Risicogebied per afdeling
Inleiding
De arbocatalogus is opgebouwd vanuit de verschillende risicogroepen. Elke afdeling binnen het Nikhef heeft echter te maken met meer dan één risicogroep. Om eenvoudig te kunnen inschatten met welke risicogroep rekening gehouden moet worden is in dit hoofdstuk een indeling per afdeling gemaakt en zijn belangrijke risicogroepen vermeld.
Eerst zal hier een opsomming gemaakt worden van de risicogebieden waar alle afdelingen een enkele keer of regelmatig mee te maken krijgen:
Werkzaamheid | Risicogebied (links) | Risicofactor |
Beeldschermwerk | RSI | |
Gebruik elektrische apparaten | Brand, verwonding, kortsluiting | |
Betreden andere afdelingen | Zie afdelingen | |
Alleen werken | Alleen werken | Geen hulp bij een ongeval |
Mechanische technologie.
Binnen de mechanische afdeling wordt veelal met machines gewerkt. Zie hiervoor risicogebied ‘Werken met machines’.
In de werkplaatsen en in de hal gelden verschillende voorschriften met betrekking tot persoonlijke beschermingsmiddelen. Met stickers op de toegangsdeuren worden deze voorschriften aangegeven. De voorschriften zijn ook te vinden in het risicogebied ‘Persoonlijke beschermingsmiddelen’ in deze catalogus.
Voor de overige werkzaamheden zijn in de onderstaande tabel de werkzaamheden naast de risicogroepen geplaatst.
Werkzaamheid | Risicogroep (links) | Risicofactor |
Hijsen | Verwonding | |
Heftruckgebruik | Verwonding | |
Opslag gevaarlijke stoffen | Vergiftiging, verwonding, brand | |
Metaal/hout bewerking | Gehoorschade, verwonding | |
Tillen | Verwonding | |
lassen | Gehoorschade, licht, verbranding |
Elektronica afdeling
Binnen de elektronica afdeling zijn er drie ruimtes waar rekening gehouden moet worden met een vergroot risico. Dat zijn de EMC-ruimte, de kleine mechanische werkplaats en het optische laboratorium. Zie voor de kleine mechanische werkplaats het risicogebied ‘Werken met machines’.
De EMC-ruimte is een ruimte die tijdens werkzaamheden afgesloten kan worden. Hierdoor is dan niet te zien of er iemand aanwezig is. In geval van calamiteit is er dan een risico dat er niet op tijd hulp geboden kan worden.
In het optische laboratorium wordt regelmatig met glasvezels gewerkt. De afvalproducten, moeilijk zichtbare kleine stukjes glasfiber van enkel micrometers dik, kunnen schadelijk zijn voor de gezondheid.
De Elektronicaafdeling huisvest een viertal drukvaten met een capaciteit van 600 bar. Ze zijn opgesteld in ruimte H147B. In dezelfde ruimte worden regelmatig hoogspanningstesten gedaan.
Werkzaamheid/locatie | Risicogroep | Risicofactor |
Bewerking Metaal/hout/kunstof | Gehoorschade, verwonding | |
In EMC-ruimte, N155 | Ontbering van hulp | |
Optisch lab, N156 | Speciaal, glasvezels | Glasvezel in bloedbaan |
Drukvaten H 147B | Speciaal, drukvaten 600 bar | Gehoorschadde, verwonding |
Hoogspanning H147B | Verwonding | |
Gebruik elektrische apparaten en opstellingen | Brand, verwonding, kortsluiting |
THD
De technische dienst heeft, afhankelijk van de functie van de medewerker, toegang tot risicovolle locaties. Een aantal van die locaties zijn bijvoorbeeld de hoogspanningsruimtes, de laagspanningsruimtes, het versnellercomplex, de technische ruimtes en de chemicaliënopslag. De facilitaire medewerkers hebben fysiek toegang tot alle ruimtes binnen het Nikhef en de technische ruimtes binnen het CWI, met uitzondering van de hoogspanningsruimte. Deze ruimte is alleen toegankelijk onder begeleiding van de hoogspanningsverantwoordelijke (lijst hoogspanningsverantwoordelijke)
Voor het betreden van de overige ruimtes gelden regels die beschreven staan in het hoofdstuk ‘Betreden van andere afdelingen’.
Een deel van de werkzaamheden van de technische dienst vindt buiten kantooruren plaats en op locaties waar weinig personeel komt. Voor het betreden van de locatie moet daarom de bewaking van WCW op de hoogte gebracht worden.
