Nationaal instituut voor subatomaire fysica

Beleid persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM) Nikhef

Doel:

Afspraken over de aanschaf, het dragen en het onderhoud van PBM.
   
Inleiding:


Definitie van een PBM
Een uitrustingsstuk of -middel dat bestemd is om door medewerkers te worden gedragen en/of vastgehouden als bescherming tegen één of meer gevaren die een bedreiging kunnen vormen voor de gezondheid en/of veiligheid.

Bij het verrichten van bepaalde werkzaamheden is het nodig om PBM's te dragen. Dit is echter de laatste stap die genomen wordt om de risico's zoveel mogelijk te beperken. De Arbo-wet (artikel 3) geeft aan dat de arbeidshygiënische strategie (bronaanpak) gevolgd dient worden.

Arbeidshygiënische strategie (bronaanpak):

Om de risico's zoveel mogelijk te beperken dienen bij deze aanpak de volgende stappen ondernomen te worden:

  1. Risico's bij de bron bestrijden. Dit kan bijvoorbeeld inhouden dat bij het gebruik van een gevaarlijke stof deze wordt vervangen door een minder gevaarlijke stof.
  2. Risico's beperken door risicovolle elementen af te schermen (collectieve bescherming). Hierbij kan gedacht worden aan afscherming van bewegende delen van machines.
  3. Risico's organisatorisch inperken. Een voorbeeld hiervan is om bepaalde werkzaamheden te laten verrichten door medewerkers die daarvoor zijn opgeleid.
  4. Gebruik maken van PBM. Dit mag alleen indien de hiervoor genoemde stappen 1 tot en met 3 doorlopen zijn en de risico's niet op een andere  manier gereduceerd kunnen worden danwel dit redelijkerwijs niet mogelijk is.

Voor een volledig overzicht van wettelijke bepalingen over PBM uit de Arbo-wet, -besluit, -regeling en beleidsregels zie hoofdstuk 'Wet en regelgeving' in hoofdstuk 'Persoonlijke beschermingsmiddelen' op de site:

Enkele voorbeelden van PBM:
Veiligheidsbril, veiligheidsschoenen, veiligheidshelmen, gehoorbescherming (oorproppen, otoplastieken, oorkappen etc.), handschoenen, gelaatsschermen en stoffilters.

Beeldschermbrillen en middelen ter preventie van RSI vallen niet onder de PBM.

Voorlichting en onderricht over het gebruik van PBM;

Bij alle PBM wordt de handleiding meegeleverd. De gebruiker dient de handleiding aandachtig te lezen en tekent daarvoor. Bij complexe PBM worden mondelinge instructies gegeven door een deskundige.

Onderhoud PBM

Dagelijks onderhoud:
Het dagelijks onderhoud van PBM valt onder de verantwoordelijkheid van de gebruiker (de medewerker).

Keuringen en specifiek onderhoud:

Keuringen en specifiek onderhoud worden uitgevoerd door een deskundige of een daartoe bevoegde persoon. Het initiatief hiervoor ligt bij de medewerker SVM.

Personen die geen werkzaamheden verrichten in de ruimten waarvoor PBM verplicht gesteld zijn:

Personen die, onder begeleiding van een daar werkzaam personeelslid, slechts incidenteel de ruimten betreden worden bij de het betreden op de voor de ruimte verplicht gestelde PBM gewezen. De begeleider ziet erop toe dat deze middelen gebruikt worden.

Toezicht op  het dragen van PBM

De leidinggevende is verantwoordelijk voor het toezicht op het dragen van PBM binnen zijn afdeling. Indien de leidinggevende niet aanwezig is wordt het toezicht gehouden door de ruimtebeheerder.

Sanctie beleid
Bij niet nakomen van de afspraken over het dragen van PBM kunnen sancties opgelegd worden. Bij de eerste en tweede overtreding wordt volstaan met het geven van een mondelinge waarschuwing door de medewerker die belast is met het toezicht. Hij of zij informeert de medewerker van SVM schriftelijk over de mondeling gegeven waarschuwing(en). Indien twee mondelinge waarschuwingen niet het gewenste resultaat opleveren volgen de disciplinaire maatregelen zoals deze beschreven staan in bijlage 1 in lid 3 a tot en met g.

