|
This page was last updated : 100531.
|
File size is: 36 k.
|
Kwartierstaat Lapikás Generatie 20 |
NB Het symbool voor een kwartiernummer leidt naar de vader en/of moeder
|
Refer to these data as:
L. Lapikás, Kwartierstaat Lapikás, version 9.8, Muiden, 2010.
|
|
© Copyright 2010
: L. Lapikás, Muiden, The Netherlands.
No part of this publication may be reproduced, stored in a retrieval system,
or transmitted, in any form or by any means, electronic, mechanical,
photocopying, recording or otherwise without the prior written
permission of the publisher. An exemption is made
for genealogical publications provided that adequate reference is
being made.
|
906304. ROELOF II ridder VAN DALEM, geb. ca. 1320, ovl. tussen 19-3-1361 en 15-9-1361, heer van Dongen, vermeld 1350-1361, baljuw van Zuid Holland 1344-1346,
tr. vóór ca. 1345[1]
906305. BEATRIX VAN DUIVENVOORDE, geb. ca. 1325, ovl. na 25-11-1387, vrouwe van Zwaluwe, op 20-6-1346 beleend met de Tol van Ammers en Zwalue door de Keiz(erlijke?) Ma(jesteit?).
|
Wapen Van Duivenvoorde : in goud drie wassenaars van zwart.
[2]
|
-
a. Willem Roelofsz van Dalem, geb. ca. 1360, ovl. Dongen voor 4-9-1422, (=kw. nr. 453152).
-
b. Aleid van Dalem, ovl. 19-2-1376, tr.[4]
Otte van Ghellichem, ovl. 3-3-1375.
-
c. Elsebene van Dalem, geb. vóór ca. 1345, ovl. na 17-2-1415, tr. 1o (huw. voorw. 29-11-1363),[5]
Gijsbrecht van Heukelom, ovl. 1366-1383, ridder (1365, 1366), rijdende onder graaf Jan van Bloys,
vermoedelijk zn. van Otto II heer van Heukelom en wellicht NN Gijsbrechtsdr van der Leck (zie kw. nr. ⇒ 7250560 sub a/1),
tr. 2o voor 1383 (1386)[6]
heer Paulus (Pouwels) van Haastrecht, ovl. vóór 1404, wednr. van NN (bij wie twee voorkinderen),
ridder, heer van Haastrecht, Loon op Zand, Tilburg, Goirle, Drunen en Gansoyen,
tresorier van Holland 1393-1394, vermeld van 17-9-1363 tot 5-10-1398,
reed 1371-1372 onder graaf Jan van Bloys,
hofmeester van Albrecht van Beieren (1393),
speelde in de Hoekse en Kabeljauwse twisten blijkbaar
een actieve rol, want op 5-10-1396 waren zijn goederen verbeurd
verklaard en 22-9-1397 verkocht aan heer Jan van Brederode,
ontvlucht uit slot Loevestein, waar hij gevangen had gezeten (vermeld op 5-10-1398),[7]
zn. van Dirk Alras van Arkel en Swanildis NN (zie kw. nr. ⇒ 14501120 sub a/1/aa).
Op 17-11-1387 verpandt Johanna hertogin van Brabant
aan heer Pauwels van Haastrecht voor 4000 oude franse schilden, de dorpen Tilborch, Goerle en Druenen
met de tol te Venlo en, om met zijn borch te Venloen
als leen te bezitten met hoge en lage heerlijkheid, uitgezonderd
het hof van Ghiertsberge, dat de abdis van der
Cameren toebehoorde, en behoudens het recht van klokslag
en bede met belofte, dat heer Pauwels bij aflossing
zijn borch te Venloen weder als vrij eigendom zal bezitten.[8]
Op 30-10-1393 oorkondde Albrecht van Beieren, dat na
onderzoek was gebleken, dat de heerlijkheid Leen zich
uitstrekte van de Sprangdijck tot het Grondelooze Meer
en van daar naar Noirmansput en dat hij, wat er bij een
scheiding tussen Brabant en Holland van die heerlijkheid
binnen de grenzen van Holland mocht komen te vallen,
aan heer Pauwels van Haestrecht, zijn hofmeester, in
erfleen gaf.[9]
Uit haar eerste huwelijk (van Heukelom-van Dalem):[10]
-
1. Otto Gijsbrechtszoon van Heukelom, geb. ca. 1365, vermeld 24-7-1389 als partijganger van de heer van Arkel,
en op 15-12-1407 onder de magen van Otto III heer van Heukelom.