Werkzaamheid | Risicogroep (links) | Risicofactor | |
lassen | Gehoorschade, oogschade, verbranding | ||
Bewerking Metaal/hout/kunstof | Gehoorschade, verwonding | ||
Tillen | verwonding | ||
Hijsen | verwonding | ||
Heftruckgebruik/stapelaar | verwonding | ||
Laagspanning | Verbranding/vergiftiging | ||
Hoogspanning | Verbranding/explosie | ||
Gevaarlijke stoffen | Verwonding/vergiftiging |
| |
Werken in technische ruimtes, emin-pimu, daken | Afgelegen ruimtes, alleen werken | Ontberen van hulp | |
Werken op hoogte |
| ||
Technische ruimtes:
Wetenschap
Een groot deel van de wetenschappers werken geregeld achter een beeldscherm. Een verkeerde houding achter het beeldscherm kan RSI tot gevolg hebben. Als er eenmaal klachten optreden kan genezing lang duren. Het is daarom aan te raden informatie in te winnen over RSI (RSI in het kort).
Wetenschappers komen buiten het kantoor geregeld op andere locaties als laboratoria, onderzoekslocaties of werkplaatsen. Dit betekent dat wetenschappers met meerdere risicogebieden rekening moeten houden. Te denken is aan hijswerkzaamheden (Transport), Straling, Elektrische risico’s, Gevaarlijke stoffen: Ethanol, terpentine...?
In het hoofdstuk ‘Betreden van andere afdelingen' wordt hier dieper op ingegaan.
Werkzaamheid | Risicogroep (links) | Risicofactor |
Beeldschermwerk | RSI | |
Hijsen | Verwonding | |
Gevaarlijke stoffen | Verwonding/vergiftiging | |
Tillen | Verwonding | |
Onderzoek met bronnen | Straling | |
Werken in afgelegen ruimtes, emin-pimu, | Ontberen van hulp |
BHV
De BHV-medewerkers zullen tijdens het uitoefenen van hun functie te maken krijgen met andere afdelingen, maar ook met andere omstandigheden. Omdat deze andere omstandigheden vaak ook grotere risico’s met zich meebrengen is hieraan een apart hoofdstuk gewijd.
Bij de inzet is het vooral van belang welke risico’s de BHV-medewerkers lopen.
Deze risico’s hangen voor een groot deel af van de ruimtes die ze betreden. In alle gevallen geldt dat een ruimte nooit door één enkele BHV-medewerker betreden mag worden. Als er brand is in een ruimte mag deze ruimte niet meer door een BHV-medewerker betreden worden.
In het onderstaande staan de verschillende ruimten met daar geldende regels (richtlijnen) beschreven.
Risico BHV per ruimte:
10 kv ruimte
Omdat het betreden van de hoogspanningsruimte door onbevoegden in een normale situatie levensbedreigende risico’s met zich meebrengt, is het in alle gevallen en voor alle medewerkers, maar ook voor de brandweer verboden de ruimte te betreden zonder toestemming van de hoogspanningsverantwoordelijke. (lijst hoogspanningsverantwoordelijken).
Er bevindt zich een 10kv-ruimte op het terrein aan de kant van de nieuwe hoofdingang, naast de werkplaats van de Technische dienst in de N-vleugel.
Generatorruimte:
De BHV is uitgesloten van toegang tot de generatorruimte in geval van calamiteit. De brandweer mag er wel in. Die is dan in een brandgevaarlijke situatie gemachtigd met de noodstop alles uit te schakelen. De twee brandstoftanks bevinden zich in de ruimten achter de twee generatoren in H104 en H106. Per tank is er ongeveer 12 kubieke meter dieselolie opgeslagen.
Gasflessenhok H102 bij de ingang van de mechanische hal?
Bij brand mogen de BHV-ers de opslagruimte van gasflessen in geen geval betreden. De BHV moet in een brandgevaarlijke situatie er wel voor zorgen dat bij evacuatie van het gebouw de medewerkers zich niet in de buurt van de opslag verzamelen. Dit in verband met explosiegevaar van de in de gasflessen in de opslag. Ook de brandstof van de generatoren vormen een ernstig gevaar bij brand. Het komt erop neer dat evacuatie in een dergelijke situatie via de achteruitgang moet plaatsvinden.
Laboratoria en werkplaatsen
Bij brand mogen de ruimtes waarin zich gas bevindt niet door de BHV betreden worden.
De gastoevoer tot een laboratorium kan op twee manieren geregeld zijn, met gasflessen of door een gasleiding
In alle gevallen is vanuit de gang te zien of er een gasleiding de ruimte ingaat. Die loopt dan namelijk boven vanuit de gang de betreffende ruimte in. In een aantal laboratoria lopen leidingen met brandbaar butaangas de ruimtes in. De overige gassen zijn niet brandbaar, maar kunnen wel verstikkend werken. Of er gasflessen in de ruimte aanwezig zijn kan alleen visueel bepaald worden.
