabeth Swedenrijck, ged. geref. Amsterdam Westerkerk 12-9-1670 (get. Harmano Kuijsten, Geertuijt Sweedenrijck), doopget. (1726).
  • 2. Albertus Swedenrijck, ged. geref. Amsterdam Westerkerk 4-12-1671 (get. Casparus Groessens en Maria Emtinck), beg. Amsterdam Oude Kerk 10-10-1672 (een kint van Guilliam Swedenrijck van de Heeregraft ƒ 4,--).
  • 3. Peterus Swedenrijck, ged. geref. Amsterdam Nieuwezijds Kapel 8-1-1673 (Elisabeth Doornick en Pieter Kuijsten), beg. Amsterdam Oude Kerk 2-2-1673 (een kint van Guilliam Swedenrijck van de Heeregraft ƒ 4,--).


V

Va. Petrus (Pieter) Swedenrijck, ged. geref. Amsterdam Amstelkerk 18-3-1674 (get. Peterus Kuijsten en Elisabet Doornick), beg. Amsterdam Oude Zijds Kapel 8-4-1746 ("Pieter Sweedenrijk bij avond, laat geen kinderen na, graf n° 95 ƒ 8,--"), afkomstig van Amsterdam oud 34 jaren wonende op de Heregraft (1710), huw. get. (1721), doopget. (1726, 1728), otr. Amsterdam geref. 6-3-1710 (get. sijn suster Elisabeth Swedenrijk, sijn ouders doot, haar vader Evert Arentzen is inpotent, in margine: sijn vaders consent goet ingebragt, acte verleent den 23-3-1710 om alhier in de Walekerk te trouwen) Alida Maria Arentzen, ged. geref. Amsterdam Zuiderkerk 21-6-1684 (get. Johan Arentsz en Maria Lisabeth Rademaeckers), beg. Amsterdam Oude Zijds Kapel 15-12-1747 ("Alida Maria Arentzen wed. van Pieter Sweedenrijk, bij avond, laat geen kinderen na, graf n° 95 ƒ 8,--"), afkomstig van Amsterdam oud 25 jaren wonend op de Gelderse Kaij (1710), doopget. (1728), dr. van Evert Arentzen (Arentsz), wijncoper en van Geertruijda de Vinder (zie Kwartierstaat Lapikás n° 8065 sub b/5/bb ).