Uit haar tweede huwelijk (van Haastrecht-van Dalem):[11]
-
1. Roelof van Haestrecht, ovl. na 1442, heer van Tienhoven, werd in 1386, na opdracht door zijn vader, beleend met de heerlijkheid Tienhoven en eind 1393 met 14 morgen in
de parochie van Sluipwijk, kreeg 1-6-1397 met zijn
vader en broeder een vrijgeleide en droeg 24-6-1408
de tiende van Crayenstein bij Schoonhoven over op Dirc Beijns,
werd op 22-2-1408 door Willem VI graaf van Holland beleend met goederen
te 's Heer Aerntsberge en enkele andere landerijen na opdracht
door zijn (half)broeder Dirk heer van Loon op Zand,
en droeg en deel hiervan op 24-8-1412 over aan zijn zwager
Jan van Renesse van Everingen, was in 1420 hoogschout
van 's-Hertogenbosch, en droeg op 8-8-1442, te oud en te ziek om
te reizen, aan zijn zoon Wouter van Haestrecht zijn rechten over op het veer
in Haastrecht en de visserij in de IJssel.[12]
Hieruit nageslacht, (nog) niet verder onderzocht.
Uit Paulus Pouwels van Haastrecht voorts nog een bastaardzoon:
Jan van Haestrecht, op 26-9-1432 beleend met het dagelijks gericht van Baardwijk.[13]
-
d. Elisabeth van Dalem, ovl. 12-7-1368, tr.[14]
NN van Wisschel.
-
1. Robbrecht van Wisschel.
-
e. Christina van Dalem, ovl. 12-1-1402.
-
1. Roelof Jansz van Dalem.
-
g. Floris van Dalem, ovl. juli 1376, tr.[17]
Ave NN.
-
1. Jan (Florisz?) van Dalem(¥), ridder,
koopt goed van Gerrit de Bije (1379).[19]
| COMMENTAAR(¥)
Volgens Ref. [20]
is deze Jan ex patre Floris van Dalem, volgens Ref. [21]
ex patre Jan van Dalem. Aangezien hij zijn kennelijk oudste zoon Floris noemt, houd ik vooralsnog de eerste mogelijkheid aan.
|
-
aa. Floris Jansz van Daelhem, ovl. vóór 1457.
-
bb. Jan van Daelhem, ovl. tussen 1457 en 6-4-1458, verkrijgt het goed Die Vloet onder Goirle in 1457 na de dood van zijn broer Floris van Daelhem.[23]
-
cc. Roelof Jansz van Dalem, geb. vóór ca. 1380.
-
aaa. Adriaan Roelofsz van Daelhem, geb. 1403/04, ovl. na 1476, bewindvoerder over de nalatenschap van wijlen Gerrit van Zevenbergen "tot behoef van joffr. Margriet ende Kateline", diens natuurlijke kinderen (1452),
stadhouder van de leenen des lands van Bergen op Zoom in de heerlijkheid Brecht (1457, 1476),
woonde te Brecht, oud 58 jaar, (1462),
erfde het leengoed Die Vloet onder Goirle, na het overlijden van Jan van Daelhem, volgens de bepalingen in het testament van diens neef Roelof van den Nuwenhuysen (eind 1462),[25]
tr. vóór 15-6-1465 (want dan met haar in een akte vermeld)[26]
joncfrou Antonie (van Zevenbergen), "natuerlike dochter wilen her Heynricx van Berghen", ridder.
Uit Adriaan van Daelhem (mogelijk uit dit huwelijk):[27]
-
aaaa. Sibilla van Daelhem, ovl. na 1492, tr. vóór 1492[28]
Jacob van Glymes gen. van Geldenaken. Hieruit een zoon Jacob van Glymes, die 20-7-1482 leenrechten betaalde voor Het Paradijs, een bos tusschen Geldenaken en Opgeldenaken.
-
2. Jan van Rijswijk Florensz van Dalem, ovl. vóór 24-8-1404, tr.[29]
Gheertrude Jansdr van IJspen.
-
aa. Jan van Rijswijk Jansz van Daelhem.
-
3. Roelof Florisz van Rijswijk.
-
bb. Florys Roelofsz van Daelhem, tr.[32]
Margriet van der Eijck. Hieruit nageslacht, (nog) niet verder onderzocht.
-
aa. Cornelis Florisz van Rijswijc.
-
5. Sophia van Dalem, ovl. 1376-1383, tr. 1o [34]
Jan Berwoutssoon, tr. 2o vóór ca. 1360[35]
Jan van Blois-Chatillon, geb. vóór 1340, ovl. Schoonhoven 19-5-1381, wednr. van Mechtild van Gelre,
zn. van Lodewijk I van Chatillon en Johanna van Avesnes.