De onderstaande link verwijst naar informatie over aanwezigheid van gassen en oplosmiddelen in bepaalde ruimtes:
Ruimtes met gasaansluitingen d.m.v. gasleidingen:
H037, H038A, H039, H040, N021, H071,
Ruimtes met gasflessen i.v.m. laswerkzaamheden:
H071, H086
Ruimte i.v.m. opslag oplosmiddelen:
H089 (de ruimte binnen het metaalmagazijn H 088).
Kantoorruimtes
Als er geconstateerd is dat er in een kantoorruimte brand is mag deze ruimte niet meer betreden worden. Dit moet aan de brandweer overgelaten worden.
Ruimte | Toegang brandweer | Toegang | Risicogroep (links) | Risico |
10 KV | Nee | Nee | Explosie/ verbranding | |
Generatorruimte | Ja | Nee | Explosie, verbranding, verstikking | |
Gasflessenberging
| Ja | Nee | Explosie, verstikking, verbranding | |
Laboratoria | Ja | Nee
| Explosie, verstikking, verbranding | |
Werkplaatsen | Ja | Nee | Explosie, verstikking, verbranding | |
Ketelhuis CWI | Ja | Nee | Explosie, verstikking, verbranding | |
Kantooruimtes | Ja | Nee |
| Verstikking, verbranding |
Betreden van andere afdelingen
Bij het betreden van een afdeling gelden de regels die daar van toepassing zijn.
Verder geldt voor de verschillende beroepsgroepen andere manier van gebruik en soms ook een andere benadering:
Afdelingen met speciale regels:
Mechanische werkplaats
Bij het betreden van de mechanische werkplaats moet rekening gehouden worden met de werkzaamheden die er verricht worden. Daarom mogen de medewerkers aan de machines niet zomaar aangesproken worden, een schrikreactie zou verwonding of schade kunnen veroorzaken.
Het gebruik van de machines mag alleen door deskundig personeel geschieden. Ondeskundig gebruik zou schade of verwonding kunnen veroorzaken.
Betreden van hijsgebied.
Bij het betreden van een ruimte waar hijswerkzaamheden plaatsvinden moeten helm en veiligheidsschoenen gedragen worden. In overleg met de medewerker die de kraan bedient, kan al dan niet de ruimte betreden worden. Het is niet toegestaan onder de last door te lopen.
Meer info is te vinden via de volgende link:
Clean rooms
In de clean rooms heersen constantheden met een stofdeeltjesgehalte van 100000 tot 10000 deeltjes per kubieke meter. Men is daarom verplicht zich aan de voor de ruimte geldende kledingvoorschriften te houden. Dat betekent in de meeste gevallen het dragen van een haarnetje, een stofjas en overschoenen.
Bij clean rooms komt het i.v.m. overdruk voor dat de deuren van de vluchtwegen de ruimte indraaien i.p.v. naar buiten. Dit heeft gevolgen voor de doorgang van de vluchtwegen.
Er zijn op het nikhef twee cleanrooms in gebruik op een afgelegen locatie. Zie daarvoor het hoofdstuk 'Afgelegen ruimtes'.
Laboratoria
Bij het betreden van laboratoria met rekening gehouden worden met de waarschuwingsborden bij de ingangsdeur. Verkeerde of onvoorzichtige handelingen kunnen schade aan een experiment, maar ook gevaar voor de eigen gezondheid tot gevolg hebben. Te denken is aan een werkende laser, die sterk genoeg is de ogen, kleding of huid te beschadigen.
Afgelegen ruimtes
Er zijn bepaalde ruimtes die zo afgelegen zijn dat het aan te raden is er niet alleen aan het werk te zijn.
Versnellercomplex, pimu en emin
Dit zijn onder andere de ruimtes in het oude versnellercomplex. Er bevinden zich hier twee clean rooms en een aantal ondergrondse ruimtes. En de laatste ruimtes, de emin-bunker, en de oude versnellerring en de bunker bij pimu is geen gsm-verbinding mogelijk.
Kruipruimtes
Ook voor kruipruimtes onder het Nikhef-gebouw gelden regels met betrekking tot de veiligheid. In kruipruimtes mag alleen gewerkt worden in het bijzijn van een tweede persoon.
Hoewel er verlichting aanwezig is, is het raadzaam in een kruipruimte een zaklantaarn mee te nemen.
Ondanks de in de kruipruimtes aanwezige verlichting is het raadzaam een zaklantaarn mee te nemen, ook als er verlichting aanwezig is.
Technische ruimtes
De technische ruimtes mogen alleen betreden worden met toestemming en medeweten van de Technische dienst.
Daken
Tijdens het werken op de daken moeten de juiste voorzorgsmaatregelen genomen worden, zoals het dragen van een tuigje dat met een van de bevestigingspunten op het dak is verbonden. Informatie hierover is in overleg met de technische dienst te verkrijgen.