    Uit dit huwelijk:
  • 1. Elisabeth Cornelia Sweedenrijck, ged. geref. Amsterdam Nieuwezijds Kapel 14-6-1711 (get. Evert Arentsen en Cornelia Sweedenrijck), beg. Amsterdam Oude Zijds Kapel 20-2-1730 ("Elisabeth Cornelia Swedenrijk oudste dochter van Pieter Sweedenrijck op de Heergeaft bij de Vijselstraat, begrave bij avont int graft n° 95, ƒ 8,--).
  • 2. Geertruida Catharina Sweedenrijck, ged. geref. Amsterdam Nieuwezijds Kapel 14-3-1717 (get. Albartus Sweedenrijk, Geertruij Brasker, ovl. Amsterdam 22/27-2-1742 in de kraam van haar tweede kind, beg. Amsterdam Oude Zijds Kapel 22/27-2-1742 ("Geertruija Catharina Swedenrijk huijsvrouw van Mr. Jan Jacob Hartsinck woond op d' Keijsersgraft, laat een minderjarig kind naa, bij avond, graf n° 95, ƒ 8,--"),[69] afkomstig van Amsterdam, oud 19 jaar wonende in de Doelestraat (1737), is evenals haar echtgenoot beoefenaar van de poëzy,[70] otr./tr. Amsterdam geref. 5/23-7-1737 (get. haar vader de Hr. Pieter Sweedenrijck, sijn vader Jan Casper Hartsinck equipagemeester van het Edelmogend College ter Admiraliteit te Amsterdam,[71] Dr. Mr. Jan Jacob Hartsinck, geb. Amsterdam 24-10-1716, ovl. Amsterdam 28-10-1779, ingeschreven als student rechten aan de Universiteit van Leiden 30-11-1736 ("Joannes Jacobus Hartsing", Amstelodamo-Batavus, 20 (jaar)"),[72] en promoveert aldaar op 19-2-1737 in de rechten op een dissertatie getiteld de Adoptionibus" ("Iohannes Iacobus Hartsinck", Amstelodamo-Bat."), [73] afkomstig van Amsterdam oud 21 jaar (1737), wednr. van Geertruij Catrina Sweedenrijck wonend op de Keijsersgracht (1744), aanvankelijk klerk ter secretarie der admiraliteit te Amsterdam en in 1762 charter- en requestmeester dier admiraliteit, werd in 1749 aangesteld tot scriba der West Indische Compagnie ter kamer Amsterdam, en in 1770 tot president van de hoofdparticipanten dier compagnie, heemraad van de Watergraafsmeer (1743), aangesteld tot regent van het Oudemannenhuis (1739), regent van het Diaconieweeshuis, directeur van het Zeeuwsch genootschap der Wetenschappen te Vlissingen en in l774 directeur der Hollandsche Maatschappij te Haarlem. [74] Hieruit verder nageslacht bekend. Hij hertr. Amsterdam geref. 4/22-12-1744 (haar ouders doot, haar voogden Wijbrant ten Poortinge en Joannes Vergeel zijn niet present, in margine: sij voogdes consenten, goed ingebragt). Jkvr. Anna Adriana Hasselaer, geb. Batavia 23-10-1723, ovl. te Baarn 15-10-1791. afkomstig van Batavia oud 21 jaar wonend in de Doelestraat (1744), dr. van Cornelis Hasselaer, heer van de beide Eemnessen, Sjahbandar en president van de Chineesche boedelmeesteren, extra-ordinaris raad van Nederlandsch-Indië, ordinaris raad, president heemraad te Batavia, commissaris polityek van wege de hooge regeering in den kerkenraad van Batavia, president van weeskamer aldaar en eerste raad, directeur van Nederlandsch-Indië, en van Margaretha Pasques de Chavonnes.[75]
    Jan Jacob Hartsinck draagt zijn proefschrift getiteld de adoptionibus op aan zijn vader Johannes Casparus Hartsinck, lid der admiraliteit, gouverneur der Societeit van Suriname, aan zijn ooms Guillaume Pels en Petrus Pels, beiden doctor in de rechten, en aan zijn oom Jacob Valckenier, schepen en burgemeester van Amsterdam, lid der Staten-generaal. Achter de dissertatie volgt een gedicht van vier coupletten door Voordaag, en een van vier coupletten van J. de Marre.[76]

Vb. Albertus Swedenrijk, ged. geref. Amsterdam Westerkerk 2-8-1675 (get. Casparus Groesen en Juffr. Maria van der Have, huijsvrouw van de heer Eduardt Emtinck), ovl. Edam 16-9-1719, j.m., coopman wonend op de Heregraft te Amsterdam (1702), koopman te Amsterdam (zie Elias in voce Swedenrijk), schepen 1709, president schepen 1717, burgemeester 1716, president burgemeester 1716, 1719, vroedschap 12-2-1712, thesaurier 1713 te Edam, is namens Edam, gecommitteerde ter Provinciale Rekenkamer ter Auditie van Holland in het Noorderkwartier (van: 4-7-1714 tot 24-5-1715), en namens Holland (Edam), gecommitteerde bij de Generaliteitsrekenkamer (van 4-5-1718 tot 9-1719), [77] secretaris van de Purmer 1714, doopget. (1717), otr. Amsterdam geref. 22-9-1702 (sijn op de acte van C.B. Denit koster op Edam ingeteekent, in margine: acte verleent den 8-10-1702 om tot Edam te trouwen), tr. Edam 8-10-1702 Geertruy Theunisdr Brasker, ged. 8-8-1677, j.d. wonend tot Edam (1702), doopget. (1717), dr. van burgemeester Theunes Jansz Brasker, schepen, vroedschap, secretaris van de Purmer, secretaris, notaris, burgemeester en gecommitteerde raad te Hoorn, en van Trijntje Dircksdr Oossanen.[78]