Uit haar tweede huwelijk (Blois-van Dalem):[36]
-
aa. Jan van Blois, geb. ca. 1360, ovl. ca. 1435, tr. 1386[37]
Maria Jans van Heemstede. Hieruit nageslacht, (nog) niet verder onderzocht.
Uit Roelof II ridder van Dalem wellicht een bastaard:[38]
906306. JOHAN II GRAAF VAN SALM, vermeld 1347-1401,
tr. 22-5-1355[39]
906307. PHILIPPA VAN VALKENBURG, geb. ca. 1337, ovl. 21-2-1388.
Uit dit huwelijk (o.a.?):
-
a. Jkvr. Sophia van Salmen, ovl. na 26-6-1438, (=kw. nr. 453153).
906320. OTTO HERBERTSZ VAN ASPEREN VAN VUREN, geb. vóór ca. 1360, ovl. na 1425?
als Otto Herberts van Asperen (alias van Heukelum?) beleend met Hellouw en Haaften (1371),[40]
heer van Rumpt 1371 (HKWB),
ridder (1383),
pachter van de tienden van Hellouw en Haaften (1417..1425),
tr. 2o [41]
NN GIJSBERTSDR DE COCK VAN NEERIJNEN, (Wapenheraut 1914) ZOEK UIT
tr. 1o vóór ca. 1385
906321. GEERTRUID DE COCK VAN OP(P)IJNEN.
Over de heerlijkheid Hellouw lezen we in Ref. [42]:
"maar in het jaar 1417
gaf de abdij (Abdinghof) die tienden (van Hellouw) en kerkgift in erfpacht aan Otto van Asperen genaamd van Vuren en het is te gelooven dat hij ook de tienden van Haaften ontving, want den 25 augustus 1425 gaf de proost van Soest als Pausselijke Commissaris een vonnis van kerkelijken ban tegen hem,
dewijl hij de pacht der tienden van Haaften en Hellouw aan de abdij niet betaalde, welk vonnis den 3 mei 1426 te Utrecht in het Kapittelhuis werd afgekondigd en gedurende de mis aan de roode deur (valvis rubris) der kerk aangeplakt."
8 morgen te Deil 1360 (OV 1987) ZOEK OP
akte van kwijtschelding voor Dirk van Polanen 1379 (archief Familie van Boetzelaer), schatting landen van Gelre 1369 (P.N.v.Doorninck)
ZOEK OP
-
a. Herbaren Ottensz van Asperen van Vuren, ovl. 1424/25, (=kw. nr. 453160).
-
b. Otto (Ottensz) van Asperen van Vuren(¥), woont naast zijn broer Herbaren 1424 [44],
beleend met Enspijk 1403,[45]
dagelijks gerecht te Hellouw 1412 (OV 1997). ZOEK OP
pachter van de tienden van Hellouw en Haaften (1417..1425).
| COMMENTAAR(¥)
Verwarring is mogelijk met Otto van Asperen, zoon van Dirk van Polanen (1383-1429)
|
906324. JOHAN DE COCK VAN OPPIJNEN, ovl. 1396 (nalatende 3 kinderen), ridder, had "grooten twist" met zijn oudoom den domproost van Utrecht,
en met de heer Hendrik van Est,
tr.[46]
906325. ROS(S)ELLA VAN BUYREN, "heer Allerds oudste dochter".
-
a. Arend de Cock van Oppijnen, ovl. 1422, (=kw. nr. 453162).
-
b. Gerrit de Cock van Oppijnen, ovl. ongehuwd.
-
c. Elisabeth de Cock van Oppijnen, tr.[48]
Johan van Ymerzeelen, heer van Ameyen en Drost van Brabant.
906326. heer ALPHARDT VAN DER HORST, tr.[49]
906327. juffrouw BELIA VAN BRAECKEL.
Uit dit huwelijk (o.a.?):[50]
-
a. Christina van der Horst, ovl. 14-9-1439, (=kw. nr. 453163).