Verantwoordelijkheden en bevoegdheden

Instituutsleiding:

  • Het gratis ter beschikking stellen van voldoende doelmatige en passende PBM die voorzien zijn van een CE-markering (veiligheidskundige, leidinggevende)
  • Het (laten) geven van voorlichting en onderricht over het gebruik van de PBM (VK, LG, Deskundige)
  • Ervoor (laten) zorg dragen dat de PBM worden gebruikt (LG)
  • Bij het niet dragen van PBM door medewerkers het nemen van disciplinaire maatregelen (LG)
  • Door middel van pictogrammen aangeven waar en  welke PBM gebruik dienen te worden (VK, LG)
  • Zorg dragen voor middelen ten behoeve van het onderhoud van PBM (LG)

De instituutsleiding kan bepaalde verantwoordelijkheden en bevoegdheden delegeren. Voor de Nikhef organisatie staan deze tussen haakjes.

Direct leidinggevende:

  • Toezicht houden op het daadwerkelijk dragen van PBM door medewerkers, bezoekers en derden
  • Het (laten) geven van voorlichting en onderricht over het gebruik van PBM's
  • Het (laten) nemen van disciplinaire maatregelen. Disciplinaire maatregelen gaan in overleg met medewerker SVM en hoofd PZ
  • Het (laten) uitvoeren van keuringen en specifiek onderhoud
  • Zorgdragen voor voldoende PBM voor personen die onder begeleiding de ruimten bezoeken waarvoor PBM verplicht gesteld zijn


Veiligheidkundige:

  • Voorraad beheren en bestellen van PBM
  • Uitgifte van de PBM
  • (Laten) Geven van voorlichting en onderricht over PBM
  • Adviseren over PBM
  • Het (laten) uitvoeren van keuringen en specifiek onderhoud
  • Zorgdragen voor voldoende PBM voor personen die onder begeleiding de ruimten bezoeken waarvoor PBM verplicht gesteld zijn (in afwezigheid van de directe leidinggevende)


Werknemer:

  • PBM dragen. waar voorgeschreven
  • Meewerken aan voor hem/haar georganiseerde voorlichting en onderricht
  • Het dagelijks onderhouden van de PBM en het tijdig vervangen conform de vervangingscriteria
  • PBM na gebruik op de daarvoor bestemde plaats op te bergen

Lijst met afkortingen:

PBM: Persoonlijke beschermingsmiddel
PZ: Personeelszaken
SVM: Stralingshygiëne, Veiligheid en Milieu
VK: Medewerker SVM (Veiligheidskundige)
LG: (direct) Leidinggevende
CE: Conformitee Europeen
DK: Deskundige

Uitgifte van PBM door medewerker SVM:


PBM:

  1. Veiligheidsschoenen
  2. Veiligheidsbrillen
  3. Ademluchtbescherming (zowel lucht afhankelijk als lucht onafhankelijke)
  4. Veiligheidshelmen (indien deze niet aanwezig zijn op de afdeling)
  5. Gezichtbescherming (bijvoorbeeld gelaatsschermen)

Pictogrammen en EHBO-materieel worden eveneens uitgegeven door SVM.

Bijlage 1: CAO - Onderzoekinstellingen, hoofdstuk 11: Disciplinaire maatregelen

  1. De werkgever kan de werknemer die zich aan plichtsverzuim schuldig maakt, een disciplinaire maatregel opleggen.
  2. Plichtsverzuim omvat zowel het overtreden van enig voorschrift als het doen of nalaten van iets, wat een goed werknemer in gelijke omstandigheden behoort te doen of na te laten.
  3. De disciplinaire maatregelen als bedoeld in lid 1 die kunnen worden opgelegd zijn:
  1. Schriftelijke berisping;
  2. Vermindering van de jaarlijkse vakantieverlofaanspraak;
  3. Onthouding periodieke verhoging;
  4. Schorsing;
  5. Ontslag zonder dat een opzegtermijn in acht behoeft te worden genomen;
  6. Gehele of gedeeltelijke inhouding van de bezoldiging tot het bedrag van ten hoogste de bezoldiging over een halve maand;
  7. Terugplaatsing in een lagere salarisschaal.