Vc. Eduar(d)t Swedenrijck, ged. geref. Amsterdam Nieuwezijds Kapel 23-1-1684 (get. Eduaert Emtinck en Elisabeth Pelser), beg. Amsterdam Nieuwezijds Kapel 6-1-1759 ("Eduard Sweedenrijck op de Heeregragt ƒ 16,--), afkomstig van Amsterdam, oud 37 jaar wonend op de Kijsersgraft (1721), doopget. (1723, 1749, 1750, 1758), otr. Amsterdam geref. 4-9-1721 (get. sijn broeder Pieter Swedenrijk sijn ouders doot, haar vader Jan Delcourt) Susanna Johanna del Court (Delcourt), ged. geref. Amsterdam Oude Kerk 10-9-1700 (als "Johanna", get. Mattheus Lubeex en Sara Doornik), beg. Amsterdam Nieuwezijds Kapel 30-8-1784 ("Susanna Johanna Delcourt, wed. van Eduard Swedenrijck op de Heeregracht bij de Vijselstraat, graf. n° 293, ƒ 16,--)") afkomstig van Amsterdam oud 23 jaar wonend op de Kijsersgraft (1721), doopget. (1749, 1750, 1757, 1758), dr. van Jan Delcourt, zijdeverver, en van (Susanna) Maria Doornik, welk echtpaar o.a. een "cabinet met goude en silvere medailles, concerneerende de Nederlandsche historiën" naliet.[86]


Portret van de familie Hageman in een interieur, geschilderd door Frans van der Myn. Dr. Cornelis Hageman (1714-voor 1802) en zijn eerste vrouw Henriette van Heemskerk (1725-1748) aan het klavecimbel, met hun enige zoon Johannes Jacobus Hageman (1746).
Olie op doek, 79,5 x 82,5 cm
Datering: 1746
Bron: Ref. [92]
Locatie: in particulier bezit.