[51]
945756. PETER MATTHIJSZ VAN MUYLWIJCK, geb. Gorkum ca. 1418, ovl. Hoogblokland, beg. Blokland 1482 (in de kerk, kort na 7 jan.), knaap, heeft in 1470 1½ morgen land in pacht in de Beemd te Hoogblokland en sticht aldaar een hofstede geheten "De Steene kamer",[52]
tr. ca. 1448[53]
945757. ADRIANA HERMANSDR, ovl. Gorinchem 9-11-1504, draagt 3 morgen land in Blokland over 13-6-1485.
alle acten uit Ref. [54]
Gorinchem 14-3-1481:
Peter van Muijlwijck Mathijsz droeg op Dirck van Luenen Jansz als zijn goed rede ende onrede in het land van Arkel of daerbuten. Reikt weer uit ten behoeve van Ariane Hermensdr Peter's gerechte wijve. Als kinderen die vermoedelijk nog minderjarig zijn worden genoemd: Bely, Jan, Tonis, Aert en Geertruyt moeten tenslotte even rijk zijn als de andere kinderen zodat ieder evenveel moet hebben.[55]
Gorinchem 7-1-1485:
Peter van Muijlwijck Mathijsz droeg op aan Aernt, Jan, Thonis, Belij en Geerke zijn kinderen, te samen 13 morgen land in de ban van Arkel noch 14 morgen land in de Hoge Beemd met alle griendinge daartoe behorende en noch een ½ huis en hofstede met toebehoren op Blockland en de helft van de gerede goederen , onder voorwaarde dat hij levenslang het gebruik zelf voorbehoud.[56]
Gorinchem 13-6-1485:
Dat Ermtruyt Peter van Muylwijcksdr Willem Adriaensz weduwe com tutore droeg up Ariane Peter's voors.weduwe, Mathijs Petersz, Herman, Jan, Aert, Tonis, Bale en Geertruyt Peter's voorn kynderen alle alsulcke goederen, roerende ende onroerende also groet ende also cleyn als hoer aengecomen ende bestorven zijn van dode Peter's voorz.hoeren vader, gelegen in den scependom van Gorinchem ende daer buyten ende verteech ende geloofde dat te waeren als recht is.[57]
Gorinchem 13-6-1485:
Volgende akte. Dat Ariane Peter's weduwe draegt up Ermtruyt 3 morgen lants op Bloclant in 't oudelant tusschen Harman van Muylwijck ex una en S Jans outaer binnen de Kerke te Bloclant ex altera enz, ende dat voor hoers vaders goet ende versterff.[58]
Gorinchem 13-6-1485:
Volgende akte. Dat Ariane van Muiylwijck beloofde Ermtruyt Petersdr CXXV scilden te betalen ende dit voer hoer vaders versterff.[59]
-
a. Matthys Peters van Muylwijck, geb. ca. 1450, ovl. Gorkum 15-10-1522, (=kw. nr. 472878).
-
b. Herman Peters van Muylwijck, geb. ca. 1458, ovl ca. 1527, schepen 1497/1523,
tr. 1o voor 1485[61]
Maria Florisdr, tr. 2o [62]
Maria Jans Kemp, dr. van Jan Willems de Kemp.
-
c. Antonis Petersz van Muylwijck, geb. 1461, ovl. 1544-1545, beg. Hoornaar (in de kerk, grafzerk). Heilige Geestmeester (1502), kerkmeester (1510, 1516, 1525-1527), schepen (1514), testeert 19-12-1543,
tr.[63]
Suzanna Jacobsdr, ovl. Hoornaar 26-12-1516 (grafzerk), dr. van Jacob Pietersz en Lijsbeth NN
Hieruit verder nageslacht bekend.
-
d. Jan Petersz van Muylwijck, geb. ca. 1466, ovl. 1534-1536, schepen van Gorinchem (1528-..), doet de poorterseed aldaar (4-10-1505 en 17-12-1512), legt 1521 (oud 55 jr) een verklaring af,
tr.[64]
Lijsken Florisdr Holl, geb. ca. 1468, ovl. vóór 1530, dr. van Floris Holl en Gouwe Gherijtsdr de Hoghe.
-
e. Aernt Peters van Muylwijck, geb. ca. 1485, ovl. ca. 1519.
-
f. Ermtruyt Peters van Muylwijck, ovl. 1485.
tr. ca. 1484[65]
Willem Adriaensz.
-
g. Gerrit Peters Peters van Muylwijck, ovl. vóór 1518.
-
h. Bely Petersdr van Muylwijck.
-
i. Geertje Petersdr van Muylwijck, tr.[66]
Jan Doeyensz.
1001088. KORSTIAEN VAN VOERST, geb. Rhenen ca. 1330, ovl. na 1393, beg. Utrecht St. Pauluskerk, vermeld als Korstiaen van Voerst Johannes soen van Renen borger tUtrecht (1360),[67]
tr. vóór ca. 1370
1001089. ALIJT GERRITSDR VAN ISSELSTEIN.
Anno 1393: "Korstiaen van Voerst ende Alijt sijn wijf ende haere
husinge tusschen de Niegraft ende Nustraet bij S.Pauwelsstege."
