Werken op hoogte voorlichting & onderricht
Iedere medewerker van het Nikhef kan gebruikmaken van een aantal ladders en steigers. De technische dienst voorziet hierin en verzorgt de periodieke keuringen en inspecties. Een medewerker moet een ladder, steiger of een ander hulpmiddel voor het werken op hoogte, voor gebruik inspecteren op staat en werking en op de aanwezigheid van de keuringssticker. De gebruiker mag geen tijdelijke reparaties uitvoeren.
Ladders
Maatregelen voor het werken met ladders
Daken tot 10 meter hoog mogen met een staande ladder worden beklommen.
De ladder moet minstens 1 meter uitsteken boven het dak en moet een helling hebben van 65 tot 75 graden.
De ladder moet stabiel worden opgesteld en aan boven- en onderzijde worden geborgd. Voor de borging aan de bovenkant zijn bij de diverse daken bevestigingen aangebracht.

De ondergrond moet stroef, vlak en draagkrachtig zijn. Bij een gladde ondergrond moet een ladderstopper worden gebruikt. Aan de dakrand moet een permanente voorziening worden bevestigd die voorkomt dat de ladder zijdelings of onderuit verschuift. Een goed alternatief is een aanhaakladder. Een aanhaakladder heeft aan de bovenkant een voorziening
waarmee hij aan de dakrand wordt geborgd.
De ladder moet zo worden opgesteld dat hij aansluit op de looproutes op het dak.
Een permanente voorziening, zoals een kooiladder, is een betere oplossing. Een kooiladder kan worden overwogen als het hoogteverschil 3 meter of meer is en de ladder incidenteel moet worden beklommen. De klimkooi begint op maximaal 2,5 meter hoogte. Als het hoogteverschil dat moet worden overbrugd meer dan 10 meter bedraagt, moeten er rustbordessen zijn geplaatst op tussenafstanden van maximaal 7,5 meter en bij voorkeur 6 meter.
Aanbevelingenvoor het gebruik van ladders:
Rolsteigers
Aanbevelingenvoor het gebruik van rolsteigers
Op het Nikhef zijn een aantal rolsteigers beschikbaar. Deze steigers voldoen aan de norm volgens NEN 2718.
In verband met hanteerbaarheid worden rolsteigers zo licht mogelijk uitgevoerd en met zo klein mogelijke dwarsafmetingen uitgevoerd. Bij onjuist gebruik bestaat het risico op bezwijken door overbelasting en op omvallen door onvoldoende stabiliteit. Alle verbindingen tussen onderdelen (inclusief trappen en ladders) moeten voldoen aan de volgende criteria:
Werken op de daken
Situatie Nikhef
Als een medewerker of een extern bedrijf het dak wil betreden moet deze zich eerst wenden tot de THD van het Nikhef. Daar wordt dan beoordeeld wat er nodig is om de veiligheid tijdens de werkzaamheden te waarborgen.
Op het Nikhef is het gebruik van een aanlijntuigje verplicht als men zich op minder dan 2 meter van de dakrand bevindt en de valhoogte meer dan 2,5 meter bedraagt.
De medewerker moet dan een "Instructie Veilig Werken op het dak lezen en ondertekenen".





Gehele uitleg aanlijntuigjes in pdf te downloaden:
Instructie aangelijnd werken op platte daken
Dakplattegrond voor aanlijning
Algemene informatie werken op platte daken
Werkzaamheden
Onder een plat dak wordt verstaan een dak met een hellingshoek tot 15°. Als er sprake is van een valhoogte van meer dan 2,5 meter, moeten maatregelen worden genomen om valgevaar tegen te gaan (en daaronder bij werken op uitstekende delen of boven het water of verkeer). Afhankelijk van de werkplek op het dak moet gekeken worden of maatregelen nodig zijn om valgevaar tegen te gaan. Naast valgevaar bestaan er nog andere risico's tijdens het werken op hoogte, bijvoorbeeld voorwerpen die van het dak vallen of waaien, of brandgevaar, vooral bij brandbare dakbedekking als bitumen.
Dakrandbeveiliging
Om een verantwoorde keuze te maken voor een goede beveiligingsmethode is deze werkinstructie ontwikkeld. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen:
Werkzaamheden op meer dan 4 meter van de dakrand;
Werkzaamheden tussen de 2 en 4 meter van de dakrand;
Werkzaamheden op minder dan 2 meter van de dakrand.
Werkzaamheden op meer dan 4 meter van de dakrand
Op meer dan 4 meter van de dakrand (of een gat, opening of sparing op hoogte), bevindt men zich in een "beschermde zone". Er moet wel een duidelijke markering zijn, bijvoorbeeld in de vorm van kalk- of verflijnen. Men mag in deze zone werkzaamheden uitvoeren zonder aanvullende veiligheidsmaatregelen.
Werkzaamheden tussen de 2 en 4 meter van de dakrand
Als men zich tussen de 2 en 4 meter van de dakrand bevindt, is alleen sprake van een
"beschermde zone" als er een afzetting is geplaatst op 2 meter van de dakrand. Het gaat dan om een fysieke afzetting op 2 meter van en evenwijdig aan de dakrand, bijvoorbeeld in de vorm van paaltjes die met elkaar verbonden zijn door een ketting of kabel. In dit geval mag men de werkzaamheden uitvoeren zonder aanvullende veiligheidsmaatregelen.
Werkzaamheden op minder dan 2 meter van de dakrand
Als men zich op minder dan 2 meter van de dakrand bevindt en de valhoogte bedraagt
meer dan 2,5 meter (en daaronder bij werken op uitstekende delen of boven het water of
verkeer), moeten maatregelen worden genomen om valgevaar tegen te gaan. Dat kan door
het aanbrengen van doelmatige hekwerken, leuningen, vangnetten, of door het plaatsen
van een veilige steiger, stelling, bordes, etc. Ook kan gebruik gemaakt worden van doelmatige veiligheidsgordels met vanglijnen.
Bereikbaarheid van het dak
Een dak of een andere hoge werklocatie (bijvoorbeeld H 072) moet op veilige wijze bereikbaar zijn.
Indien de kans bestaat dat een toegang bij brand niet meer bereikbaar is, moet er aan de andere zijde van het dak eveneens een veilige vluchtweg zijn.
Een klimgelegenheid die hoger is dan 10 m moet gaan via beveiligde bordessen op onderlinge afstand van ten hoogste 7.5 m.
Aan weerskanten van een ladder of trap moet over een lengte van 4 m leuningwerk langs de dakrand zijn aangebracht.
De opening om het dak te betreden moet zo klein mogelijk zijn.

Literatuur:
van den Berg C.H., Mak H.J., Zwaard A.W., Praktijkgids arbeidsveiligheid Alphen aan den Rijn 2009 (231-235, 465-468).
Daksafe BV, Aangelijnd werken op platte daken, Amersfoort 2009.
Mens en Werk: www.iimensenwerk.nl/docs/upload/arbocatalogus/4-pdf%20arbocatalogus%20werken%20op%20hoogte.pdf