klik op plaatje(s) om te vergroten

Referenties van de gegevens van generatie 1 staan ook hier
Referenties Fragment Genealogie Swedenrijck --- Generatie 1 ( 92 refs.)
Referenties voorafgegaan door het ⇒ symbool verwijzen naar (aanklikbare) externe url's waarvan alleen het laatste deel van de naam wordt vermeld.
Verkorte verwijzingsvormen voor veelgebruikte literatuur
  1. P. C. Bloys van Treslong Prins en J. Belonje, Gen. en her. gedenkwaardigheden in en uit de kerken der provincie Noord-Holland, dl. 2, Utrecht, 1928
  2. ⇒ cbgfamiliewapens.nl
  3. Nav. 27(1877)147
  4. GAA, Transportakten voor 1811: NL-SAA-21601233
  5. GAA, Transportakten voor 1811: NL-SAA-21604702
  6. GAA, Transportakten voor 1811: NL-SAA-21605408
  7. GAA, Transportakten voor 1811: NL-SAA-21605846
  8. GAA, Transportakten voor 1811: NL-SAA-21606606
  9. GAA, Transportakten voor 1811: NL-SAA-21611818
  10. GAA, Transportakten voor 1811: NL-SAA-21736162
  11. GAA, Transportakten voor 1811: NL-SAA-21614088
  12. GAA, Transportakten voor 1811: NL-SAA-21736369
  13. GAA, Transportakten voor 1811: NL-SAA-21736395
  14. GAA, Transportakten voor 1811: NL-SAA-21736396
  15. O. Gelderblom, Zuid-Nederlandse kooplieden en de opkomst van de Amsterdamse stapelmarkt (1578-1630), Hilversum, 2000, en prosopografische Data Base
  16. kohier, fol. 256, blz. 59
  17. ⇒ browserecord.php?-action=browse&-recid=1286
  18. zie ook Amstelland #28(1997)83
  19. zie ook Amstelland #28(1997)83
  20. GAA, Transportakten voor 1811: NL-SAA-21600616
  21. GAA, Transportakten voor 1811: NL-SAA-21601641
  22. GAA, Transportakten voor 1811: NL-SAA-21608419
  23. GAA, Transportakten voor 1811: NL-SAA-21609574
  24. GAA, Transportakten voor 1811: NL-SAA-21611661
  25. Wap. 20(1916)451
  26. Nav. 25(1875)501
  27. Amstelodamum 76(1989)100
  28. Amstelodamum 69(1982)30
  29. Amstelodamum 76(1989)100
  30. NA, Nummer toegang: 1.05.01.01, inventarisnummer: 18B, folionummer: 80, (Kaartenbak chronologisch: 399
  31. GAA, Transportakten voor 1811: NL-SAA-21736270
  1. GAA, Transportakten voor 1811: NL-SAA-21736269
  2. GAA, Transportakten voor 1811: NL-SAA-21736282
  3. GAA, Transportakten voor 1811: NL-SAA-21736395
  4. GAA, Transportakten voor 1811: NL-SAA-21736396
  5. GAA, Transportakten voor 1811: NL-SAA-21736599
  6. GAA, Transportakten voor 1811: NL-SAA-21615426
  7. GAA, Transportakten voor 1811: NL-SAA-21615430
  8. GAA, Transportakten voor 1811: NL-SAA-21615431
  9. GAA, Transportakten voor 1811: NL-SAA-21581522
  10. GAA, Transportakten voor 1811: NL-SAA-21581522
  11. GAA, Transportakten voor 1811: NL-SAA-21581524
  12. Jb. Amstelodamum 53(1961)126
  13. Amstelodamum 69(1982)30
  14. Amstelodamum 76(1989)101
  15. Amstelodamum 69(1982)28
  16. Wap. 5(1901)202
  17. zie ook Wap. 4(1900)48
  18. Album Studiosorum Academiae Lugduno-Batavae, 1575-1875, 's-Gravenhage, 1875
  19. ANF XI(1894)130
  20. zie ook Jb. Amstelodamum 58(1966)45
  21. Amstelodamum 69(1982)30
  22. zie ook Amstelodamum 45(1958)73
  23. GAA, Transportakten voor 1811: NL-SAA-21629416
  24. GAA, Transportakten voor 1811: NL-SAA-21629676
  25. ANF 2(1885)158
  26. GAA, Transportakten voor 1811: NL-SAA-21629921
  27. GAA, Transportakten voor 1811: NL-SAA-21630518
  28. GAA, Transportakten voor 1811: NL-SAA-21631054
  29. GAA, Transportakten voor 1811: NL-SAA-21631343
  30. GAA, Transportakten voor 1811: NL-SAA-21732597
  31. GAA, Transportakten voor 1811: NL-SAA-21576059
  1. GAA, Transportakten voor 1811: NL-SAA-21585333
  2. Wap. 11(1907)264
  3. Wap. 11(1907)264
  4. NP 17(1927)152
  5. Wap. 11(1907)263
  6. NP 17(1927)152
  7. zie ook ANF 13(1900)239
  8. ANF 13(1900)239
  9. zie ook ANF 13(1900)239
  10. Album Studiosorum Academiae Lugduno-Batavae, 1575-1875, 's-Gravenhage, 1875
  11. P.C. Molhuysen, Album Promotorum Academiae Lugduno Batavae 1575-1812, 's-Gravenhage 1913-1924
  12. ANF 13(1900)239
  13. ANF 13(1900)239
  14. ANF 13(1900)239
  15. ⇒ 8853
  16. P. C. Bloys van Treslong Prins en J. Belonje, Gen. en her. gedenkwaardigheden in en uit de kerken der provincie Noord-Holland, dl. 2, Utrecht, 1928
  17. P. C. Bloys van Treslong Prins en J. Belonje, Gen. en her. gedenkwaardigheden in en uit de kerken der provincie Noord-Holland, dl. 2, Utrecht, 1928
  18. GN 12(1957)150
  19. GN 12(1957)150
  20. P. C. Bloys van Treslong Prins en J. Belonje, Gen. en her. gedenkwaardigheden in en uit de kerken der provincie Noord-Holland, dl. 2, Utrecht, 1928
  21. NP 12(1921)295
  22. P. C. Bloys van Treslong Prins en J. Belonje, Gen. en her. gedenkwaardigheden in en uit de kerken der provincie Noord-Holland, dl. 2, Utrecht, 1928
  23. NP 12(1921)294
  24. Amstelodamum 47(1960)197
  25. zie ook Nav. 27(1877)146
  26. Nav. 27(1877)146
  27. ⇒ #0
  28. zie ook GN 12(1957)121
  29. ANF 1(1883)#35 p5
  30. ⇒ #0

Back to the
genealogy page
Back to the
contents
Go to the
index
Forward to next
generation 2
Back to previous
generation 0
Directly go to generation :
1