[68]
"Ontrent den jaere 1380 leefden Christiaen van Voorst
borger tUtrecht als men can speuren uuyt seeckeren
gerecbtsbrieff ende badde drie soonen. Ick meene dat
sijn vader Christiaen was genaempt ende sijn huysfrou
Alijt Gerritsdochter van Isselstein ao. 1397 nisi ad filium
huius Christianum haec sint referenda."[69]
-
a. Johan van Voerst, geb. ca. 1370, ovl. na 1421, (=kw. nr. 500544).
-
b. Christiaen van Voerst, ovl. 1421.
Anno 1421: "droech Johan van Voerst 8
mergen lants tot Zeyst hem aengecomen bij Korstiaen
sijnen broeder aen Albert van Anxter. Register 173.[71]
Anno 1419: Korstiaen van Voerst vermeld in de registren van
St. Pauwels.[72]
Anno 1410: "soo gaven Johan, Cristiaen ende Gerrit
gebroeders Jacob Dircz van der A over de huysinge
genaempt de Croywagen, in de clagelicx statsregisters fol. 47.[73]
-
d. Borwicht van Voerst, tr.[74]
Gerard Bogaert.
Referenties van de gegevens van generatie 20 staan ook hier
Referenties Kwartierstaat Lapikás --- Generatie 20 ( 74 refs.) Referenties voorafgegaan door het ⇒ symbool verwijzen naar (aanklikbare) externe url's waarvan alleen het laatste deel van de naam wordt vermeld. |
- ⇒ gd-hoofd.htm
- ⇒ hs-45.htm#JvDuvenvoorde
- ⇒ ~gomes
- ⇒ ~gomes
- NL 83(1966)305
- NL 83(1966)351
- NL 83(1966)351
- NL 83(1966)351
- NL 83(1966)351
- NL 83(1966)305
- NL 83(1966)351
- NL 83(1966)359
- NL 83(1966)351
- ⇒ ~gomes
- ⇒ ~gomes
- ⇒ ~gomes
- ⇒ ~gomes
- ⇒ ~gomes
- Taxandria 45(1938)
- ⇒ ~gomes
- Taxandria 45(1938)
- Taxandria 45(1938)
- Taxandria 45(1938)
- Taxandria 45(1938)
- Taxandria 45(1938)
|
- Taxandria 45(1938)
- Taxandria 45(1938)
- Taxandria 45(1938)
- ⇒ ~gomes
- ⇒ ~gomes
- ⇒ ~gomes
- ⇒ ~gomes
- ⇒ ~gomes
- ⇒ ~gomes
- ⇒ ~gomes
- ⇒ ~gomes
- ⇒ ~gomes
- ⇒ ~gomes
- ⇒ gd-hoofd.htm
- HKWB 28.2, 19
- Mededeling A. Lommen-de Heer, 2007
- Aa, A.J. van der. Aardrijkskundig woordenboek der Nederlanden. J. Noorduyn en Zoon, Gorinchem, 1844, deel 5, letter H, pp. 393-396.
- Mededeling A. Lommen-de Heer, 2007
- Verzameling oorkonden Gelre door J.J.S. Sloet, blz 598
- HKWB 32.2, p62
- Wap. 18(1914)320
- Wap. 18(1914)321
- Wap. 18(1914)321
- Wap. 18(1914)321
- Wap. 18(1914)321
|
- ⇒ KW_00012.HTM
- ⇒ KW_00012.HTM
- ⇒ KW_00012.HTM
- ⇒ KW_00012.HTM
- GA Gorinchem, Rechterlijk Archief aanvullingen 1890 27A No.3/31 dd.14.03.1481
- GA Gorinchem, Rechterlijk Archief dd.7.1.1485
- GA Gorinchem, Rechterlijk Archief Aanvullingen 1890 27A No.3/31 dd.13.06.1485
- GA Gorinchem, Rechterlijk Archief Aanvullingen 1890 27A No.3/31 dd.13.06.1485
- GA Gorinchem, 1890 27A No.3/31 dd.13.06.1485
- ⇒ KW_00012.HTM
- ⇒ KW_00012.HTM
- ⇒ KW_00012.HTM
- ⇒ KW_00012.HTM
- ⇒ KW_00012.HTM
- ⇒ KW_00012.HTM
- ⇒ KW_00012.HTM
- NL 24(1906)51
- NL 24(1906)51
- NL 24(1906)51
- ⇒ ~brouw268
- NL 24(1906)51
- NL 24(1906)51
- NL 24(1906)51
- ⇒ ~brouw268
|